|
|
Kinderpodologie
Het grootste probleem aan kindervoeten moeten we vaak zoeken bij de
ouders. Als kindervoetjes worden vergeleken met die van volwassenen.
kunnen we ons maar al te makkelijk vergissen. Een gezonde volwassen voet
is gemiddeld goed voor z'n taak berekend. Kindervoeten echter zijn volop
in ontwikkeling en moeten zich aanpassen aan steeds veranderende
omstandigheden. Denk maar aan staan, lopen, hollen. groei en toename van
het lichaamsgewicht.
Vallen en opstaan
Bij een kind dat gaat staan en dus probeert te lopen zien we O-benen.
Daarnaast zijn de voetzolen naar elkaar toegedraaid. Bij de eerste
pogingen zullen de voetjes in deze stand onvoldoende stabiliteit bieden.
In de praktijk betekent dat veel vallen en opstaan. De eerste stapjes
zijn er de oorzaak van dat het lichaamsgewicht geheel op de voetjes gaat
drukken met als gevolg dat deze vlak op de grond komen te staan. In
eerste instantie ontstaat een knikvoet ('pes Valgus') met O-benen
('Genua Vara'). |
 |
|
 |
 |
|
Genua valga X-benen |
Genua Vara O-benen |
Tot aan
ongeveer het derde levensjaar heeft het kind O-benen, platte voeten en
valgusstand van de calcaneus (hielbeen). Hierna ontwikkelt zich X-benen
calcaneus valgus. Het babyvet zal langzaam minder worden, de normale polster
onder de voet moet voldoende zijn om deze voldoende bescherming te bieden.
Door de ontwikkeling van de banden en spieren zullen de voetbogen zichtbaar
worden en tussen het 9e en 12e levensjaar vormen tot een volwassen voet. De
voetbogen worden nu in stand gehouden door de vorm van de ossale elementen
(= bandstructuren in de voet) waarbij de voetspieren slechts een
ondersteunende functie hebben.
Bij de kindervoet in ontwikkeling is er echter een grotere rol voor de
voetspieren weggelegd. Een bewijs hiervoor kan men vinden door de
valgiliteit van de calcaneus (= hielbeen) te meten in gradenafwijking.
Als de meting in de ochtend gebeurd is het kind is goed uitgerust zal de
afwijking kleiner zijn dan 's avonds.
Bij het Podologisch Centrum wordt de valgusstand van het calcaneus
gemeten. En met behulp van een podobaroscoop (= spiegelbank) wordt gekeken
naar de voeten aan de onderkant. Vanaf een leeftijd van 4 a 5 jaar
kunnen we bepalen wat voor voettype uw kind heeft.
Een supplement kan uitkomst bieden
Maar wanneer moet men een kindervoet dan wel corrigeren met een supplement?
Om te beginnen natuurlijk op voorschrift van een arts of specialist.
Maar er zijn meer aanwijzingen dat een supplement noodzakelijk kan zijn:
 |
-
Indien pijnklachten in de voet en knieën aanwezig zijn en met training geen
oplossing biedt.
-
Indien het kind zich beschadigt door veelvuldig te vallen, doordat de
voorvoet naar binnen draait.
-
Na het negende levensjaar indien de voeten nog vlak op de grond staan
en een valgusstand van meer dan 8 graden aan de calcaneus (=
hielbeen) aanwezig is.
|
|