|
|
| |
EHBO tips en informatie |
|
|
| |
|
| |
|
| |
EHBO informatie - secundary drawning |
| |
|
| |
Het klinkt vreemd, je bent gered uit het water maar in het ziekenhuis
verdrink je alsnog. Terwijl je dan toch al lang en breed op het droge
bent.
Dergelijke verhalen worden door leken afgedaan als "onzin", maar
secondary drawning oftewel verdrinking in de tweede fase, komt wel
degelijk voor.
Wat is het precies en kan het voorkomen worden? |
| |
|
| |
De belangrijkste regel voor hulpverleners is dat een slachtoffer van een
bijna verdrinkingsongeval ongeacht zijn toestand na de redding, altijd
voor onderzoek naar een ziekenhuis moet. Onder verdrinking verstaan we de
stoornissen die in het lichaam optreden door onderdompeling (submersie) in
water. |
| |
|
| |
Onder water ademt een slachtoffer door een onbedwingbare
ademhalingsprikkel, water naar binnen. Dit contact met het water in de
luchtwegen heeft echter een samenknijping van de stembandspieren tot
gevolg dat een soort basale bescherming betekent tegen het verder inademen
(aspireren) van water.
Deze stembandkramp wordt een laryngospasme genoemd, ter hoogte van het
strottenhoofd, de larynx dus. Tijdens deze toestand sluit het
strottenhoofd waardoor er geen ware geaspireerd kan worden, ook niet
zolang er nog adembewegingen zijn.
Of deze luchtwegafsluiting nu stand houdt tijdens de hele onderdompeling
of dat er bij langdurig onder-water-zijn water in de longen kan komen, de
hoeveelheid ingeademd water is bij alle drenkelingen uiteindelijk bij
onderzoek gering.
Toch kunnen inderdaad de longen van
verdrinkingsslachtoffers vol water zitten. Dit water moet dus op een
andere manier in de longen komen. Hoe? |
| |
|
| |
Inwendige stoornis
Het meeste directe gevaar voor een drenkeling is niet het vollopen van
zijn longen met water maar het zuurstofgebrek dat al snel (3 - 5minuten)
in het bloed gaat optreden. De vraag naar zuurstof duurt onverminderd
voort doordat alle organen gewoon door blijven werken.
De hoeveelheid zuurstof wordt verbruikt zonder aangevuld te worde door de
ademhaling. Dit zuurstofgebrek resulteert in een zich uitbreidende
inwendige stoornis, waarbij door de ontregeling van de normale bloedwaarde
uiteindelijk alle organen betrokken worden. Hoewel het theoretisch wel
verschil kan geven of iemand verdrinkt in zoet of zout water, maakt dit
voor het ontstaan van de inwendige functiestoornissen geen verschil.
Zeker niet in relatie tot de eerste hulpverlening ter plekke. Zout, zoet,
helder of vervuild water, warm of koud water geeft alleen verschillen in
het ontstaan en het beloop van klinische complicaties, voor het ziekenhuis
dus. |
| |
|
| |
Secondary drowning, verdrinking in 2e instantie
Dit begrip dat valt onder de complicaties die op kunnen treden na het
verdrinkingsongeval zelf, wordt met meerdere medische termen aangeduid:
secondary drowning, verdrinking-op-de-kant, longoedeem, shocklong of ARDS
(adult respiratory distress syndrome). Iedere drenkeling die onder water
en/of bewusteloos of gereanimeerd is geweest kan dit na verloop van uren
alsnog krijgen, en moet daarom naar een ziekenhuis voor observatie.
Het is
vaak moeilijk het slachtoffer daarvan te overtuigen omdat er niet altijd
zichtbare symptomen of klachten zijn.
Daarbij wordt gewoonlijk een periode van 42 uur aangehouden. Het is dus
onvoorspelbaar of een slachtoffer deze toestand in die 24 uur dus ook
daadwerkelijk oploopt. Ook direct na de redding uit het water of het
begint van de reanimatie kan deze toestand optreden. Dit kan zeer
onverwacht gebeuren.
Het slachtoffer dat aanvankelijk goed aanspreekbaar is en zonder problemen
weer kan ademen en weer op zijn benen staat (iedereen is opgelucht, dat
het zo goed is afgelopen, de EHV-er voelt zich alom gewaardeerd) kan
opeens onrustig en blauw worden. De ademhaling verslechtert plotseling, er
verschijnt rozerood schuimend vocht op de mond tijdens de uitademing.
|
| |
|
| |
ARDS
Het ontstaan van deze longstoornis is zeer complex, maar komt in het kort
hierop neer: Door verdrinking, de daaropvolgende ademhalingsstoornis, het
zuurstofgebrek in het bloed en de daaruit volgende overige ontregelingen
in de normale bloedwaarde, wordt de doorgankelijkheid van de wandjes van
de longblaasjes (alveolen), ingrijpend veranderd. Dienen longblaasjes
normaal om zuurstof in het bloed te brengen en koolzuurgas uit het bloed,
nu treedt er ook vocht uit de bloedbaan door de wanden en komt in de
longblaasjes zelf terecht.
De longen lopen op deze manier van binnenuit vol. Hierbij komt nog dat de
ademhaling veel moeilijker wordt doordat het surfactant van de
longblaasjes verdwijnt zodat de weerstand van het longweefsel sterk
toeneemt. Surfactant is een lichaamsstof die als een dun vliesje over de
longblaasjes ligt, en ervoor zorgt dat de longblaasjes open blijven. In
plaats daarvan ontstaat er ontstekingsvocht en worden er stugge eiwitten
afgezet om de longblaasjes heen.
Al met al een zeer ongunstige situatie om na een verdrinking weer lekker
frisse lucht te kunnen inademen.
Het ontstane vocht wordt dus uit de
diepste diepten van de longen naar boven geademd, wat in de bovenste
luchtwegen tot een roze-rood schuim wordt. Deze situatie is
levensbedreigend en vereist direct specialistische hulp, liefst op een
intensive care. Fysiologisch is een beademing met een overdruk nodig om de
longblaasjes met de luchtdruk open de houden, terwijl alle stoornissen
juist een ontplooiing tegengaan.
Dit moet gebeuren met een beademing via
een buis in de luchtpijp (intubatie), die eigenlijk al op de wallenkant
bij de komst van een ambulance zou moeten worden aangelegd, mits
uitrusting en deskundigheid dit mogelijk maken. |
| |
|
| |
Beademen moet!
Voor de EHV-er staat in deze situatie maar één weg open; zeer beslist en
krachtig mond op mond blijven beademen. Dit is moeilijker dan anders omdat
de EHV-er bij elke beademing de inwendige weerstand zal voelen. Hierbij
komen enkele technische problemen kijken waarbij het grootste gevaar is
dat men bij beademing lucht in de maag van het slachtoffer blaast in
plaats van in de longen.
Een verdrinkingsslachtoffer is koud, blauw, nat en vies. Het voelen van
tekenen van circulatie is moeilijk, pulsatie aan de polsslagader is
vrijwel altijd afwezig, het kloppen van de halsslagader kan heel zwak zijn
of er is een sterk verlaagde hartslag. Drenkelingen zien er hierdoor vaak
afschuwelijk uit en maken een dode indruk. Laat dit het toepassen van de
elementaire eerste hulp nooit beïnvloeden! (airway, breathing,
circulation).
Een van de meest hardnekkige misverstanden bij drenkelingen is dat eerste
het water uit de longen gehaald moet worden. Dit blijkt zinloos en
betekent altijd kostbaar tijdverlies. Over de zin van beademing en
reanimatie is bij een nat en koud slachtoffer op de wallenkant nooit een
uitspraak te doen: Pas beademing toe, ook al heeft een slachtoffer een uur
onder water gelegen, pas beademing toe, ook al is een slachtoffer sterk
afgekoeld, of ijskoud. Pas beademing toe en vervoer een drenkreling altijd
naar een ziekenhuis.
|
| |
|
| |
Auteur: Corry Daalhof
Blad: Incident |
| |
|
| |
|
|