Regesten Nederland Deel II
Collectie D.F. Tollenaar
Tiel, nr. 140
fol. 3, 27-01-1592
... tegens Hector Moison ... Opm. Deze akte is onleesbaar geworden als gevolg van verbleking.
Tiel, nr. 140
fol. 10, 27-04-1592
Reijner van Dorth, heer tot Varick, heeft hem ontseth tegens Hector Moison.
Tiel, nr. 140
fol. 10v, 06-05-1592
Hector Moison contra den vurss. heer tot Varick.
Tiel, nr. 140
fol. 13, 03-06-1592
Jacop van Bilant, volm. van den heer van Varick, geloeft zijn antwordt in te brengen contra Hector Moison.
Tiel, nr. 140
fol. 13v, 10-06-1592
Jacop van Bilant, volm. van Reijner van Dorth, heeft zijn antwordt ingebracht contra Hector Moison.
Tiel, nr. 140
fol. 29v, 15-12-1592
Tusschen dinghtaell Hector Moison, cleger, en Jor. Reijner van Dorth, heer tot Varick, verwr., wijsen schepenen van Tiell dat 4 onpartidige mannen ten elcken zijde 2 zullen worden benoemd.
Tiel, nr. 140
fol. 41v, 23-06-1593
Ordonneren tgericht und schepenen van Tiell dat Hector Moison, cleger, und Jor. Reijner van Dorth, heer tot Varick, verwr., een semtelick bijkompst zullen aenstemmen.
Tiel, nr. 140
fol. 42, 28-06-1593
Tusschen dinghtaell Hector Moison, cleger, und den Edel ende Erentfesten Reijner van Dorth, heer tot Varick, verwr., gesien ende gelesen hebbende een affrekenongh bij beide parthien vurss., met eighener hant onderteijkent 29-10-1589, wiesen die schepenen van Tiell dat den verweerder gehalden sal wesen die pennonghen in den aenspraeck gementioniert den cleger te betaelen.
Tiel, nr. 140
fol. 43, 04-07-1593
Willem van Isendoren ende Jan van Isendoren hebben oer duplijck ingebracht contra Hector Moison.
Tiel, nr. 140
fol. 43, 12-07-1593
Hector Moison heeft zijn triplijck ingebracht contra Willem van Isendoren.
Tiel, nr. 140
fol. 43v, 14-07-1593
Willem [van Isendoren] ende Jan van Isendoren hebben oer quadruplijck ingebracht tegen Hector Moison.
Tiel, nr. 140
fol. 43v, 14-07-1593
Op versueck van Reijner van Dorth, heer tot Varick, tegen Hector Moison erkennen die schepenen dat zij verbliven bij oer furige gewesene sententie.
Tiel, nr. 140
fol. 44, 14-07-1593
Op versueck van Herberen Goertsz cum suis betreffende enen thijnsbrieff van 3 golde gl. siaers die zelige Herberen Goertsz den ouden tot onsekere weecknisse voer zilen in die dampoert gemaeckt heeft gehadt, dat Herberen Goertsz cum suis van alle overlopende thijnssen in questie betalen sullen 3 iaer renten aen die nabueren van de Dam tot opmakongh ende emploie van die ... op ten Dam.
Tiel, nr. 140
fol. 51v, 12-01-1594
Servaes Alertsz heeft zijn 1 heghen genomen opt bedongene van Jan van Isendoren tegens d erffgenamen van z. Hector Moison.
Tiel, nr. 140
fol. 61v, 27-07-1594
Tuschen dinghtaell Harmen Corneliss, volmechtiger Hector Moison off nu die erffgenamen van Hector Moison, aenleggeren, und Johan van Isendoren ende Willem van Isendoren, verwrs., wijzen die schepenen den cleger in zijn aenspraeck voer dit maell niet ontfenckelick.
Tiel, nr. 140
fol. 107v, 26-04-1597
Joost van Hattem Dirricxsz contra mr. Jan Roijert, velscheerder.
Tiel, nr. 140
fol. 108, 26-04-1597
Mr. Johan Roijen, barbier, heeft zijn antwoordt ingebracht contra Joest van Hattem.
Tiel, nr. 140
fol. 108v, 07-05-1597
Joest van Hattem heeft zij replijck ingebracht contra Mr. Jan Roijen.
Tiel, nr. 140
fol. 109v, 12-05-1597
Mr. Johan Roijen heeft duplijck ingebracht contra Joest van Hattem.
Tiel, nr. 140
fol. 152, 09-02-1599
Wolter van Hattem const. Henrick van Hoevell sub stilo etc. et cum poetestate substituendi.
Tiel, nr. 140
fol. 196v, 02-03-1601
Schepenen attesteren mitz desen gehoert te hebben dat Sweer Wten Weer, scholtis tot Mauwerick, toe saechte zoe hij einige huijsluijden van Mauwerick, Eck, Ingen en Ommeren met nhaemen ... Goert van Hattem ... alhier om een contschap hadden doen questieren ...
Tiel, nr. 140
fol. 197, 02-03-1601
Tuigen schepenen tot requisitie van dese naevolgende persoenen tot Mauwerick, Eck, Ingen en Ommeren woenhafftigh met namen ... Goert van Hattem ... gegaen sijn bij Sweer Vten Weerde, scholtis to Mauwerick, hem affragende off hij die voorn. personen ...
Tiel, nr. 140
fol. 236v, 20-12-1602
Aelbert Verweij, man en voocht van Cornelia van Hattem Roloffsen, eijscher, spreeckt aen Diiricxken Roloffsen, weduwe ende boedelholster van den selvigen Dirrick van Hattem.
Tiel, nr. 140
fol. 236v, 20-12-1602
Aelbert Verweij, pro se, und Henrick van Hovel, volmechtigh Dirricxken Roloffs, verw., hebben bewillicht dat die zaecke zal staen insurciantie mits dat verweerster haer antwordt veerdigh te hebben.
Tiel, nr. 140
fol. 239, 06-01-1603
Dirricxken [Roloffs], weduwe z. Dirrick van Hattem, heeft hoer antwordt overgelevert contra Aelbert Verweij.
Tiel, nr. 140
fol. 239v, 06-01-1603
Aelbert Huigen, pro se, ende Henrick van Hovel, volmechtigh Dirricxken Roloffs, weduwe z. Dirrick van Hattem, verw., zullen cleger binnen 8 daghen zijn replijck ende die verweerderse 8 dagen daer nae ook hoer duplijck leveren onder den secretaris.
Tiel, nr. 140
fol. 243, 19-02-1603
Schepenen hebben ordell tuschen Aelbert Verweij ende Dirricxken Roloffs, weduwe z. Dirrick van Hattem.
Tiel, nr. 140
fol. 248, 02-04-1603
Tuschen dinghtaell Aelbert Huijgen Verweij tot Renen, aenl., ende Dirricxken [Roloffs], weduwe z. Dirrick van Hattem, verw., wizen die schepenen van Tiel dat beide parthien bij tot doen van onpartidighen mannen sich in der fruntschappen zullen verenighen.
Tiel, nr. 140
fol. 288v, 07-09-1605
Herman Cornelisz spreeckt aen Joost van Hattem Dircksz.
Tiel, nr. 140
fol. 290v, 05-10-1605
Joost van Hattem heeft zijn antwoordt overgelevert tegen Herman Cornelisz.
Tiel, nr. 140
fol. 292v, 16-11-1605
Herman Cornelisz heeft zijn replicq ingebracht tegen Joost van Hattem.
Tiel, nr. 140
fol. 293, 30-11-1605
Joost van Hattem heeft zijn duplicq ingebracht tegen Herman Cornelisz.
Tiel, nr. 140
fol. 294, 14-12-1605
Herman Cornelisz heeft overgegeven ende belooft zijn triplicq in te brengeb tegen Joost van Hattem.
Tiel, nr. 140
fol. 294v, 11-01-1606
Joost van Hattem heeft zijn quadruplicq ingebracht tegen Herman Cornelisz.
Tiel, nr. 140
fol. 296v, 16-02-1606
Tusschen dinghtal Herman Cornelis, eijscher, ende Joost van Hattem Dircksz, verw., wijsen die schepenen van Tijel dat partijen haere geschil und questie ten overstaen van 4 onpartidige mannen in der vrundtschap so mogel. liquideren.
Tiel, nr. 140
fol. 308v, 31-01-1607
Nae gelesene proceduire van Herman Cornelisz, eijsscher, und Joost van Hattem Dircksz, verw., wijsen die schepenen dat bij so verre de verweerder bij eede verclaren wil den eijscher de 15 g. in den processe vermeldt nijet absolutel. dan op conditie so verre hij verweerder in de proceduir als aenlegger tegens Matheus van der Steegh voor die gerichtsbancke van Kesteren geinstitueert quame te triumpheren, gelooft te hebben, sal van den eijscher van dijen ontledicht zijn. So wel aengaet de geeijste resterende pennongen des beests, sall opgemelte verweerder gehalden sijn met den eijsscher voors. te rekenen.
Tiel, nr. 140
fol. 318v, 01-11-1607
Goossen van Grootveldt const. Claes Jansz, procureur, ende Jasper van Hattem, deurwerder, omme in zijns name tot Arnhem voor den Hove deses forstendoms Gelre op Dijnsdach 03-11-1607 te compareren.
Tiel, nr. 141
fol. 19v, 12-05-1610
Op gedane richtinge van Albert Hugen Verweij und daertegens versochte verclaringe van Johan Dirckss Stuecker als man ende momber zijnder huijsfrouw Dirrickssken Roeloffsdr, erkennen die schepenen bij so verre Johan Dirckss in qualite voorss. binnen 8 dagen die verlopen renth aen den weesmeesteren van deser stadt nijet aff gedoet ...
Tiel, nr. 141
fol. 73, 25-04-1614
Transport van omtrent 7 mergen landts met die halve weijt schaer gelegen in den gerichte van Geldermalsen, ten O. Guert Aerdtsz scholtis.
Tiel, nr. 141
fol. 98, 22-08-1615
Wilhem van Hattem heeft hem ontset contra Gheridt Peterss, man ende momber zijner huijsfr. Janneken Scheijen, ende heeft te borge gestelt Tomas Otten. De rechtdach sal weesen op Saterdach post Egidy naestcomende.
Tiel, nr. 141
fol. 126, 23-11-1616
Wilhem van Hattem heeft hem ontset tegens Johan Remen ende heeft tot borch gestelt Henrick van Doornick.
Tiel, nr. 141
fol. 126, 23-11-1616
Wilhem van Hattem promt. voorn. Doornick van de voors. borchtochte schadeloos te halden.
Tiel, nr. 141
fol. 126, 30-11-1616
Wilhem van Hattem const. Henrick van Huevell.
Tiel, nr. 141
fol. 127, 30-11-1616
Willem van Hattem heeft hem quijt gedongen contra Henrick Remen.
Tiel, nr. 141
fol. 144, 04-10-1617
Herman Gerritsz Knappert heeft hem ontset tegen Geridt Wilhemss Toniss Leijdecker ende heeft tot borch gestelt Johan Dirksz Stuecker.
Tiel, nr. 141
fol. 144, 04-10-1617
Wilhem van Hattem heeft hem ontset tegen Cornelis Hermansz Ancoop, man ende momber zijnder huijsfr. Maria Thomasdr. Rechtdach sal wesen op Saterdach thoecomende over 8 dagen.
Tiel, nr. 141
fol. 144v, 28-10-1617
Cornelis Hermansz Ancoop spreeckt aen Wilhem van Hattem.
Tiel, nr. 141
fol. 145v, 01-11-1617
Wilhem van Hattem antwoordt op aenspraeck van Cornelis Hermansz Ancoop.
Tiel, nr. 141
fol. 146, 15-11-1617
Cornelis Hermansz Ancoop heeft sijn replijck overgelevert tegen Wilhem van Hattem.
Tiel, nr. 141
fol. 147, 29-11-1617
Wilhem van Hattem heeft sijn duplicq ingebracht tegen Cornelis Hermansz Ancoop.
Tiel, nr. 141
fol. 151v, 31-01-1618
Tusschen dinghtaell van Cornelis Hermansz Ancoop, man ende momber zijner huijsfr. Maria Thomasdr, gewesene weduwe van Aelbert de Kemp, eijsscher, ende Wilhem van Hattem, verweerder, wijsen schepenen dat den verweerder sal gehalden wesen den eijscher de geijste resterende somme van 75 g. van t maechgescheijdt in den aenspraeck vermeldt ter goeder rekeninge op te leggen ende te betalen, den verweerder van den eijsscher te mogen vorderen alsulcke penningen als hij sustineert voor des eijsschers huijsfr. voors. van het doodtcleedt des voorn. Aelberts de Kemp, als anders wegen des boedels verschoten en betaelt te hebben.
Tiel, nr. 141
fol. 152, 09-02-1599
Wolter van Hattem const. Herick van Hoevell.
Tiel, nr. 141
fol. 181v, 19-06-1619
Johan Reijnen wonende tot Echtelt spreeckt aen Aert van Eck Berndtsz voor de somme van 16 g. als ... van gtr. Adam van Tiel bij voorn. Aert van Eck neffens sijn broeder aen hem eijsscher belooft te betaelen.
Tiel, nr. 141
fol. 187, 04-09-1619
Lijsbeth Goesselicks, gewesene dienstmaecht van Joffr. Maisonneusue, spreeckt aen Elisabeth van Hattem, dienstmaecht van Joffr. Rossem, om den contschap der waerheijt te geven.
Tiel, nr. 141
fol. 188, 11-09-1619
Elisabeth Goesselicks wacht Joffr. Helena Vijgh, Elisabeth van Hattem e.a. om hare contschap der waerheijt te geven.
Tiel, nr. 141
fol. 188v, 11-09-1619
Johan Coenen, volmachtiger Elisabeth Goesselicks, eijscht vervolch op Joffr. Helena Vijgh genoemt Rossem, Elisabeth van Hattem, haer meijt, e.a. volgens zijne bedongene wacht.
Tiel, nr. 141
fol. 201v, 20-03-1620
Johan van Hattem const. Claerbert de Jong in omnibus ad lites hij enichsins voor den gerichte van Tijel ende Sandtwijck te doen heeft.
Tiel, nr. 142
fol. 69, 10-12-1628
Dirck van Hattem spreeckt aen Henrick de Wit.
Tiel, nr. 142
fol. 69, 10-12-1628
Henrick de Wit antwoordt op aenspraeck van Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 142
fol. 69, 12-12-1628
Dirck van Hattem repliceert contra Henrick de Wit.
Tiel, nr. 142
fol. 69, 13-12-1628
Henrick de Wit heeft in plaets van duplicq gepersisteert bij zijne overgeleverde antwoordt contra Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 142
fol. 69, 14-12-1628
Sake van Dirck van Hattem contra Henrick de Wit.
Tiel, nr. 142
fol. 69v, 17-12-1628
Gesien den processe van Dirck van Hattem, aenlegger, ende Henrick de Wit, verweerder, met de pachtcedulle bij partijen op 10-10-1628 opgericht, wijsen schepenen dat den verweerder sal gehalden wesen den aenlegger de huijsinge in den aenspraeck vermelt soo lange als in de voorss. pachtcedulle gestipuleert is te continueren.
Tiel, nr. 142
fol. 75v, 13-05-1629
Dirck Gerrits van Belt heeft sig ontset contra Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 11, 07-06-1634
Dirck van Hattem erschijnt sig tegen Jan van Hattem om aengesproken te worden.
Tiel, nr. 143
fol. 11, 07-06-1634
Dirck van Hattem heeft sich quijt gedongen tegen tegen Jan van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 13v, 23-06-1634
Jan van Hattem spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 13v, 23-06-1634
Jan van Hattem const. den procureur Leeuwen.
Tiel, nr. 143
fol. 13v, 24-06-1634
Dirck van Hattem antwoort tegen Jan van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 13v, 25-06-1634
Jan van Hattem repliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 14, 28-06-1634
Dirck van Hattem dupliceert tegen Jan van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 28, 10-01-1635
Dirck van Hattem spreeckt aen Joff. Margareta van Bronckhorst, weduwe heere Johan Vijgh.
Tiel, nr. 143
fol. 28v, 24-01-1635
Joff. Margareta van Bronckhorst, weduwe Vijgh antwoort tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 30v, 07-02-1635
Dirck van Hattem repliceert tegen de vrouwe van Weerdenborgh.
Tiel, nr. 143
fol. 31, 21-02-1635
De vrouwe van Weerdenborgh dupliceer tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 40v, 13-06-1635
In zake van Dirck van Hattem, aenl., ende de vrouwe van Weerdenborgh, verw., ordonneren schepenen partijen voorder te schrijven bij tripl. ende quaruplicq.
Tiel, nr. 143
fol. 41, 27-06-1635
Dirck van Hattem tripliceert tegen de vrouwe van Weerdenborgh.
Tiel, nr. 143
fol. 41v, 11-07-1635
De vrouwe van Weerdenborgh qaudrupliceert ten Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 44, 25-07-1635
Gesien de processe van Dirck van Hattem, aenl., ende joffr. Margareta van Bronckhorst, weduwe wijlen heere Johan Vijgh in sijn leven heer tot Weerdenborch, verw., wijsen schepenen dat den aenlegger binnen 14 dagen bij solemnelen eede verclarende (geschied 01-08-1635) dat hij de assignatie soo hem bij wijlen heere Gerardt Vijgh, heere tot Weerdenborch, op Jelis Hubertss gegeven niet absolutelick tot betalinge van de aenspraeck overgeleijde obligatie heeft aengenomen, dat hem geen betalinge dienthalven gedaen, ende dat hem de somme in de voorss. obligatie bekent noch ten vollen deuchdelick, dat de verweerderse sal gehouden wesen de geeijste 1081/2 g. aen den aenlegger te betalen.
Tiel, nr. 143
fol. 49, 03-10-1635
Gesien de declaratie van costen van Dirck van Hattem, eijsscher ende triumphant, ende daer op gedane diminutie van wegen Joffr. Margareta van Bronckhorst, weduwe wijlen Jor. Johan Vijgh, verw. en gecondemneerde, hebben deselve tot meerder somme geextendeert ter somme van 35 g. 7 st. 8 p.
Tiel, nr. 143
fol. 93v, 10-07-1637
Nicolaes Francois antwoort op exceptie van Fijken Henrix.
Tiel, nr. 143
fol. 93v, 11-07-1637
Fijken Henrix repliceert tegen Nicolaes Francois.
Tiel, nr. 143
fol. 94, 13-07-1637
Fijken Henrix repliceert tegen Nicolaes Francois.
Tiel, nr. 143
fol. 94, 14-07-1637
Nicolaes Francois dupliceert tegen Fijken Henrix.
Tiel, nr. 143
fol. 96v, 10-08-1637
Dirck van Hattem spreeckt aen Antonis Verhuet.
Tiel, nr. 143
fol. 97, 11-08-1637
Antoni Verhuet antwoort tegn Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 97, 12-08-1637
Dirck van Hattem repliceert tegen Antonis Verhuet.
Tiel, nr. 143
fol. 97, 12-08-1637
Gesien den processe van Jan ter Burcht, aenl., ende Fijken Henrix, verw., wijsen schepenen dat verweerderse sal gehouden zijn aen den aenlegger de helfte van 300 g. bij aenspraeck geeijst te betaelen.
Tiel, nr. 143
fol. 97v, 14-08-1637
Dirck van Hattem repliceert tegen Antonis Verhuet.
Tiel, nr. 143
fol. 97v, 13-08-1637
In zake van Dirck van Hattem, eijscher, en Antonis Verhuet, verw., vinden schepenen goedt dat partijen in vruntschap sullen vergelijken binnen 3 dagen.
Tiel, nr. 143
fol. 98, 00-08-1637
Gesien de processe van Dirck van Hattem, aenl., ende Antonis Verhuet, verw., verclaren schepenen den aenlegger voor desen mael in zijnen eijs niet ontfanckelick. Den aenlegger is voor desen mael in zijnen eijs niet ontfanckelick.
Tiel, nr. 143
fol. 103v, 21-10-1637
Is ten overstaen van den gerichte tusschen Fijken Henrix, eenige nagelaten dochter en universele erffgename van Henriske Jerfaes, in haer leven weerdinne in Antwerpen, ende Jan van Burcht, weduwenaer van Willemken Henrix, der voors. suster za. (wordt een accoort bereikt).
Tiel, nr. 143
fol. 161v, 28-11-1640
Henrick van Hattem, weert in Antwerpen, spreeckt aen Joff. Van Baer.
Tiel, nr. 143
fol. 167, 09-01-1641
Jacob Servaes q.q. antwoort tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 167, 09-01-1641
De weduwe Baer antwoort tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 168, 23-01-1641
Henrick van Hattem q.q. repliceert tegen Jacob Servaes.
Tiel, nr. 143
fol. 168, 23-01-1641
Henrick van Hattem repliceert tegen Joff. Baer.
Tiel, nr. 143
fol. 168v, 06-02-1641
Jacob Servaes repliceert tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 168v, 06-02-1641
Joff. Baer dupliceert tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 169v, 20-02-1641
Gesien de processe van Henrick van Hattem, man ende momber zijner huijsvrouwen, eenige erffgename van Henrisken Jerefaes za, aenl., ende Jacob Servaes q.q., gedaechde, oock gevisiteert het originele schultboeck, wijsen schepenen dat de verweerder sal gehouden sijn de geeijschten 10 g. 8 st. aen den aenlegger te betaelen.
Tiel, nr. 143
fol. 170, 20-02-1641
Geexamineert zijnde de aenspraeck etc. van Henrick van Hattem nomine uxoris Fijken Henrix, erffgename van haere moeder Henrisken Jerefaes za., aenl., ende Joffrou Johanna van Varick, weduwe ende boedelhouderse van wijlen Jor. Willem van Baer in leven Capt. ende commandeur in t fort Andries, verw., condemneren schepenen de verweerderse in de betalinge van de geeijste 12 g. 8 st. 8 p.
Tiel, nr. 143
fol. 178v, 27-11-1641
In saecke Peter Scheij als pachter van de uijtgaende bieren, aenl., ende Dirck van Hattem, verw., ordonneert t gericht den verweerder dat hij den aenlegger binnen 10 dagen over de geeijste breucke sal contenteren.
Tiel, nr. 143
fol. 192v, 30-04-1642
Gesien de aenspraeck etc. van Peter Scheij als pachter van de uijtgaende bieren, aenl., ende Dirck van Hattem, verw., iniungeren schepenen den verweerder dat hij binnen 10 dagen bij eede sal hebben te verclaren geen kennisse van het oversetten vant halff vat biers te hebben. Mocht selve met zijne toestemminge zijn geschiet, in sulcken gevalle hem van de aenspraeck absolverende. Bij weijgeringe off nalaticheijt van den verweerders eedt condemneren schepenen den verweerder in de geeijste breucke met de costen.
Tiel, nr. 143
fol. 202v, 23-07-1642
Op aenspraeck van Theodora Herberens, weduwe van Peter Tijnagel za., aenl., en t antwoort van Jan Peeren ...
Tiel, nr. 143
fol. 209v, 12-11-1642
Seger Segerss heeft hem ontset tegen Dirck van Hattem ende tot borge gestelt Willem Aertss van Auwick.
Tiel, nr. 143
fol. 262, 05-07-1644
Jan van Bommel heeft hem ontset tegen Rutger Schul ende tot borge gestelt Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 143
fol. 267, 02-11-1644
In sake van de pachters van de bieren contra Dirck van Hattem en Dirck van Wenij ordonneren schepenen partijen elcx noch eens te schrijven en telckens binnen 24 uren over te leveren.
Tiel, nr. 143
fol. 267v, 16-11-1644
In sake van de pachteren van de bieraccijs, requiranten, ende Dirck van Hattem ende Dirck van Wenij, gerequireerden, ordonneert het gerichte alsnoch de gerequireerden met de requiranten in vruntschap te accorderen.
Tiel, nr. 143
fol. 291v, 24-01-1646
In sake van Henrick van Hattem tegen Jor. Adriaen van Beest wordt geoordeeld.
Tiel, nr. 143
fol. 303, 26-09-1646
Gesien den processe etc. van Henrick van Hattem, weerdt in Antwerpen, aenl., ende Jor. Adriaen van Rhijnen, verw., wijsen schepenen dat de verweerder sal gehouden wesen aen den aenlegger, mits bij eede verclarende dat de schult in zijn boeck geschreven staende hem deuchdelick van den verweerder competeert, de geeijste 25 g. te betaelen.
Tiel, nr. 144
fol. 12, 01-07-1648
Henrick van Hattem claecht op ende over de welgeboren heere Frederick Guillaume Baron de Ketelaer.
Tiel, nr. 144
fol. 12, 15-07-1648
Henrick van Hattem doet zijne twede clachte op den baron Van Ketler.
Tiel, nr. 144
fol. 12v, 29-07-1648
Henrick van Hattem doet zijn derde clacht op den baron De Kettelaer.
Tiel, nr. 144
fol. 13, 09-09-1648
Henrick van Hattem, ingevolge van sijn voorclachten ende citatie, spreeckt aen den baron De Ketteler.
Tiel, nr. 144
fol. 13v, 24-09-1648
Den Baron De Kettelaer antwoort bij exceptie tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 15v, 18-11-1648
Henrick van Hattem antwoort op de exceptie van de baron De Ketteler.
Tiel, nr. 144
fol. 16, 02-12-1648
Den baron De Ketteler, heer tot Oijen, repliceert tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 17v, 02-12-1648
Op t versocht vooroordeel van Pelgrom Vogelsanck als gemachtigde van Henrick van Hattem ende Willem Jansz gemachtigde van den baron De Kettelaer verstaan schepenen dat den verweerder in sijne qualiteijt en gehouden is de versochte cautie ingevolge alhier geprocedeert wort te stellen hem daer van absolverende.
Tiel, nr. 144
fol. 19, 16-12-1648
Henrick van Hattem dupliceert exceptionel tegen den baron De Kettelaer.
Tiel, nr. 144
fol. 22v, 07-02-1649
Schrifture van den baron De Kettelaer tegens Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 23, 03-03-1649
Henrick van Hattem repliceert tegen de baron De Kettelaer.
Tiel, nr. 144
fol. 23v, 17-03-1649
Henrick van Hattem repliceert tegen de baron De Kettelaer.
Tiel, nr. 144
fol. 26v, 13-04-1649
Henrick van Hattem repliceert tegen de baron De Kettelaer
Tiel, nr. 144
fol. 26v, 13-04-1649
... wacht Henrick van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 144
fol. 29, 09-06-1649
Den baron De Kettelaer dient van persistit tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 30v, 30-07-1649
Henrick van Hattem tegen de baron De Ketteler.
Tiel, nr. 144
fol. 33v, 20-10-1649
Henrick van Hattem tegen de baron De Ketteler.
Tiel, nr. 144
fol. 37, 01-12-1649
In den processe van Henrick van Hattem, aenl. ende arrestant, ende de heere baron De Ketteler, heer tot Oijen, verw. ende gearresteerde, ordonneren schepenen den heere verweerder metten aenlegger te accorderen.
Tiel, nr. 144
fol. 49, 20-07-1650
In de questie van praeferentie tot de executie tusschen Dirck Dircksz van Cooten ende Dirck van Hattem, requiranten, ende Otto van Doornick, out schepen in Santwijck, gerequireerde, verclaren schepenen de requiranten in haer versoeck niet ontfanckelick.
Tiel, nr. 144
fol. 52v, 30-11-1650
In saecke van Henrick van Hattem, aenl. ende arrestant, ende den heere den baron De Ketteler, heere tot Oijen, verw. ende gearresteerde, condemneren schepenen den heere verweerder aen den aenlegger de geeijste somme van penningen ingevolge van de reeckeninge te betaelen.
Tiel, nr. 144
fol. 55v, 22-03-1651
Henrick van Hattem antwoort tegen Huijbert Cornelisz de Haen.
Tiel, nr. 144
fol. 56, 06-04-1651
Dirck van Hattem spreeckt aen Rocus Jacobsz.
Tiel, nr. 144
fol. 61v, 06-09-1651
Dirck van Hattem antwoort tegen Jan Tijsz.
Tiel, nr. 144
fol. 73, 16-03-1652
Roeloff Jansz heeft hem ontset tegns Hendrick van Hattem, weert in Antwerpen, ende tot borge gestelt Jacob Aertsz.
Tiel, nr. 144
fol. 82, 05-11-1652
Gillis van Hattem spreekt aan Johan van Hattem, medicinae doctor.
Tiel, nr. 144
fol. 82, 05-11-1652
Gillis van Hattem const. procureur Lengell om sijn saecken waer te nemen tegen Dr. Hattem in omnibus ad lites.
Tiel, nr. 144
fol. 82v, 06-11-1652
Procureur Lengel is overgebleven voor de costen van Gillis van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 83v, 27-11-1652
Verlesen den processe van aenspraeck, exceptie, antwoort op de exceptie en replijcq exceptioneel met het bijgevoegde bewijs van Gillis van Hattem, aenlegger ende geexcipieerde, ende Johan van Hattem, medicinae doctor, verweerder ende excipient, condemneren schepenen den verweerder aen den aenlegger de geeijste somme van penningen met den verlopen interest te betaelen.
Tiel, nr. 144
fol. 87, 15-01-1653
Den ontfanger Eck q.q. repliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 90, 10-03-1653
Jan de Raet q.q. spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 90v, 12-03-1653
Dirck van Hattem dupliceert tegen den ontfanger Eck in sijne qualite.
Tiel, nr. 144
fol. 91v, 26-03-1653
Hendrick van Hattem naer renunciatie van voorgaende arrest spreeckt aen de weduwe van Capn. Coljert.
Tiel, nr. 144
fol. 91v, 29-03-1653
De weduwe van Capn. Coljert antwoort tegen Hendrick van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 92, 09-04-1653
Den volmachtiger van de weduwe van lieutenant Zel tripliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 92v, 23-04-1653
Hattem wacht Jan de Leeuw om te antwoorden. Hattem heeft vervolch geeijst tegen Jan de Leuw.
Tiel, nr. 144
fol. 92v, 23-04-1653
Geexamineert den processe van Hendrick van Hattem, aenl., ende de weduwe van heere Capn. majoor Coljert, verw., injungeren de vrouw verweerderse met solemnelen ede te expurgeren dat sij de geaffigueerde obligatie ter somme van 280 g. 19 st. 8 p. niet aengenomen heeft, noch dat sij geen erffgenaem van haren broeder den vendrich Bruijs geweest is. Dit doende de verw. van des aenleggers eijsch absolverende. Sij heeft den eedt gedaen 26-04-1653.
Tiel, nr. 144
fol. 94v, 21-05-1653
Dirck van Hattem quadrupliceert tegen de weduwe van lieutenant Zel.
Tiel, nr. 144
fol. 98v, 16-07-1653
In saecke van Margareta Beumers, weduwe van lieutenant Johan Zel, en Dirck van Hattem verstaet t gericht dat partijen elcx sullen hebben in te leggen 3 rixdaelders.
Tiel, nr. 144
fol. 104, 08-12-1653
Gesien de declaratie van costen van Gillis van Hattem, triumphant, ende daer op gedaene diminutie van Johan van Hattem, medicinae doctor, gecondemneerde, hebben schepenen deselve gemodereert ter somme van 22 g. 2 st. het specie gelt hier ingereeckent.
Tiel, nr. 144
fol. 117, 21-10-1654
Gerit Buth dupliceert tegen Hendrick Wijnen.
Tiel, nr. 144
fol. 118, 07-10-1654
Hendrick Wijnen repliceert q.q. tegen Gerit Buth.
Tiel, nr. 144
fol. 119, 30-12-1654
Gerardt Buth quadrupliceert tegen Hendrick Wijnen.
Tiel, nr. 144
fol. 123v, 17-03-1655
Op t versogte vooroordeel van Beernt van Lengel als gemachtigde van de weduwe van Hendrick Wijnen wegens het bijvoegen van een schriftuer bij t quadruplijcq bij Gerith Buth in sijne qualite gedaen.
Tiel, nr. 144
fol. 129, 14-07-1655
In het proces van Beerndt van Lengel als gesubstitueerde volmachtiger van Hendrick Wijnen, aenl., en Gerit Buth, verw., verclaren schepenen de aenlegger in sijne qualite in sijnen eijsch van inventaris niet ontfanckelijck.
Tiel, nr. 144
fol. 130, 25-07-1655
Aert Jansz Pijll spreeckt aen Hendrick van Hattem, weert in Antwerpen.
Tiel, nr. 144
fol. 130, 25-07-1655
Aert Jansz Pijll const. Adolff Bartens, procureur, in omnibus ad lites tegen Hendrick van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 131v, 01-12-1655
Proces van Aert Jansz Pijll, aenl., tegen Hendrick van Hattem, verw. Schepenen condemneren de verweerder aen de aenlegger de geeijste somme van penningen te betalen met de costen van rechtens, mits den aenlegger ende sijne huisvrouwe bij hare waerheijt in plaets van ede hebben te verclaren de assignatie van Cornelis van Os tot betaelinge van de geeijste schult niet aengenomen te hebben.
Tiel, nr. 144
fol. 136, 12-01-1656
Hendrick van Eck, borgermeester tot Arnhem, antwoort ad omnes fines tegen de dijck en buermeesteren van t Tielse velt.
Tiel, nr. 144
fol. 136v, 02-02-1656
De dijckmeesteren van t Tielse velt antwoorden op de exceptie en repliceren ten principalen tegen den borgermeester Eck van Arnhem.
Tiel, nr. 144
fol. 138, 11-03-1656
Schepenen hebbende gesien de declaratie van costen van Aert Jansz Pijll, triumphant, en Hendrick van Hattem, weert in Antwerpen, gecondemneerde, hebben de selve tot meerder somme geextendeert bij desen ter somme van 23 g.
Tiel, nr. 144
fol. 140v, 21-06-1656
Jor. Cornelis de Cock wacht Dr. Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 144
fol. 159, 19-09-1657
Johan [Hendricksz] en Rutger Hendricksz spreecken aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 144
fol. 162v, 26-12-1657
Bart van Hattem repliceert tegen Johan Heer.
Tiel, nr. 145
fol. 4, 05-02-1658
Proces van Pelgrom Vogelsanck, als gemachtigde van Jan Henricksz Heer, ende Rut Henricksz, aenl. ende geexcipieerde, en Bart van Hattem, gewesene dijckmeester van 't Tielse velt, verw. ende excipient, aen den aenlegger ende geexcipieerde in sijne qualite de geeijste somme van penningen te betalen.
Tiel, nr. 145
fol. 22v, 12-03-1659
Gesien hebbende de declaratie van costen van Jan [Henricksz] ende Ruth Henricksz Heer, triumphanten, ende Bart van Hattem, gecondemneerde, hebben deselve tot meerder somme geextendeert.
Tiel, nr. 145
fol. 29v, 08-09-1659
Gijsbert van Seijl spreeckt aen Dr. Johan van Hattem.
Tiel, nr. 145
fol. 31, 12-11-1659
Gijsbert van Seijl wacht Dr. Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 145
fol. 31v, 12-11-1659
Gijsbert van Seijl heeft vervolch geeijst tegen Dr. Hattem.
Tiel, nr. 145
fol. 31v, 19-11-1659
Henrick van Hattem is borg gebleven voor de costen (van een proces) van Aert Willemsz, in sijne qualite, ende Jan Peeren tegen Jan Jansz van Tiel, en heeft daer voor zijn goederen verbonden.
Tiel, nr. 145
fol. 72, 14-03-1663
Jan van Cooten q.q. repliceert tegen de momberen van de kinderen van Dr. Hattem.
Tiel, nr. 145
fol. 76v, 19-09-1663
Antoni van Hattem q.q. contra Peter van Balgoijen.
Tiel, nr. 145
fol. 77, 03-10-1663
Antoni van Hattem wacht Peter van Balgoijen om te antwoorden.
Tiel, nr. 145
fol. 77, 03-10-1663
Antoni van Hattem heeft vervolch geeijst tegen Peter van Balgoijen.
Tiel, nr. 145
fol. 110v, 14-05-1666
Dirck van Hattem als gemachtigde van de heer Jacob van Vijttenhoven, vermogensprocuratie op 27-05-1662 gepasseert en op 07-06-1662 geapprobeert houdende de clausule van substitutie, ende heeft uijt cracht van dien gesubstitueert den heer Johan Bouman, schoonsoon van de voorn. heer Jacob van Vijttenhoven, van alle saecken in de voorss. procuratie vervat ten uijteijnde te verworden.
Tiel, nr. 145
fol. 126v, 20-07-1667
Antoni van Hattem wacht Jan van Ham om te antwoorden.
Tiel, nr. 145
fol. 126v, 20-07-1667
Antoni van Hattem heeft vervolch geeijsttegen Jan van Ham.
Tiel, nr. 145
fol. 143v, 17-04-1669
Den heer van Echtelt spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 145
fol. 144, 01-05-1669
Den heer van Echtelt wacht Bart van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 145
fol. 152, 06-01-1670
Opt gepresenteerde regte van Henrick Noot, laeckencooper, requirant, ende daer op gedaene bericht van Johan van Cooten, als volmachtiger van Jacob van Hattem, laeckencooper tot Utrecht, gerequireerde, t gericht verstaet datter bij den gerequireerde een goede cautie is geschiet en dat de vercoopinge sijne voortganck sal gewinnen, den requirant in de costen condemnerende.
Tiel, nr. 145
fol. 172, 07-10-1671
Jacob van Hattem spreeckt aen Geerit Wanders.
Tiel, nr. 146
fol. 1, 13-01-1672
Jacob van Hattem wacht Geerit Wanders q.q. om te antwoorden.
Tiel, nr. 146
fol. 20, 06-08-1674
Jacob van Hattem, coopman van Utrecht, spreeckt aen Henrick Noot, laeckencooper, en Margareta de Vries, e.l.
Tiel, nr. 146
fol. 21v, 12-09-1674
Willem Seller, coopman van Rees, spreeckt aen Dirck van Hattem, brouwwer.
Tiel, nr. 146
fol. 23, 14-11-1674
Verleesen de proceduren van aenspraeck etc. met het bijgevoechde bewijs van Jacob van Hattem, coopman tot Utrecht, aenl., ende Henrick Noot ende Margareta de Vries, e.l., verw., ordonneren de heeren regenten de verweerderen ten naesten ten principalen te antwoorden.
Tiel, nr. 146
fol. 24, 28-11-1674
Jacob van Hattem, coopman van Utrecht, wacht Henrick Noot, laeckencooper, en sijn vrouw om te antwoorden.
Tiel, nr. 146
fol. 36, 27-11-1675
Den schepen (in Santwijck, Henrick) Rooijer qq spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 41, 22-01-1676
Den schepen Rooijer q.q. wacht Dirck van Hattem om te antwoorden. Denselven heeft vervolch geeijst.
Tiel, nr. 146
fol. 42v, 18-03-1676
Jacob van Hattem spreeckt aen Borgert Cornelisz van Beckum.
Tiel, nr. 146
fol. 48, 22-07-1676
Jacob van Hattem wacht Borgert Cornelisz van Beckum om te antwoorden.
Tiel, nr. 146
fol. 55v, 24-03-1677
Henrick Augustinus spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 56v, 21-04-1677
Dirck van Hattem binnen 14 dagen te antwoorden tegen Augustinus.
Tiel, nr. 146
fol. 67, 02-03-1678
De weduwe van zal. Henrick Nooth, geassisteert met haeren ohm Aerndt van Liesvelt, borger capt ...
Tiel, nr. 146
fol. 78v, 15-03-1679
Majoor Cock, als volmr. van de vrouwe douagiere Van der Ese, doet sijn eerste clacht tegen d'erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Dirck van Hattem, en in sonderheijt op sodaene goederen als deselve hebben in Tiell en Zantwijck.
Tiel, nr. 146
fol. 78v, 29-03-1679
Majoor Cock, als volmr. van de vrouwe douagiere Van der Ese, doet sijn tweede clacht tegen d'erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 79, 26-04-1679
Majoor Cock, als volmr. van de vrouwe douagiere Van der Ese, renoveert sijn darde clacht tegens d'erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 80v, 10-05-1679
Majoor Cock q.q. renoveert noghmaels sijn darde clacht tegens d'erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 81v, 05-07-1679
D'erfgenamen van zal. Dirck van Hattem antwoorden tegens den majoor Cock.
Tiel, nr. 146
fol. 82, 19-07-1679
Majoor Cock q.q. antwoort op d'exceptie tegen de kinderen en erfgenamen van Elisabeth van Wijck, in leven huijsvrou van Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 83, 20-09-1679
Majoor Cock q.q. antwoort op d'exceptie van d'erfgenamen van de weduwe Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 83v, 20-09-1679
D'erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Hattem, wort 14 dagen peremptoir uijtstel vergunt om te repliceren.
Tiel, nr. 146
fol. 84, 01-11-1679
D'erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Hattem, worden noghmaels 14 dagen peremptoir uijtstel vergunt om te repliceren tegens den majoor Cock sonder verder delaij te mogen versoecken.
Tiel, nr. 146
fol. 84, 15-11-1679
D'erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Hattem, repliceren tegen den majoor Cock.
Tiel, nr. 146
fol. 84, 29-11-1679
Gerith van Hattem q.q. spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 86, 10-01-1680
Majoor Cock q.q. dupliceert exceptioneel tegens de erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 86, 10-01-1680
Gerith van Hattem wacht Dirck van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 146
fol. 86v, 07-02-1680
Gesien de proceduren etc. tusschen den heere Bernardt Cock, majoor, als volmachtiger van de vrouwe douagere Van der Ese, aenl., ende de kinderen en erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Dirck van Hattem, excipienten, ordonneert t geright de excipienten in de saecke ten principalen te antwoorden.
Tiel, nr. 146
fol. 86v, 20-03-1680
D'erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Hattem, wort 14 dagen peremptoir uijtstel gegeven om te antwoorden tegen den heere majoor Cock.
Tiel, nr. 146
fol. 86v, 20-03-1680
Gerith van Hattem wacht Dirck van Hattem om te dienen van redenen van oppositie.
Tiel, nr. 146
fol. 87, 03-04-1680
De kinderen van Johanna van Wijck antwoorden tegens den heere Bernardt Cock q.q.
Tiel, nr. 146
fol. 87, 17-04-1680
Majoor Cock q.q. repliceert tegen de kinderen en erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 88v, 10-07-1680
Aen de erfgenamen van Johanna van Wijck wort een maent peremptoir uijtstel gegeven om te dupliceren tegen majoor Cock.
Tiel, nr. 146
fol. 89v, 18-09-1680
In saecke van den heere Bernardt Cock, majoor, als volmachtiger van de vrouwe douagere Van der Ese, aenl., ende de kinderen en erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Dirck van Hattem, verws., ongedecideert hangende condemneert t geright de verweerders aen den aenlegger q.q. te betalen de gelibelleerde paghtpenningen ter summa van 1000 g. onder afslagh van alle bewijsselicke gedane betalingh. Wordende den eijsch van schaden wegens afhacken en omhouwen van bomen en heggen als niet bewesen.
Tiel, nr. 146
fol. 94v, 09-04-1681
Sr. Gerardt van Hattem, aenl., spreeckt aen Rutger de Vries of well de heer borgemeester Lambert van Eck.
Tiel, nr. 146
fol. 95, 07-05-1681
De heer borgemeester en tollenaer Eck antwort bij exceptie tegens Sr. Gerardt van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 95v, 07-05-1681
Dirck van Hattem spreeckt aen sijnen broeder Gerardt van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 95v, 21-05-1681
Gerith van Hattem heeft solemnelick verklaert dat geen borge voor het gewijsde in sijne saecke tegen sijn broer kon bekomen.
Tiel, nr. 146
fol. 96, 18-06-1681
Gerardt van Hattem wort 14 dagen uijtstel gegeven om te antwoorden tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 96v, 02-07-1681
Sr. Gerart van Hattem antwoort tegens sijn broeder Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 97, 16-07-1681
Borgemeester Eck wort uijtstel gegeven om te dienen van replicq exceptioneel tegens Gerardt van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 97, 16-07-1681
Gesien de declaratie van costen van de heer bernardt Cock, majoor, als volmachtiger van de vrouwe douagere Van der Ese, aenl., en daer op gedane diminutie van de kinderen ende erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Dirck van Hattem, verws., en gecondemneerde, taxeren schepenen bij desen ter summa van 245-8-12 het speciegelt.
Tiel, nr. 146
fol. 97, 16-07-1681
Gesien de declaratie van costen van de heer bernardt Cock, majoor, als volmachtiger van de vrouwe douagere Van der Ese, aenl., en daer op gedane diminutie van de kinderen ende erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe Dirck van Hattem, verws., en gecondemneerde, taxeren schepenen bij desen ter summa van 88-9-4.
Tiel, nr. 146
fol. 98v, 22-10-1681
Gerith van Hattem wort 14 dagen peremptoir uijtstel gegeven om te repliceren tegens den borgemeester Eck.
Tiel, nr. 146
fol. 99v, 26-11-1681
In saeck van den borgemeester Eck ende Gerardt van Hattem wort verstaen dat de procedure binnen den tijt van 14 dagen peremptoir sullen moeten worden gefourneert.
Tiel, nr. 146
fol. 101, 21-01-1682
Gerard van Hattem dient van repliq tegens Diderick van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 101v, 04-02-1682
Verlesen sijnde den requeste van Dirck van Hattem ende daer op gedaene bericht van sijn broeder Gerith van Hattem wordt den requirant gerenvoijeert ten behoorlicke inganghe binnen dese stadt gebruijckelick, vermits den gerequireerde sigh in desen niet komt in te laten.
Tiel, nr. 146
fol. 102, 11-02-1682
Gesien aenspraeck etc. met allen bijgevoegdhden schijn en bescheijt van Sr. Gerardt van Hattem, aenl., en den heere Lambert van Eck, borgemeester in Zantwijck, verw., wort verstaen dat parthijen binnen den tijt van 8 daghen ieder sullen inleggen 6 dukatons omme daermee advies van onparthijdighe rechtergeleerden te worden gepleeght.
Tiel, nr. 146
fol. 102, 25-02-1682
Dirck van Hattem dupliceert exceptioneel tegen Gerardt van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 102v, 25-03-1682
Dirck van Hattem wort 14 dagen uijtstel gegeven om te repliceren tegens Gerard van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 104v, 15-07-1682
Sr. Jacob van Hattem, coopman tot Uijtreght, spreeckt aen Margaretha de Vries als principale, de heer Peter de Vries, borgemeester, ende Capn. Liesvert als borgen.
Tiel, nr. 146
fol. 104v, 15-07-1682
In saecke van Diderick van Hattem, aenl., contra Gerardt van Hattem, verw., sijn gecommitteert de heer Teffelen, Foijert en Schull omme soo doenlick parthijen onderlingh te accorderen sullende.
Tiel, nr. 146
fol. 108, 07-10-1682
Gerith van Hattem repliceert tegen den tollenaer Eck.
Tiel, nr. 146
fol. 111, 27-01-1683
Den borgemeester Lambert van Eck dupliceert tegens de schrifture van repliq van zal. Gerard van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 111v, 03-02-1683
In saecke van Sr. Gerardt van Hattem ofte desselfs weduwe en erfgenamen, aenl., ende den borgemeester Lambert van Eck, verw., ongedecideert hangende condemneren schepenen den verweerder de gelibelleerde brantschattingh te betalen met de costen en schaden.
Tiel, nr. 146
fol. 111v, 03-02-1683
In saecke van Dirck van Hattem, aenl., ende Gerardt van Hattem ofte nu desselfs weduwe en erfgenamen,, verws., verklaren schepenen den aenlegger in sijnen eersten eijsch niet ontfanckelick te sijn, ende aengaende het tweede lit van des aenleggers conclusie deswegen wort verstaen dat parthijen sullen hebben te compareren voor commissarissen ten fine van liquidatie voer het gelibelleerde maeggescheijt. Laestelick wort des verweerders geproponeerde exceptie van renvoij tegens het darde lit van des aenleggers conclusie in desen wort ongefundeert geoordeelt.
Tiel, nr. 146
fol. 112, 10-02-1683
Den borgermeester Lambert van Eck willende appelleren van sodaene sententie als op 03-02 tusschen Sr. Gerardt van Hattem ofte desselfs weduwe en erfgenamen en hem comparant is gepronuncieert, is daer van de gepraesenteerde acte overgenomen aen het volle gericht, edogh dat inmiddels de fatalia van het appell niet sullen verlopen.
Tiel, nr. 146
fol. 112v, 24-02-1683
Op requeste van den borgermeester Eck versoeckende noghmaels dat sijne gepraesenteerde acte van appell tegens de weduwe en erfgenamen van Gerith van Hattem magh worden aengenomen sonder dat sijn E. het apostille op voorighe requeste van 22-02-1683 aen de voors. weduwe en erfgenamen heeft doen insinueren. Desen requeste neffens het voorighe requeste met het apostill van 22-02-1683 sal worden gestelt in handen van die weduwe en erfgenamen van Gerith van Hattem omme hier op tusschen dit en toekomende woensdagh voor de middagh te dienen van beright.
Tiel, nr. 146
fol. 113, 02-03-1683
Gesien de requesten van den borgermeester Eck ende daertegens gedane beright van de weduwe en erfgenamen van Gerith van Hattem wort verstaan dat de gepraesenteerde acte van appel van den requirant sal worden aengenomen ende dat ten signate geregistreert.
Tiel, nr. 146
fol. 113, 10-03-1683
De weduwe en erfgenamen van zal. Gerardt van Hattem antwoorden tegens Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 146
fol. 115v, 23-07-1683
Den procurator Schull binnen gestaen sijnde, heeft versoght dat de stucken van het proces tusschen de weduwe Hattem ende den borgermeester Lambert van Eck in cas d'appel aen den Wel Ed. Hove van Gelderlant mogen worden overgesonden ende daer op dan gehoort het rapport van de heeren Bodeck en Schull tot het sluijten van de voors. stucken sijnde gecommitteert dat den heere righter Darthuijsen hadde doen gesinnen, omme ten fine op het stadthuijs te compareren, dat sij lieden omtrent die te doene sluijtingh edoch niet overeen konde komen; wordende aen zij die van de appellant gesustineert dat de stucken van het proces ten principalen alleen, ende niet de proceduren, behoorden tw worden overgesonden.
Tiel, nr. 146
fol. 123v, 01-03-1684
In saecke ongedecideert hangende tusschen Diderick van Hattem, aenl., ende sijnen broeder Gerard van Hattem ofte wel nu desselfs weduwe en erfgenamen, mede gehoort het rapport van commissaris ten opsighte van het gelibelleerde magescheijt van 15-10-1665, condemneert den verweerder een derde part in de helfte van 2425 g. int voors. magescheijt gementioneert aen den aenlegger te voldoen mits dat daertegens in defalcatie coome een derde part in de helfte van sodane 885 g. als den aenlegger ingevolge het magescheijt heeft te lasten.
Tiel, nr. 146
fol. 124v, 15-03-1684
Jan van Cooten, als gemachtigde van Alard van Laer, schepen tot Rhenen, in qualite als man en momboir van Aletta van Rijnevelt, en die als moeder en momberse van haer onmnundich soontie bij zal. Sr. Gerard van Hattem verweckt, mitsgaders van Hermannus van Hattem voor sich selfs en als sich sterck maeckende voor sijne suster Elisabeth van Hattem, en heeft sich predicta qualitate beswaert gevonden van sodane sententie als op 08-03-1684 tot voordeel van Sr. Dirck van Hattem en nadeel van de weduwe en de kijnderen van zal. voorn. Gerard van Hattem uijtgesproocken en heeft derhalve daer van geappelleert aen de Ed. Hove van Gelrelant.
Tiel, nr. 159
10-01-1680
Sr. Gerardt van Hattem contra Diderick van Hattem.
Tiel, nr. 159
24-11-1679
Gerard van Hattem heeft op 12-06-1674 gecoft van Mr. Rutger de Vries huijs ende brouwerije in de Waterstraet voor de somme van 3000 car. g. te betalen in 3 gelijcke termijnen. Aenlegger heeft sijne zalr. moeder voor de voldoeninge der beloofde coopspenn. onder de clausule ... borge en principaele en idem in solidum hebben verobligeert. De coopcedulle is aan de verweerder overgedragen. Verweerder heeft de eerste termijn betaelt; van den tweeden en lesten is hij echter naelatich gebleven.
Tiel, nr. 159
07-02-1680
07-02-1680(?). Bernardt Cock poneert dat hij op 12-02-1674 aen Jerephaes van Wijck verpaght heeft de bouwinge den Eghteltsen Camp voor 6 jaren ingaende Mei 1674.
Tiel, nr. 159
21-06-1681
Bernardt Cock, majoor, volmachtiger van de vrouwe douagiere Van der Eese, aenl., contra de kinderen ende erfgenaemen van Johanna van Wijck, weduwe van Dirck van Hattem, verws. betreffende achterstedige pachtpenningen van de bouwingh den Echteltsen Camp daer voor deselve haere moeder hadde verobligeert. 07-02-1680. Bernardt Cock poneert dat hij op 12-02-1674 aen Jerephaes van Wijck verpaght heeft de bouwinge den Echteltsen Camp voor 6 jaren ingaende 05-1674.
Tiel, nr. 159
15-07-1682
Jacob van Hattem, coppman in stoffen ofte laeckenen tot Utrecht, aenl., contra Margareta de Vries, als principale, betreffende Henrick Nooth, gewesen laeckencooper alhier, een merckelicke somme sinds 15-05-1677 ten achteren sijnde.
Tiel, nr. 160
00-00-1683
Sr. Gerhard van Hattem, aenl., contra Lambert van Eck, borgemeester van Zantwijck, tollenaer van den Meurse pant tol etc.
Tiel, nr. 160
27-01-1683
Duplicq van Lambert van Eck: Den vercoper de curies sijne huijsinge en brouwerije niet alleen in den jare 1674 aen Dirck van Hattem maer oock aen den aenlegger als borge en principael vercoft soude hebben gehadt.
Tiel, nr. 160
00-00-1683
Diderick van Hattem, eijscher, contra Gerhardt van Hattem, verw. Aenlegger heeft eenige jaren geleden van Sr. Rutger de Vries gecoft sekere huijsinge en brouwerije in de Waterstraet voor 3000 car. g te betalen in 3 termijnen. Hij is een soon van Dirck van Hattem en Johanna van Wijck, in leven e.l.. Bij het affsterven van sijnen vader werd op 15-11-1665 een magescheijt opgericht tusschen de kinderen met namen Diderick [van Hattem], Gerardt [van Hattem], Jan [van Hattem] en Elisabeth van Hattem mitsgaders hare moeder, waer bij o.a. Gerardt van Hattem ten profijte van den gemeijnen boedel wegens een huijs ende hoffstadt staende in de Voorstadt aengenomen en schuldich bekent heeft een somme van 2425 g. aenvanck genoemen hebbend 01-01-1666. Aenlegger competeert uijt sijnen eijgene hoofde in de helfte een vierde part ter somme van 303 g. 2 st. 8 p. Dat hem wegens vaderlijck goet een derde part sal competeren vermits het affsterven van Johan van Hattem maer 3 kinderen overgebleven sijn soo komt hem den derden part in de helfte van 2425 g.
Bijlagen:
(A) 12-06-1674.
Rutger de Vries heeft vercocht sijne huijsinge en brouwerije gelegen in de Waterstraet waerinne Sr. Diderick van Hattem tegenwoordig woonende is aen gemelte Diderick van Hattem voor 3000 car. g.; Johanna van Wijck en Sr. Gerard van Hattem als borgen en mede als principael.
(C) 27-10-1679.
Rutger de Vries vendidit huijs, hofstadt en brouwerije staende in de Waterstraet aen Gerardt van Hattem.
(D) 15-11-1665.
Johanna van Wijck, weduwe van Dirck van Hattem, heeft opgericht dit machescheijt met mijn kinderen Dirck [van Hattem], Gerrit [van Hattem], Jan [van Hattem] en Elisabeth van Hattem. Ick kiese tot mijnen momber mijn soon Jan van Hattem, als mede mijn onmundighe doghter Elijsabeth van Hattem die in dese saecke tot haren momber kiest haer oom Jerfaes van Wijck. Soo gev ick:
Johanna van Wijck een hoff int Sant op Santwijck voor de somme van 400 g.
mijn soon Dirck van Hattem 2 mergen 41/2 hont gelegen op Echtelt voor de somma van 1275 g.
mijn soon Gerrit van Hattem lant tot Ingen groot 4 mergen 4 hont boulant mert noch 1 mergen boomgaert gelegen tot Avesaet voor de somme van 3600 g. Noch huijs ende hoff gelegen binnen Tiel in de Voorstat voor de somme van 2525 g. Noch 91/2 mergen boulants gelegen op Hemert en sennewijnen en omtrent 51/2 roeij dijck voor de somma van 2578 g. Mijn soon Dirck van Hattem heeft vorders voors. lant tot Echtelt betalt uijt genomen 885 g. waervan obligatie gepasseert ten behoeve van de gemeene boedel, en war aengaet de vaderlijcke goederen blijven gevestight in een jegelijck sijn goet soo hij heeft bekomen. En wat aengaet onsen broeder en suster Jan [van Hattem] en Elijsabet van Hattem hare vaderlijcke goet blijft gevestight uijt het huijs in de Voorstat en mijn soon Gerrit van Hattem blijft schuldich pro resto voor huijs ernde hoff en landerijen de somme van2425 g. volgens obligatie daervan gepasseert ten behoeve van de gemeene boedel. Ondertekend: Johanna van Wick, Jan van Hattem voor sijnen moeder als momber, Jan van Hattem voor sich selven, Gerart van Hattem, Elijsabeth van Hattem.
(E) 16-03-1667.
Extract uijt den staet ende inventaris van de gerede en ongerede goederen, actie en crediten soo als Johan van Hattem mette doot ontruijmt ende nagelaten heeft. Ondertekend: Gerart van Hattem.
(E') 27-12-1665.
Ick Johanna van Wijck, weduwe van zalig. Dirck van Hattem, bekenne overgenomen te hebben van mijn soon Gerart van Hattem het huijs daer ick tegenwoordigh in wone, soo hij is hebbende op den boedel van mijn zaliger soon Johan van Hattem.
12-11-1667.
Evert van Eck, wonende tot Ingen, bekent schuldich te sijn aen Dirck van Hattem, wonende tot Tiel, de somma van 31 g.
05-11-1681.
Antwoord van Diderick van Hattem, aenlegger, contra die ongefundeerde schrifture van antwort van Gerard van Hattem.
10-03-1683.
Antwoort van de weduwe en erfgenamen van zal. Gerit van Hattem contra Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 291, Civiele processtukken
29-08-1684
Mijn Heer Joachim Foijert, landtschrijver in Nederbetuwe, resideert tot Tiell. Amersfoort 29-08-1684. Ick (Joachim Berger) hebbe voor omtrent 3 weecken door Sr. Breunis ingelevert preten die ick op den boedel van Arnoldus van Hattem en seeckere huijsinge cum annexis soo nu door juffr. Vivien door verwin is verkoght hebbe te pretenderen, door dien, gelijck U Ed. voor enigen tijdt tot tiel hebbe vertoont; bij arrest aen vrouw Geusondt hebbe moeten betalen 1/4 part in obligatie tot 600 g. capitael ende 280 g. interesse, welcke 600 g. bij maechgescheijt van den eersten febr. 1669 Arnoldus van Hattem ende Josina de Vries bij het voorsch, huijs en boomgaert, soo naederhandt aen Johan Suermondt is verkoght te deel gevallen en de selve, gelijck ten signate sal blijcken, daer voor als een erste hypoteeck naest juffr. Vivien is verbonden, soo is dese mijne instantelijck en ootmoedige sollicitatie het Uw Wel Ed. gelieven moghte mij uijt de penn. van voorsch. geslotene huijsinge procederende met gelegen tsz. tot de betalinge behulpsaem sijn sal.
Tiel, nr. 297
los fol., 12-06-1548
Odulphi constitoris (12-06?)-1548. Soe questie geweest in den rechte hangende tusschen Herberen Goertss unnd Adriaen van Brakell, verclaren schepenen mits desen dat Adriaen van Brakell Herberen betalen zall op korsdach toecomende Anno 1549 die somma van 15 frankrijcse scildt.
Tiel, nr. 297
fol. 8, 19-05-1548
Clais van Hattem is gericht in alle gereets goets Jacop van Dam heeft in Sandick voor 16 rijder.
Tiel, nr. 297
fol. 9, 19-05-1548
Dirck van Aerssen heeft gegicht bij sijne eede dat hij Jacop van Dam de weet gedaen heeft als dat Clais van Hattem gericht is in alle reets goets Jacop van Dam in den gerichte van Tiell und Sandick.
Tiel, nr. 297
fol. 44, 01-03-1549
Theus Marceliss constituit heer Jan van Hattem, priester des duijtsche huijs, tot behoeff den sacrist.
Tiel, nr. 298
fol. 60v, 00-10-1550
Dries Raitz hefft Adriaen van Rossum als scholts te kennen gegeven woe dat Arien van Hattem gecoemen is ten huijse van Hensken van ... t Santwic ende aldaer sijn ... tegen will ende danck ende mit will Arientsz vurss. een wech gereden ende die sae... affgeworpen ende ... Gerit van Dieden borch geworden voir Arien van Hattem; recht ende vondenis toe verwachten op fridach naest koemende.
Tiel, nr. 298
fol. 73v, 19-01-1551
Aelbert die Ruijter const. Goessen Hermantsz contra Herberen Guertsz.
Tiel, nr. 298
fol. 73v, 19-01-1551
Goessen Hermantsz, volmechtich der erffgen. Henrix die Ruitt tegen Herberen Guertsz.
Tiel, nr. 298
fol. 82v, 27-04-1551
Arnt Geritsz promt. Arien van Hattem 22 kar. g.
Tiel, nr. 298
fol. 90v, 31-08-1551
Herberen Guertsz den alden ende Herberen Woltersz, lantschriver, promt. jonffrou Gerit van Druijten elcx 39 g.g.
Tiel, nr. 298
fol. 139v, 05-01-1553
Herberen Guertsz junior ex parte patris hefft affgeheijt die weduwe van Johan van Leeuwen alsulcke 2 schepenschultbrieven van Deill die Herberen den alden onder Jan van Leeuwen seliger gelacht hadde.
Tiel, nr. 298
fol. 173, 08-01-1554
Johan van Eck promt. Herberen Guertsz ende Arnt Gisbertss ...
Tiel, nr. 298
laatste fol., 00-00-1564
00-00-1564? Wilhelm van Hattem wordt hier in combinatie met andere personen genoemd.
Tiel, nr. 300
fol. 58, 26-03-1565
Guert Herberentsz promt. Anna Schullen, weduwe van Herman Hermansz 50 g. holl.
Tiel, nr. 300
fol. 89v, 10-08-1566
Evert van Mekeren const. Hubert van Wijck to Rijeswick.
Tiel, nr. 300
fol. 89v, 10-08-1566
Jan Verhieden promt. Hubert van Wijck tot behoeff Van mekeren 7 car. g.
Tiel, nr. 300
fol. 112v, 17-06-1567
Thonis Vuijtten Engh vendidit Guert Herberensz ...
Tiel, nr. 300
fol. 129v, 15-03-1568
Guert Herberentss promt. Henrijck van Dornick dat zijn z. broeders huijsfrouw ... in een mergen lantz (die) Henrick van Dornick van haer gecofft hefft.
Tiel, nr. 301
fol. 20, 03-05-1571
Guert Herberens promt. Henrick Fransz tot behoeff Varik Bertensz den alden 159 g.
Tiel, nr. 301
fol. 23v, 12-06-1571
Hubert van den Geijn is gericht eens verfollich op Hubert van Wijck.
Tiel, nr. 301
fol. 25v, 13-07-1571
... vendidit Guert Herberentsz ...
Tiel, nr. 301
fol. 25v, 14-07-1571
... Guert Herberentsz vendidit ...
Tiel, nr. 301
los fol., 10-12-1571
Gosen van Ingen is ingeseth huijs und hoffstat gelegen in de Santwijckse straet.
Tiel, nr. 301
fol. 40v, 03-05-1572
03/04-05-1572. Guert Herberentsz promt. Gijsbert Spruijt ...
Tiel, nr. 301
fol. 56, 11-07-1573
Hubert van Wijck heeft hen ontseth tegen Aelbert Wilhemsz.
Tiel, nr. 301
fol. 58, 06-08-1573
Arnt van Batenburgh en Guert Herberentsz promt. Derick van Braeckell 28 g.
Tiel, nr. 301
fol. 64, 26-12-1573
Peter Pluenis Petersz, als rentmeijster des grave tot Bueren, mijt thoe doen Hector Moijeson ...
Tiel, nr. 301
fol. 68, 09-02-1574
Guert Herberentsz ende Claes ...
Tiel, nr. 301
fol. 69, 05-03-1574
Hubert van Wijck hefft hem doen ontsetten tegen Ott van den Poell; Guert Herberensz borch.
Tiel, nr. 301
fol. 72, 15-04-1574
Derick van Braeckell is gericht in mobilia als hefft Guert Herberentsz.
Tiel, nr. 301
fol. 73v, 23-03-1574
Guert Herberentsz promt. Peter Pleunis, rentmeijster, voor Gerrit Jansz 22 g. holl.
Tiel, nr. 301
fol. 73v, 23-03-1574
(Open) promt. obg. rentmeijster (Peter Pleunis) voor Roloff van Hattem, Jan van Varick Artsz en Jan Dericksz ...
Tiel, nr. 301
fol. 92, 17-04-1575
Guert Herberentsz promt. Wilhem van Gemert tot behoeff z. Jan Willemss kijnt ...
Tiel, nr. 301
fol. 92, 17-04-1575
Gijsbert van Arssen promt. Guert Herberentsz ...
Tiel, nr. 301
fol. 97v, 06-07-1575
Guert Herberentsz ende Cornelia Herberentszdr, sijn suster cum tutore hare echte man Derick Ra...ken, vendiderunt Guert Herberentsz de gerechticheit van huijs ende hoffstat binnen Tiell in die Vleisstraet gend. die Swaen, ex una die Pellijkaen, ex altera Alaert van Isendoorn.
Tiel, nr. 301
fol. 101, 05-08-1575
Genoemd wordt een bezitting in die Vleisstraet ex una Guert Herberentsz erffgenamen.
Tiel, nr. 301
fol. 104v, 28-07-1575
... promt. Hector Moijson als rentmeijster des gravens tot Bueren ...
Tiel, nr. 301
fol. 142v, 16-01-1577
Jan van Leeuwen van Cothen en Elijsabeth van Dornick const. Hector Moijson, Anthonis van Dornick ...
Tiel, nr. 301
fol. 149v, 18-05-1577
Jan van Hattem hefft geloefft Henrick die Jongh van de geloefften (aen Claes Vijgh) schadeloes te halden.
Tiel, nr. 301
fol. 158, 31-10-1577
Swert van Oijen hefft attestiert dat Rem, z. Claes Lourensdr, gerechticht is aen die rechte helfft van 33 g. die Derick van Hattem obg. Swert van Oij herkoemende van bijr schuldich gebleven.
Tiel, nr. 301
fol. 166, 17-05-1578
Henrick van Ewick, Dirck van Ewick, Aeriaen Holl en Jan Hermentsz hebben Adriaen van Hattem presentiert te betalen 8 kar. g. lossrent.
Tiel, nr. 301
fol. 177, 25-10-1578
Hector Moijesoen, rentmeijster, is borg voor de vidua ...
Tiel, nr. 301
fol. 177, 25-10-1578
Obg. weduwe const. Hector Moijesoon, rentmeester.
Tiel, nr. 301
fol. 182v, 12-11-1578
Alart van Isendoren vendidit Hector Moijesoen huijsinge ende hoffsteden in die Vleisstraet bijnnen Tiell.
Tiel, nr. 301
fol. 193v, 04-06-1579
Henrick Stoer ende Hubert van Wijck hebben getuicht dat sij op 26-6-1576 bijnnen Tiell hebben helpen veraccorderen tusschen Adriaen van Hattem Jansz ende Jan van Eck Stevenss, te weten dat bij Jan van Eck mijt Arnt van Leeuwen den voorss. Adriaen van Hattem ther selver tijt een obligatie gegeven hebben van 28 g. herkoemende van bruijckweer van lant ende andre actie voirg. Adriaen van Hattem ende Jan van Eck Stevenss mitten anderen voir dat van dien enighsijns te doen hadden geen vorder actie in enigen wijse op mallekanderen te hebben. Alles tot versuijck etc. Adriaen van Hattem Janss.
Tiel, nr. 301
fol. 196v, 04-07-1579
Jan van Leeuwen vendidit Hector Moijesoen een rentbrieff.
Tiel, nr. 301
fol. 198, 30-07-1579
Jonffrou Ottina van Culemborch vendidit Peter ... een tabbart mijt ... z. Guert Herberentsz huijsfr. achtergelaeten, streckende tot betalongh van een obligatie und Henna van Avesaet ... haer beticht van Joffrou Ottina van Culenborch van wegen z. Guert Herberentsz kijnderen, durch bevell van Johan van Hattem ende Henrick Joesten als volmechtigen der vurss. kijnderen.
Tiel, nr. 301
fol. 199, 06-08-1579
Herberen Guertsz, tegenwoerdich mondich, van wegen hem selffs ende mede als echte momber sijns susters Marijken Guertsz, noch onmundich, und Reier Jansz als gerichtelicke momber ende curatoer der guederen van z. Guert Herberentsz, oick Jan van Hattem, Henrick Joosten ende Reijer van Hattem als frunden volmechtigen van z. Guert Herberentsz kijnderen, vendiderunt Peter Stout de ... genompt de Swaen in die Vleijsstraet tot Tijell, ex una de Pellijkaen, ex altera Hector Moijesoen.
Tiel, nr. 301
fol. 199, 06-08-1579
Predicti venditores vendiderunt Peter Stout alle olde brieven van huijsen ende hoffsteden.
Tiel, nr. 301
fol. 199, 06-08-1579
Predicti venditores promt. Peter Stout waerschap ... allet vermogens ende coopcedel spreekende van huijsen ende hoffsteden vurss. te voldoen.
Tiel, nr. 301
fol. 199, 06-08-1579
Predicti venditores promt. Peter Stout dat sij Mariken Guertsz tot haren mondigen dagen sullen doen verthien(?) tot behoeff Peter Stout vurss.
Tiel, nr. 301
fol. 201, 28-09-1579
Verkoop van een schepenbrieff van 4 g. thijns gaende vuijtten Swaen in die Vleijsstraet tot Tijell, die Pellijkaen ex una, Hector Moijesoen ex altera.
Tiel, nr. 301
fol. 211v, 14-02-1580
Hector Moijesoen als belender in die Hoechstraet.
Tiel, nr. 301
fol. 219v, 30-05-1580
Reijer Janss als gerichtelicke geconstitueerde momber van z. Guert Herberenssen kijnderen und mit consent der naeste frunden, te weten Jan van Hattem, Henrick Joesten ende Reijner van Hattem, vendiderunt Herman Cornelisz 5 hont lants die gelegen sijn op Bruijnkens Kamp int gericht van Tiel ende hebben te waerschap geseth 3 mergen landts int gericht van Sandtwick mitz opdragende alle olde erffbrieven op ten lande vurss. spreekende.
Tiel, nr. 301
fol. 233, 12-01-1581
Hector Moijesoen promt. te betalen Adriaen van Campis/Camphuijsen voor Derick van de Waell 18 kar. g.
Tiel, nr. 301
fol. 237, 20-03-1617
Jan die Man en Aelbert Dominicq promt. ...
Tiel, nr. 301
fol. 238v, 10-04-1581
Hector Moijson promt. Merten van Buchgell 15 g. holl.
Tiel, nr. 301
fol. 247v, 06-11-1581
Hector Moijesoen promt. Wolter Jansz 64 g.
Tiel, nr. 301
fol. 255v, 16-01-1582
Hector Moijesoen ende Guert Remmitsz promt. Willem Peterss als rentmeijster tot behoeff der stat Tiell 385 g. holl.
Tiel, nr. 301
fol. 263, 11-04-1582
Hector Moijesoen vendidit Gerrit Janss Crull ende Ott Rutgerss van Hemert huijs ende hoffstat bijnnen Tiell in die Hoechstraet ende hefft te waerschap gesath huijs ende hoffstat in die Vleijsstraet bijnnen Tiell.
Tiel, nr. 302
fol. 4, 09-10-1585
Herberen Goertss van Lienden heeft vercofft ende opgedragen Mariken Goertsdr van Lienden, Herberens suster, zijne gerechte helfft ende oren deell van huijs ende hoffstadt, boulant, bepotinge met allen sijnen toebehoren, groot omtrent 3 mergen over die groote brugge op Sandtwijck gelegen daer Mariken voors. die wederhelft van heeft.
Tiel, nr. 302
fol. 16, 07-05-1586
Willem Goossens mollenaer promt. Bart van Hattem te betalen ...
Tiel, nr. 302
fol. 19, 03-03-1586
Guert Rembolts heeft bekent schuldich te sijn Hector Moijesoen 6 car. g.
Tiel, nr. 302
fol. 20, 27-07-1586
Willem Moijesoen heeft volmechtich gemaect Hector Moijesoen en Henrick Wijnants.
Tiel, nr. 302
fol. 20, 30-06-1586
Guert Rembolts heeft geloefft 6 reij. g. sjaers als hij Hector Moijesoen bekent heeft wt het huijs in die Gasthuijsstraet binnen Tijell.
Tiel, nr. 302
fol. 21v, 25-08-1586
Hector Moijsoen, man en momber van Maria Cornelis Posten dochter, ende als transport hebbende van Gerrit Otten, man en momber sijnder huijsfrouwe Janneken Cornelis Posten dochter, verkoopt Guert Remmits huijs und hoffstadt gelegen bijnnen Tijell in die Gasthuijsstraet vermogens het magescheit.
Tiel, nr. 302
fol. 33, 01-12-1586
Hector Moison verkoopt Dirrick Sluiter ene schepen thijnsbrieff.
Tiel, nr. 302
fol. 33, 08-12-1586
Guert Remmitz promt. Hector Moison toe restitueren alzulcke overhensige pennongen als hem competerende zal van den rentbrieff hij Dirrick Sluiter opgedragen heeft.
Tiel, nr. 302
fol. 36, 07-10-1586
Costen Dirricxsz promt. Joest van Hattem Aelberss 110 g.
Tiel, nr. 302
fol. 45, 09-02-1587
Joest van Hattem Aelberss is gericht in alles gereetz goet als heeft Costen Dirrixss int gericht van Tiell.
Tiel, nr. 302
fol. 45, 17-02-1587
Joest van Hattem vurss. verkoopt Herman Corneliss alle die vurss. gerede goederen.
Tiel, nr. 302
fol. 47v, 09-03-1587
Barbara, weduwe z. Steijns die Haer, cum tutore, promt. Joest van Hattem Dirricxss 424 g. holl.
Tiel, nr. 302
fol. 51v, 10-05-1587
Jan Cornelis, man en momber van Stin Woltersdr, weduwe van zal. Adriaen die Voss, Albert Dominicq, man en momber van Dirricxken Rolofs, en Hector Moison, van wegen hemselven, und mede sterck makende voor Gerrit Otten, man en momber zijnre huisfr., erfgenamen van z. Gijsbertken Dircxdr, vendiderunt Gerrit Jacops erffhuijs.
Tiel, nr. 302
fol. 59, 27-06-1587
Peter Janss schipper en Goert van Riemsdijck Arienss hebben geloeft barbara, weduwe z. Steijns Gerritss, schadeloes toe halden van alsodaene 400 car. g., Wolter Goertss schiptijmmerman tot Culenborch und Joest van Hattem 424 g. vermogens haer hebbende waterbrieven staende op Barbara Cochon schip.
Tiel, nr. 302
fol. 59, 27-06-1587
Barbara, weduwe z. Steijns Gerritss cum tutore, heeft geloeft Hubert Peterss soe zij op paessdach anno 1588 Joest van Hattem Dirricxs die 50 car. g. gelijck zij geloeft heeft in affkortonghe ofte minderongh des ijrsten termijn.
Tiel, nr. 302
fol. 75, 11-10-1587
Gerrit Steck promt. Hector Moison van wegen zijn zelffs en mede tot behoeff zijns huijsfrouwe zuster kinderen, Dirricxken, weduwe z. Aelbert Dominicq, en Jan Cornelisz, als man en momber Stijn Wolters, zijn huijsfr., 322 g. 9 st.
Tiel, nr. 302
fol. 75v, 03-10-1587
Jen Remmitsz, weduwe Henrick Gisberts, vendidit Dirricxken Roloffsdr, weduwe Aelbert Dominicq, alle die olde erffbrieven van huis en hoffstadt binnen Tiell in die Hoechstraet.
Tiel, nr. 302
fol. 75v, 03-10-1587
Dirricxken Roloffs, weduwe vurss., promt. Jen Remmitsz vurss. 55 g. holl.
10 st.
Tiel, nr. 302
fol. 77, 10-10-1587
Hector Moison is burch geworden voor Willem van Isendoren.
Tiel, nr. 302
fol. 95v, 21-04-1588
Tot versueck van Christiaen van Berchen, man en momber zijnre huijsfrouw, erffgenamen van z. Aelbert Dominicq, gegaen zijn bij Dirricxken Roloffs, gewesene huijsfrouw van z. Aelbert Dominicq vurss., hoer afforderende die clederen zel. Aelbert nagelaten. Dirricxken Roloffs vurss. antworde zij geen wttenkeringe van de clederen doen wel alvoren zij met de vurgem. erffgenamen in alles verdragen.
Tiel, nr. 302
fol. 98v, 22-05-1588
Goessen van Hees promt. Bernt Aertsz van Eck 15 g. holl.
Tiel, nr. 302
fol. 106v, 22-09-1588
Henrick Janss vleisshouwer en Dirrick van Hattem hebben geloeft Joachim van den Poell schadeloes te halden aen Dirrick Vijgh van 375 g. holl. als zij onder hoer drien gemelte here tot Soelen geloeft hebben toe betalen.
Tiel, nr. 302
fol. 116, 17-01-1589
Gerrit Steck vendidit Dirrick van Hattem en Dirricxke Roloffsdr, e.l., Christina Wolters, weduwe z. Adriaen die Voss en Henrick Wijnantss domum et aream in die Waterstraet binnen Tiell.
Tiel, nr. 302
fol. 123v, 04-04-1589
Dirrick van Hattem en Dirricxken Roloffs, e.l., promt. Frederick Sijmonss 248 g. holl.
Tiel, nr. 302
fol. 126, 23-05-1589
Claes Willemsz korffmaker heeft geloeft Hector Moison off helder des brieffs met zijnen will 90 g. holl.
Tiel, nr. 302
fol. 126, 26-05-1589
Hector Moison vendidit Peter Willems van die vurs. 90 g. 39 g. holl. 14 st.
Tiel, nr. 302
fol. 127, 01-06-1589
Dirrick van Hattem en Dirrick van Tephelen promt. Dirrick Vijgh, heer tot Soelen, amptman,200 g. holl.
Tiel, nr. 302
fol. 129, 22-05-1589
Claes Willemsz korffmaker heeft geloeft Hector Moison, als rentmeester zijns G. Heren Graven tot Buren, een pachtcedell met alle clauselen.
Tiel, nr. 302
fol. 134, 18-11-1589
Heijlken die huijsfr. van Mr. Gerrit van Oss vendidit Berth van Hattem een obligatie van 20 g.
Tiel, nr. 303
fol. 4v, 11-02-1590
Op Jacop die Haes is ingeseth huis en hofstede in die Vleijsstraet toe behorende Hector Moison.
Tiel, nr. 303
fol. 5, 28-02-1590
Aelbert van Leeuwen, rentmeester, heeft als volmechtigh van Hector Moison en joffer Catherina van Hattem, e.l., und wt kracht der zelviger volmacht gepasseert voor schout en schepenen der stadt Iselsteijn d.d. 23-02-1590, verkocht Dirrick Goertss en juffr. ... alle gerechtigheit en toe seggen aen huijs en hoffstadt en bouwhuijs met zijn toebehoer staende binnen Tiell in die Vleisstraet.
Tiel, nr. 303
fol. 5v, 10-03-1590
Thonis Goessens heeft Hector Moison affgefraecht off Hector vurs. begeerden alsulck verdrach als hij ... met anderen opgericht hadde toe ...
Tiel, nr. 303
fol. 6, 18-03-1590
Dirrick van Hattem vendidit Peter die Stout domum et aream.
Tiel, nr. 303
fol. 8, 15-04-1590
Op Peter die Stout is ingezet een huis en hofstadt bijnnen Tiel in de Vleijsstraet nu toebehorende Hector Moison.
Tiel, nr. 303
fol. 14, 05-07-1590
Merriken Goert Herberensdr cum tutore vendidit Peter die Stout hoer gerechte quotie van huijs en hoffstadt bijnnen Tiell in die Vleijsstraet.
Tiel, nr. 303
fol. 37, 20-04-1591
Christiaen Wolters, gewesene huijsfrouw van z. Adriaen die Voss cum tutore van wegen haer selve und hoer mede sterck makende voor haer onmundich kint genant Aert die Voss, Dirrick van Hattem und Dirricxken Roloffsdr, e.l., und Henrick Wijnantss vendiderunt Jan Aelberss huijs en hoffstadt bijnnen Tiell in die Waterstraet.
Tiel, nr. 303
fol. 45v, 14-08-1591
Op Hector Moison is gericht een huis en hofstede in die Gasthuisstraet.
Tiel, nr. 303
fol. 59, 12-02-1592
Ott van Hees vendidit Dirrick van Hattem, fleisshouwer, een peert voor 72 g. holl. Solvendo als Ott vurss. gehulickt is ofte een echte vrouw getrouwt heeft.
Tiel, nr. 303
fol. 72, 20-07-1592
Henrick Janss en Dirck van Hattem promt. die gemein capitularen van S. Marten 75 g.
Tiel, nr. 303
fol. 75, 20-09-1592
Albert van Leeuwen als rentmeester van de gravinne tot Buren, volgens procuratie van 14-08-1592, transporteert bij desen Hector Moyson de vrien aenfanck, eygendom ende gebruick van des vurss. Hectors gewesene huis en hoffstadt, bouwhuijs ende erve staende en gelegen bijnnen der Statt van Tiell in die Vleijsstraet.
Tiel, nr. 303
fol. 75, 20-09-1592
Hector Moison heeft gelooft Evert Remmitss dat vurss. huis und hoffstadt niet wederom te vercopen noch te ...
Tiel, nr. 303
fol. 89v, 17-04-1593
Dirrick van Hattem und Dirricxken zijn huijsfrouw promt. Jacop Aertss en Matrrijken zijn huijsfrouw 151 g. holl. 10 st.
Tiel, nr. 303
fol. 91, 16-05-1593
Dirrick van Hattem, vleisholder, und Dirricxken Roloffs, e.l., promt. Frederick Sijmons 232 g.
Tiel, nr. 303
fol. 92v, 04-07-1593
Hector Moison vendidit Anthonis van Doornick een vondenis brieff staende op den here Van Varick.
Tiel, nr. 303
fol. 94, 29-07-1593
Dirrick van Hattem vendidit joffer Isabella de Brakel, weduwe z. Willem die Rover ...
Tiel, nr. 303
fol. 114, 05-05-1594
Dirrick van Hattem, vleisshouwer, und Dirricxken Roloffsdr, e.l., promt. Jacob Arentss 127 g.
Tiel, nr. 303
fol. 152v, 03-01-1596
Dirrick van Hattem en Dirricxken Roloffsdr, e.l., hebben geloeft de weesmeesters bijnnen Tiel tot behoef des zelvigen weeshuijs toe vrien toe maren en schadeloes toe halden van eenen schultbrieff van 300 g. van 11-11-1595 op een kamp lants op Solen gelegen.
Tiel, nr. 303
fol. 201v, 15-03-1598
Dirrick van Hattem und Dirricxken Roloffsdr cum tutore marito predicto promt. Frederick Sijmonss 382 g.
Tiel, nr. 303
fol. 223, 21-11-1598
Dirrick Verhuet vendidit Aellert van Wijck eenen thijns brieff van 9 car. g. staende op een stuck lants geheeten die Oij in 't gericht van Zandtwijck.
Tiel, nr. 303
fol. 224, 27-11-1598
Dirrick van Hattem Roloffs en Dirricxken Roloffsdr, e.l., promt. Evert van den Steenhuijs als weesmeester tot behoeff des weeshuijs binnen Tiell, een iaer rente van 21 g. jaarlijks wt n stuck lants groet omtrent 13 hondt gelegen in den kerspel und heerlickheit van Solen In den Regenboech. Zij blijven borg met hun huis de Weesrtaet.
Tiel, nr. 304
fol. 8, 26-05-1599
Dirrick van Hattem is gericht alles goets rede en onrede z. Meth Cornelis, weduwe z. Frans Aertss Tielman, nagelaten in den gerichte van Tiell en Zandtwijck gelegen.
Tiel, nr. 304
fol. 8, 12-06-1599
Dirrick van Hattem vendidit Jan Coenen ...
Tiel, nr. 304
fol. 8, 13-06-1599
Jan Coenen vendidit Dirrick van Hattem (idem).
Tiel, nr. 304
fol. 20v, 15-02-1600
Dirrick van Hattem en Dirrixke Roloffsdr, e.l., promt. Jan Vogel 57 g.
Tiel, nr. 304
fol. 32v, 31-06-1600
Dirrick van Hattem promt. ... Wolboeck ... 40 g.
Tiel, nr. 304
fol. 40v, 11-04-1601
Dirrick van Hattem en Dirricxken Roloffs, e.l., geven een schuldbekentenis aan Wolter Jansz.
Tiel, nr. 304
fol. 78v, 29-12-1602
Dirricxken Roloffs, weduwe z. Dirrick van Hattem, cum tutore, 72 g. pacht van bestalia.
Tiel, nr. 304
fol. 91v, 08-06-1603
Aelbert Verweij voor hem zelf en als het recht hebbende van Wolter van Hattem, Cornelis van Eck en Adriaen Provoest als mannen en voogden van hun huisvrouwen en zich sterk makende en vervangende Cornelis Gisberts, ook als man en voogd van zijn huisvrouw, ook de kinderen en erfgenamen van Cornelis van Meteren en Cornelia van Hattem, e.l., gezamenlijke erfgenamen van zal. Dirck van Hattem, ter eenre, en Dirricken Roelofsdr, nagelaten weduwe van zal. Dirck van Hattem voorss. cum tutore, ter andere zijde, hebben een contract gemaakt betreffende de scheiding van de nalatenschap van 07-06-1603.
Tiel, nr. 304
fol. 108, 29-01-1604
Jan Dirricxss en Dirricxken Roloffs, e.l., promt. Oth Gijsbertsen 164 g.
Tiel, nr. 304
fol. 128v, 16-01-1605
Jan Dirricxss en Dirricxken Roloffs, e.l., promt. Gerrit van Maren 107 g.
Tiel, nr. 307
fol. 65, 14-05-1644
Henrick van Hattem heeft sich borge geconstitueert voor Nicolaes van Tienen, notaris tot Rotterdam, wegens alle namaninge van sodanige penningen als gemelten notaris bij obligatie op Nicolaes van Ringelenborch sprekende heeft.
Tiel, nr. 307
fol. 80, 05-02-1645
05-02-1645 tot 28-03-1645. Henrick van Hattem heeft sich borge gestelt voor de vrouwe Van Oijen in sake tegen den predicant Romswinckel.
Tiel, nr. 307
fol. 108, 22-02-1647
Margriet van Wijck, weduwe ende boedelhoulsdter van Jan Henrickss van de Paeswaeij za., Aerdt Breunis ende Aerdt van Wijck vendiderunt Bart van Hattem ende Anna Michielen, e.l., omtrent 21/2 mergen boulandts in de gerichte van Tiel, genaemt de Langen Beuckelaer.
Tiel, nr. 307
fol. 129, 20-02-1648
De naburen van de Hoge Waterstraat aent Hoocheijndt met namen ... Johannes van Hattem medicine doctor ...
Tiel, nr. 307
fol. ..., 14-03-1649
Adriaen Rouwenss vendidit Dirck van Hattem de somme van 6 g. 16 st. als hij op Antoni van Hees van gehaelde laeckenen heeft spreeckende.
Tiel, nr. 307
fol. 144v, 01-04-1649
Jan Rutgers heeft belooft Dirck van Hattem, Jan van Balgoijen ende Merri Ariens, huijsvrouw van Jan van Balgoijen, te indemneren van soodanige borchtael als zij op huijden voor hem wegens pachtinge ...
Tiel, nr. 308
fol. 45, 11-04-1653
Henrick van Hattem, weert in Antwerpen, is veraccordeert met Peter van Gesteren, Huijbert Cornelisz de Haen en Evert Henricksz van Heesvelt wegens de imposten van 1649.
Tiel, nr. 308
fol. 51v, 01-11-1653
Johan van Hattem, med. dr., promt. Gillis van Hattem, zijn oom, de somme van 300 g. tot voldoeninge van zijn helfte van een obligatie van 700 g. capitaels.
Tiel, nr. 308
fol. 52v, 05-11-1653
Henrick van Hattem promt. Jacob Deijs van Vooren 840 g.
Tiel, nr. 308
fol. 60, 31-01-1654
Dirck van Hattem sich beswaert van den sententie bij de gerichte van Tiel op 21-01-1654 gewesen tussen Margaretha Rueniers, weduwe van lutenant Johan van Zel, aenlrs., en hem Hattem, verw. En heeft daarvan tijdelijk geappelleert en geprovoceert aan hoger rechter bij desen.
Tiel, nr. 309
fol. 16, 10-11-1661
Bart van Hattem heeft beloofd aan Alert de Cruijff het kostgeld van Aert Schut en zijn zoon te betalen.
Tiel, nr. 309
fol. 16v, 10-11-1661
Bardt van Hattem koopt een huis in de Amptmanstraat te Tiel.
Tiel, nr. 309
fol. 77, 16-01-1666
Hendrick van Hattem, requirant eens, ende Dirck Jansz, gerequireerde anderdeels. Schepenen verklaren dat gerequireerde sal gehen den Weesen ingevolge van t accoort op 12-02-1664 opgericht, den requirant te laten gebruijcken den overganck van de brugge achter over de oude haven.
Tiel, nr. 309
fol. 91v, 08-10-1667
Maria van der Neth, huijsfrouw van Geerit van Hattem cum tutore en de procuratie hebbend van haren man voornoemd voor schepenen van Rotterdam den 12 Aug. van dit jaar en Henrick van Hattem en Willem van Hattem, t sampt, Dr. Cornelis Wijnans van Resant en Dr. Willem Vogelsanck, beijde momberen van 't noch onmundich soontien van za. Dr. Johan van Hattem genaemt Caerl van Hattem, en hebben gemelte comparanten aan de burgemeester in betalinge van sodaige 240 g. als zijnde wegen boekschuld als anders die goeder rekening op de comparanten had te eisen gecedeerd en getransporteerd een obligatie van 300 g.
Tiel, nr. 309
fol. 105v, 23-09-1668
De weduwe van Otto van Bladeck za., ter eenre, en de respectieve momberen van de nagelaten kinderen van zal. Johan van Hattem, med. doct., en Henrica van Maeren, in leven e.l., ter andere zijde. Ter zake van 200 g. door voorn. Dr. Hattem en zijn huisvrouw van genoemde weduwe genegotieert waar verweerder de gerechte aan een proces was hangende, soo is tot voorkoming van nadere kosten en vermijding van onlusten door tussenspreken van goede vrienden (overeengekomen) dat de mombers aan de heer Henrick van Ommeren, schepen te Amersfoort als gemachtigde van voorsz. weduwe, de helft van t genoemde capitael zullen betalen.
Tiel, nr. 310
fol. 35v, 15-10-1674
Dirck van Hattem, brouwer, belooft aan Willem Seller, coopman tot Rees, te betalen soo danige somme van penningen als waarvoor hij was aangesproken. Gecasseerd 16-12-1674.
Tiel, nr. 310
fol. 62, 02-05-1677
Dirck van Hattem, brouwer, vendidit den weled. heer Johan Carel van Bodeck, borgermr., een obligatie off brieff van 200 g. capitaels met den verloopen interest van dato 14-04-1674 als den voorn. Van Hattem tot betalinge van de brandschattinge deser stadt heeft uijtgeschooten.
Tiel, nr. 310
fol. 74v, 24-02-1679
Gerit van Hattem en Lijsbet van Hattem, huijsvrou van Peter van Westrhenen, hebben begeert ende gewilt dat het vidimus van de volgende coopcedulle ten signate soude worden geregistreert: 01-02-1679. Johanna van Wijck, wed. en boedelhoudersche van za. Dirck van Hattem, in desen cum tutore Gerith Alerts Wijckniet, verkoght aan haeren soon Sr. Gerart van Hattem ende schoonsoon Peter van Westrhenen en desselve erfgenamen alinge, huijsinge, bouhuijs en hoff gelegen binnen der stadt Tiell in de Voorstadt en dan nogh 2 hoven geannexeert gelegen buijten de gemelte stadt in den districte van Zantwijck voor de summa van 620 car. g. ad sex st. hool. t' stuck. Was ondertekend: Johanna van Wijck wed. Dirck van Hattem, Gerardt van Hattem, Gerrit Alerts Wijknit als momberen en getuijgen, Aert van Wijck als getuijge.
Tiel, nr. 311
fol. 24, 20-04-1683
Compareerde Hermannus van Hattem en heeft sich als borge gestelt en contra verborging gedaen voor de costen van t appel in saecke van hem compt. en sijne suster mitsgaders sijn schoonmoeder de wed. van zal. Sr. Gerard van Hattem geappelleerde tegens den Heere borgermr. Lambert van Eck appellant en dat over de sententie van 03-02-1683 bij den ed. gerichte van Tiel uitgesproocken, boven sodane borghtochte als den heer Willem van Cattenborgh op 09-04 deses iaeren voor gerichtsnabuiren van Isendoorn heeft gepasseert.
Tiel, nr. 311
fol. ..., 13-10-1683
Wij richter, burgemeesters, schepenen en raad der stad Tiel, doen kond dat wij in verband met achterstallige verponding hebben laten verkopen het erf van een vervallen huis binnen Tiel, dat aan Bart van Hattem heeft toebehoord.
Tiel, nr. 311
fol. 37, 01-08-1684
Hermannus van Hattem, mundige soon van zal. Sr. Gerard van Hattem, vendidit aen den heere Alard van Laer, schepen der stadt Rhenen, en juffr. Aletta van Rijnevelt, e.l., eerste en derde part in huijs, hofstadt en brouwerije in de Waterstraet binnen Tiel.
Tiel, nr. 311
fol. 53, 28-10-1685
Wij richter, borgemeesteren, schepenen ende Raedt der Stadt Tiel (hebben) doen insetten huijs, hofstadt en brouwerije staende ende gelegen in de Waterstraet deser stadt aen Gerard van Hattem ter summa van 1300 g. aen de naestgereghtigde crediteuren door Sr. Alerd van Laer als getrout met de nagelatene weduwe van voorn. Gerard van Hattem ende t' reght van desselfs kinderen ende erfgenaemen hebbende verkregen ingevolge daer over gedaene verdeijlinge sijn voldaen ende betaelt.
Tiel, nr. 311
fol. 450, 06-07-1680
Inventaris van de gerede goederen van Dirck van Hattem gemaeckt ten versoecke van Andries Reveels.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 503
fol. 3v, 31-05-1560
Jan Mertenss ende Aelken Mertensdr promt. Gerrit Rijckenss soe hij mitten brieff sij hem ogedragen hebben gepeijnt heeft, staende op Anthonis van Hattem tot Yngen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 505
fol. 33, 14-05-1575
Goessen van Ingen supra Steven van Hattem Bartenss ende Wilhelm Hermenss, man ende momber sijnre huijsfr.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 505
fol. 33v, 01-06-1575
Goessen van Ingen hefft gewacht Steven van Hattem Bartenss ende Wilhem Hermanss, man ende momber sijnre huijsfr.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 505
fol. 34, 01-06-1575
Anthonis van Dornick als volmechtig van Steven van Hattem ende Wilhem hermanss geloefft ... op eijscher Goessen van Ingen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 506
fol. 27v, 13-11-1583
Dingtaell Goessen van Ingen, volm. sijns moders Beartrix Verhuijt, cleger, en Reijer die Haes, verwr.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 508
fol. 12, 14-10-1587
Wolter van Hattem heeft hem ontset tegens Gerrit van Gent, volm. Jans van Toern. Harman Janss burch.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 508
fol. 12, 14-10-1587
Wolter van Hattem heeft hem ontseth tegens joffer Van Buren. Harman Janss burch.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 508
fol. 24, 19-11-1589
Thonis Reijerss heeft hem ontseth tegens Bert van Hattem. Sijmon Thoniss burch.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 508
fol. 28v, 02-09-1590
Johan Corneliss als man ende momber zijnder huijsfrouw claecht op ende over Hector Moison.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 508
fol. 28v, 02-09-1590
Dirrick Verhuet const. Henrick Wijnantss.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 508
fol. 28v, 16-09-1590
Jan Corneliss als man ende momber zijnder huijsfrouw heeft zijn tweede clacht gedaen op Hector Moison.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 508
fol. 29v, 14-10-1590
Jan Cornelis, man ende momber zijnre huijsfrouw, wacht Hector Moison op zijne gedaende voerclacht.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 509
fol. 49v, 14-05-1600
Hattem Joesten heeft hem ontseth tegens Jan die With, ruiter.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 509
fol. 50, 29-05-1600
Erkennen die schepenen van Sandtwijck den schepen peintbrieff durch den volmechtigen van Joffer Maria van Isendoren, weduwe z. Dirrick van Brakell, op Dirrick van Hattem gericht, dat hij met die geboden van dien stadt sall mogen voertfaeren.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 509
fol. 74, 22-11-1602
Scabini tuijgen dat wij tot requisitie und versueck van Cornelis van Eck en Aelbert Huijgen, respective mannen ende momberen hare huijsvrouwen ende overzulcx mede-erffgen. van z. Dirrick van Hattem, haren swager, gegaen zijn bij Dirricxken Roloffs, weduwe z. Dirrick van Hattem voern., als bodelhelster, ende haer in aller fruntschappen als gerichtelicken affgeeijst, behoerlicke inventarien en bodelcedul van allen erven ende guderen rede ende onrede, neffens dien schulden ende wederschulden bij den voern. Dirrick van Hattem nagelaten, edoch onvercordt haer ende enen idere sijns goden rechten, und bij gebreck ende weigerongh van dien vurss. van allen ongekosten hunder schade ende interesse opentlick geprotesteert hebben.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 509
fol. 74, 22-11-1602
Hier op heeft Dirrickxken Roloffs, weduwe vurss., ons schepenen geantwordt zij ware wt kracht hare tochtbrieven ongehalden sodaene geeijste inventarium te leveren, dan haere reserirende tot hebbende tochtbrive die haer sterck genoech waren nae den statrechte van Thiel ende des dorps van Sandtwijck die guderen haren leven lanck toe besitten ende te gebruicken.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 509
fol. 100v, 03-07-1605
Joost van Hattem heeft hem ontset tegens Herman Corneliss.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 509
fol. 118v, 30-05-1608
Agnies van Essevelt, weduwe ende boedelhaldster van za. Johan Verhuedt, voor haer selven ende haer mede sterck maeckende voor hare kijnderen bij za. Jan Verhuedt geprocreert constituit Goossen Verhuedt omme neffens Dirck Verhuedt, hare voorss. za. mans broeder, aen Claes Corneliss Quant, metseler, te transporteren een huijs ende erve gelegen binnen der stadt Leijden als geinstitueerde erffgen. van za. heer Lucas Wouterss, in sijnen leven commendeur Duitschen Ordens tot Catwijck, aenbestorven is.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 509
fol. 153v, 04-03-1613
Dirck Verhuedt constituit Henrick van Huevel.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 509
fol. 190, 09-12-1616
Scabini tuijgen dat wij ter requisite van Goossen [Verhuedt] ende Dirrick Verhuedt, gebroederen, gegaen zijn bij Adriana de Jongh, weduwe van za. Rijck van der steegh, en haer in derselve naeme opgesecht hebben de belenonghe van seeckeren halven camp landts in Ingenervelt gelegen, die de voorss. Rijck van der Steegh van za. Cornelis Verhuedt in belnonghe becommen hadde, daer op de voorss. weduwe ter antwoort gaff dat se de brieven nijet bij der handt en hadde, maer dat haeren za. man de los ofte revers die daer van was geweest van Dirrick Verhuedt za. had gecoft, sustinerende oversulcx ongehouden te wesen deselve te laeten lossen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 7v, 13-10-1618
Schepenen tuijgen dat wij ter requisitie van Helena van Hattem, weduwe van za. Dirck Verhuedt, op 30-09-1618 gegaen sijn bij Adriana de Jongh, weduwe van za. Rijck van der Steegh, ende haer in naeme derselven andermael opgeseijt hebben de belenongh van zeeckeren halven camp landts in Ingener Veldt gelegen die de voorss. belenonghe becommen hadde.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 21, 15-05-1620
Heijlken van Hattem, weduwe van zal. Dirck van Hattem, const. Henrick van Heuvel in omnibus ad lites.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 64, 25-06-1624
Steven van Eck const. Robbert Lackij(?) special omme t' appelleren ofte claronghe te beroepen voor den heeren amptman ende gerichtsluijden in Neder-Betuwe van alsulcke contentie als tusschen Dirck van Hattem Bartenss, eischer ter eenre, en hem constituant, ter andere zijde, bij den Adelicken gerichte van Kesteren gewesen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 103, 09-07-1627
Maijken van Hattem ende Bartruidt van Hattem, gesusteren, const. Altena in omnibus ad lites.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 105v, 08-10-1627
Dirck van Hattem heeft hem ontset tegen Henrick Jochemss ende tot borge gestelt Gerit Steck die geloeft heeft het gewijsde der schepenen genoech te doen; de rechtdach sal dienen op 13-10-1627.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 112, 05-05-1628
Dirck Jan Hermanss als rentmeester van zijn Genade de Grave van Cuijlenborch const. Johan Dier in omnibus ad lites bij constituant in qualite voorss. eenichsints te doen ende uijtstaende heeft ende vercrijgen mach in den Ampte van Nederbetuwe voor de Bancke van Kesteren als oock dagelixe gerichte van sijne hoochgemelte Genade.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 132, 15-03-1631
Dirck van Hattem suo et uxoris nomine spreeckt aen met recht in cas van iniurien Herberen Geritss ende zijn huijsvrou.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 132v, 30-03-1631
Herberen Geritss Smith cum uxore antwoorden contra Dirck van Hattem q.q.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 132v, 30-03-1631
Dirck van Hattem spreeckt aen met recht Cornelis Anthoniss over contschap der waerheijt.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 132v, 13-04-1631
Dirck van Hattem suo contra Herberen Geritss cum uxore.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 133, 22-04-1631
Herberen Geritss Smith dupliceert contra Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 133, 11-05-1631
Dirck van Hattem tripliceert contra Herberen Geritss Smith.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 134, 08-06-1631
Herberen Geritss Smith quadrupliceert contra Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 134, 06-07-1631
In sake van iniurien tusschen Dirck van Hattem, aenl., en Herberen Geritss Smith, verw., vinden schepenen goedt dat partijen hun sullen ondernemen binnen 14 dagen ten overstaen van gecommitteerden des gerichts in der vruntschap te vereenigen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 148v, 17-04-1632
Dirck Geurts van Heemskerck en Fijken Geurts van Heemskerck voor haer selven en haer mede vervangende en sterck makende voor haeren onmundigen broeder Aernt Geurts van Heemskerck, const. Dirck van Hattem, borger binnen Tiel, om te vercopen huijs en hoffstadt gelegen op Geldermalsen met 11/2 mergen landts gelijck deselve bij Geurt Aertss, scholtis tot Malsen, haren vader, metter doot geruijmt ende nagelaten.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 150, 12-01-1633
Scabini tuijgen dat wij ons ten versoecke van Dirck van Hattem hebben vervoecht bij Dirck van Wijck ende hem affgevraecht off hij Dirck van Wijck voor desen in sekere contract 't welck in 1628 tusschen Elisabeth Dircks, weduwe za. Gerrit van Wijck, zijne moeder ende haere kinderen was opgericht, niet heeft doorstreken omtrent 11 reguelen schrifts ende dat buijten consent bij zijn off weeten van den requirant Dirck van Hattem voornt., waer op Dirck van Wijck voor antwoort gaff dat hij bekende de voorss. regulen sonder requirants presentie off bij zijn doorsteken te hebben, doch dat hij tselve aen zijn swager Hattem, requirant, te vooren geseijt hadde ende dat denselven Hattem daer op stil sweegh ende hem geen antwoort gaff.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 151v, 01-02-1633
Scabini tuijgen dat voor ons gecomen is Dirck van Wijck ende verclaerde dat hij op 12-01 door ons uijt den name van Dirck van Hattem zijn swager besonden zijnde om sekere affvraginge nopende het doorstrijcken van 11 regulen schrifts in seecker contract tusschen zijns comparants moeder ende haere kinderen in 1628 opgericht, hij comparant daer op wel hadde geantwoort dat sulcx bij hem gedaen was sonder des requirants zijn swagers voorn. bijwesen, maer dat hij hem tselve alvorens verhaelt ende dat hij daer op stil geswegen hadde gelijck bij ons schepenen tensignate aengebracht, doch dat hij comparant gesien hebbende extract van tgeene als ten signate geschreven, volgens van ons versochte dat wij daer bij souden willen stellen de vordere redenen ende omstandigheijden die hij ons, ten propooste van voorss. doorstrijcken des gemelten geschrifts, ten tijde wij met Hattem voornt. bij zijne moeder ende hem comparant om de vrundtschap tusschen henkuijden sien te treffen, gecomen waeren, ende oock daer nae ons ieder apart discours gewijse tot onsen huijse wel verhaelt heeft, hebben wij geweijgert zilcx te doen, dewijle wij ende oock andere schepenen niet gewoon noch gehouden zijn van de woorden die bij iemandt buijten de antwoort op de affgevraechde woorden getuichenisse te geven. Wienvolgens hij op huiden voor ons betuicht ende verclaert heeft dat hij de voorss. regulen schrifts met voorgaende consent ende toestandt van zijne moeder ende broeders gedaen heeft, dat hij te vooren t selve zijn swager Hattem oock meermaels hadde aengesecht, die daer op stil geswegen ende daer niet tegengeseijt. t selve genoechsaem amminerende, aengesien hij daertegen geen reeden hadde, dewijl deselve doorstrijckinge geschiede om oorsaken dat hetselve contract soude accorderen met de houwelicx voorwaerden van zijne broeder en na dato des contracts opgericht, dewelcke beijde bij Hattem voornt., gelijck oock bij zijns comparants moeder en broeders tsamen onedrteickent waeren.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 168v, 14-12-1634
Elisabet Dircx, weduwe za. Gerrit van Wijck, const. haren soon Dirck van Wijck en Johan van Bercheijck, procureur tot Rheenen, in omnibus ad lites in de stadt en schependomme van Wageningen als elders te doen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 184v, 08-06-1636
Dirck van Hattem spreeckt aen de weduwe van Jan Dirckss Groes.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 191, 19-10-1636
Anna Michielen const. Lucas Jansz in omnibus ad lites.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
fol. 192, 26-11-1636
Jerefaes van Wijck heeft hem ontset tegen Dirck van Hattem ende tot borge gestelt Alert van Wijck.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 510
nr. 511, fol. 3, 10-05-1643
Cornelia Rijcken, weduwe van Cornelis de Rooij, en Theodora Herberens, weduwe van Peter Tijnagel, const. Abraham Moringh, landbode in Tielerweerdt, om alle hare saken in desselfs ampte ...
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 4v, 20-09-1643
Peter Scheij, pachter van den bieraccijns, repliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 5, 18-10-1643
In saecke van Peter Scheij, als pachter van den bieraccijns, aenl., eens, ende Dirck van Hattem, verw. anderdeels, vinden schepenen goedt dat partijen sullen ondernemen in vruntschap te accorderen binnen 8 dagen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 9v, 19-04-1644
Grietgen Bernts, weduwe ende boedelhoudster van de lieutenant Jan van Sel, const. Lucas Janss om uijt haer name te transporteren aan Dirck van Hattem sekere tiendehalve mergen landts op Senwijnen ende Hemert gelegen genaemt de Sterckacker.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 22v, 08-06-1646
Johannes van Hattem, medicine doctor deser stadt Tiel, const. Anna van Loon, weduwe van za. Henrick van Hattem, zijn moeder, om in zijne name ende voor sijne quote voor de gerichte der stadt Amersfoort te transporteren aen Gijsbert van Domslaer, lieutenant in beijden rechten ende schepen der stadt, sekere plantagiehoff met een speelhuijske ende erve onder de jurisdictie van Amersfoort gelegen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 30v, 09-06-1647
Jan Jansz en Henrick Jansz hebben ontset sodanige penningen als Alert van Hattem en Alerbij Cornelisz hadden doen arresteren onder den ontfanger Foijert. Tot borge gestelt Coenraet Lap die gelooft heeft.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 43v, 21-10-1648
Henrick van Hattem const. Michiel Muller om van sijnentwegen soodanige saecken te verrichten als hij in de heerlijckheijt Oijen uijtstaende heeft.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 47v, 17-03-1649
Henrick van Hattem const. Doctor Water, schepen der stadt Nijmegen, in omnibus ad lites, oock penningen te ontfangen ende quitantie te passeren.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 48v, 11-05-1649
Dirck Joosten, Bart Joosten ende Jan Peeters nomine uxoris Neesken Joosten, const. Jan Joosten haerlieders broeders om uijt haren naem in der vruntschap off met recht nevens de andere vrunden van Dirck Verhuet zal. met desselffs weduwe, woenende tot Oostende, te treden tot schiftinge ende deijlinge van de goederen bij den voorn. Verhuet metter doot geruijmt ende naegelaten.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 62v, 15-04-1651
Johan Suermont const. Pelgrom Vogelsanck om waer te nemen soodanige saecke als hij tegen Jor. Mathijs Montfoort uijtstaende heeft.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 64v, 02-05-1651
Johan Suermont spreeckt aen Jor. Mathijs Montfoort.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 65, 25-06-1651
Jor. Montfoort antwoordt tegen Jan Suermont.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 67, 01-10-1651
Johan Suermont wacht aen Jor. Montfoort om te dupliceren.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 67, 10-10-1651
Vonnis in bovenstaande zaak.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 68, 12-11-1651
Dirck van Hattem spreeckt aen Dirck van Kooten.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 68v, 26-11-1651
Johan Petersz heeft hem ontset tegn Dirck van Hattem ende tot borge gestelt Oth Petersz van Pelt ende Roeloff Otten van Dam.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 68v, 29-11-1651
Dirck Dircksz antwoordt tegen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 68v, 10-12-1651
Dirck van Hattem tegen repliceert Dirck Dircksz.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 70, 07-01-1652
Dirck Dircksz van Kooten dupliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 70v, 21-01-1652
Saeck van Dirck van Hattem tegen Dirck Dircksz van Koten.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 71v, 13-02-1652
In saecke van Dirck van Hattem, aenl. ter eenre, en Dirck Dircksz van Kooten, verw. ter andere zijde, t gericht ordonneert partijen ten overstaen van schepenen te accorderen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 73, 29-05-1652
Henrick van Hattem, weert in Antwerpen, const. ... der beijden rechten doctor, om alle sijne saecken voor den Hove van Gelderlant waar te nemen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 79, 10-01-1653
Cornelis de Haes heeft tot borge gestelt Antoni van Hattem wegen soodanige actie als den scholtis op Hermen Dol off sijn goederen soo ontsaet(?) als anders heeft te spreecken.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 82, 29-06-1653
... spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 97, 22-07-1655
Bart van Hattem const. Johan van Cooten om alle sijne saecken in t ampt van Neder-Betuwe waer te nemen ad lites.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 98, 30-08-1655
Henrick van Hattem const. Johannes Tijnagel in omnibus ad lites.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 98v, 03-10-1655
Jacob Deijs van Voeren spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 98v, 07-10-1655
Dirck van Hattem antwoort tegen Jacob Deijs.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 104v, 23-04-1656
Leenert Jacobss antwoort op de exceptie van Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 104v, 07-05-1656
Dirck van Hattem repliceert ten principale tegen Lenert Jacobsz.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 105v, 10-07-1656
Gesien het proces tussen Leenert Jacobsz, aenl. ende geexcipieerde eens, ende Dirck van Hattem, q.q., verw. ende excipient anderdeels, beslissen schepenen dat verweerder de somme van penningen betalen moet.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 108, 01-10-1656
Den heere scholtis nomine offitij spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 108v, 15-10-1656
Dirck van Hattem antwoort tegen de scholtis.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 108v, 15-10-1656
Adriaen Burgersz wacht aenspraeck van Dirck van Hattem. Denselven heeft vervolch geeijst.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 109, 13-11-1656
Johan van Pelt spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 109, 13-11-1656
Den scholtis repliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 109v, 29-11-1656
Dirck van Hattem antwoort tegen schepen Pelt.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 112, 01-01-1657
01-01-1657 tot 09-01-1657. Den schepen Pelt repliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 113, 04-03-1657
Den heere scholtis repliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 113, 18-03-1657
Dirck van Hattem dupliceert tegen Johan van Pelt, schepen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 115, 26-05-1657
In saecke van Johan van Pelt, schepen, eens, en Dirck van Hattem anderdeels, ordonneert t gerecht partijen elcx in te leggen 2 ricxdaelders.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 115, 10-06-1657
In saecke van Johan van Pelt, schepen, eens, en Dirck van Hattem anderdeels, ordonneert t gerecht nochmaels Dirck van Hattem in te leggen 2 ricxdaelders.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 115, 10-06-1657
Den scholtis repliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 115v, 07-07-1657
In de strijdende quaestie tusschen Johan van Pelt, schepen in Santwijck, aenl. ter eenre, en Dirck van Hattem, verw. ter anderen zijde, ordonneren schepenen partijen om ten overstaen van schepenen Vulders en Wijnants van Resant ende twee andere vredelievende mannen malcanderen ten wedersijden wegen haerlieder respective vorderingen op Anthonis van Hees goede reeckeninge te doen ende daerover te accorderen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 118, 08-10-1657
Dirck van Hattem quadrupliceert tegen schepen Pelt.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 119, 11-11-1657
Gesien hebbende de declaratie van eisch van den heere scholtis, aenl. eens, ende Dirck van Hattem, verw. anderdeels, hebben deselve tot meerder somme geextendeert ter somme van 14 g. 14 st.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 119, 28-11-1657
Op requeste van Dirck van Hattem, requirant eens, ende Johan van Pelt, schepen, gerequireerde anderdeels, ordonneert t gerecht dat partijen in haere proceduren niet wijders sullen schrijven als bij aenspraeck, antwoort, replijcq, duplijcq, triplijcq en quadruplijcq ende dat het document bij quadruplijcq gevoecht sal worden affgenomen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 122v, 01-03-1658
Dirck Corstensz, schipper van Cuijlenborch, constitueert Andries Revelis om van sijnentwegen te vorderen sodanige obligatie als hij op Bart van Hattem en Grietien Aernts Budding, e.l. tot Hien en Nederweert, te spreecken heeft.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 124v, 07-07-1658
Gesien den processe hangende tusschen Johan van Pelt, schepen, ende Dirck van Hattem in verband met penningen van wegen Antoni van Hees, condemneren den verw. aen den aenl. te betaelen de somme van 16 g. 2 st. als reste van t geene den aenlegger in den processe jegens Antoni van Hees heeft verschooten.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 124v, 16-07-1658
Dirck van Hattem (de oude) appelleert tegen de sententie in het proces tussen Jan van Pelt, schepen van Zandwijk, en hemzelf. Dirck van Hattem den Jongen heeft sich voor de costen van 't appel tot borge gestelt.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 129, 05-01-1659
Verklaard wordt dat bovenstaande zaak "qualick gericht te zijn en dat derhalven sal het appel zijn voortganck gewinnen".
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 129, 13-01-1659
Wendelina van Isendoorn, weduwe van borgermeester Maren, const. Cornelis Willemsz tot Bueren om alle haere saecken aldaer waer te nemen en penningen te ontfangen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 133, 25-09-1659
Henrick van Hattem const. Antonis Gevers, procureur, om alle zijne saecken tot Cuijlenborch waer te nemen en penningen te ontfangen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 141, 07-06-1660
Johan van Hattem, j.m., const. Bernt van Cengel om alle sijne saecken soo hier als elders waer te nemen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 151v, 28-05-1662
Dirck van Hattem q.q. antwoort tegen Lambert Geurtsz.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 152v, 01-10-1662
Lambert Geertsz repliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 156, 06-05-1663
Lambert Geeritsz dupliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 156, 11-05-1663
Henrick Wijnen const. Johan van Cooten, procureur binnen Tiel, in omnibus ad lites voor de adelicken gerechte van Nederbetuwe.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 160v, 01-11-1664
Theodora Herbers, weduwe van Peter Tijnagel, const. ...
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 172v, 17-09-1668
Bart van Hattem heeft sich borge gestelt voor de costen van cessionarissen van Elsken Egbert, weduwe van Jan Dol de Ouden.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 177, 27-11-1669
Op gedane richtinge van eenen schepenbrieff van Henrick Wijnans van Resant qq ende Bart van Hattem, opposant, is besloten dat Bart van Hattem met Henrick Wijnans van Resant moet rekenen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 511
fol. 177v, 27-12-1669
Gezien de declaratie van costen van Henrick Wijnans van Resant, triumphant, ende Bart van Hattem, gecondemneerde, moet Bart van Hattem 51 g. 11 st. 4 p. betalen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 528
fol. 115v, 14-03-1575
Jan Reijerss promt. Henrick van Hattem den Jongen 25 g. holl.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 528
fol. 131, 08-10-1575
Dirck Hack heeft voor ons bekent dat hij gerijken Othdr sijne echte huijsfr. voor o.m. Aernt van Hattem, gerichtsman in Nederbetuwe, een morgengave van 200 car. g. gegeven heeft. Overmits affsterven van Arnt van Hattem wordt deze herhaald voor schepenen van Zandwijk.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 528
fol. 139v, 22-02-1576
Merten Janss en Jan Goessenss hebben presentiert Johanna van Hattem, wed. Zal. Derick Artzss 51/2 goltgulden à 36 st brab. erffpacht hoer te willen betaelen, honnen schaeden ther goder tijt daer mede te steyten. Beheltlicken dat sy luyden begerden te sihen Segell en brieff op wat plaetz sy die pennongen jaerlicx gehalden solden sijn te leveren, die Johanna vurs. geweigert hefft te doen en die brieven nyt sihen en laten, daer en boven hebben Merten Janss en Jan Goessens vurs. doe obg. weduwe horen will en koer gegeven off sij den Erfpacht bynnen Tiell off Ingen jaerlicx wolde boeren en in fall hoer brieven bynnen Bueren verbrant of verwaerloest waren, wollen sy Luyden hoer off horen Erffgen. effenwaell betaelen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 528
fol. 154v, 22-02-1577
Merten Janss en Jan Goessenss hebben gepresentiert Johanna van Hattem, wed. Derick Artzss te betalen op huyden der Erffpacht mits dat obg. weduwe de erffpacht brieff voor den dach brenge off sy luyden haer weduwe gehalden sijn te volgen op allen oerden sy woenhafftich is.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 528
fol. 164v, 28-09-1577
Peter Luloffs promt Goessen Corneliss dat hij Derick van Hattem ten rechten tot Tyell brengen sall en id gewijsde der schepenen genoech te doen. Hattem vurs. promt Peter Luloffs hiervan schadeloes te halden.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 528
fol. 175, 09-09-1578
Peter Luloffs promt Goessen Corneliss, becker, dat hij Derick van Hattem voor den gerechte tot Tiell ten rechten brengen sall en hefft geloefft id gewijsde der schepenen van Tiell genoech te doen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 528
fol. 321, 12-07-1584
Henrick Ruijsch hefft bekent nijwerlt gesacht te hebben dat Alart van Hattem als dijff off schelm bij hem gehandelt hebbe gehat en dat oock nijmantz mijt waerheijt sall kunnen seggen hij sulcke woerden van Alart van Hattem vurss. gespraecken hebbe. Mede seggende van obg. Hattem nijt te weeten dan alle eer en vroomheit.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 16, 25-10-1586
Joest van Hattem als vader van zijn onm. kynt vraagt den secretaris Anthoni van Doernick opening van het Signaat om kennis te nemen van brieven die tot naedeel van zijn kyndt gepasseert waren. De secr. antwoordt dat schepenen van Tiel hem verboden hadden inzage van het Signaat te geven aan personen die het niet aangaat.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 69, 22-07-1589
Henrick die Jongh promt. Jan van Hattem 700 g. holl., in 3 termijnen te betalen. Voor schepenen en gerichtsluiden in Neder-Betuwe heeft Goert van Hattem Henrick die Jongh geloeft van die vurss. geloefte schadeloos te halden.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 69, 14-07-1589
Dirrick van Hattem promt Evert van den Steenhuis 23 g, Corsmis te betalen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 99v, 05-05-1591
Dirrick van Hattem en Dirricxken Roloffs, e.l., promiserunt Peter Willemss 130 g, te betalen in 4 termijnen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 143v, 06-05-1594
Cornelis Corneliss en Mechtelt Jansdr, e.l., en Dirricxken, wed. Jan Gisberss beloven Gisbert van Estveldt Anna, wed. Willem Joosten, en Hans van Wijck erffelick te vrien en te waren huis en hofstat in Inghen in die brey, 5 mn: O. en W. de gemeen straet, Z. Jan van Hattems erfgen., N. Reyner van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 145, 31-05-1594
Dirrick van Hattem Roloffss, vleisshouwer, promt Dirrick Verhuit 125 g, te betalen Mei 1600, herkomend van koep van 2 grasspeerden.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 148v, 12-08-1594
Dirrick van Hattem en Dirricxken Roloffs, e.l., promt Wolter Janss 216 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 155v, 31-03-1595
Dirrick van Hattem en Dirricxken Roloffs, e.l., promt Mechtelt Vogels 112 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 160, 09-05-1595
Dirrick van Hattem en Dirricxken Roloffsdr, e.l., promt Henrick Fredericxss 266 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 161, 27-05-1595
Reyner van Hattem, Johan Alartss en Goessen van Wijck promt Bouwen Peters, die geld geleend had.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 161v, 01-06-1595
Reijnier van Hattem, Johan Alartsz en Goessen van Wijck beloven Bouwen Peters schadeloos te houden.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 173v, 27-03-1536
Dirrick van Hattem lijftocht Dirricxken Roloffsdr, sijn huysfrouw, al zijn goederen in het gericht Tiel en Zandwijk tot tochtenrechten te bezitten na zijn dood. Zij hem ook.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 529
fol. 175v, 23-02-1596
Dirrick van Hattem promt Harman Schull 221/2 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 14v, 24-07-1597
Dirrick van Hattem en Dirricxken Roloffs. e.l., promt Wolter Janss 104 g holl., solvende Lichtmis 1598.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 13v, 24-07-1597
Dirrick die Claes promt. Dirrick van Hattem en zijn huisfrouw die voorn. geloeften per expand. schadeloos te halden.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 26v, 18-02-1598
Huis in Tiel in de Weerstraet, ex una Arnt Dirrickss, ex altera Willem Arienss voer und Dirrick van Hattem Roloffss achter.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 35v, 04-07-1598
Dirrick van Hattem en Dirricken Roloffsdr, e.l., en Met Cornelisdr, wed. van Frans Tulman, promiserunt Joncker Willem Ingennulant tzu Valburch elcx een voor all Victoris pro(ximo) 2051/2 g en Kersmis daer na ook 2051/2 g. Hattem en Meth Cornelis zullen elkaar indempneren.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 59v, 00-06-1599
Dirrick van Hattem promisit Jan Verhuet 139 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 72, 29-02-1600
Dirrick van Hattem en Dirricxken Roloffs, e.l., promt Marla Honrard (?), wed. van Jacob Aertss (?) 181 g holl.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 95, 12-02-1601
Reyner van Hattum promt Jan van Estvelt, die volgens een voorgaande acte een schuld bekende aan Henrick van Doornick den olden, van dese geloefte te indemneren.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 97, 00-03-1601
Dirrick van Hattem et Dirricxken Roloffs, e.l. promt Truijken Schullen 283 g, solvende in 6 terminen tot 1606.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 102, 30-04-1601
Dirrick van Hattem en Dirricxken Roloffs, e.l., promt Harman Egbertss 181 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 121v, 10-03-1602
Jan van Estvelt als volmr. van Reyner van Hattem promisit Marten Corneliss 530 g. Reyner van Hattem promisit Jan van Estvelt van dese geloefte schadeloos te houden.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 146, 21-04-1603
Dirricken Roelofsdr, wed. Dirrick van Hattem, promt. Huessen Tadingh, goudsmid, 300 g. Solvendo Pasen 1604, 1605, 1606.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 153, 03-06-1603
Dirricxken Roloffdochter, weduwe Z. Dirrick van Hattem, promisit Jan van Berck tot Nijmegen 171 g holl., solvendo in 2 terminen, Pijnsteren 1604 101/2 g en idem 1605 160 g 10 st.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 180a, 31-05-1604
Evert van Creijcamp als borge voor Peter van Hattem promt. Jonckher Hubert van Saudenbalch te voldoen de pachtcedul tussen sijn L. en Peter van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 189, 04-12-1604
Dirricxken Roloffs, gewesene weduwe Dirricks van Hattem, heeft te waerschap gestalt aan Aelbert Huigen Verwey hoer huis en hoffstadt in die Weerstraet te Tiel naast Joachim [Arienss], Jerephaes [Arienss] en Willem Arienss, noch een huis en hoffstadt in Tiel in de Achterstraet tussen Hubert van Soudenbalch en Jacob van den Steenhuys, en dat voor 300 g hooftsomme, daervan het weesshues tot Tiel jaerlicx 18 Keiz. g. rent boert uit een onderpandt op Soelen, 14 ht groot, welck landt Dirricxken Roloffs die erffgenaemen van Dirrick van Hattem voor een vrij eigen erff aengedeilt, vermogens het Magescheit zij met die erffgenamen opgericht heeft op 7 Juni 1603. Aelbert Huigen Verwey heeft hem bedanckt en mede van wegen der semptelicke erffgen. van Z. Dirrick van Hattem van alzulcken versterff als hem en die semptelicken erffgenamen aenbestorven zijn, und bedanckt Dirricxken Roloffs, gewesene huysfr. van Dirrick van Hattem van het magescheit van 7 Juni voldaen te zijn.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 530
fol. 198, 14-04-1605
Jan Dirricxss en Derricxken Roloffdochter, e.l., promt Harman Schull 181 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 50, 31-10-1631
Jacob Willemss van der Wilms vendidit Dirck van Hattem en Jan de Hartich de coop van een last haveren als hij met Cornelis de Roey heeft aangegaen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 51, 23-10-1631
Peter Janss Blanck vendidit Dirck van Hattem penningen die Jan van Dam hem nog schuldig is volgens contract van 31 Dec. 1629.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 114, 07-02-1636
Jaques Stewart promisit Jr Johan de Cock en Willem van Oyen, gasthuismrn binnen Tiel, ten behoeve van het Gasthuys 106 g. solvendo Corsmis 1637.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 116v, 11-04-1636
Jan Jansz van den Hove doet een gift aan zijn dochter Henriske Jansdr van den Hove.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 116v, 11-04-1636
Jan Jansz van den Hove lijftocht zijn vrouw Jantgen van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 132v, 17-08-1636
Jaques Stuwert promisit Aert Antoniss van Wely 150 g. Gecasseert 15 Mrt 1639.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 145v, 13-12-1636
Jerephaes van Wijck, Alert van Wijck en Dirck van Hattem nom. ux. Johanna van Wijck tesamen kinderen en erfgenamen van Lijsbeth Dircx, wed. Gerrit van Wijck, die universele erfgename was geweest van haer Soen Dirck van Wijck, vendiderunt Adriaen van Riemsdijck, out borgermr, l1/2 mn uytgedijckt of vergraven onlandt in Sandtwijck, zoals Dirck van Wijck heeft gekocht 3 Jan. 1632.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 148, 05-01-1637
Jerefaes van Wijck, Alert van Wijck en Dirck van Hattem nom. ux Johanna van Wijck als erfgenamen van het lest overleden kindt van Za Johan van Wijck en Alertgen Breunis, gewesene E.L. wegen vaderszijde ter eenre en Adriaen Breunis, Peter Janss no. ux., Gheritgen Breunis, ook namens Jan Stevenss x Maria Breunis; Yken Breunis, geass. met haer neve Johan Winants van Resandt, en Pelgrom Vogelsangh als volmr van de kinderen van Za Gijsbert Ney, ook erfgenamen van het voors. kindt van moederswegen ter andere zijde. Moet het huis in Tiel in de Vleysstraet, bij Alertgen Breunis voor aenvanck des huwelijks aengecoft, naer Alertgens zijde (?) en de schulden (?). Er worden compromissarien benoemd.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 154, 09-05-1637
Jantgen van Hattem, weduwe Jan Jansz van den Hove, promt. Henrisken Jans, hare dochter, 53 g. solvendo 11-04-1638, uit hare huijsinge in de Gasthuijsstraet.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 158, 15-09-1637
Sophia Geurts, ook namens haer uytlandigen broeder Dirck Geurtss heeft quit en renunciatie gepasseert ten behoeve Dirck van Hattem wegen de goederen van haer vader Geurt Aertss Za.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 172v, 28-07-1638
Jacob Stuwert promisit Peter Stevenss 106 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 532
fol. 174, 04-08-1638
Jacob Stuwert promisit Anna Michielen, wed. Crijn Toniss 106 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 26, 17-05-1643
Jan de With vendidit Dirck van Hattem een obligatie van 52 g op Huybert Frederickss.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 37v, 13-03-1644
Scholtis, borgermr en schepenen van het gericht van Sandtwijck verkopen aen Daniel Michiels en Bart van Hattem een hooffken buiten de Sandtwijckse poort.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 42v, 01-06-1644
Theodora Herberens, wed. Peter Tijnagel, en Antoni Tijnagel, haren Soon, ook namens zijn zuster Theodora Tijnagel vendiderunt Dirck van Hattem huis in Tiel in de Voorstraet, belast met 1 g erfftyns. Coper blijft 1800 g schuldig, in termijnen te betalen. Op de kant: De wed. Tijnagel casseert 29 Dec. 1647.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 64v, 18-10-1645
Jacob Stuwert borg voor Willem Stoffelss voor 1/4 jaer huur van huis in t Jodenstraetgen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 65v, 18-12-1645
Mathias van Romswinckel, predicant tot Blaricum, draagt op aen Henrick van Hattem, weerdt in Antwerpen, het recht als comparant bij sententie van t gericht van Tiel heeft vercregen op de Vrouwe van Oyen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 80, 17-12-1646
Jacob Stuart promisit aen de deeckens van St Antonis Broederschap 159 g uit huis in de Amptmanstraet.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 89v, 19-05-1647
Theodora Herberens, wed. Peter Tijnagel, en Antoni Tijnagel mede namens zijn zuster Theodora Tijnagels stellen tot waerschap huys en hofstadt ant Hoocheijndt binnen Tiel en dat voor sodanige beswaernisse als daer op huys en hofstadt binnen Tiel in de Voorstraet, bij haer aen Dirck van Hattem vercoft.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 93v, 17-06-1647
Dr. Cornelis Udents, secr. Tiel, vendidit Johannes van Hattem, doctor medicine derselven Stadt, huys en hoffstadt aen t Hoocheyndt "den vergulden Valck" met erff, hoff en plaetse naast Jan Willemss kleermaker en sergeant Monard. Er gaat 2 g tyns uit aan de kercke van St Merten, Presentieheeren en Convent Agnieten.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 94, 00-00-0000
Coper blijft er 1040 op schuldig.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 139, 26-07-1649
Derck Derckss Raeymaecker vendidit Derck van Hattem recht en gedeelte als hij van t verwin, op Jacob Servaes de Raet gemaeckt, spreeckende heeft.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 139v, 06-10-1643
Dirck van Hattem cedeert aen Andries van Ravensway tot Utrecht 280 g 10 st als hij op de wed. van Jan Hermanss te spreecken heeft volgens extract autenticq van zijn schultboeck.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 140, 08-10-1649
Cornelis Goossens van Avesaet cedeert aen Derck van Hattem 880 g wegen 2 leste termijnen van coop van lant, bij Rutger Tonis tot Avesaet gecoft.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 533
fol. 142, 10-12-1649
Anneken Braackmans vendidit Henricx van Hattem een hoffken op Santwijck.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 1, 09-01-1650
Jan Rutgerss promt Dirck van Hattem 230 g, solvendo St Jacob deses jaers uit huis in de Voorstraet, daer de Ploegh uithangt, 6 % rente.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 20, 06-01-1651
Jan Rutgers vendidit Dirck van Hattem, Jan van Balgoyen en Maria Adriaens, e.l., sijn have, beesten en ander onroerend goed wegens pachtschuld en ongelden, waarvoor Hattem en Balgoyen borgen waren.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 26v, 20-03-1651
Jan Tonis Storm promisit Derck van Hattem 355 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 30v, 10-04-1651
Jacob Stuwaert, belender in de Amptmanstraet.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 43, 27-10-1651
Jacob Stuwaert promisit den Heere Pierre Durfort d Antieges, lieutenant colonel en commanduer Tiel, 424 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 50, 05-01-1652
Dirck van Hattem en Johan van Balgoyen waren borg geworden voor Jan Janss van Driel voor de pacht van de Gasthuisbouwinge, die nu aan zijn borgen een garantie geeft op zijn koren en beesten.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 61, 05-06-1652
Cornelis Verhaer vendidit Dirck van Hattem en Johan van Balgoyen een verwin als hij op Jan Janss van Driel spreeckende heeft ten bedrage van 195 g en de costen. Dirck van Hattem, Johan van Balgoyen en Merri Ariens, e.l., beloven Verhaer 200 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 68/68v, 04-11-1652
Johan van Hattem, Med. doctor, promt Wendela de Vries, wed. de Haes, 800 g uit zijn huis aen het Hoocheynt; aen Cornelia Rijcken, wed. de Roy, 500 g en aen de wed. van den ontfanger Lith 300 g.; aen Dries Aelbertss 250 g; Arien Bruenis 200 g; de wed. van Peter Tynagel 250 g; aen Jenneken Grootmaets 100 g en Seger Splinter 100 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 69, 19-11-1652
Johan van Hattem, med. dr, geeft in mindering van een som van 1600 g als hij voor zijn huwelijk aen verscheidene persoonen schuldig was en die bij zijn Za huysvrouw waren verschooten, over aen Wendelina van Isendoorn, wed. Maeren, als bestemoeder en mom berse van de 4 onmundige Soonen, als hij Hattem aen Henrica van Maeren ehelick heeft verweckt, alle medicine en andere boecken als hij Hattem is hebbende met de catalogus daarvan.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 69, 19-11-1652
Johan van Hattem, med. dr., transporteert aen Wendelina de Vries, wed. de Haes, gerede goederen, nagelaten door zijn Za huisvrouw, om publiek te verkopen in mindering van de 800 g, die zij op de boedel te spreecken heeft.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 81v, 10-07-1653
Bart van Hattem en Geerit Sanderss van Tuyl promiserunt Derck Derckss van Kooten 233 g, te verhalen aan al hun goed.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 84, 01-12-1653
Henrick Royer namens Helena Geerits, wed. Johan van Dam, vendidit Bart van Hattem en Anna Michielen een Tielse schepenschultbrieff van 150 g op Lieven Wynants van Resant.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 92, 24-04-1654
Wendelina van Isendoern, wed. van Gerardt van Maren, in leven out borgermr van Tiel, geeft over aen Pelgrom Vogelsanck en Jacomina van Maeren, e.l., 1/4; aen Johan Wynants van Resant en Aleyda van Maeren, e.l., 1/4; aen de 4 kinderen van Za Henrica van Maren bij Johan van Hattem, med. Dr te Tiel, nl. Geerit [van Hattem], Henrick [van Hattem], Willem [van Hattem] en Charl van Hattem 1/4 en aen Adriana van Maren, onm. dochter van Za Peter van Maren bij Ida de Rijck 1/4 van schultbrieven, gout, silver, kleren, linnen, wol, tin, Cooper, huysraet en inboedel als comparante in Tiel en Zandwijk heeft om na haer doodt door haer 4 kinderen genoten te worden. Het 1/4 voor de kinderen van Henrica van Maren moet te gelde worden gemaakt en dit capitael zal van het ene op het andere kind versterven en als zij kinderloos sterven gaat het capitael naar comparantes kinderen of kindskinderen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 99v, 08-12-1654
Jan de Raet als man van Dersken van Hattem vendidit Dersken van Kattenburch een Zandwijkse schepenbrief van 500 g, slaende op Gerit Joosten.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 104, 14-03-1655
Jacob Stuart en Antoni van Hattem promt. aan Philips Philipss 56 g. uit al hun goet binnen Tiel en Santwijck, à 6% rente.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 105, 10-04-1655
Johan van hattem, med. dr., heeft geassigneert Johan van Pelt op zijn verschenen en noch te verschijnen tractement met sodanige somme als hij over montcosten als andere alrede aen den voors. Pelt gebleven is.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 114, 07-11-1655
Dirck van Hattem den Jongen koopt van de magistraat van santwijck 2 mn boulant den Guijlicksen Camp in Santwijck, die zij verwonnen had van Guert Roeloffss.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 126v, 03-06-1656
Antoni van Hattem renoveert en conformeert een overgifte van 17-5-1655 te Tiel gedaan door hem en zijn schoonvader.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 145v, 05-07-1657
Johan van Hattem, med. dr, promisit Henrick van Hattem, weert in Antwerpen 134 g à 6 %, spruytende ter saecke van een Obligatie op Oct. 1656 en verbindt daervoor 3/4 jaers tractement als med. Dr in Tiel vanaf 1 Jan. 1658. Henrick van Hattem heeft dese overgiffte getransporteert aen Aert Rutgers van Liesvelt voor de voldoeninge van 100 g, die den voors. Henrick van Hattem van den ontfanger Eck wegen Aert Rutgerss van Liesvelt heeft ontfangen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 146, 15-07-1657
Henrick van Hattem, j.m., promisit Willem Arienss Smit 200 g à 6 % te panden uit zijn huis in de Waterstraet.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 147v, 12-08-1657
Johan van Hattem, med. dr., onvermindert het recht van sijne kinderen bij Henrica van Maren verweckt, ingevolge van de overgifte op 19 Nov. 1652 gedaen, bekende ontfangen te hebben medicine en andere boecken en aen Wendelina van Isendoorn bij cessie en transport ten behoeve van opgemelte kinderen gedaen, overgelevert om dese boecken in conformite van het decreet dese Gerichtes van 20 Dec. 1654 te gebruicken.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 151, 08-11-1657
Henrick van Hattem, weert int Antwerpen, promisit Willem van Oyen, schepen, 982 g, solvendo 822 g met 6 % interesse op 25 Apr. 1658 en de resterende 160 g naer een jaer verloops, vel expandabitur uyt huys en hoffstadt in de Weerstraet ex una Daniel Michiels, ex altera Gijsbert Vulder.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 161, 16-06-1658
Bart van Hattem, belender in de Weerstraet, Tiel.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 166, 18-09-1658
Antoni van Hattem, belender in de Waterstraet.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 167, 14-10-1658
Cornelis de Man, wijnpeyler, stelt zich borg voor Johan van Pelt, schepen, wegen costen van appel tegen Derck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 173v-174, 00-00-1659
Geerit Adriaens heeft zijn huis op de Coornmerckt verkocht aan Arien Geerits. Van de opbrengst is 30 g voor Bart van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 534
fol. 186, 31-10-1659
Antonis van Hattem als belender in de Waterstraet te Tiel.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 6, 10-05-1660
Henrick van Hattem, j.m., vendidit Jan van Holten, coperslaer, een huis in Tiel in de Waterstraet naast Alert Rutgerss en Lambert van Soomeren.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 10v, 31-08-1660
Henrick van Hattem, weert in "Antwerpen", vendidit Willem van Oyen, schepen in Santwijck een schultbekentenis ten laste van Derck Verhoeven en Elisabet de Haes, e.l., op land in Maurick.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 11, 16-09-1660
Henrick Peterss van Westreenen vendidit Dirck van Hattem, wonende tot Amsterdam, 2 mn op Santwijck "den Guylicksen camp".
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 11, 16-09-1660
Dirck van Hattem voors. vendidit Cornelis de Man, wijnpeyler, 4 mn "den Guylicksen camp" op Santwijck.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 32, 28-11-1661
Henrick van Hattem promt Willem van Haesselt 160 g à 6 % uit al sijn goet binnen Tiel en Santwijck. Gecasseert 18 Juli 1666.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 34, 04-01-1662
Jan van Schreven en Fyken Herberts, erfgenamen van Hilleken Willems, vendiderunt Dirck van Hattem haer erffenis van de voors. Hilleken Willems, speciael een schultbrief van 600 g van 19 Apr. 1648, en dat ter voldoening van gelijcke somme.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 40, 14-04-1662
Grietien Henrick, huisvr. van Geerit Barten, begeert dat na haer overlijden Henrick van Hattem, haeren Neeff, in plaets van sijne moeder een deel van hare goederen sal erven, maar als Hattem eerder sterft dan zij, dan zijn kinderen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 66, 06-01-1664
Dirck van Hattem vendidit Peter Vieri, lieutenant, een schultbrieff van 600 g van 19 Apr. 1649 ten laste van Jacob Peterss van de Maet en een opdrachtsbrief van 4 Jan. 1662.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 77, 09-10-1664
Henrick van Hattem promisit Willem Teyler 61 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 80, 26-11-1664
Antoni de Rijck, Herman van Leeuwen apoteecker, Henrick Wijnans van Resant en Bart van Hattem hebben belooft aent Gericht van Santwijck het verschot van huer lant binnenbooms jaerlijks te betalen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 84v, 25-02-1665
Cornelis van Mauderick en Joff. Geertruyt van Heurne, eerder weduwe van Bartholomeus Bercheyck, in leven advecaet voor t Hoof van Utrecht, e.l., vendidit Bart van Hattem, borger binnen Tiel, 10 ht boulant "Vuicken-hof", binnen booms in t Gericht van Santwijck, op een last van 12 Cappoenen en 12 braspenn. tot droepgelt aen den heere Joost Vygh, heer tot Isendoorn jaerlicx. De coopspenn. zijn betaelt.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 84v, 28-02-1665
Bart van Hattem promisit Steven Schull, secr. Tiel, 400 g à 6 %, vel expandabitur uit alles goets binnen Tiel en Santwijck. Gecasseert 1667(?).
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 95, 12-12-1665
Johan van Hattem heeft gewilt en begeert dat sodanich testament als hij tot Amsterdam heeft gemaeckt in weerden sal blijven, mits dat sijn Broeder Geerit van Hattem alle jaer aen sijn moeder sal uytkeeren tesamen 150 g haer leven lanck, mitsgaders na sijnen doot sijn linnen en wollen tot sijnen lijve behoorende, waervoor Geerit haer een obligatie sal geven. Op de kant: de weduwe van Dirck van Hattem.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 98v, 03-02-1666
Op de versochte walplaets van de weduwe van Dirck van Hattem, requirante eens, en Bernt Janss van de Sant, gerequireerde anderdeels, doen schepenen oculaire inspectie en mondeling verhoor van partijen. De heining van de bouhuismuer sal door beide partijen gemaeckt worden.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 150, 21-10-1668
Johanna van Wijck, wed. van Dirck van Hattem den Ouden, promisit Dirck van Hattem, haren Soon, 150 g, solvendo aenstons nae haeren doode, vel expandabitur uyt alles goets binnen Tiel en Santwijck.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 535
fol. 151, 02-11-1668
Henrick Noot, laickencooper, promisit Jacob van Hattem, coopman tot Utrecht, 604 g 14 st 8 p, maar als Noot met quitantie can bewijsen dat het 600 g is, mag de rest afgetrocken worden. De voors. somme is een restoir van de 1340 g, die in 2 termijnen betaald zouden worden.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 536
fol. 38v, 06-12-1671
Johanna van Wijck, wed. Derck van Hattem wil dat haar dochter Elisabeth van Hattem, vrouw van Ds Petrus van Westreenen, of haar kinderen na comparantes dood zullen krijgen alle haere kleederen, enz, ook gout en silver. Verder zal zij gelijk opdelen met haar 2 broeders.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 536
fol. 48v, 17-08-1672
Caarl van Hattem als volmachtiger exhibeert een donatie door Gysberta Vygh van Soelen aan haar zuster Johanna Vygh, vrouw van Jacob Pieck.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 536
fol. 91, 30-03-1676
Bartholdus van Hattem, predicant tot Vleuten, als gemachtigde van zijn vader Henrick van Hattem (proc. Utrecht 11 Nov. 1670) vendidit Henrick van Oyen, houtcooper, wedr van Maria Royers, een huis, enz. te Tiel in de Weerstraet, gelegen tussen schepen Vulder en Daniel Michiels. Henrick van Oyen, wedr van Maria Royers, belooft de nagelaten kinderen van Henrick van Hattem en Sophia Henricks, gewesene E.L., te indemniseren van een schepenschultbrief als de erfgenamen van Za Willem van Oyen op de voors. kinderen te eyschen hebben van 1136 g en nog een van 123 g als de wed. Haesselt off de eigenaar te pretenderen heeft en een personele obligatie van 234 g soo de provisoren deser Stadt op de kinderen te eyschen hebben, welke voors. 3 capitaelen met de rent en voorn. Oyen tot zijn last genomen heeft tot betaling van voorn. gekocht huis in de Weerstraet, daer "Antwerpen" uytgehangen heeft.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 536
fol. 91v, 13-04-1676
Cornelis van Hien promisit aan Jacob van Hattem, coopman tot Utrecht, 2000 g., hercomende van overgeleverde stoffen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 536
fol. 126v, 21-07-1678
Dirck van Hattem, brouwer, vendidit aan schepen Hendrick Royen als rentmr van de Commandurije goederen alhier coorngewasch van 6 mn weyts, onder Drumpt gelegen, genaemt "de Weert", specterende tot de Commandurije. Hij zal het aanvoeren en dorsen en daeruit betalen het jaer pacht, verschenen Martini of Corsmis 1677 ad 56 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 536
fol. 131v, 25-09-1678
Theodora Tijnagel, wed. Lambert van Rantwijck, en schepen Tijnagel namens de kinderen van Lambert van Rantwijck en Theodora verkopen aan Cornelis Breunis het recht dat zij hebben krachtens personele obligatie en reële schultbekentenis op de kinderen van Zal. Dr. Johan van Hattem ofte desselfs huijsinge aen het Hoogeijndt deser Stadt, met de rente.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 536
fol. 148, 27-10-1679
Rutger de Vries verkreeg uit de Erffenissen van zijn vader Willem de Vries, in leven Borger Hopman, huijs, hoffstadt en Brouwerije in de Waterstraet, gelegen tussen Gerardt de Rover en de wed. en erffgen. van Garardt van Schaerdenburgh. Hij verkoopt dit aan Gerardt van Hattem, die er een schuld van 2000 g à 61/4 % voor aangaat bij Johan de Cock van Oppijnen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 536
fol. 158v, 16-04-1680
Cornelis Willemsen van de Graeff, Diacon, als t'recht hebbend van Dirxken Jansen, Jantje Jansen, Goossen Jansen en Anneken Barten, wed. Marcus van Scherpenseel, erfgenamen van Zal. Gerith Barten, en Tijs Geritsen, Roelof Geritsen, Herman Wolters als vader van zijn kinderen bij Zal. Jantje Gerits, Dirck van den Oever, vader van zijn onm. kinderen bij Zal. Emken Gerits, Hendrick Thomassen en Jan Tomassen, ook voor zijn zwager Hendrick Aertsen, man van Aeltje Tomassen, Item Claes van Meerten en Jan Evertsen, armmeesters tot Soelen, als t'recht hebbende van Willemke Hendrix, Item Arnt Rutgerss van Liesvelt, borger hopman tot Tiel als gemachtigde van Ds Bartholdus van Hattem, predikant tot Vleuten, voor hemzelf en namens zijn broeder Hendrick [van Hattem] en zijn zusters Henrica [van Hattem], Theodora [van Hattem] en Wilhelmina van Hattem (volmacht te Vleuten 13 Jan. 1680), samentlicke Erfgenamen van Gerritje Hendrix, huisvr. van Zal. den voorn. Gerrith Barten, verkopen aan Adriaen Stevensen van Zandwijck een huis tussen de Herr Bernardus van Welderen, raedt van Gelre, en Adriaen Geritsen Seeckel gelegen. Koper blijft er op schuldig. Gecasseerd 22 Oct. 1680.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 7, 05-05-1681
Dewijle Gerardt van Hattem bij maeggescheijt van 1665 heeft aengenomen seecker huijs in de Voorstadt op den last van 2425 g à 5 % tot profijt van de kinderen en erfgen. van Dirck van Hattem den ouden en zijn naergelatene weduwe, sulx dat de 4 kinderen van Dirck van Hattem in de helft van de 2425 g elk 1/4 intrest te betalen, soo heeft Dirck van Hattem den Jongen, beswaert met enige schulden, met moeilijkheden gedreijght, en geen contentement van zijn broeder voorn. bekomende, onlangs penningen van Dr. Albert van Lidt de Jeude moeten lighten en in minderingh van zijn Ed. credit van dit sijn pretens gerenuncieert en van den eigendom van voors. 305 g (1/4 van de helft van 2425 g) aen Lidt de Jeude overgegeven, mits daer van af sal gaan pro rata hetgene Gerart van Hattem wegen sijn vaderlijk goet moghte pretenderen.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 7v, 05-05-1681
Gemelte Dirck van Hattem, wetende dat het bovengenoemde transport niet komt te egaliseren het credit van Lidt de Jeude, transporteert aan deze een schultbekentenisse van 150 g, bij Zl Johanna van Wijck op 21 Oct. 1668 te zijnen behoeve gepasseert.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 30, 09-08-1682
Cornelis van Hien promisit aen Sr Jacob van Hattem coopman tot Utrecht van geleverde coopmanschap 1200 g à 4 %.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 30v, 08-08-1682
Ds Bartoldus van Hattem vendidit Stoffel Hendrickss Slechtbij en Jenneken van Roon, e.l., een hoofken in t'Sant naast de erfgen. van den ontfanger Cornelis van Lidt de Jeude en Antoni Storm, backer.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 43v, 03-04-1683
Joff. Aletta van Rijnevelt, wed. van Sr Gerardt van Hattem, en Hermannus van Hattem hebben sigh tot borgen geconstitueert voor de pachtpenn. en ongelden van huys en hofstadt in de Voorstadt en van den Hoff int Sant, bij haer swaeger en Ohm Dirck van Hattem den 27 Jan. l.l. van den Scholtis Bernart Cock als verwinhebber verpacht, verbindende daarvoor hun persoon en goederen in Tiel en Zandwijck en elders. Dirck van Hattem bekende de paght van voors. huis ende Hoff int Sant overgedaan te hebben aan zijn voors. schoonzuster en Neeff, mits zij hem schadeloos houden.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 45v, 03-05-1683
Antoni van Hattem vendidit aan Catharina van Hattem, sijne doghter alle zijn gerede goederen: gelt, gout, silver, klederen, beddenwollen en linden, coper, e.a.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 49v, 08-10-1683
Cornelis van Hien draagt op aan Sr Jacob van Hattem zijn gerede goederen, o.a. beesten, stoffen en winckelwaren, wegens schuld. Op de kant: 22 Oct. 1691 Peter Vromans getrouwd met Anna van Hattem, universeel erfgenaam van haar vader Jacob van Hattem, verkoopt dit aan Cornelis Hendricus [van Hien], Helena [van Hien] en Maria van Hien, kinderen van Cornelis [van Hien] en Johanna de Leeuw.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 90v, 04-03-1688
Johannes van der Horst vendidit aen Catharina van Hattem huis, enz. in de Kerckstraet, belast met 11 st Tyns aen St Martenskerck en 14 St aen de praesentie-Heeren, belend door Willem van Rumpt en een huis van de diaconie.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 91v, 12-04-1688
Catharina van Hattem, j.d., en haar vader Anthoni van Hattem als borge promt. aan Dr. Louis Craijvanger 250 g. à 6% op huis in de Kerckstraet.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 92, 14-04-1688
Catharina van Hattem vendidit aen Aeltgen Meynderts de Vries, J.D. 1/3 part in het genoemde huis aan de Kerckstraet op de last van 1/3 van de tijnsen en 1/3 van het capitael van 250 g.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 92, 14-04-1688
Anthonie van Hattem, Catharina van Hattem en Aeltgen Meijnderts, jonge dochteren, verclaeren dat zij tot gemeijn profijt hadden ingeleght eenige penningen en daervoor gecoft dit huis, winckelwaren en coopmanschappen, inboedel, huisraet, actien en crediten, elk voor 1/3 part. Bij sterven zal diens aendeel erven op de anderen en na de dood van de laatst levende de ene helft naar de Hattems en de andere helft naar de zijde van Aeltje.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 131, 23-05-1693
Hendrica de Roy, wed. Hack, gaf op 26 Sep. 1689 over aan Jacob van Hattem, wiens universeel erfgenaam is Pieter Vromans, no ux., hetgeen nu wordt geapprobeert bij Johan de Roy, der rechten Doctor.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 208v, 14-07-1699
Johannes Hart Erfhuijsmeester deser Stadt had voor 52 g 5 st het recht van executie bekomen op Anthonij van Hattem en Aeltje Meynders' gerede goederen. Hij verkoopt dit recht aen Dr. Louis Craijvanger.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 208v, 15-07-1699
Anthonij van Hattem en Aeltje Meijnders de Vries, ook namens Catharina van Hattem nu absent, transporteren aan Dr. Louis Craijvanger al haar gerede goederen, o.a. winckelwaren en coopmanschappen volgens gerichtelijk opgemaakte inventaris.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 537
fol. 208v, 15-07-1699
Anthoni van Hattem en Aeltje Meijnders de Vries beijde voor haer selfs en namens Catharina van Hattem, nu absent, promt. aan de erfgenamen van Christina van Wijhe 100 g. op huis ... in de Cleijne Kerckstraet.
Tiel, Schepensignaat van Zandwijk nr. 538
fol. 29v, 19-06-1704
Cornelis Breunis en Margareta van Liesvelt, e.l.; Hendrick van Oyen, wedr van Johanna van Liesvelt, en Bartholdus van Hattem, bedienaer des Goddelicke woorts tot Vleuten, en Juliana van Liesvelt, e.l.; genoemde Breunis en Hattem als bloetmomberen van de onmundige kinderen van Jacob Tin Zl bij Agneta van Liesvelt, tezamen erfgenamen van Zl den Hopman Arnt van Liesvelt en Theodora van Hattum, transporteren aen den overscholtus Nicolaes de Rooy en Juliana Peters, e.l., huisinge en een cleijn Huijsien daer naest in de Gasthuisstraet.
Tuil, Civiel proces
nr. 302, 00-00-1683
Lambert van Eck contra Aletta van Rijneveld, weduwe van Gerard van Hattem.
Tuil, Civiel proces
nr. 748, 02-02-1720
(02-02-)1720. Peter Spieringh, inwoonder tot Hedel, contra Dirck van Hattem, nabuur tot Herwijnen, betreffende de koop van hop in 1718.
Tuil, Civiel proces
nr. 749, 10-08-1719
(10-08-1719, 01-02-)1720. Dirk van de Velde, inwoonder tot Hedel, contra Dirck van Hattem, betreffende de koop van hop in 1718.
Tuil, Civiel proces
nr. 768, 09-08-1721
(09-08-1721, 30-03-)1722. Hendricus Verploegh, schepen, declarant, contra Dirck van Hattem, gedeclareerde. Op 05-05-1721 heeft gedeclareerde ten herberge ter presentie van veele menschen de declarant grovelijck geinjurieert met den selven uijt te schelden onder meer voor schurk, bedrieger, vagebont en schobkack. Nadat declarant den gedeclareerde daerover in regten had netrocken heeft de gedeclareerde overgegeven dat hij den declarant hout voor een eerlijk heer van ongekreuckte reputatie.
Tuil, Civiel proces
nr. 792, 22-12-1724
(22-12-)1724. Jan Walravensz Mus, eijscher, contra Dirck van Hattem, gedaegde, betreffende verschot over Herwijnen over de jaren 1714 t.m. 1719 aan eijscher uijtgeseth, waervan de uijtmaninge de gedaegde heeft en tot betalinghe verplight, terwijl de eijscher aan gedaegde in de jaren 1718, 1720 en 1724 hop en haver heeft gelevert.
Tuil, Civiel proces
nr. 804, 00-00-1726
Maijken Boon, weduwe van Leendert Claassen van Zee, wijscher, contra Dirck van Hattem, betreffende renunciatie door Dirck van Hattem van sodanige pandinge als op 26-02-1724 heeft gedaan exploicteren aen gerede goederen van eijscher.
Tuil, Civiel proces
nr. 806, 00-00-1726
De geërfdens van Herwijnen contra Dirck van Hattem, maenmeester van de verschoten en amptslasten over den Dorpe Herwijnen, betreffende de openstaende reeckeningen van verschotten en amptslasten over de jaren 1716 t.m. 1719.
Tuil, Civiel proces
nr. 817, 00-00-1727
De richter, ratione officii, contra Dirck van Hattem, secretaris van de heerlijkheid Dalem betreffende declaratie van costen.
Tuil, Civiel proces
nr. 871, 30-05-1732
(30-05-)1732. Alardt Loenen, coopman tot Rotterdam, contra Dirck van Hattem, betreffende de levering van hop in de jaren 1724 t.m. 1726.
Tuil, Civiel proces
nr. 877, 09-06-1732
(09-06-)1732. Cornelis van der Sluijs, coopman tot Bommel, contra Dirck van Hattem betreffende leverantie van hout in de jaren 1726 t.m. 1728.
Tuil, Civiel proces
nr. 887, 02-08-1734
(02-08-)1734. Adolph Petrusz Bierman contra Dirck van Hattem betreffende de verrekening van geleverde hop in 1723 en 1724, en van de middelen van de jaren 1722 t.m. 1724 door Dirck van Hattem als maanmeester.
Tuil, Civiel proces
nr. 896, 26-11-1734
(26-11-)1734. Marinus de Meijer, coopman in wijnen, contra Dirck van Hattem betreffende de levering van wijn in 1726.
Tuil, Civiel proces
nr. 919, 00-00-1738
Reijnier van Eldick, ontfanger tot Dodeweert, contra Dirck van Hattem, betreffende de levering van rijshout in 1738.
Tuil, Civiel proces
nr. 920, 00-00-1738
Hendrick de Groot en Gerit van Sickel contra Dirck van Hattem.
Tuil, Civiel proces
nr. 921, 00-00-1738
Dirck van Hattem, secretaris tot Daelem, contra Gerard Sickel. In gemeijnschap gekogt hebbende hout uijt eenige bossen in den Ampte van Nederbetuwe, Gerit van Sickel was overgegeven de directie om alles ten meeste profijte van de societeijt te doen verrigten gedurende de jaren 1736 t.m. 1738.
Tuil, Civiel proces
nr. 925, 23-05-1738
(23-05-)1738. Peeter van Oosterwijck, inwoonder en herbergier tot Gameren, contra Dirck van Hattem betreffende vertering.
Tuil, Civiel proces
nr. 926, 27-01-1738
(27-01-)1738. Michiel de Reuver, wonende tot Buiren, contra Dirck van Hattem, wonende tot Herwijnen, betreffende geleverd dijkhout in 1737.
Tuil, Civiel proces
nr. 931, 10-06-1739
(10-06-)1739. David Engelbert van Bijstervelt, capitain lieutenant onder een regiment cavallerie, contra Dirck van Hattem, richer en secretaris tot daelem, betreffende de verponding van land (de Cockse hoeven).
Tuil, Civiel proces
nr. 974, 13-06-1743
(13-06-)1743. Adolphus Bierman, heer van Herwijnen, contra Dirk van Hattem betreffende een lening van 150 g. die Teuntje de Fockert, als vrouw van Dirk van Hattem, van de heer Bierman heeft.
Tuil, Civiel proces
nr. 993, 12-09-1746
(12-09-)1746. Adolphus Bierman, heer van Herwijnen, contra Dirk van Hattem betreffende declaratie van kosten.
Tuil, Civiel proces
nr. 1002, 17-05-1748
(17-05-)1748. Dirk van Hattem contra Cornelis Ruringh, in huwelijk hebbende Teuntje IJsbrands de Fockert, betreffende een schuld die IJsbrand de Fockert op 29-05-1739 aan Dirk van Hattem heeft gedaan.
N.B. Vermeld wordt op 20-10-1751 Dirk van Hattem, en 30-10-1753 de weduwe van Dirck van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1243
fol. 123v, 12-07-1586
Jaspar van Rossem vendidit eenen renthbrieff van 28 g. 10 st. iaerlicx eertijts bij Wauter van Hooft aen des voorn. Rossems huijsfrauen beloeft, met 389 g. 6 st. affgereeckende afterstedige thijnsen (aan) Hector Moijesoen, als man ende momber sijnre huijsfrau Marij Cornelis Posten, ende Otto van Rossem in allodie.
Protocol Tuil nr. 1246
fol. 66, 30-05-1612
Bart van Hattem vendidit aan Aert van Eck, burgermeester binnen Worichom, landerijen als hij binnen Vuern heeft. Bart voornt. verclaert dat ghem. beswaernisse op ten huijse te Culemborg ten onderpande voor de waerschap gestelt.
Protocol Tuil nr. 1248
fol. 30, 30-08-1625
Willem Thomassen cessit et transtutit Rutgher van Hattem sijnen schoonsoon een obligatie van 40 g.
Protocol Tuil nr. 1248
fol. 30, 00-00-0000
Willem Thomassen en Lijntken sijne huijsfrouwe lijftochten elkaar. Hun kinderen zijn: Thomas [Willems], Jan [Willems] en Adriaantken Willems. Voorts worden kinderen vermeld van Frans [Willems] en Trijntke Willems zal.
Protocol Tuil nr. 1248
fol. 213, 03-09-1628
Herman Stevensen Stichtenaer bekent wel en deuchdelijck schuldich te sijn Rutgher van Hattem de somme van 200 g. spruijtend vuijt eene obligatie van 400 g. daer voer verbindende alle het coorn hij op desen herbst ende in de toecomende lenthen saeijen sall.
Protocol Tuil nr. 1248
fol. 213, 13-01-1640
Kwitantie van Thomas Masens als erfgenaem van Rutger van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1250
fol. 145v, 22-04-1644
Margareta Bernts, wedue van wijlen Johan van Sel, in sijnen leven luijtenant van cappiteijn Roer, heeft vercoft 7 mergen lants, daervan 5 inne den gerigte van Senwijnen en 2 tot Ophemert, genaempt de Sterckacker (aan) Dirck van Hattem, borger binnen Tiel.
Protocol Tuil nr. 1250
fol. 256v, 26-11-1646
Jacob Servaes de Raedt heeft gelooft Bart van Hattem ende Anna Michiels, e.l. wonende binnen die stadt van Tiel, thijns 54 car. g. wt huijs ende hof inne den gerichten van Senwijnen.
Protocol Tuil nr. 1251
fol. 39v, 25-11-1647
Genoemd wordt land in den gerichte van Senwijnen, ten N. doctor Johan van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1251
fol. 72, 05-05-1648
Genoemd wordt een acker lants te Ophemert, ten O. Dirck van hattem.
Protocol Tuil nr. 1251
fol. 174, 13-01-1650
Genoemd wordt 31/2 mergen lants gelegen inne den gerichte van Senwijnen genaempt den Swarten Camp, daer Noorden Doctor Johan van Hattem naast gelant is.
Protocol Tuil nr. 1251
fol. 227v, 06-05-1651
Dirck Dircsen Maesacker, borger binnen Tiel, heeft gelooft Bart van Hattem 130 car. g.
Protocol Tuil nr. 1251
fol. 260, 10-01-1652
Jacob van Oort, borger binnen Boemel, heeft wt crachte van procuratie bij Helena Doornichuijsen, vrouwe van Jacob Servaes de Raet, utlandich in oostindien sijnde, vercoft huijs ende hoffstadt, groot 13 hont, op Senwijnen gelegen aan Jan Cornelissen van Hattem en Rembolda Cornelisdr de Haen, e.l.
Protocol Tuil nr. 1251
fol. 287, 07-09-1652
Jan Cornelissen van Hattem, wonende in Schravenhage, ende Remmeken Cornelis de Haen, e.l., tochten elkaar aan hun bezit.
Protocol Tuil nr. 1251
fol. 309, 05-02-1653
Jan Janssen Hattem heeft getransporteert alle sijne goederen aan Adriaen van de Velde als rentmeester van het capittel van Haften.
Protocol Tuil nr. 1251
fol. 335, 01-07-1653
Gerrit Hermensen ende sijnen soon Willem Geritsen, nabueren tot Ophemert, hebben vercoft 2 mergen lants inne den gerichte van Ophemert aan Johan Suermont, coopman tot Tiel.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 04-07-1654
Vermeld wordt land in den gerichte van Hellouw binnen Corfgraeff, tussen land van Gerit Cornelissen en de erven van Jan Jansen Hattem.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 09-04-1657
Gerardus Hendericks, borger binnen Tiel, heeft gelooft Henderick van Hattem, weerdt in Antwerpen tot Tiel voorn., 36 car. g. thijns.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 28-04-1657
Henderick van Hattem heeft bekent van dese gelofte voldaen te sijn.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 12-06-1657
Heijlken Cornelisdr van Hattem, wedue van zal. Jan Huijbers, heeft vercogt de helfte van huijs en hoff gelegen in den gerichte van Ophemert, genaempt de Beuningen, aan Cornelis Francken.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 28-12-1657
Jan Jansen de Blanck, borger binnen Tiel, heeft wt crachte van speciale procuratie bij Remmeken Cornelis de Haen, weduwe ende boedelhouster van zal. Johan Cornelissen van Hattem op 27-12 j.l. voor schepenen van Rijswijk bij Schraevenhage in Hollant op hem gepasseert, voor de voldoeninge van 1200 g, als voorn. Jan Cornelissen van Hattem zal. bij sijne testamentaire dispositie van 04-11 voor notaris Hermannus de Coninck gepasseert ten behoeve van Rutger [van Hattem] en Heijltgen van Hattem gelegateert heeft verbonden ende tot onderpant gestelt heeft huijs ende hoff ende 11/2 mergen lants gelegen inne den gerichte van Senwijnen, daer van die voorn. Rutger ende Heijltjen die wederhelfte is competerende ende vermits overlijden van zal. Cornelis voorn. op haer gesuccedeert is.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 12-04-1658
Willem Jansen heeft gelooft aen Henderick Anthonissen, onmundich naergelaten weeskint van Anthonis van Hattem, een thijns van 18 g. 15 st. wt huijs ende hoff gelegen inne den gerichte van Est.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 10-04-1670
Ick heb gesien eene quitantie daer bij Henderick Teunissen van Hattem bekent ontfangen te hebben 50 g., soo dat den brief noch blijft in capitael 250 g.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 05-06-1658
Vermeld wordt Jan van Hattem, armmeester tot Ophemert.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 10-11-1658
Arien Rutgersen van Liesvelt heeft vercoft de helfte van eenen thijnsbrieff van 3 g. jaerlicx van 03-11-1625 aan Gerardt Janssoon.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 29-11-1659
Vermeld wordt de Celis acker in den gerichte van Hellouw, belendend de erven van Jan van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1252
fol., 24-10-1660
Gerardt Buth ende Heijlken van Doornick, e.l., Dirck van Cattenburch ende Peter Rootbeen als momboiren van de onmundige kinderen van zal. Jacob Servaes de Raet bij voorn. Heijlken in eerste echtschap verweckt, hebben vercocht een stuck bouwlant 8 hont inne den gerichte van Ophemert op den Bilckheuvel aan Jan van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1253
fol. 89v, 15-10-1662
Roeloff Joosten Verkuijl vendidit 1 mergen lant gelegen inne den gerichte van Ophemert in den Weerbulck aan Willem Jansen ende Jan van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1253
fol. 99v, 13-02-1663
Dirck Dircksen Maesacker, borger binnen Tiel, heeft gelooft Anthonis Quirijnen van Bueren te voldoen eenen schepenbrieff van 130 g als hij op 06-05-1651 aen Bart van Hattem ten landrecht te bethaelen gelooft heeft.
Protocol Tuil nr. 1253
fol. 102v, 22-03-1663
Vermeld wordt land van Dirck van Hattem in den gerichte van Ophemert.
Protocol Tuil nr. 1253
fol. 112v, 12-05-1663
Johan van Hattem vendidit de helfte van 1 mergen lants inne den gerichte van Ophemert in t Weerbulckse block aan Roeloff Joosten Verkuijl.
Protocol Tuil nr. 1253
fol. 117, 27-05-1663
Aert Willemsen vendidit 7 hont lants tot Ophemert genaempt de Weerbulck aan Jan van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1253
fol. 144v, 12-01-1664
Gijsbert Dircksen, nabuer tot Ophemert, vendidit 4 hont boulants gelegen inne den gerichte van Ophemert op den Vijffschreij aan Jan van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1253
fol. 148v, 16-02-1664
Johan van Hattem, nabuer tot Ophemert, heeft vercoft de helfte van eenen mergen lants gelegen inne den gerichte van Ophemert in den Weerbuck, hergecomen van Roeloff Joosten, aan Willem Jansen.
Protocol Tuil nr. 1253
fol. 229, 01-06-1669
Aert Rutgersen van Liesfelt vendidit 61/2 mergen geegen in den gerichte van Varick aan Joffr. Maria van Dorth.
Protocol Tuil nr. 1254
fol. 60v, 21-04-1669
Hendrick Anthonissen van Hattem heeft vercoft huijs en hof gelegen inne den gerichte van Est ende soo Anthonis Barten van Hattem, in leven smith tot Est, t selvige bewoont heeft aan Dingen Hermens.
Protocol Tuil nr. 1255
fol. 31, 09-03-1676
Hendrick van Hattem, secretaris in Wadenoijen, procuratie hebbende van sijn vader Jan van Hattem, heeft vercoft 4 hondt landts in den gerichte van Ophemert in het Ackerse Bloc, genaemt de Vrijschre, aen de Heer Reijndert van Haeften.
Protocol Tuil nr. 1255
fol. 37, 18-06-1676
Vermeld wordt een boomgaart tot Zennewijnen, belendend d'erfgenaemen van zalr. Jan Cornelissen van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1255
fol. 98v, 16-04-1678
Bart Janssen van Hattum heeft vercoft 8 hondt boulandt gelegen in den gerichte van Ophemert in t block genaempt de Bulckheuvel, als voors. landt den comp. bij magescheijt van sijnen vader Jan van Hattum op 20-11-1668 opgericht aengedeijlt is, aen Jor. Reijnier van Haeften.
Protocol Tuil nr. 1255
fol. 147, 10-06-1679
Bart Janse van Hattem heeft verkoft alle zijn gerede goederen als hij is besittende aan Ruttger de Vries, borger binnen Tiel.
Protocol Tuil nr. 1255
fol. 210, 13-02-1681
Rutger de Vries, j.m., heeft schuldigh bekent jaerlijcx 150 g. aan Aerndt van Liesvelt.
Protocol Tuil nr. 1256
fol. 182, 08-04-1684
Evert Leijster, deurwaerder der stadt Rhenen, vijt crachte van procuratie in dato 06-04-1684 voor schout, borgemeesteren ende schepenen der selver stadt, bij Hermanus van Hattem en Fransoijs Dobleer en Maria van Hattem, e.l., Alert van Laer, schepen der stadt voorsz., als getrout hebbende Aletta van Rijnevelt, die moeder ende momberse is van haar onmundigh soontien genaempt Dirck van Hattem, geprocreert bij zal. Sr. Gerrit van Hattem, verklaren getransporteert te hebben vanwege de 2 eerste comp. de rechte helfte ende noch 2/3 parth in de wederhelfte van seeckeren boomgaert omtrent 7 mergen genaempt de Stercke Ackers in den gerichte van Ophemert gelegen, gelijck oock vanwege de derde comp. in voorn. procuratie gemelt het resterende derde part in de leste wederhelfte de heer Willem Cattenbergh tot de Pottum.
Protocol Tuil nr. 1259
fol. 97v, 16-11-1709
Dirck Formijn, nabuer tot Ophemert, heeft voor 674 g. vercoght een stuck boulant groot ongeveer 3 mergen onder Ophemert aen Peter Janse van Wombergen.
Protocol Tuil nr. 1259
fol. 132, 28-10-1710
Dirck van Hemert heeft voor 200 g. vercoght aen Peter Jansen van Wombergen de helft van ongeveer 11/2 mergen boulandt genaemt het Pasken onder Ophemert, waer van de wederhelft voorn. Peter Janse van Womberge is competerende.
Protocol Tuil nr. 1259
fol. 182v, 17-05-1712
Op 09-02-1712 is een erffmagescheijt opgericht tusschen de mondige en onmondige kinderen van Ariaentje Hoogerwerff, weduwe van zal. Aert de Fockert, in leven heemraet ende scholtus tot Herwijnen, met namen Anthonij [de Fockert], Dirck [de Fockert], Jacobus [de Fockert], Arien [de Fockert], Leendert [de Fockert] en Maria de Fockert, en Crijn de Bruijn in huwelijc hebbende Handerske Fockert.
Protocol Tuil nr. 1259
fol. 247, 19-06-1714
Arien Joosten Crol heeft overgegeven voor vaderlijck versterf, als in huwelijck hebbende Hendersken Ariens, weduwe Hendrick van Hattum, 51/2 hont boomgaert met de griendinge op de Cromme Mergen onder Heesselt gelegen, desselfs schoonsoon Dirck van Hattum omme het selve in een eijgendom met sijn voorn. vaderlijck versterff Hendrick van Hattum te besitten.
Protocol Tuil nr. 1259
fol. 256, 20-11-1714
Anthonij de Fockert, Dirck van Hattem nom. uxoris Teuntje de Fockert, Crijn de Bruijn nom. uxoris Handersken de Fockert, voor haer ende haer sterck maeckende voor hare onmnondige broeders en suster met namen Arien [de Fockert], Leendert [de Fockert] en Maria de Fockert, alle kinderen van den schout Aert Anthonisse de Fockert, hebben getransporteert ...
Protocol Tuil nr. 1259
fol. 293v, 31-03-1716
Dirck van Hattem heeft voor 175 g. verkogt 10 hond land in den gerigte van Herwijnen aan Pieter Boellaerd Junior.
Protocol Tuil nr. 1259
fol. 297, 12-05-1716
Claes Jansen Donker heeft voor 23 g. verkogt aen Metje, weduwe van Hendrick van Hattem, een geregte vierde part in 9 mergen uijtterweert onder Hellouw,
Protocol Tuil nr. 1259
fol. 297, 12-05-1716
Cleas Jansen Doncker heeft verkogt aan Metje, weduwe van Hendrick van Hattem, een geregte 1/4 part in 9 morgen uijtterwert onder Hellouw gelegen.
Protocol Tuil nr. 1260
fol. 26v, 14-05-1717
Isebrant de Fockert heeft verkogt 10 hont elsenpas of bosch tot Ophemert in de Ouwelingen gelegen aan den procureur Johan Aansorgh en Dirck van Hattum.
Protocol Tuil nr. 1260
fol. 68v, 30-06-1718
Crijn de Bruijn verkoopt 11/2 hont boomgaert onder Herwijnen aen Dirk van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1260
fol. 154v, 08-11-1720
Anneke Gerrits, weduwe Giel van Hattem, cum tutore, Hermen Walbeeck nom. uxoris Uke van Hattem en Peter van Wetten nom. uxoris Geertrijd van Hattem hebben vercoght 7 hont bouwland op den Steendert tot Ophemert voor 193 g. (aan) Peter Janse van Wombergen.
Protocol Tuil nr. 1260
fol. 163, 14-02-1721
Joost Walravense Cock ende Maria de Fockert, e.l., maken hun testament en sij transporteren aan Dirck van Hattem alle haere gereede ende ongereede goederen die alle deselve goederen wederom heeft overgegeven aan de voorn. echteluijden.
Protocol Tuil nr. 1261
fol. 26, 10-10-1724
Cornelis van den Dungen, coornmolenaar tot Ophemert, heeft getransporteert aan Dirck van Hattem regt. van coopbrieff op goderen van Geurt Artse de Fockert.
Protocol Tuil nr. 1261
fol. 156, 18-11-1727
Joost Walravense de Cocq heeft getransporteert aan Dirck van Hattem 1/2 hondt boomgaert aan de Coornmolen tot Herwijnen.
Protocol Tuil nr. 1261
fol. 185v, 21-08-1728
Arien de Fockert, Marie de Fockert en Leendert de Fockert benoemen tot hun universele erfgenamen malcanderen en legateren bij afsterven van ijder van hun aan hare overige 5 broeders en susters met namen Anthonij [de Fockert], Teuntje [de Fockert] getrouwd met Dirk van Hattem, Dirk [de Fockert], Handerske [de Fockert] en Jacobus de Fockert.
Protocol Tuil nr. 1262
fol. 19v, 03-11-1732
Jan Cemp en Leijntje van Bergen, e.l., en Bart Verharen en Maeijken van Bergen, e.l., erfgenamen van Hendrick van Hattem zal., transporteren aan den sekretaris Dirk van Hattem een uijtterweert van 3 morgen 3 hont onder Hellouw van outs genaemt Roeloffe weert.
Protocol Tuil nr. 1262
fol. 20, 03-11-1732
Aelbertus Verharen en Maijken Verharen, e.l., en Jan Cemp en Leijntjen van Bergen, e.l., erfgenamen van Hendrick van Hattem zal., transporteren aan Willem Doncker een boomgaartje van 3 hont onder Haften.
Protocol Tuil nr. 1262
fol. 86, 18-03-1733
Hebdrick Mirop, voor sig en als vader en voogd van sijne onmondige dogter Geertruijd Mirop, ende Wouter van Bennecom, als oom en bloedvoogd van genoemde dogter, hebben in eene vaste erfcoop vercogt aan Dirk van Hattem, rigter en secretaris van Dalem, de helfte van den uijtterweert genaemt de Agterste Oplagen op Haeften.
Protocol Tuil nr. 1262
fol. 201v, 28-12-1739
Dirck van Hattem en Teuntje de Fockert, e.l., geven te kennen dat de heer Willem van Benthem, schepen en raad der stad Nijmaghen, den eersten comparant hadde aangestelt om eenige landereijen en goederen in het schependom van Bommel, Tielre en Bommelerweerden te verpaghten en te administereren, weshalven sij verhypothequeren alle haere gerede en ongerede goederen onder desen edelen en hoogen gereghte gelegen.
Protocol Tuil nr. 1262
fol. 206v, 08-02-1740
Dirk van Hattem, righter en secretaris van Dalem, en Teuntje de Fockert hebben verhypothequeert alle haere vaste goederen onder desen gerighte gelegen ten behoeve van den Heere Pieter Carpentier, borgemeester der stad Alckmaar, wegens de administratie der goederen als gemelte Heer Carpentier hen in handen sal geven.
Protocol Tuil nr. 1262
fol. 212v, 24-06-1740
IJsbrant de Fockert heeft voor eene somme van 320 g. die hij volgens accoord van 29-05-1734 aen Dirck van Hattem schuldigh is gebeleven getransporteert 14 hond land Brienenshoeff tot Herwijnen.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 8v, 12-03-1743
Dirk van Hattem en Teuntje de Fockert, e.l., hebben getransporteert aan de heer Hendricus Verploegh, heer van Hellouw, de helfte van 31/2 mergen uijtterweerd tot Herwijnen.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 9, 15-03-1743
Jan Aartse de Cock en Maria Coleijn, e.l., hebben getransporteert aan den secretaris Diderick van Hattem 17 hond land Jennette Camp genaemt, hergekomen van de Heer Borgemeester Bijstervelt.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 21v, 20-08-1743
Jacob de Leeuw en Geurtje de Krijger, e.l., hebben getransporteert aen Dirck van Hattem de helft in 5 mergen uijtterweerd in de Oplagen in Haeften, waarvan de andere helft is toebehoorende voorn. Van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 74, 24-06-1745
Dirk van Hattem en Antonia de Fockert, e.l., verklaren dat tussen hem eerste comparant en Maeijcken weduwe van Leendert Clasen van Zee proces was ontstaen, waarin bij sententie van desen gerighte van 06-12-1726 had gesuccumbeert, waer van geappelleert hebbende bij den Hove Provintiael van Gelderland, volgens sententie van 14-05-1738 de selve sententie was geconfirmeert tot welkens voldoeningh de eerste comparant promt. de kinderen en erfgenamen van voorn. weduwe Van Zee.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 124v, 16-05-1747
(geregistreerd) 16-05-1747 tot 26-05-1747. Extract uit het signaat van Deijl (nr. 1100 fol. 259): 13-07-1726. Peter van Wombergen, scholtus tot Wadenoijen, krank van lighaem, en Aletta van Hattem, e.l., disponeren over hare goederen.
Zij
bepalen dat hare huwelijkse voorwaarde in sijn geheel sal verblijven;
lijftochten reciproce malcanderen in landerijen onder Ophemert;
benoemen tot hun verdere erfgenamen Jacomijna [van Wombergen] en Metje van Wombergen, sijne 2 susters, Steven van Dieden, zoon van Arie van Dieden en Steventje van Hattem, dogter van schepen Cornelis van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 144v, 14-05-1748
Dirk van Hattem en Teuntje de Fockert, e.l., hebben getransporteert aan Jan van Baren ongeveer 5 hond bouwland op Heessel.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 146, 17-08-1748
D. van Hattem en Anthonia de Fockert, e.l., bekennen schuldigh te wesen aan den rentmeester H. van Hattem een somma van 625 car. g.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 146v, 20-08-1748
Johanna de Jongh, weduwe van de heer Borgemeester Anthonij van Niel, heeft getransporteert 51/2 hont weijland op Hellouw gelegen, het Bieskampke, aan Hendrik van Hattem.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 197v, 08-12-1750
Dirk van Hattem, rigter Ho. en vrije heerlijkhijd Dalem, Haaten en Schuijnenoord, en Anthonia de Fockert, e.l., hebben getransporteert aan Lamert Blom 5 mergen Sijmons Oplagen onder Haeften.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 203v, 11-05-1751
Dirk van Hattem en Teuntje de Fockert, e.l., hebben opgedragen 71/2 hond bouland tot Oppijnen aan Jacoba van den Bergh, weduwe van Ghiel van Toorn.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 220, 08-02-1752
De secretaris Diederick van Hattem en Antonia de Fockert, e.l., hebben getransporteert aan haren soon Hendrik van Hattem 2 mergen 5 hond bosch Jennette Camp op Herwijnen.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 220, 08-02-1752
Govert van Balgoijen nom. uxoris Maria van Zee en Fredrick van Zee, hebben getransporteert aan haren soon Hendrik van Hattem schepenschuldbrieff van
24-06-1745 door Dirck van Hattem en Antonia de Fockert, e.l., voor schepenen gelooft.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 221, 21-04-1752
De righter en secretaris van Dalem Diederick van Hattem en Antonia de Fockert, e.l., de eerste te bed leggende en siekelijck sijnde, voorgenomen hebbende onder onsen kinderen en naar te latene goederen te disponeren, benoemen als aerfgenamen onse 3 kinderen met namen Hendrick [van Hattem], en Antonia van Hattem, en Arjaantje van Hattem als in huwelijk hebbende Walraven van den Bosch.
Protocol Tuil nr. 1263
fol. 221v, 21-04-1752
De righter en secretaris van Dalem Diederick van Hattem en Antonia de Fockert, e.l., geven het volle reght en volle possessie aan de heer Jacob Nicolaes van den Steen, Heer van Ommeren en Waijensteijn, borgemeester der stad Tiel, omme over de Sijmons Camp op Herwijnen toegang te mogen hebben tot ...
Protocol Tuil nr. 1276
fol., 08-04-1684
Evert Lijster, deurwaerder der stadt Rhenen met procuratie den 03-04-1684 voor schout, borgemeesteren ende schepenen der selven stadt bij Hermannus van Hattem en Francois Dobbleer en Maria van Hattem, e.l., als getrout hebbende Aletta van Rijnevelt, die moeder ende momberse is van haer onmondigh soontien genaemt Dirck van Hattem geprocreert bij zal. Sr. Gerrit van Hattem, verklaren getransporteert te hebben de helft en 2/3 parten van de wederhelfte van seeckeren boomgaert omtrent 7 mergen genaamt de Stercke Acker in den gerichte van Ophemert gelegen.
Zuilichem nr. 677
fol. 240, 07-12-1676
Schepen C. van Hattem.
Zuilichem nr. 677
fol. 242, 00-00-1677
Schepenen die dit jaer in eedt sijn: Carel van Hattem ...
Zuilichem nr. 677
fol. 242, 02-01-1677
Carel van hattem, onsen mede schepen, ende Antonia ten Vriel, e.l., hebben vercoft alle haere gereede en ongereede goederen Johan de Cocq, richter, in eenen eijgendom te besitten. Doen dit geschiet was heeft Johan de Cocq, richter voornt., de voorsz. reede en onreede goederen wederom uijtgegeven aen beijden echteluijden ende den lanxtlevende in tochte te besitten onder conditie soo indien de lanxtlevende wederom mochte comen te trouwen en kijnderen procreeren, dat alle de goederen op die kijnderen devolveren sullen ende soo de lanxtlevende geen kijnderen ten tweden houwelick mochte procreeren dat de goederen dan bij wedersijtse vrienden sullen werden gedeijlt, doch soo bij dit houwelick kinderen werden geprocreert soo sal de hekft van de goederen blijven voor de kijnderen van dit houwelick.
Zuilichem nr. 677
fol. 253v, 06-12-1677
Carel van Hattem, onsen mede schepen. ende Antonia ten Vriel, e.l., hebben vercoft alle haere gereede en ongereede goederen Johan de Cocq, richter, in eenen eijgendom te besitten. Doen dit geschiet was heeft Johan de Cocq, richter voornt., aen beijde d'echteluijden ende den lanxtlevende van dien euwichlijck ende erffelick te hebben, onder conditie soo indien kijnderen bij staende houwelick mochten werden geprocreert, dat de gerechte helfte van alle de goederen bij aflijvicheijt van een van beijde sullen blijven voor deselve kijnderen.
Zuilichem nr. 677
fol. 256, 00-00-1678
(Carel van Hattem is geen schepen meer).
Zuilichem nr. 677
fol. 257v, 24-03-1678
... Carel van Hattem, scholtus van Brakel ...
Zuilichem nr. 677
fol. 262, 19-12-1678
Carel van Hattem, schepen.
Zuilichem nr. 677
fol. 265, 00-00-1679
Carel van Hattem, schepen.
Zuilichem nr. 677
fol. 288, 00-00-1680
Carel van Hattem, schepen.
Zuilichem nr. 678
fol. v, 00-00-1681
(Carel van Hattem is geen schepen meer).
Zuilichem nr. 678
fol. 14v, 00-00-1682
Carel van Hattem, schepen.
Zuilichem nr. 678
fol. 29v, 00-00-1683
Carel van Hattem, schepen.
Zuilichem nr. 678
fol. 43v, 00-00-1684
(Carel van Hattem is geen schepen meer).
Zuilichem nr. 678
fol. 68v, 00-00-1685
Carel van Hattem, schepen.
Zuilichem nr. 678
nr. 215 (?), 16-03-1686
Johan van Vollenhoven, voor zich zelf en nom. ux., contra Carel van Hattem te Brakel.
Zuilichem nr. 678
fol. 71v, 03-04-1685
Jan Woutersen Clophout heeft getransporteert aen Willem van Hattem alle sijne gereede goederen. Doen dit geschiet was heeft Willem van Hattem alle de selve goederen wederom getransporteert aen Mourits [Clophout], Peterken [Clophout], Lijntjen [Clophout], Metje [Clophout] en Willemke Jans Clophout omme alle de selve goederen te gebruicken nae haer welgevallen.
Zuilichem nr. 678
fol. 88v, 00-00-1686
Carel van Hattem, schepen.
Zuilichem nr. 678
fol. 93, 13-07-1686
Carel van Hattem, schout tot Braeckel, sigh selven afftuijgende, heeft om costen voor te comen gelooft aen de Heer Jan van Vollenhoven binnen 8 maenden te betaelen allet gene sijne E. ter saecke van coopspenningen van den Oijevaersnest is verschult.
Zuilichem nr. 678
fol. 97v, 00-00-1687
(Carel van Hattem is geen schepen meer).
Zuilichem nr. 678
fol. 118v, 00-00-1688
Carel van Hattem, schepen. Obijt 03-03-1688.
Zuilichem nr. 678
fol. 164, 01-06-1690
Antonia ten Vriell, weduwe Hattem, heeft voor een somme van penningen waer van sij ... voldaen te wesen, alle het gene sij van den jare 1672 tot den jare 1688 incluijs van het gemeijne lant op Braeckell te eijschen heeft, getransporteert aen Dirck ten Vriell in eenen eigendom te besitten.
Raad van Brabant
nr. 788, 00-00-1715
Laurens Volders, oud-secretaris van Asten, contra Everard van Deurne, heer van Asten, en Johan van Hattem, drossaard van Asten, betreffende de dood van Jan Volders veroorzaakt door Johan van Hattem. (1) Johan van Hattem wordt voor het eerst als drossaard van Asten genoemd op 13-07-1665 en voor het laatst op 26-01-1668 (2) Peter van der Lith was reeds drossaard van Asten op 04-07-1669.
Raad van Brabant
nr. 819, 3386, 13-12-1656
Op de differenten geresen voor den Rade van Brabant tusschen den kinderen en erffgenaemen onder benefitie van inventaris van wijlen Hans de Joode ende desselffs huijsvrouwe, eijsschers, ende de heer ... C..ck, erffheer van L... ende Cloeckenberch, als getrouwt hebbende vrouwe Lucretia van Staeckenbroeck, weduwe ende boedelhoutster van heer L'Amorael van der Noot, in sijn leven heere van Risoir, mitsgaders de heer Frederick Hendrick van Randtwijck, heere van Rossen, als midts d'overlijden van de heer Philips Jaecques van den Boitselaer, heere van Asperen, gestelt tot curateur over de minderiarige kinderen ende erffgenaemen van vrouwe Lucretia van Staeckenbroeck verweckt bij de voorss. heer L'Amorael van der Noot ... ende ... Jan Cornelissen van Hattem, meester cleermaecker ... mede eijsschers ...
Raad van Brabant, Register van resoluties
nr. 5/2844, 10-06-1733
Woensdag 10-06-1733. Missive met plakkaat van 22-05-1733 tegen de libertijnse en heilloze gevoelens van Pontiaen van Hattem en andere voorstanders van die leer.
Raad van Brabant, Register van resoluties
nr. 788/1072, 21-04-1655
Amplicatie van de inventaris van wegen Joffr. Anna Bruse, weduwe van de heer David Colier, in sijn leven capn. maijor van een Schots regiment ten dienste deser landen, woonende tot Bergen op Zoom, Franchoijs Buijssen, woonende tot Rosendael, Jacob Duseel, wijncooper tot Dordrecht ... Dirck van Hattem ... alle crediteuren van wijlen den capn. Hendrick Sels ende joffr. Maria Ittersen, ged. bij mand. van benefitie van inventaris mette clausulen van relieff ende edictie.
Raad van Brabant, Register van resoluties
nr. 819/3375, 07-05-1656
In der saecke hangende voor den Raede van Brabant tusschen Joffr. Maria van Ittersum, lest weduwe van d'heer capiteijn Hendrick Sels, impte., en Joffr. Anna Bruse, weduwe van de heer David Colier, in sijn leven capn. maijor van een Schots regiment ten dienste deser landen, woonende tot Bergen op Zoom, Franchoijs Buijssen, woonende tot Rosendael, Jacob Duseel, wijncooper tot Dordrecht ... Dirck van Hattem ...
Raad van Brabant, Register van resoluties
nr. 823/5948, 23-12-1716
In der saecke hangende voor den Rade van Brabant tusschen Samuel Gabriel de Boschewel du Castel, majoor van het regiment van den brigadier Chavonnes, impt., ende Mr. Willem van Maurick, burgemeester binnen de bancke der stadt Bergen op ten Zoom, in huwelijck gehadt hebbende Anna van Hattem, Samuel van Hattem, outwethouder aldaer, Assuerus Schut, in huwelijc hebbende Johanna van Hattem, ende Simon van Hamerstede, predicant van Dongen, voor hemselven ende als voogt ende administrateur van de goederen van de kinderen van Samuel Maurick de la Rocque, luijtenant collonel van een regiment infanterie, excipienten ... ontseijt den impt. sijnen eijsch.
Raad van Brabant, Register van resoluties
nr. 825/6559, 29-09-1729
In der saecke hangende voor den Rade en Leenhove van Brabant tusschen Laureijs van Alphen, oud burgemeester, Samuel van Hattem, Wouterus de Clercq, Jacobus Vervoeren, Assuerus van Hattem ende Martinus de Neve, oud schepen der stadt Bergen op den Zoom, in die qualityeijt te samen uijtmaeckende het meerder gedeelte van het tweede lith van den Breeden Raed der voorss. stadt, ende ... alle raedsluijden en representerende de respective matien, ambagten en gildens en sulcx uijtmaeckende het derde lith van de Breede Raeds vergaderinghe der voorsz. stadt ...
Raad van Brabant, Register van resoluties
nr. 825/6636, 20-04-1733
In der saecke hangende voor den Rade en Leenhove van Brabant tusschen Samuel van Hattem, oud wethouder der stadt Bergen op den Zoom, impt., ende Anthonij van Broeckhuijsen, procureur voor den gerechte van Wouw ...
Raad van Brabant, Register van resoluties
nr. 825/6643, 07-07-1733
In der saecke hangende voor den Rade en Leenhove van Brabant tusschen Samuel van Hattem, oud wethouder der stadt Bergen op den Zoom, impt., ende Anthonij van Broeckhuijsen, procureur voor den gerechte van Wouw ...
Asten nr. 6
27-10-1669
Peter van der Lith, drost en secretaris van Asten ...
Asten nr. 79
fol. 30v, 24-07-1666
Johan van Hattem, drost ...
Asten nr. 79
fol. 42v, 24-07-1666
Johan van Hattem, drost ...
Asten nr. 79
fol. 44v, 24-07-1666
Johan van Hattem, drost ...
Asten nr. 79
fol. 45, 15-03-1667
Johan van Hattem, drost ...
Asten nr. 79
fol. 65, 00-11-1667
Johan van Hattem, drost ...
Bergen op Zoom nr. 418
24-06-1678
Sr. Dirck van Hattem, appothecaris ende coopman alhier, const. Mr. Gerbrand Schagen, advocaat voor de adelijcke bancke van Nederbetuwe, ende Adolf Boutens, procureur aldaer, in omnibus ad lites.
Bergen op Zoom nr. 418
08-04-1679
Ca. 08-04-1679. Dirk van Hattem, als momber van de onmondige kinderen van zijn broer Willem van Hattem, machtigt Aletta van Hattem, weduwe van luitenant Maurik, zijn zuster, om een boomgaard te Wijk bij Duurstede te transporteren. 09-06-1679. Dirck van Hattem, apothecaris ende poorter deser stadt, bekende in qualiteijt als voocht van de weesen van wijlen Sr. Willem van Hattem, zijn broeder, te maghtigen Aletta van Hattem, sijne suster, omme uijt sijn naeme van Mr. Hendrick van Velen te ontfangen de somme van 200 g. over coop van seecker boomgaertie als den selven aen de selve weesen schuldich is.
Bergen op Zoom nr. 418
08-04-1679
Ca. 08-04-1679. Dirck van Hattem, apothecaris ende poorter deser stadt, bekende in qualiteijt als voocht van de weesen van wijlen Sr. Willem van Hattem, zijn broeder, te maghtigen Aletta van Hattem, sijne suster, omme uijt sijn naeme van Mr. Hendrick van Velen te ontfangen de somme van 200 g. over coop van seecker boomgaertie als den selven aen de selve weesen schuldich is.
Bergen op Zoom nr. 418
09-06-1679
Dheer Dirck van Hatten, apotecaris ende poorter deser stadt als momboir van de onmondige kinderen van sijn broeder Willem van Hatten, const. Juffr. Aletta van Hatten, weduwe van zalr. de lutenant Maurick, sijne suster, om te transporteren aen Jacob Jansen Knijff seeckere boomgaertien met de bepooting ende beplantingen groot een hondt landts gelegen in de Wijckenweert.
Bergen op Zoom nr. 418
11-08-1679
Sr. Diderick van Hattem, apotheker, en Juffr. Muijshondt, e.l., Pontiaen van Hattem, predikant in Philipsland, Anna van Hattem en Willem van Maurick, griffier van het leenhof deser stadt, e.l., Maria van Hattem, j.d., monsr. Samuel van Hattem, j.m., beiden bejaard, en Johanna van Hattem, minderjarig, broers en zusters van zal. Sr. Johannes van Hattem, die in September 1671 met het schip Gouda voor de Kamer van Amsterdam uit Texel naar Ceylon in Oost-Indie is gevaren, en daer te Colombo in Januari 1674 overleden, als erfgenamen, terwijl hij geen andere erfgenamen ab intestato heeft nagelaten ...
Breda, Vestbrieven
regest 535, p. 72, 12-03-1652
Jenneken Vernoij, weduwe wijlen Jan van Hattem, als last bij procuratie hebbende van Jan Martensen, corencooper, volgens procuratie voor notaris Foocco Schouten in 's-Gravenhage op 07-03-1652 gepasseert, heeft verclaert ...
's-Hertogenbosch, Not. H. van Duerssen
nr. 2699, 293, 30-07-1660
Compareerde Cornelia [van Hattem] dochtere Cornelis van Hattem, huysvrouwe van Cornelis van Groeningen, soldaet onder de compagnie van de heere van Beverweerdt, gouverneur der voorss. stadt s' Hertogenbosche, ende Aelberthie [van Hattem] oyck dochtere Cornelis van Hattem en hebben machtich gemaeckt den voorsz. Cornelis van Groeningen om te vercoopen 8 hont lants gelegen in de Mars onder den dorpe van Lienden als de voorsz. comparanten bij doode van za. den voornoemde Cornelis van Hattem, haeren vaer, is aengecomen. (Ondertekend) Cornelia Cornels van Hattum, Aelbertie zet een kruis.
Alkmaar, Familie-archief Van Foreest
nr. 36, 06-06-1577
Op de hofstede te Maurik van zal. Albrecht van Hattem zijn vergaderd Willem van Hattem, Dirck van Hattem, juffr. Maria van Hattem met haar echtgenoot Nanning van Foreest, juffr. Hester [van Hattem] en Belije van Hattem, geassisteerd met Otto van Wijck, allen kinderen en erfgenamen van Aelbert van Hattem en juffr. Heiltgen van Wijck, zijn vrouw, alsmede van zal. juffr. Elisabeth van Wijck, hun oude moeije, voor het maken van de boedelscheiding.
N.B. Bij de verdeling worden tevens genoemd Willem van Hattems vrouw Geese ter Borch, Judith van Hattem, Heil van Hattem en Henrickge van Hattem; Dirkske van Hattem wordt hier echter niet genoemd, waaruit kan worden afgeleid dat zij dan reeds is overleden.
Alkmaar, Familie-archief Van Foreest, Afrekeningen
fol. 5, 00-00-0000
Genoemd worden Wilhelm [van Hattem], Dirck [van Hattem], Maria [van Hattem], Hester [van Hattem] en Belie van Hattem.
Alkmaar, Familie-archief Van Foreest, Afrekeningen
fol. 12, 04-07-1581
Rekening van Willem van Hattem ten behoeve van Nanning van Foreest ... en zijn zuster Isabella van Hattem.
Alkmaar, Familie-archief Van Foreest, Afrekeningen
fol. 12v, 04-07-1581
04-07-1581 en 21-07-1582. Genoemd wordt Isabella van Hattem.
Alkmaar, Familie-archief Van Foreest, Afrekeningen
fol. 13, 18-05-1584
Rekening van Willem van Hattem ten behoeve van Nanning van Foreest en doctor Arent de Greve en zijn vrouw.
Alkmaar, Familie-archief Van Foreest, Afrekeningen
fol. 15v, 29-05-1586
Rekening van Isabella van Hattem ten behoeve van Nanning van Foreest en Maria van Hattem. Hierin wordt Isabella vermeld als weduwe van dr. Arent de Greef.
Alkmaar, Familie-archief Van Foreest, Afrekeningen
fol. 16v, 31-05-1586
Isabella van Hattem ondertekent.
Alkmaar, Familie-archief Van Foreest, Afrekeningen
fol. 17v, 25-09-1587
Ontvangen van Isabella van Hattem ...
Alkmaar, Familie-archief Van Foreest, Afrekeningen
fol. 18, 10-09-1589
Rekening volgens missive van zuster Cornelia [van Hattem] (= Isabella van Hattem).
Alkmaar, Familie-archief Van Foreest, Afrekeningen
fol. 18v, 28-10-1589
Memorie van tgene mij (= Nanning van Foreest) compt van mijn suster Isabella ... Boedelscheiding tussen de kinderen van Albrecht van Hattem en Heiltgen van Wijck. Staat van hetgeen mijn zuster Isabella van Hattem mij (= Nanning van Foreest) schuldig is per mei 1586.
Sij heeft van de resterende 70 g. ... nae haere suster Judith [van Hattem] haer verschoten 30 g. in volle betaelt.
Na onse reeckening ... 't welck mijn oom Dirck van Hattem gehaelt heeft met practijcke van Gerrit Lubbertssoon
...
Isabella van Hattem schrijft aan Nanning van Foreest dat zij hem op 14-06-1591 27 g. verschuldigd is, en dat zij dit op 22-09-1591 heeft betaald aan haar zuster Judith van Hattem
...
Op 05-08-1593, 29-11-1593 en 07-04-1595 ontvangen van Gerrit Lubbertsz volgende mijn oom Van Hattem's brieven van resp. 21-07-1593 en 29-03-1595. Op 09-06-1596 ontvangen van mijn neef Johan van Hattem 5 g. 10 st.
Opmerking. Deze aantekeningen kunnen niet va de hand van Nanning van Foreest zijn, daar hij op 03-10-1592 is overleden. Vermoedelijk zijn zij gemaakt door een zoon van Maria van Hattem.
Alkmaar, Not. L.J. Coren
14-08-1578
Maria van Hattem maakt haar testament.
Amsterdam, DTB
08-05-1593
Aelbert Diericsz, van Utrecht, huijstimmerman, oudt omtrent 25 jaren, ondertr. 08-05-1593 Anna Geurten, oudt 21 jaren, geass. met Ael Pieters, haar moeder.
Amsterdam, Begraafregister weeskamer
KKH 48, 13-05-1682
Margaretha van Halteren heeft verklaert geen middelen te hebben om haer kinderen ijets voor moeders erf te kunnen bewijzen, 't welck in seeckere acte gepasseert voor notaris Dirck van der Groe op 12-05-1682 Ja de Lies [van Halteren] en Hendrick van Halteren hebben getuijght waerachtigh te sijn.
Amsterdam, Inbrengregister weeskamer
nr. 16, fol. 235, 10-02-1615
Anna Geurtsen, geass. met Lieven Hermansz, haren vooght, heeft bewesen haren sone Geurt, out 16 jaren, daer vader aff was Albert Dirxsz, huijstimmerman, voor zijn vaders erve de helft van een huijs ende erve staende in de Jonckerstrate, belast met de helft van 8 g. 10 st.
Amsterdam, Not. A. van der Ende
17-11-1667
Jannetje Doers, weduwe van Mattheus Leenaertsz, wonende te Amsterdam, als erfgenaam van haar tante Bartrart van Hattem, tesamen met Ds. Wilhelmus Bisterus, machtigt Adam van Westrhenen, haar neef, in verband met de nalatenschap.
Amsterdam, Not. D. van der Groe
12-05-1682
Margaetha van Halteren, weduwe van Reijnert van Hattem, in sijn leven goutsmit binnen deser stadt, verclaerde dat sij wel soo veel schuldigh is dan sij goederenen effecten is hebbende en niets overich behouwt ten behoeve van haere 3 kinderen die sij bij hare man zal. geteelt in t leven is hebbende voor haer vaders goet ende erffenisse.
Amsterdam, Not. J. Heijkoop
nr. 4804, p. 3, 11-06-1678
Machtelt van Hattum, weduwe Jan Jacobsz de Roij, en Pieter de Vinder, koopman, constitueren Bernard Wachtman om hun vorderingen te innen.
Amsterdam, Not. J. Heijkoop
nr. 4804, p. 7, 14-06-1678
Machtel van Hattum, weduwe Jan Jacobsz de Roij, koopvrouw, en Pieter de Vinder, haar zoon, koopman alhier, constitueren Johan Reetberck, koopman in de Lipstadt, om hun vorderingen te innen.
Amsterdam, Not. J. Heijkoop
nr. 4804, p. 89, 16-02-1679
Joffr. de weduwe De Roij en Pieter de Vinder transporteren een huis van Jacob Bruijnsteen, koopman alhier, en hebben hem insinuatie gedaan.
Amsterdam, Not. J. Heijkoop
nr. 4804, p. 104, 15-06-1679
Joff. Machtelt van Hattum, weduwe van Jan Jacobsz de Roij, en Pieter de Vinder, beiden kooplieden alhier, verklaren van Roeloff Cappel, koopman te Emden, geld te hebben ontvangen.
Amsterdam, Not. J. Heijkoop
nr. 4804, p. 117, 20-12-1679
Joff. Machtelt van Hattum, weduwe van Jan Jacobsz de Roij, en Pieter de Vinder machtigen Barent Pouraet om hun vorderingen te innen.
Amsterdam, Not. L. Lamberti
31-10-1642
Dirck van Hattem, burger van Tiel, maakt een contract waarbij hij zijn zoon Dirck van Hattem, oud 18 jaar, als leerling besteedt bij Adriaan van Bon, koopman en zijdelakenkoper aldaar.
Amsterdam, Not. L. Lamberti
29-11-1647
Anthoni van Hattem transporteert aan Pontiaen van Hattem en Gerrit Wijburg, man en voogd van Johanna van Hattem, comparants zuster, beiden burgemeesters van Wijk bij Duurstede, en machtigt Pontiaen van Hattem en Gerrit Wijburg de schuld van zijn neef Arent van Hattem, wonende te Maurik, te innen.
Amsterdam, Not. L. Lamberti
07-09-1649
Anthoni van Hattem verklaart zijn huis en hofstede te Wijk bij Duurstede aan zijn broer Pontiaen van Hattem verkocht te hebben, en machtigt notaris Jacob van Bijller tot de overdracht.
Amsterdam, Not. L. Lamberti
06-01-1652
Anthoni van Hattem, koopman binnen Amsterdam, geeft zijn testament op. Hij legateert geld aan de armen van de gereformeerde gemeenten te Wijk bij Duurstede en Maurik. Voorts benoemt hij tot zijn universele erfgenamen:
Pontiaen van Hattem, of bij zijn vooroverlijden zijn wettige nazaten bij representatie.
Willem Wijburg, zijn zusters zoon, en Gerrit Wijburg, enige zoon van diens oudste broer Claes Wijburg.
Amsterdam, Not. F. Meerhout
nr. 2101, 312, 16-07-1652
Sr. Dirck van Hattem, koopman wonende te Leiden, machtigt Lambert Oostingh, wijnkoper te Amsterdam, om uit zijn naam geld te innen.
Familie-Archief Sloet tot Oldhuis
nr. 35, 10-08-1671
Huwelijksvoorwaarden van Adriaan Sloet en Margaretha Elisabeth van Hattem: Wolter Sloet thoe den Kerssenbergh, sergeant-majoor der stad Zutphen, Herman Johan Sloet, capiteijn over een compagnie voetknechten in staatsdienst, Reijnier Gansneb genaamd Tengnagel, burgemeester van Campen, commissaris der mensterongh van de provintie Overijssel, gecommitteerde ter vergadering der Staten Generaal wegens de provintie Overijssel, Jan Sloet ten Tweeniuwehuijsen en Haghendorp, gedeputeerde van de vergadering van Overijssel, en Johan Schaffer, als vader, broers en neven van Adriaen Sloet, burgemeester van Doesburg en gecommitteerde van Brandenburg door het vorstendom Cleeff en de graeffschap van der Marck, en Abdias van Pottre, burgemeester van Goch, als oom van de Juff. Margarieta Elsabeta van Hattem als bruid ...
Familie-Archief Sloet tot Oldhuis
nr. 40, 04-02-1765
De secretaris van De Balije van de Ridderlijke Duitse Orde te Utrecht verklaart dat Jor. Alexander Emanuel van Renesse van Wulp, zoon van Johan van Renesse van Wulven en Wilp en Hester van Hattem, op 18-07-1623 in de ridderschap werd geadmitteerd daar hij 4 adellijke kwartieren bezat, waaronder het riddermatige kwartier Van Hattem als eerste moderlijke kwartier.
Familie-Archief Sloet tot Oldhuis
nr. 41, 24-01-1710
De oudtste Aenteeckeningen, die ick vind vant Trouwen onder ons, haer begin nemen met 't jaer 1583 en dat de oudtste Aenteeckeningen vant Dopen der kinderen haer begin nemen met 't jaer 1634. Mijn is niemants Persoon van de Hattems onder de gedoopte voorgekomen. Maer onder de geproclameerde worden van mijn gevonden de navolgende namen van de Hattems.
00-05-1598.
Johan van Hattem, oltste soon wijlen Wilhem van Hattem, deser stadt gewesene borgermeester, ende Juffer Agnis Rengers, Borgermeesters Gerhardts Rengers Doghter.
00-10-1631.
Lodewijck van der Brugge, j.m. van Saltbommel, ende Juffrouw Wilhelmina van Hattem, wonende alhier ter stede.
00-10-1633.
Borgermeester Jan Verdelfft, weduwenaer, wonende tot Hasselt, en Juffrouw Wilhelmina van Hattem, weduwe van Lodewijck van der Brugge, wonende alhier.
00-02-1640.
Eghbert ten Holte, soon van Gerrit ten Holte, scholtis tot Epe, en Juffr. Hendrina van Hattem, Dochter van Zalige Joncker Jan van Hattem.
00-04-1648.
Joncker Jan van Hattem, j.g. van Hattem, ende Juffr. Margareta van Pottre, nagelaten Doghter van Zalige Godtschalck van Pottre, gewesene Richter tot Goch.
Familie-Archief Sloet tot Oldhuis
nr. 42, 12-02-1632
Accoord bereikt na een proces gevoerd voor het gerecht van de stad Utrecht door de erfgenamen van zal. Jor. Daniel van Hattem, tegen juffr. Jacomina Roorda, weduwe van de voorn. Hattem, inzake de boedelscheiding, omdat de erfgenamen niet naar Friesland wilden gaan en genoemde weduwe niet uit Friesland wilde komen. De erfgenamen die mede ondertekenen zijn:
(1) Maria van Wijck, weduwe van Abraham van Hattem.
(2) Maximilaan van Renesse, heer tot Wilp.
(3) Margaretha van Renesse.
(4) Ernst van Rhede, maarschalk, als man en voogd van Cornelia van Renesse.
(5) Josina van Hattem.
(6) ... zich tevens sterk makende "voor mijn zoon Dirck van Hattem" en voor Johan Sigismondt von Bisbergen en juffr. Anna van Hattem, echtgenoten. De erfgenamen beloven dat zij Jacomina Roorda voorlopig niet zullen laten arresteren.
N.B. Willem van Hattem wordt ook hier niet (meer) genoemd.
Familie-Archief Sloet tot Oldhuis
nr. 43, 24-01-1633
Wij Gijsbert Greven, Gerrardt van Galen, Jerephaes van Hollandt, Jacob Crijnen, verclaren hierdoor dat wij als magescheidslieden hiertoe verzocht, tussen Jor. Gerrit van Wijck, als man en momber van zijn huisvrouw Juff. Gerarda van Hatthum, Juff. Wilhelmina van Hatthum, weduwe Terbrugghe, Jor. Johan van Hatthum en Jors. Gerrardt van Donghen en Lambert Bitter als mombers van Juffer Henrickje van Hatthum een wettelijk magescheid hebben opgericht betreffende de erfgoederen etc. hen door de dood van hun vader en moeder aangekomen.
Familie-Archief Sloet tot Oldhuis
nr. 45, 25-02-1648
Emmerik 25-02-1648. Wij Borchart van Hatthum, Egbert ten Holte, Jan van Wijk, Jan Rengers en Hendrik ter Cuijlen, hoogscholtis van Zwol en Zwoller Ampt, als respective zwagers, neven, bloedverwanten ende huwelyx luyden van de wel Ed. Johan van Hatthum, zoon van zal. Jor. Johan van Hattum en Juff. Agnes Rengers, toekomende bruidegom ter eenre, en wij Nicolas [de Pottre] en Abdias de Pottre, gebroederen, mitsgaders Nicolas van Ulft, canonicus tot Zanten, als respective naaste bloedverwanten neven, ook versogte huwelyx luyden van de wel Ehr. en de wel deugentrijke Juff. Margarete de Portre, nagelaten dogter van zal. Jor. Godschalk de Portre, in zijn leven richter tot Goch, Asperen en Meldik, ende Juff. Elizabeth van Tegnagel, toekomende bruit ter anderen zijde, doen ieder ...
Het bovenstaande is een "Copia extract clausulum concernente uit een huwlyx voorwaerde op Franzijn geschreven, waer van het begin is als volgt: ...
De afhang en de zegelen een roden wassen waren aen zijde wegens den bruidegom:
(1) een grote scheer met inscriptie Johan van Hattum, staende ter sijde van de name Borchart van Hattem.
(ad 3) ... blijkt dat de bruidegom een zoon was van Jor. Jan van Hattem en Juff. Agnes Rengers ... dat het wapen van Van Hattem was een scheer met de naeme Joan van Hattum.
Ergo dat het notoir is dat dese Van Hattem van die selve is die in de Ridderorden bekent is.
Familie-Archief Sloet tot Oldhuis
nr. 46, 04-11-1652
Verkoop van land in het kerspel van Vollenhoven door Jor. Jan van Hattem, als vader en legitime tutor van sijn dochter bij zal. Juff. Margaretha de Pottre in echte geprocreert ende als gevolmachtigde van zijn zwagers en susters Peter [de Pottre], Nicolaes [de Pottre], Abdias [de Pottre], Catharina Elsabetha [de Pottre], Emanuel [de Pottre] en Anna Sophia de Pottre, gezamenlijke erfgenamen van zal. Jor. Godschalck van Pottre en Juff. Elsabetha van Tengnagel, aan Hendrick Wijchers en Peter Wijchers.
08-12-1653.
Hendrik [Wijchers] en Peter Wijchers hebben de eerste termijn aan Jan van Hattem betaald.
Vereniging tot beoefening van Overijssels recht en geschiedenis
nr. 336, 28-02-1613
Overeenkomst ten overstaan van burgemeester en schepenen van Harderwijk tussen Goossen de Baeck, burgemeester van Harderwijk, ter eenre, en Casijn van Oldenbarneveld met Mechteld van der Kemna, zijn vrouw, en Evert van Hattem met Anna van Oldenbarneveld, zijn vrouw, ter andere zijde, betreffende de huur van de Oldenaller.
N.B. Het zegel van Evert van Hattem is verloren.
Vereniging tot beoefening van Overijssels recht en geschiedenis
nr. 339, 20-03-1615
Nicolaas van Delen en Goossen van Arler, vanwege Casijn van Oldenbarneveld en Everard van Hattem, resp. gehuwd met Mechteld van Kemna en Anna van Oldenbarneveld, ter eenre, en Nicolaas van Oldenbarneveld en Henrick Varsevelt, vanwege Coep van Oldenbarneveld, ter anderen zijde, maken en dedingen een onderhands magescheid of boedelscheiding betreffende de nalatenschap van wijlen Truitgen [van Oldenbarneveld] en Claesgen van Oldenbarneveld, hun tantes.
N.B. Het zegel van Everard van Hattem is verloren.
Vereniging tot beoefening van Overijssels recht en geschiedenis
nr. 381, 00-00-1659
00-00-1659 tot 00-00-1665. Contract van afkoop betreffende de verdeling tussen Adriaen van Vilsteren en Henric Ulger van de nalatenschap van Anna Maria Ulger, weduwe Blanckerts, waarbij Ulger aan Van Vilsteren een schuldbekentenis te diens laste in mindering van zijn aandeel wil geven. Scheidsman is onder meer Borchard van Hattem, gasthuismeester te Hasselt, die dit contract mede ondertekent.
Deventer nr. 134
fol. 314, 26-12-1618
Deke Pool van de Kloppenburgh, adelborst onder kapitein Abraham van Hattem ...
Deventer nr. 134
fol. 401, 22-10-1619
Daniel Schrijver, adelborst onder kapitein Abraham van Hattem ...
Deventer nr. 134
fol. 797, 06-05-1623
... adelborst onder compagnie van kapitein Van Hattem ...
Deventer Rep. I nr. 502, Acten voor die officieren der compagnieën hier binnen in garnizoen te houden
fol. 2, 03-01-1615
Luitenant Abraham van Hattem.
Deventer Rep. I nr. 502, Acten voor die officieren der compagnieën hier binnen in garnizoen te houden
fol. 2v, 04-12-1620
Luitenant Abraham van Hattem.
Deventer Rep. I nr. 502, Acten voor die officieren der compagnieën hier binnen in garnizoen te houden
fol. 2v, 24-11-1621
Luitenant Abraham van Hattem.
Deventer, Hervormde Kerkeraad
fol. 350, 15-12-1623
Kapitein Van Hattem zal van de heren ouderlingen aangesproken worden om zijn soldaten onder de predikatie stilte te gebieden.
Deventer, Proosdij, Weilanden gelegen in Hombroek te Hasselt
09-06-1660
Borchardt van Hattem, als gevolmachtigde van Wijcher Reiniers ...
Deventer, Proosdij, Weilanden gelegen in Hombroek te Hasselt
25-10-1682
... ten behoeve van de erfgenamen van zal. Borchard van Hattem.
Hasselt
nr. 3086, 12-08-1613
Borchart van Hattem, als man en momber van zijn vrouw Maria Schulten, kind en mede-erfgenaam van Lephart Schulten ...
Hasselt
nr. 3154, p. 100, 15-08-1618
Jor. Johan van Hattem tot Hattem, met 3 pandingen ende beslagen van deser stadt recht, heeft geprocedeert op de huisvrouwe ... van Jor. Johan van Brandenburg tot den Rutenborch, over zijn achterwesend van 500 g. g. capitael, vermogen des zal. schultis Alard van Brandenborchs ...
Vollenhove
nr. 1, 26-05-1630
Burgemeester Henrick Berents, als momber over de onmondige kinderen van zal. Borchart van Hattem ... voor de gezamenlijke erfgenamen van zal. Gerrit van Hattem, in leven schout te Giethoorn.
04-10-1633.
Jacobien Paulls, weduwe van Henrick Berentsz (en) gewezen momber van zal. Borchart van Hattems nagelaten weeskinderen, benevens hun bloedvrienden, verzocht rekening en verantwoording te mogen afleggen. De bloedmombers van zal. Borchart van Hattems kinderen, namelijk Gerhard Schulten en Joan Verdelft, vroegen 8 dagen uitstel en kwamen toen wederom niet opdagen. De kinderen Van Hattem zijn
(1) Borchart van Hattem.
(2) Pemmichien van Hattem, getrouwd met Joan Gerrits. Jacobien Paulls krijgt kwijting.
Vollenhove
nr. 322, 00-00-1610
St. Anthoniegilde: Borchardt van Hattem.
Vollenhove
nr. 2695, 04-10-1616
Marrijken Schulten, weduwe van Borchart van Hattem ...
Vollenhove
nr. 2695, fol. 235v, 02-01-1619
De mombers van de onmondige kinderen van zal. Borchart van Hattem verwekt bij Maria Schulten verkopen enige goederen te Vollenhove om de lasten en schulden te betalen.
Vollenhove
nr. 2695, fol. 227v, 11-01-1628
De mombers van zal. Borchart van Hattems kinderen, Henrick Berents en Mr. Otto Egbers, lossen een obligatie af van de bestevader van deze kinderen aan Maria ten Broecke.
Vollenhove
nr. 2730, 04-04-1610
Borchart van Hattem en Gerrit van Hattem ...
Wanneperveen
nr. 3006, 18-10-1638
Borchardt van Hattem en Guillemina van Hattem, zijn vrouw, verkopen land te Wanneperveen aan Jan Arentsz en zijn vrouw Henrickgien.
Schoutambt Zwolle en Zwollekerspel
nr. 605, p. 344, 21-04-1638
Borchert van Hattem en juff. Wilhelmina van Hattem, zijn vrouw, voor hunzelf, alsmede voor hun broer Johan van Hattem en hun beide zusters Gerregien [van Hattem] en Henrickien van Hattem, tesamen kinderen en erfgenamen van zal. hun vader Johan van Hattem en hun moeder juff. Agnes Rengers, transporteren land aan Goslich Tijtgens en Evertien Aerts, zijn vrouw, dat hun vader al 8 jaar geleden aan hen had verkocht.
Zwolle, Recognitieboek
20-09-1595
Johan ter Borgh Berentsz geeft kwijting aan zijn voogd Gerhardt ter Borgh, zijn momber, in aanwezigheid van zijn ooms Willem van Hattem en Otto van Leeuwen.
Zwolle, Recognitieboek
10-06-1620
Johan ter Borch, nagelaten zoon van Berent ter Borch, doet afstand ten behoeve van zijn oom Herman ter Borch van de erfenis van zijn tante zal. Gesse ter Borch. De tot de erfenis behorende goederen waren in vruchtgebruik bij zal. Willem van Hattem. Hij reserveert alleen het legaat hem bij testament van 26-11-1585 voor schepenen van Wijk bij Duurstede opgemaakt.
Zwolle, Rekeningen van de Grote Kerk
p. 131, 11-06-1650
Begraven Jor. Van Hattems vrouw.
Zwolle, Transporten
20-02-1580
Willem van Hattem en Gesse ter Borch, e.l., Herman ter Borch en Catharina, e.l., en Aleida van Leeuwen, weduwe Berent ter Borch, verkopen aandelen in grond te Assendorp, hun aangekomen van hun broer Lambert ter Borch, aan Gerard ter Borch en Bernarda Reigers, e.l.
RA Utrecht, Aartsbisdom
nr. 31, p. 9, 00-00-1538
Sinte Barbarendag 1538. De priorin en het convent van het besloten Jonkvrouwenklooster van O.L. Vrouwe der Regulieren orde te Redinchem (=Renkum) nemen bij Willem van Hattem een bedrag van 105 gouden Rijnse guldens op en geven hem daarvoor een lijfrente van 8 gulden per jaar uit hun weerd te Renkum.
RA Utrecht, Aartsbisdom
nr. 42, p. 363, 03-05-1530
Willem van Hattem wordt vermeld als commandeur van de Jansorde te Ingen.
RA Utrecht, Balije van Utrecht - Ridderlijke Duitse Orde
pag. 675, 01-05-1377
Op de dach der heijliger apostelen Philippi ende Jacobi (1-5-)1377 Mechtelt, hertoginne van Gelre, heeft in rechten testamente gegeven Janne van Hattem, onsen neve, tot behoef der heeren van den Duijtschen huijse tot Thiel 24 pont payments als die voor genoemde heeren schuldich waren te betalen op Sinte Peterss dach ad Cathedram van de tiende die tot Drompt gelegen is.
RA Utrecht, Civiele Rechtzaken
nr. 166/404, 20-11-1604
20-11-1604 tot 11-04-1605. Proces van het Domkapittel te Utrecht, als eiser, contra Willem van Hattem c.s., als gedaagden, betreffende het gebruik van onroerend goed te Cothen. (2) genoemd wordt een koopcedul d.d. 08-12-1601 (2) 02-02-1605. Jor. Willem van Hattem, wonende te Wijck, oud omtrent 72 jaar, verklaart dat hij door transport van Jan van Hattem, zijn neef, in 1600 verkregen heeft 31/2 morgen land gelegen in het gerecht van Cothen, zijnde erfpachtgoed van het Domkapittel. Zijn getuige was Dirk de Ridder van Groenesteijn.
RA Utrecht, Civiele Rechtzaken
nr. 166/449, 22-01-1610
(22-01-1610) tot 15-03-1613. Proces door de erven van Johan van Hattem, eisers, contra Josina van Uijttenbroeck betreffende de erfrente van land te Cothen genaamd Sijle of Mouwens bouwinge.
00-00-0000.
Informatie genomen door het Hof van Utrecht krachtens een akte van commissie van het Hof van 22-1-1610 op verzoek van Johan van Hattem de Oude, impetrant, op en jegens juffr. Josina Uijtenbroeck.
11-06-1610.
Jacob van Coeverden, schout, ca. 58 jaar oud, verklaart dat juffr. Johanna van Nyewael en jor. Jorifaes van Hattem geweest zijn des impetrants Johan van Hattem van Rijnesteijn de Oude vader en moeder.
21-07-1610.
Peter van Schoonenburg, ca. 70 jaar oud, verklaart dat juffr. Johanna van Nyewael en jor. Jorifaes van Hattem geweest zijn des impetrants Johan van Hattem van Rijnesteijn de Oude vader en moeder.
19-12-1612.
Johan van Hattem van Rijnesteijn verklaart te zullen verifiëren dat hij een descendent en erfgenaam was van Daniel van Nieuwael, die tevens een zoon Jan van Nieuwael had nagelaten, van welke Johan van Nieuwael gekomen was een dochter genaamd Jvr. Johanna van Nieuwael van Rijnesteijn, gehuwd met Joriphaes van Hattem, die zijn vader en moeder geweest waren.
15-03-1613.
Aan het Hof van Utrecht: 00-00-0000. Wij hebben ontvangen de ootmoedige supplicatie van de erfgenamen van zal. Jor. Johan van Hattem de Oude, dat "eenige tijt geleden die voorn. Jor. Jan van Hattem als impetrant en de geexcepieerde genootdruckt is geweest" een proces te voeren contra juffr. Uijttenbroeck betreffende enige goederen gelegen te Cothen, en waarin op 19-12-1612 vonnis werd gewezen.
N.B. Bij dit proces zijn verschillende leenaktem bijgevoegd.
02-06-1567
... doen condt allen Luyden dat op huyden datum van desen voer onsen Lieven en getrouwen Johan van Renesse van Wulven, heer tot Wilp, substituut stadthouder van onze Leenen onzes Lants van Utrecht ende onse Leenmannen hier naer bescreven, gecomen es Johanna Johans dochter van Nyewael van Rijnesteyn, Ende droech op mit handen van Jorifaes van Hattum, haer man en voecht, In onsen handen met haeren vryen moet wille de huysinghe ende hoffstede tot Rynesteyn, geleghen tot Cothen ende Ameronger Weteringhe ... ende Johanna van Nyewael van Rynesteyn met handen hoers momboirs voersz (dit zelfde leengoed) te houden van ons, onzen erven ende nacomelingen, graven ende gravinnen van hollant ende erfflicke heeren ende vrouwen der stadt, steden ende Lande van Utrecht, In aller manieren als Johanna van Nyewael van Rynesteyn tvoersz leengoet van ons te houden plach ... tot eenen onversterffelicken erffleen ende te verheergewaeden alst verschynt ofte versterft mit een paer witter hantschoen. Ende Jan van Hattum voersz heeft ons den behoerlicken eedt daer toe staende ghedaen ... hyer ware ende mannen ende meer goeder Luyden genoech.
22-02-1516.
Wij Frederick van gots genaden Bisschop T utrecht, geboren Marckgrave van Baden, maken kondt alle Luyden, dat voer ons quam, ende voer onse manne hiernae beschreven, Johanna Johans dochter van Nyewael van Rijnensteijn, ende versochte an ons nae doede Johans van Nyewael van Rijnensteijn hoers vaders, ende Balthasar van Nyewael hoers olde vaders, de huijsinge ende hoffstede tot Rijnensteijn, gelegen tot Coten, uyt alle wegen ende stegen, ende metten tween Rijnen vorsz ende achter der vorsz hoffstede gelegen, mitsgaders der vischerije ende zwaene gedrijfft, in den lopende stroeme van den Rijn ... wij Johanna vorsz, verlyet ende beleent hebben, verlyen ende beleenen, uuyt desen onsen brieve, Te holden van ons, ende onsen gestichte, tot eenen onversterfflicken erffleen, In allen manieren als Johan hoer vader, ende Balthasar hoer olde vader vorsz, en te holden plagen, ende ... Te verheergewaeden alst versterfft offte verschynt, myt een paer witter hantschoen. Ende voer Johanna vorsz hefft ons hulde ende eede gedaen Johan Noest, Behoudelicken ons, onsen gestichte, ende mallick zijns rechts, hier waren over ende aen Johan van Derthesen, Aernt Woutersz, Cornelis Johansz onse manne, ende meer gueder luyde genoich, in oirkonde sbrieffs, besegelt myt onsen segelle, Begeven in onsen slots Duersteden, int jaer ons heren duysent vijffhondert ende sesthyen, opten twee ende twyntichsten dach in ffebruario.
N.B. Het zegel ontbreekt.
02-6-1567
... doen condt allen Luyden dat op huyden datum van desen voer onsen Lieven en getrouwen Johan van Renesse van Wulven, heer tot Wilp, substituut stadthouder van onze Leenen onzes Lants van Utrecht ende onse Leenmannen hier naer bescreven, gecomen es Johanna Johans dochter van Nyewael van Rijnesteyn, Ende droech op mit handen van Jorifaes van Hattum, haer man en voecht, In onsen handen met haeren vryen moet wille de huysinghe ende hoffstede tot Rynesteyn, geleghen tot Cothen ende Ameronger Weteringhe ... ende Johanna van Nyewael van Rynesteyn met handen hoers momboirs voersz (dit zelfde leengoed) te houden van ons, onzen erven ende nacomelingen, graven ende gravinnen van hollant ende erfflicke heeren ende vrouwen der stadt, steden ende Lande van Utrecht, In aller manieren als Johanna van Nyewael van Rynesteyn tvoersz leengoet van ons te houden plach ... tot eenen onversterffelicken erffleen ende te verheergewaeden alst verschynt ofte versterft mit een paer witter hantschoen. Ende Jan van Hatteum voersz heeft ons den behoerlicken eedt daer toe staende ghedaen ... hyer ware ende mannen ende meer goeder Luyden genoech.
(Nr. 9), 00-00-1516.
Akten van belening met Rijnestein van Johanna van Nijewael door de bisschop van Utrecht.
(R.), 22-02-1516.
Frederick, bisschop van Utrecht, beleent jonkvr. Johanna Johansdr van Nijewael van Rijnestein met huis en hofstede van Rijnestein na dode van haar vader Johan en haar grootvader Balthasar van Nijewael.
(Nr. 10), 00-00-1592 tot 00-00-1775.
Akten van belening met het huis Rijnestein door de Staten van Utrecht (11 charters).
N.B. De heren en vrouwen van Rijnestein waren:
(1) Balthasar van Nijewael, beleend in 1473*.
(2) Johanna Johansdr van Nijewael, gehuwd met Joriphaes van Hattem, beleend in 1516
(3) Jan van Hattem de Oude, beleend in 1567*
(4) Jan Botter van Snellenberg, Ao 1579-1582
(5) Maria van Oostrum, weduwe van Johan van Hattem, beleend in 1592
(6) Johan van Hattem van Rijnestein de Jonge, beleend in 1601
(7) Cornelis de Ridder van Groenestein, beleend in 1601 (8) Enzovoort. * Deze leenakten bevinden zich niet in dit archief!
RA Utrecht, Civiele Rechtzaken
nr. 166/810, 15-09-1630
15-09-1630 tot 18-11-1630.
Proces gevoerd door Francisca van Amerongen, weduwe van Elbert Zosius, in leven raad ordinaris van het Hof van Utrecht, en Jvr. Heijlwich van Hattem, weduwe van Jacob van Amerongen, contra Balthasar Rubo, als eiser.
15-09-1630.
Cornelis van Portengen, als procureur van Balthasar Rubo, verklaart dat het hem zou believen dat Johan van Hattem, wonende te Wijck, mede zou worden gedagvaard.
22-09-1630.
... "en in regardt van Jor. Johan van Hattem, wonende tot Wijck" ...
24-09-1630.
Cornelis de Cruijff, als procureur van Francisca van Amerongen ...
24-09-1630.
Cornelis de Cruijff, als procureur van Heijdelwicht van Hattem van Rijnestein ...
06-10-1630.
"Heijdelwicht neemt geen contrarie conclusie".
18-11-1630.
De gedaagden moeten antwoorden.
RA Utrecht, Civiele Rechtzaken
nr. 188.14, 20-12-1594
Aert Vereem, borger te Utrecht, heeft een kwestie met Dierick van Hattem, wonende te Ingen, betreffende de betaling van 150 g. in verband met de koop van paarden.
RA Utrecht, Civiele Rechtzaken
nr. 252, 07-01-1552
Tonis van Hattem Geritsz, oud 32 jaar, kerckmeijster te Ingen, legt een verklaring af.
RA Utrecht, Domkapittel
Kerkmeesterrekeningen Rhenen, 00-00-1519
Jeriphaes van Hattem tynse uyt 61/2 mergen lants te Ingen liggens toebehoren St. Nyclaes altaar te Rhenen.
RA Utrecht, Domkapittel
18-12-1592
Overluid Johanna van Resant, vrouw van Dirck van Werckhoven, nicht van domheer Willem van Cleeff.
RA Utrecht, Domkapittel
30-08-1613
Overluid Dirck van Werckhoven Cornelisz.
RA Utrecht, Domkapittel
05-08-1617
Overluid Francisca van wijck, vrouw van Reiner van Hattem.
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 29, 05-02-1526
fol. 29 links, Sinte Agathen dach Virginis (05-02-)1526. Ick Henrick van Hattum den olden bekenne ende lije mit desen openen brief, so als die oltste ende rechte leenvolger bin van Willem van Hattum onse salige vader, dair Godt die sich af ontfermen wl en dat ick gegeven heb Henrick van Hattum mijnen soon, een officie dienst ende Altaer dat gewijt is in die eer den Heyligen Cruys en St. Annen leggende tot Maurick inder Kercke mit allen diensten officie accidenten als onse za. vader voirgs. dat wt sinen goeden gefondeert heeft, ende die gifte aen hem en sinen erffg. behalden. Dit officie dienst ende Altaer is een misse ter weke.
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 29v, 21-10-1551
Compareert voor de stadhouder van Culemborg ... Jan van Hattem, onze leenman ... en heeft verklaard dat (land) gelegen te Maurik na zijn overlijden zal overgaan op zijn jongste zoon Dirck [van Hattem]. Present: Jorefaes van Hattem en Zeger van Achtevelt, leenmannen.
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 29v, 21-10-1551
Voor Melchior van Culemburg Huijbers, onsen Stadthouder, is gecomen Jan van Hattum, onse leenman, ende heeft gemaickt dat alsulcke 4 mergen landts gelegen te Maurick indien hij se mitter doot achterlaet erven sullen op Dirck [van Hattum] sijnen iongsten soon. Present onse mannen van leen Jorefaes van Hattum ende Zeger van Achtevelt.
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 29v, 11-08-1566
Wij, Floris graaf van Culemborg etc., verklaren dat voor Melchior van Culemborg verschenen is Dirck van Hattem die met toestemming van ons gelijftocht heeft juffr. Cornelia van de Wael, zijn vrouw ... Present: Willem van Hattem en Jan van Leeuwen, leenmannen.
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 30, 01-06-1572
Voor Sweder van Culenborg, stadhouder van de lenen van het graafschap Culemborg, is verschenen Johan van Hattem, die zijn zoon Adriaen van Hattem wil belenen met de halfscheiding van 7 morgen land te Maurik. Present: Adriaen van Maurick en Willem van Hattem Jansz, leenmannen.
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 30v, 15-O3-1563
Ik, Adriaen van Hattem Janssen, verklaar dat ik heden van Johan van Hattem en juffr. Joost van Maurick, mijn vader en moeder, 100 gouden gelderse rijder guldens heb ontvangen. Present: Albert van Hattem, Zeger van Achtevelt en Joost van Essevelt, leenmannen.
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 44, 06-08-1576
Compareert Claes de Ridder van Walenburch die bekent schuldig te zijn 563 g. aan Willem de Ridder van Walenburch, zijn vader en zwager. Hij vermaakt het huis Walenborg aan genoemde Johan van Hattem.
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 47, 06-08-1540
Johan van Hattem den ouden en Jan van Hattem den iongen wonende in den kerspel van Maurick in Betuwe, Cornelis Hermansz ende Henrick Aertsen tot Wijck, een maeckgescheijt gedeengt tusschen Bernt van Benthem, Drost tot Benthem, ende Juffr. Oijda sijn echte huijsfrauw ter eenre ende Jerephaes Janse van Hattum ende Juffr. Johanna van Rijnesteijn sijn getroude echte huijsfrauw ter andere zijden dat Jorephaes van Hattum met Juff. Johanna naer den doot van Juff. Oijda Bernt van Benthems echte huijsfr. voorn. Juff. Jannen voorsz. haer moeder hebben sal eeen kamp lants tot Driebergen haldende 5 mergen en 95 car. g. s'Jaers van renten die Bernt van Benthem en Juff. Oijda leggende hebben int Nedersticht van Utrecht.
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 47, 00-00-1544
Manendach nae St. Matheus 1544. Johan van Dompseler ende Frans van Noortwijck van wegen Hermen van Dompseler en Jonckvr. Cazijna van Dompseler, zijns susters, ter eenre, ende nog Cornelis de Ridder en Dirck van Broeckhusen van wegen Willem de Ridder ende Jonckfr. catherine basijns, zijnder huijsfr. mit Jonckfr. Anna Ridders, haer oltste dochter, ter ander zijden, doen condt dat wij als vrunden ende maegen daer over aen geweest sijn in de vergaderinge des huwelijx tusschen hermen van Dompseler en Jonckfr. Anna Riders voorn.
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 47v, 01-02-1558
Wij Jorephaes van Hattem en Herman Mod van Cooten ten behoeve van Johan van Hattem van Rijnestein, zijn zoon, en Niclaes de Ridder van Walenburch ten behoeve van Peternella van Lantscroon Roetersdr, geprocreeerd bij juffr. Marge van Wee, als huwelijksmannen voor voornoemde Johan en Peternella, verklaren dat Jorephaes van Hattem aan zijn zoon Jan [van Hattem] schenkt een tiende te Cothen in het Over-Rijnsvelt genaamd 't Zijll en nog een tiende, en Johanna Jans van Rijnesteindr, de vrouw van Jorephaes een leen van de Domproosdij en 31/2 morgen land ten noorden van Reijnestein dat Jorephaes in erfpacht houdt, alsmede het huis Rijnestein. Hiertegenover brengt juffr. Peternella van Lantscroon in ...
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
fol. 48v, 28-06-1560
Wij, Otto van Zetten, pastoor te Cothen, en Johan van Hattem, enerzijds, en Niclaes de Ridder van Walenburch en Albert de Ridder van Lunenburg, anderzijds, als "maexmannen" tussen Jorephaes van Hattem met zijn zoon Johan [van Hattem], geprocreeerd bij juffr. Janna van Rinesteijn, zijn vrouw, en Willem de Ridder met juffr. Marie [de Ridder], zijn dochter, verwekt bij Catarina Basijns, verklaren dat Jorephaes zijn zoon Johan geeft ... en juffr. Marie Ridders aan haar toekomstige man, met toestemming van Willem [de Ridder] en Niclaes de Ridder, haar vader en broer ...
RA Utrecht, Handschriften nr. 345
11-08-1566
Wij, Floris graaf van Culemborg etc., verklaren dat voor Melchior van Culemborg verschenen is Dirck van Hattem die met toestemming van ons gelijftocht heeft juffr. Cornelia van de Wael, zijn vrouw ... Present: Willem van Hattem en Jan van Leeuwen, leenmannen.
RA Utrecht, Handschriften nr. 378
fol. 251, 00-00-1429
Dit sijn adelycke ende andere goede alliantien by die van Hattem over hondert en seven en dertich jaren gedaen, also in den jare 1429/1479 uyt franckenlandt Duytscher natie twee Adelijcke mans-personen om enige factien verdreven, uyt den zelven lande comen wonen zijn in Neder-betuwe ontrent het Dorp Mauderick. De eenen genaemt Wilhelm, die Anno voorsz. getrout is geweest aen Joffrou Hadewich Freys van der Eeme van de welcke gedescendeert zijn de Hattems hier onder gesteldt, van den anderen broeder die hem misallieerde eenige andere, die meest huysluyden, en oock sommighe treffelycke Borghers ende cooplieden zijn.
N.B. Deze tekst komt ook voor in RA Gelderland: Collectie van Rhemen, Genealogie Van Hattem - fol. 175.
RA Utrecht, Handschriften nr. 378
fol. 632, 00-00-1585
Juffr. Cornelia van Wael van Moersbergen, vrouw van Dirck van Hattem, schepen te Utrecht in 1585, sterft in 1586 nalatende 5 kinderen "beleijd lijfrenten op de selve". Op juffr. Hester [van Hattem], oud 9 jaar, Abraham [van Hattem], oud 4 jaar, Josina [van Hattem], oud 2 jaar (ibid. Ao 1578).
RA Utrecht, Handschriften nr. 380
00-00-0000
Rochus van der Voorst, weduwnaar van Agneta Henricx Blommendr.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1519
Wijk (bij Duurstede) Maria Ass. 1519. Henrick van Hattum de Jonge, principael, Gerart van Hattum ende Aernt Maesz borgermeester ...
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
29-01-1537
Gerart van Hattum heeft gemachtigt Hermen Suermonts wijff.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
06-08-1540
Jan van Hattum de Oude ende Jan van Hattum de iongen tot Maurick, maeckmannen van wijlen Jorephaes Jansz van Hattum ende Juffr. Janna van Rijnesteijn, tegens ...
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
01-02-1558
Jorephaes van Hattum van wegen Jan van Hattum van Rijnesteijn sijn soon, inde vertgaderinge des huwelijx met Juff. Peternel van Lantscroon Roetersdr verweckt bij Juff. Marija van Wee.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
22-08-1580
Alert Jansz Ruijsch, man ende voocht van Janneke Claesdr van Hattum, transporteert Anna Bruijnyx, weduwe, een huijs.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
08-04-1581
Adriaen [van Hattem] en Willem van Hattem, juffr. Lijsbet van Hattem, weduwe van Zeger van Achtevelt, Jan haar zoon, Hadewich van Hattem, weduwe van Hendrick van Eck, en Dirck van Hattem Aelbertsz, hun neef en momber, en juffr. Janne van Hattem cederen (aan) Dirck van Hattem, hun broer, de erfenis van zal. Hendrik van Hattem, hun broer, en van juffr. Elisabet van Doorn, zijn vrouw.
N.B. Zweveld van Hattem wordt hier niet vermeld, zodat zij dan waarschijnlijk reeds is overleden.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
20-10-1582
Claes Wijburg transporteert aan Jor. Willem van Hattem Aelbertsz en Geesgen ter Burch, echtelieden, een huis te Wijk bij Duurstede.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1586
Willem van Hattem Aelbertsz: burgemeester.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1587
Willem van Hattem Aelbertsz: burgemeester.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1590
Willem van Hattem Aelbertsz: burgemeester.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1591
Willem van Hattem Aelbertsz: burgemeester.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1605
Willem van Hattem Aelbertsz: burgemeester.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
20-10-1591
Adriaen van Hattem, oudste zoon na overlijden van Jan van Hattem Jansz, wordt voor Henrick Bentinck, stadhouder van lenen van Culemborg, beleend met 4 hont land en rijsweerd in de Maurickerweert.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
16-09-1595
Jan [Willem van Hattem] en Evert Willem van Hattem zonen, voor hun zelf en voor hun broers en zusters en Willem van Achtevelt transporteren aan Sara van Hattem, hun nicht, enig land hen aangekomen van hun oom zal. Henrick van Hattem.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
09-02-1596
Dirck [van Hattem] en Juffr. Elisabet van Hattem, Willem van Achtevelt, Jan [van Hattem] en Evert [van Hattem] zonen van Willem van Hattem, Jan [van Hattem] en Sara [van Hattem] Dirck van Hattem kinderen, resp. broer, zuster, oom en tante, neven en nichten van Adriaen [van Hattem] en Cornelis van Hattem, broers, innocenten, transporteren (aan) Sara van Hattem de leengoederen van dezelfde innocenten voor Mr. Hedrick Wickraet, stadhouder van lenen van Culemborg.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1615
Johan van Hattem van Rijnestein: schepen Ao 1615 en 1627
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1615
00-00-1615 ... 00-00-1633. (1) Johan van Hattum van Rijnestein: schepen 1615, 16/18, 19/22, 23/26, 27. (2) Johan van Hattum van Rijnestein: burgemeester 1629, 30/32, 33.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1627
Johan van Hattem van Rijnestein: schepen Ao 1615 en 1627
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1616
Jerephaes van Hattem van Rijnestein, rentmeester van het convent te Wijk bij Duurstede.
RA Utrecht, Handschriften nr. 390
00-00-1629
00-00-1629 t.m. 00-00-1633. Johan van Hattem van Rijnestein: burgemeester.
RA Utrecht, Handschriften nr. 391
Van Attevelt, 00-00-1592
Dirck van Oostrum, schout te Wijck bij Duurstede, tr. Heijlwich van Abcoude van Meerthen. Kinderen, onder meer: 1. Maria van Oostrum, in 1592 weduwe van Johan van Hattem van Reinestein, tr. (1) Johan van Hattem van Reinestein, tr. (2) Johan van Sulen van Natewisch, weduwnaar.
RA Utrecht, Handschriften nr. 391
Bor, 00-00-1584
Peter Bor is een zoon van Cornelis Bor, baljuw en schout te Vlaardingen, overl. 1612, begr. Vlaardingen, tr. 1584 Anna van Kelst Gerritsdr, overl. Dordrecht 1622.
RA Utrecht, Handschriften nr. 391
Van Renesse, 00-00-1603
Johan van Renesse (van Wulp) was mank. Hij vond de boedel van zijn vader zeer bezwaard en moest o.a. de heerlijkheid Wulven verkopen voor 36000 g. en zijn schoon huis bij het Janskerkhof. Hij trouwde Hestera van Hattum "met weynich middelen", die sterft Ao 1603 en hij Ao 1608 in mei getrouwd hebbende een dochter van Wijck genaamd Rijswijck". ... Hester van Hattum was beneden zijn stand.
N.B. In Utrecht werd geen tweede huwelijk van Johan van Renesse gevonden.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
21-07-1603
Henrick van Hattem en Aeltgen Berndt Schayendr wordt octrooi verleend om te testeren.
N.B. Ingediend door procureur H. van Nijenrode.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
14-01-1609
Beschikking tot octrooi om te testeren voor Johan Wolphartsz van Loenresloot en Catharina van Hattem. Ingediend door Not. A. Hoze van Boxtel.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
12-09-1616
Beschikking tot octrooi om te testeren voor Johan van Hattem en Sophia van Amerongen, e.l. Ingediend door J. de Ridder.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
09-10-1623
Beschikking tot octrooi om te testeren voor Gielis van Hattem en Mechtelken van Millingen, e.l.
N.B. Ingediend door notaris E. van der Schuur.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
17-06-1624
Beschikking tot octrooi om te testeren voor Frans van Hattem, passementswerker, en Metgen Versteech, e.l., wonende te Utrecht. Ingediend door Not. W. Zwaardecroon.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
21-12-1624
Beschikking tot octrooi om te testeren voor Maria van Hattem van Rijnesteijn wonende te Wijk bij Duurstede. Ingediend door procureur C. de Cruijff.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
04-03-1630
Beschikking tot octrooi om te testeren voor Gillis van Hattem en Hillegunde Zael Wten Engh, e.l.
N.B. Ingediend door notaris W. van Galen.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
24-04-1630
Octrooi verleend aan Aarnt van Hattem en Barbara van Leeuwen om te mogen testeren.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
19-11-1632
Aelbert van Hattem, burger te Utrecht, en Geertgen Jacobs, e.l., ontvangen octrooi om te testeren.
N.B. Ingediend door notaris H. van Groenenberch.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
15-04-1645
Octrooi om te testeren voor Johan van Hattem, kistenmaker, burger van Utrecht, en Maijchgen Dircxdr van Griet, ingediend door notaris C. Verduijn.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
05-04-1648
Beschikking tot octrooi om te testeren voor Huberta van Hattem en Steven Jansz van Soestdijck.
N.B. Ingediend door notaris H. van Ewijck.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
13-07-1649
Beschikking tot octrooi om te testeren voor Maria van Wijck, weduwe van Abraham van Hattem, kapitein. Ingediend door procureur (en later notaris) G. van Lienden.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
03-01-1661
Beschikking tot octrooi om te testeren voor Jacob van Hattem, lakenkoper, burger van utrecht. Ingediend door Not. J. van Vechoven.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
19-01-1672
Beschikking tot octrooi om te testeren voor Anna van Hattem. Ingediend door not. D. Woertman.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
10-08-1687
Gerrichien van Hattem, weduwe van Jan Dirixsz van Bijlevelt, verzoekt octrooi om te testeren.
N.B. Ingediend door not. J. van Lienden.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
13-08-1689
Joachim Berger en Elisabeth van Hattem verkrijgen octrooi om te testeren.
RA Utrecht, Hof van Utrecht nr. 230
25-09-1717
Ingewilligd 25-09-1717. Geven ootmoedelijck te kennen Gijsbert van Nuijswinckel en Zwerena van Hattem, e.l., dat zij genegen waren om over hun tijdelijke goederen te disponeren. Ingediend door not. A. Hardenbergh.
RA Utrecht, Huisarchief Amerongen
afd. II Familiebetrekkingen nr. 68, 13-07-1625
Huwelijksvoorwaarden tussen Osewalt van den Boetselaer tot Toutenborch en Margaretha Pasqualijn. N.B. Dit contract werd getekend en gezegeld door o.a. Maximiliaan Pasqualijn, Willem van Oestrum en Johan van Hattem van Rijnesteijn.
RA Utrecht, Huisarchief Amerongen
afd. III Rechten en bezittingen nr. 186, 05-06-1675
Dirk de Leeuw en Geurtje van Hattem transporteren aan Godert Adriaen van Reede de helft van ongeveer 11 morgen bouwland, gelegen aan de Stichtse zijde van de Rijn, waarvan de andere helft aan Cornelis Verweij toebehoort.
N.B. Met zegels van de verkopers, Cornelis Vermeulen en Anthonij de Vrede, burgemeesters van Buren.
RA Utrecht, Kleine kapittelen en kloosters
nr. 1224, fol. 90v, 22-02-1530
St. Agnes klooster, Rhenen. Sinte Petersdach ad Cathedram (22-02-)1530. ... land in het kerspel Ommeren, noortwaart Bartelt van Hattem.
RA Utrecht, Kleine kapittelen en kloosters
nr. 1224, fol. 149, 04-07-1465
St. Agnes klooster, Rhenen. Sinte Martijnsavent translatio (04-07-)1465. Derrick van Eck Loufsen ende Ffia van Hattem, e.l., verkopen aan Henrick Valkenaer en juffr. Grolstin, zijn vrouw, in vaste erfkoop 4 morgen land en 1 hont land in de maalschap van Ingen en nog 5 oude Frankrijkse schilden erfrente per jaar uit een hofstad te Ingen, gelegen in die Breije, die Roeloff van Hattem en Bartolt van Hattem in erfpacht gebruiken.
RA Utrecht, Proostdij van Elst
Domkapittel nr. 2578.3, 18-11-1554
81/2 morgen land te Eck op Homoet, oostwaert Dirk van Hattem Willemsz.
18-11-1554. Olivier van Wees, onze leenman, lijftocht zijn vrouw Isabella van Bueren.
RA Utrecht, Proostdij van Elst
Domkapittel nr. 2578.3, 02-10-1630
2 morgen land in de kerspel van Eck, oostwaert de graaf van Buren, suytwaert Johan van Hattem.
02-10-1630.
Dirk Jan Harmansz, rentmeester van de graaf van Culemborch, door opdracht van Jan Florisz Nijpoort.
RA Utrecht, Proostdij van Elst
Domkapittel nr. 2578.3, 28-06-1639
11/2 morgen land, een gedeelte van de hofstede en 31/2 morgen, genaamd Beatrix hofstede te Eck, oostwaert de graaf van Buren, suytwaert Johan van Hattem, westwaert Willem Adriaans.
28-06-1639.
Dirk Johan Hermanss door opdracht van Jan Pilgrimsz van Achtevelt.
12-11-1664.
Reijer van Hattem, procuratie hebbend van Sijbilla van Hattem, weduwe en boedelhoudster van Diderick Johan Harmanss, in leven rentmeester van de Culemborgse domeinen in de Neder-Betuwe, zijn moeder, volgens procuratie gepasseerd voor onder meer Floris de Lile, richter van Lhede, Lienden en Oldenweert op 25-09-1664.
12-11-1664.
Sijbilla van Hattem, weduwe van Dirk Johan Hermanss, verkrijgt octrooi.
18-06-1667.
Sijbilla van Hattem, weduwe van Dirck Johan Hermansz, Arnoldus van Hattem, Johan Suermont en Francina van Hattem echtelieden, Christina van Hattem weduwe Grootvelt, en Hadewich van Hattem nemen een hypotheek op van Johan Vivien ad 4600 g.
N.B. De procuratie werd gegeven op 04-06-1667.
08-08-1678.
Johan van Schevickhoven, man van Christina van Hattem, na overlijden van Sibilla van Hattem.
30-11-1693.
Johan Baptisti Bartholotti van de Heuvell door opdracht van Johan van Schevickhoven nom. ux.
RA Utrecht, Proostdij van Elst
Domkapittel nr. 2578.3, 27-09-1560
6 morgen land in de kerspel van Eck in de Nederbetuwe, strekkende van de gemeijnstraete tot aan Beatris hofstede tot daar Willem van Hattem en voor hem Herman Bocks kinderen boven en de graaf van Culemborch beneden naast geland zijn (ook wel genaamd Jelis Hack hofstad).
27-09-1560.
Jan van Hattem, oudste zoon van Henrick van Hattem Jansz, de rechte nahand door opdracht van zijn vader op voorwaaarde dat Jan van Hattem na overlijden van zijn vader voornoemd en Bertruijt Jans, zijn moeder, zijn broers en zusters t.w. Willem, Henrick en Ott van Hattem, Marie en Anna van Hattem, indien zij dan in leven zijn, elk binnen een jaar 100 ph. g. en 25 st. brab. zal betalen aan binnenjaarse pacht na landrecht van de Nederbetuwe. Juffr. Bertruijt Jans, vrouw van Henrick van Hattem voornoemd, moeder van Jan van Hattem, behoudt de lijftocht zo lang zij leeft.
14-02-1590.
Reijer van Hattem Janss door opdracht van Jan van Hattem Henricks, leenman van de proostdij van Elst, als onversterfelijk leen.
23-03-1613.
Cornelis van Wijck, als man en voogd van Jenne van Hattem, zijn vrouw, als zuster en leenvolger, na overlijden van Reijer van Hattem, haar broer.
16-09-1642.
Geurt van Hattem door overlijden van Reijer van Hattem Jansz, zijn oom.
16-09-1642.
Gerrit van Hattem maakt zijn testament. Daar hij geen wettig blijkende blijvende geboorte heeft, bepaalt hij dat dit leen zal overgaan op Theodora van Hattem, zijn zuster, vrouw van Adriaen Rutgers van Liestvelt.
10-03-1660.
Goossen van Grootvelt in dezelfde rechten als Geurt van Hattem en zijn voorzaten.
RA Utrecht, Repertorium op de Gaasbeekse lenen
nr. 1892, fol. 16, 00-00-1609
(volgens recht. archief nr. 1892). Een derde alibi groot 10 hond lands en een vierde van 6 ackeren in de Eng, aan die Needer Egge bij Wijk, belend oudstijds Jutten Hendrik van Stoeten weduwe met haar kinderen, en beneden Dirk de Cruve, Doe Cornsz Lempen, boven en aan d'andere zijde de Middelweerd. Heergewaed 2 loot fijn silver.
18-11-1609.
Cornelis Fransz, burger te Wijk, door opdracht van Dirck Gerritsz Schakel.
05-04-1648.
Frans Roelofsz na overlijden van Cornelis Fransz, zijn oom.
21-04-1649.
Pontiaen van Hattem, oud-burgemeester te Wijk, door opdracht van Frans Roelofsz.
31-07-1658.
Willem van Hattem door opdracht van Pontiaen van Hattem, zijn vader. 23-08-1662. Mr. Hendrik van Vhelen door opdracht van Willem van Hattem.
RA Utrecht, Repertorium op de Gaasbeekse lenen
nr. 1892, fol. 64, 519, 31-05-1628
Seekere uijterweerd groot omtrent 2 morgen 2 hond ende ettelijke roeden gelegen in den gerechte van Vreeswijk beneeden de Vaert, so groot ende cleijn als t selve van ouds ofte tegenwoordig gelegen is, daar oostwaarts boven Willem Otten Haafacker ende westaarts beneden Joost van Schroeijestein naast geland en gelegen zijn mette willigen, buijtendijx staende, strekkende van den hogen dijk tot der Lecke toe.
31-05-1628.
Willem Ottens Haefacker door opdracht van de voogd van Jor. Joriphaas van Amerongen, benevens Juffr. Heijlwich van Hattem, weduwe van Jor. Jacob van Amerongen.
12-11-1659.
Gilles Haefacker door overlijden van Willem Otten Haefacker, zijn vader zal.
RA Utrecht, Repertorium op de Gaasbeekse lenen
nr. 1892, fol. 65, 04-01-1578
En hofstede met 12 morgen lands gelegen in Schalkwijk, daar boven die heren van Oudmunster 't Utrecht, ende beneden St. Barbara gasthuis ende Willem Stevensze de With, dat Jan Tubbens ende Reijer Vijtenham te wesen plagen naast geland zijn. Een Utrechtsche heergewd.
04-01-1578.
Peter Jansz van Amerongen na overlijden van Jan van Amerongen, zijn vader.
03-01-1590.
Roelof van Amerongen na overlijden van Peter van Amerongen, zijn broeder.
25-11-1598.
Geertruijd van Amerongen na overlijden van Roelof van Amerongen, haar vader.
18-06-1616.
Jonkvr. Maria van Oostrum, weduwe wijlen Jor. Johan van Zuijlen van Natewisch, door opdracht van de curateur over Jonkvr. Geertruijd van Amerongen.
31-05-1628.
Jonkvr. Heijlwig van Hattem, weduwe van wijlen Jor. Jacob van Amerongen, na overlijden van Jonkvr. Maria van Oostrum, haar moeder.
06-07-1639.
Jor. Gijsbert van Deurn door opdracht van Jor. Willem van Oostrum, heer tot Broekhuijsen, als geautoriseerd tot de verkop bij testament van Jonkvr. Heijlwig van Hattem.
RA Utrecht, Repertorium op de Gaasbeekse lenen
nr. 1892, fol. 73, 29-08-1458
Een vierendeel lands gelegen in den kerspel van de Nijevaart daar die heere van den Lande boven en beneden naast geland is.
29-08-1458.
Peter die Goijer na overlijden van Johan die Goijer, zijn broeder.
15-05-1465.
Agnese Aernt Henricksz van Slabroekdochter zo Peter de Goijer daar uitgegaan is.
01-02-1497.
Henrik Peter Trijnden zoon na overlijden van Agnese Aernt Henricksz van Slabroekdochter, zijn moeder.
22-11-1501.
Catherijne Peter Trijndendochter, Willem van Oostrums vrouw, na overlijden van Henrik Trijnden, haar vader.
18-12-1514.
Dirk van Oostrum na overlijden van Catherijne Peter Trindendochter, Willems van Oostrums vrouw, zijn moeder.
08-07-1578.
Benjamin B. van Oostrum na overlijden van Dirck van Oostrum, zijn oom.
19-08-1578.
Jor. Jan van Meerten na overlijden van Dirk van Oostrum, zijn oom.
31-05-1628.
Jonkvr. Heijlwich van Hattem, weduwe van wijlen Jor. Jacob van Amerongen, na overlijden van Jonkvr. Maria van Oostrum, laatst weduwe van Jor. Johan van Zuijlen van Natewisch, haar moeder.
RA Utrecht, Repertorium op de Gaasbeekse lenen
nr. 1892, fol. 75, 19-08-1578
De hofstede genaamd Wijkenburg ende de smalen tiend daaraan gehorende met een halve hoeve lands gelegen in 't Goy.
19-08-1578.
Dirk van Oostrum geeft een plecht ten behoeve van Willem van Nijpoort.
21-03-1579.
Maria van Oostrum door opdracht van Dirk van Oostrum, haar vader.
20-04-1582.
Jor. Dirck van Oostrum, schout te Wijk bij Duurstede, door opdracht van Jan van Hattem en Jonkvr. Maria van oostrum, echteliden.
20-04-1582.
Jan van Oostrum Dircksz door opdracht van Dirk van Oostrum, schout te Wijk bij Duurstede.
RA Utrecht, Repertorium op de Stichtse lenen
nr. 1872, fol. 64, 518, 31-05-1628
(volgens recht. archief nr. 1872). Omtrent zes d'halve mergen zoo bouw als weijland genaamd 't Zandveld, so groot ende cleijn als t selve van ouds gelegen is in den gerechte van de Vaart anders genaamt Vreeswijk, streckende uijt de Sandveldsche Weteringh, tot over den hogen dijk toe, daar boven naast geland legt Gerrit Dircksz ende beneden Joost van Schroeijestein.
31-05-1628.
Hendrik Jansz van Oostrum door opdracht van de voogd van Jor. Joriphaas van Amerongen, benevens Juffr. Heijlwich van Hattem, weduwe van Jor. Jacob van Amerongen, zijn moeder.
30-04-1633.
Jan Hendriksz van Oostrum c.s. na overlijden van Hendrik Jansz van Oostrum, zijn vader.
RA Utrecht, Archief van het huis Rijnestein te Cothen
nr. 10, 00-00-1592
Ao 1592-1775. Akten van belening met het huis Rijnestein door de Staten van Utrecht (11 charters). N.B. De heren en vrouwen van Rijnestein waren:
(1) Balthasar van Nijewael, beleend in 1473*.
(2) Johanna Johansdr van Nijewael, gehuwd met Joriphaes van Hattem, beleend in 1516.
(3) Jan van Hattem de Oude, beleend in 1567*.
(4) Jan Botter van Snellenberg, Ao 1579-1582.
(5) Maria van Oostrum, weduwe van Johan van Hattem, beleend in 1592.
(6) Johan van Hattem van Rijnestein de Jonge, beleend in 1601.
(7) Cornelis de Ridder van Groenestein, beleend in 1601.
(8) Enzovoort.
* Deze leenakten bevinden zich niet in dit archief!
RA Utrecht, Archief van het huis Rijnestein te Cothen
nr. 15, 00-00-1600
00-00-1600 en zonder datum. Stukken betreffende de verkoop van land genaamd de Wijngaard, erfpachtgoed van het kapittel van de Dom te Utrecht, door Johan van Hattem aan Willem van Hattem (3 stukken).
RA Utrecht, Rep. op de belening van huisinge en hofstede Rijnesteijn te Cothen
nrs. 1874 en 1894, 00-00-0000
(volgens recht. archief nrs. 1874 en 1894).
00-00-0000
Johan van Nyewael van Rijnesteijn
22-02-1516
Juffr. Johanna Johansdr van Nyewael van Rijnesteijn, minderjarig, na overlijden van Johan van Nyewael van Rijnesteijn, haar vader, en Balthasar van Nyewael van Rijnsteijn, haar grootvader. Hulder: Johan Noest.
15-07-1529
Idem opnieuw beleend. Hulders: Johan Noest en Willem van Meerthen.
03-05-1537
Idem opnieuw beleend na overlijden van Johan Noest. Hulder: haar man Jorifaes van Hattem.
02-06-1567
Jor. Johan van Hattem door opdracht van Johanna Johansdr van Nyewael van Rijnsteijn, zijn moeder. Hulder: zijn vader Jorifaes van Hattem. Zijn moeder behoudt de lijftocht.
24-08-1579
Johan Botter van Snellenburg door opdracht van Jor. Johan van Hattem van Rijnesteijn, volgens contract van 08-10-1579.
08-08-1582
Jor. Johan van Hattem van Rijnesteijn door opdracht van Jan Botter van Snellenburg.
09-03-1585
Jor. Johan van Hattem van Rijnesteijn draagt een losrente op aan Johan van Hattem van Rijnesteijn de Jonge, zijn broer.
28-09-1592
Jonkvr. Maria van Oostrum, weduwe van zal. Jan van Hattem de Jonge, door opdracht van Jan van Hattem de Oude. Johanna van Nyewael van Rijnsteijn behoudt de lijftocht.
02-04-1601
Jor. Johan van Hattem van Rijnesteijn de Jonge door opdracht van Jan van Suijlen van Natewisch, als man en voogd van Juffr. Maria van Oostrum.
02-04-1601
Jor. Johan van Hattem van Rijnesteijn de Jonge geeft een plecht van 1550 g. aan Dirck de Ridder van Groenesteijn.
16-05-1601
Cornelis de Ridder van Groenesteijn door opdracht van Jor. Johan van Hattem van Rijnesteijn de Jonge.
RA Utrecht, Staten van Utrecht, Brieven aan secretarissen
nr. 292.1, 09-06-1592
Johan van Hattem van Rijnestein te Wijk bij Duurstede ...
N.B. Lakafdruk met een gevierendeeld wapen:
een schuinrechts geplaatste droogscheerdersschaar met de punt omhoog
6 bollen (3-2-1) en een effen schildhoofd
3 vairpalen en een schildhoofd
een keper verg. van 3 leeuwekoppen
RA Utrecht, Staten van Utrecht, Brieven aan secretarissen
nr. 292.2, 10-03-1621
Jor. Johan van Hattem, casteleijn, een vroom lidmaat van de religie, ouderling bij de kerk ... Johan van Hattem van Rijnestein
schepen van Wijk bij Duurstede op 06-11-1622 en 09-10-1623
treedt als schepen af op 05-11-1624.
RA Utrecht, Staten van Utrecht, Brieven aan secretarissen
nr. 292.2, 10-03-1621
Pons van Hattem, potmeester ...
Utrecht, St. Paulusabdij nr. 456a
00-00-1507
Register van tijnsen onder Lienden. Jan van Hattem Rolofsz aan de dijk te Ingen, jaarlijks, voor een weerdje van 7 morgen land.
RA Utrecht, St. Paulusabdij nr. 505
deel 3 - fol. 39, 10-10-1463
Willem van Hattem Hendriksz beleend met 4 morgen land in het kerspel Eck door opdracht van Jan van Derthesen Dyricksz.
RA Utrecht, St. Paulusabdij nr. 505
deel 4 - fol. 96, 22-02-1506
Jan van Hattem en zijn erven beleend met 5 scharen weije door opdracht van Floris van Lockhorst, Daem [van Lockhorst] en Peter [van Lockhorst], zijn mondige zoons, en Meijert [van Lockhorst] en Johanna [van Lockhorst], zijn dochters.
RA Utrecht, St. Paulusabdij nr. 505
deel 4 - fol. 98, 17-09-1506
Joris van Hattem ontvangt de erfpacht van een hofstede en 2 akkers land te Verhuijsen in het gericht Lienden door opdracht van Joris Jansz. Aanwezig: de leenmannen Jan van Hattem en Gherijt Holl.
RA Utrecht, St. Paulusabdij nr. 505
deel 5, 10-04-1538
De rechte helft van 2 stukken land, waarvan een stuk land genaamd de Lange Weijde, ca. 9 morgen, te Lienden, en de ander de Buijckreet, 7 morgen.
10-04-1538.
Seger van Wijck.
10-04-1538.
Gerefaes Noest beleend met de Buijckreet door opdracht van Seger van Wijck.
28-06-1549.
Adriaen Noest door opdracht van Gerefaes Noest, zijn vader. Present: Zeger van Wijck, leenman.
00-00-0000.
Zeger van Wijck.
13-09-1567.
Jilis van Wijck beleend met de helft van de Lange Weijde na overlijden van Zeger van Wijck, zijn vader.
RA Utrecht, St. Paulusabdij nr. 505
deel 5, fol. 161, 03-02-1546
Land te Lienden. Hubert van Wijck door opdracht van Henrick Jansz van Hattem, onze tijnsman.
RA Utrecht, St. Paulusabdij nr. 505
deel 5, fol. 161v, 03-02-1546
5 schaerweijden tot verhuijsen/Lienden, noortwaerts Jan [van Hattem] en Henrick van Hattem (op 03-02-1546).
00-00-0000.
Jan van Hattem.
00-00-0000.
Henrick van Hattem, bij successie van Jan van Hattem, zijns vaders.
03-02-1546.
Hubert van Wijck door opdracht van Henrick van Hattem, "onse tinsman", de rechte helft.
N.B. De wederhelft behoort aan Aeltgen Huberts huijsvrouwe Van Wijck.
RA Utrecht, St. Paulusabdij nr. 505
deel 5, fol. 489, 13-09-1567
De rechte helfte van een stuk land gelegen in de Lange Weije te Lienden, ca. 9 morgen, ten oosten van het klooster van St. Mariendaal buiten Arnhem, ten Zuiden Gerrit van Groitfelt Jansz, ten Westen van de Graaf van Culemborg, en ten Noorden van Jan Roeloffs.
13-09-1567.
Margaretha Segers van Wijck dochter, vrouw van Dyrick van Hattem, door opdracht van Jilis van Wijck, haar broeder en onze leenman.
16-05-1596.
Barth van Wijck Henricksz door opdracht van Barth van Hattem uit naam van zijn moeder Margaretha Zeger van Wijck dochter, weduwe van zal. Dyrck van Hattem.
RA Utrecht, St. Paulusabdij nr. 505
deel 9, fol. 10, 01-06-1592
2 dammaten land in het kerspel Soest.
01-06-1592.
Aeltje Beerntsdochter Schay wordt beleend.
17-11-1614.
Hendrick van Hattem, als vader van Grietje van Hattem, zijn onmondige dochter verwekt bij zal. Aeltje Bernt Schaijendochter, zijn vrouw.
09-04-1636.
Rutger Gerritsz Hilhorst door opdracht van Henrick van Sijpestein uit naam van Margaretha van Hattem, als haar gekoren voogd.
RA Utrecht, St. Paulusabdij doos 471
28-03-1577
Johan van Hattem huurt een bouwinge en land te Lienden van het convent van St. Paulus. Hij ondertekent met Jan van Hattem Tonysz.
14-12-1586.
Johan van Hattem huurt een bouwing en land in het gericht van Lienden van het convent van St. Paulus
RA Utrecht, Universiteitsbibliotheek
Handschriften Van Buchell Deel I
fol. 104, 00-00-1614
Johan Gerardsz van Amerongen, tr. Françoise van Diepholt. Kinderen: (a) Sophia van Amerongen, tr. (1) Matthijs van Campen, tr. (2) Johan van Hattem van Reinesteijn (b) Jacob van Amerongen, tr. 1614 N. van Hattem.
RA Utrecht, Universiteitsbibliotheek
Handschriften Van Buchell Deel II
fol. 60, 00-00-1608
Wolfart van Loenresloot, tr. ... Kind: (a) Jan van Loenresloot, tr. Margaretha, overl. juli 1608.
RA Utrecht, Universiteitsbibliotheek
Handschriften Booth nr. 1828.6
00-00-1626
Jan van Amerongen, burger hopman, tr. Françoise van Diepholt. Kinderen: (a) Johan [van Amerongen], overl. November 1626, tr. Heijlwich van Hattem. Zijn weduwe was de zuster van burgemeester Hattem te Wijck. (b) Sophia [van Amerongen], tr. (1) Matthijs van Campen, tr. (2) Johan van Hattem voorsz.
RA Utrecht, Universiteitsbibliotheek
Handschriften Bor nr. 1828.33
00-00-0000
Cornelis Bor, baljuw en schout te Vlaardingen, tr. Anna Gerritsdr van Kelst. Uit dit huwelijk, o.a.: Peter Bor, controleur te Emmerik, tr. Deliana van Hattem.
Dit overzicht is gemaakt door:
Catherine R. van Hattum te Bergen NH
Terug naar begin
Informatie: j.lammers@multiweb.nl