Regesten Nederland Deel I
Collectie D.F. Tollenaar
ARA, Hof van Holland
Civiel proces nr. 657/28, 00-00-1622
Franchoijs van Nes, ritmeester en capiteijn van een compagnie voetknechten ten dienste van de koning van Bohemen, contra Jan van Hattem, bode op Parijs.
ARA, Hof van Holland
Civiel proces nr. 688/8, 00-00-1626
Jan van Hattem, bode op Parijs, als aktie en transport hebbende van Loup Beijlsteijn, cleermaecker aldaer, contra Franchoijs van Nes.
ARA, Hof van Holland
Civiel proces nr. 800.90, 30-05-1676
Petronella Kenens, impte., contra Rutger van Hattem, ged. In der saecke hangende voor den Hove van Hollandt tusschen Petronella Kenens, weduwe wijlen Harmanus van Schoorstraten, impte., in cas dappel, ende Rutger van Hattem, ged., die int Collegie van den Rade mondelinge was bepleit. T voorss. Hoff verclaert d impetrante bij t vonisse van den gerechte van s Gravenhage van date 25 Januarij lestleden alhier in questie, condemneert haer dienvolgende alsnoch metten gedaechde te trouwen ende condemneert haer in de costen van desen processe.
ARA, Hof van Holland
Civiel proces nr. 803.52, 29-03-1677
Huijbert [van Schelluijnen] ende Elijsabeth van Schelluijnen, eijsers, contra Leendert den Harder c.s., verweerders. Gesien 't proces uijtstaende voor het Hoff worden (beide partijen) geordonneert om binnen 8 dagen te compareren voor daer toe gedeputeerde personen.
ARA, Hof van Holland
Civiel proces nr. 803.396, 16-03-1677
Adriaen [van Schoorstraten] en Jaspar van Schoorstraten, wonende in Den Hage, imptn., contra Petronella Kenens, weduwe wijlen Hermanus van Schoorstraten, mede wonende alhier. Petronella moet de impetranten visie en acces tot de schultboecken geven, die wijlen haer man Harmanus van Schoorstraten heeft gehouden. Voorts is sprake van een som van 50 g. van Reijnier van Schelluijnen.
ARA, Hof van Holland
Civiel proces nr. 807.94, 11-07-1678
Huijbert [van Schelluijnen] ende Elisabeth van Schelluijnen, vrouw van Jan Cleijberch, voor henselven ende als testamentaire voocht ende voochdesse van Johan Cleijberch, minderjarige soon van Elisabeth van Schelluijnen, mitsgaders Johanna van Schelluijnen, jonge dochter, gesamentlicke testamentaire erffgenaemen vanwijlen Remken de Haen, hun moeije, laest in huwelijck gehadt hebbende Huijbert den Harder, in leven marck schipper van Den Hage op Amsterdam, eijsschers, contra Leendert den Harder, wonende tot Amsterdam, voor hemselven ende hem sterck maeckende voor sijn suster Adriana den Harder, weduuwe Maerten Groenigs, in leven procureur voor desen hove, te samen (voor)kinderen ende erffgnaemen van voorn. wijlen Huijbert den Harder, haren vader, verweerder.
Huijbert den Harder en Remke Cornelis de Haen, weduwe van Jan Corneliss van Hattem, in leven meester cleermaecker alhier, zijn op 20-02-1661 getrouwt, tevoren tussen hen huwelijckse voorwaerden gemaeckt. Remken de Haen is het eerst overleden en wel in December 1674; zij had een obligatie van 1000 g. genomen voor notaris Dirk van Schoonderwoert op 05-02-1667.
Zij maakte haar uijtterste wille op 01-04-1673.
Remke bezat onder meer een huis de Wildeman, staende in het Noorteijnde alhier, en een hofstede tot Senneden in Gelderlant, bestaende uit een huijs, 4 hont boomgaerd en 11/2 morgen bouwland. Ingevolge bovengenoemde huwelijkse voorwaarden waren de verweerders gehouden aan de eisers te verantwoorden den ontfangh die de voorss. de Harder staende huwelijk had uit de schultboeken van haar erste man, Jan Cornelisz van Hattem, onder andere van hare effecten ter somme van 3613 g. 2 st. 8 p. Uitspraak: de verweerders moeten staat en inventaris leveren en aan de eisers 225 g. betalen.
ARA, Hof van Holland
Civiel proces 816.63, 17-04-1681
Leendert [de Harder] en Adriana de Harder, imptn., contra Elisabeth van Schelluijnen, voor haer selven ende haer sterck maeckende voor Hubert [van Schelluijnen] ende Johanna van Schelluijnen, gegijselde. Volgens de sententie van 11-07-1678 werd gegijselde geordonneerd de helft van de schuld van 400 g. aan de impt. Adriana de Harder te voldoen met interesse sedert 21-06-1674, mitsgaders capitale leeninge van boedel en goederen van Remken de Haen, de welcke successivelijk sedert het aengaen van het huwelijk van deselve Remke de Haen met imptn. vader za. tot het begin 1674 zijn geconsenteert; wijders aen de imptn. te vergoeden 10 g. 15 st. bij der imptn. vader za. op het overlijden van Remken de haen betaelt, dit alles met interesse sedert 29-05-1675.
Voorts aen de imptn. sall hebben te laten volgen alle incompsten, vruchten en baten van de goederen bij de voorn. Remken de Haen, ten huwelijck ingebracht tot desselffs overlijden toe, en gequitantieert over te geven aan imptn. de obligatie van 1000 g. bij den imptn. vader za. voor notaris en getuigen op 05-02-1667 ten behoeve van de voorn. Remken de Haen gepasseert.
ARA, Hof van Holland
Civiel proces 816.64, 17-04-1681
Elisabeth van Schelluijnen, impt., haer mede sterck maeckende voor Huijbert [van Schelluijnen] ende Johanna van Schelluijnen, contra Leendert [de harder] en Adriana de harder, gegijselden. De gegijselden worden gecondemneert te voldoen aan de sententie van 11-07-1678 en aen imptn. te laten volgen de meubelen ten huijse van de gegijselden berustende ende bij Huijbert de Harder, haerluijder vader, in lijfftocht beseten van des impts. moeije Remken de Haen, volgens de inventaris daer van voort aengaen vant huwelijck van voorss. Huijbert de harder ende Remke de Haen gemaect.
ARA, Hoge Raad
nr. 868, fol., 00-12-1683
Petronella Kenens, weduwe van Hermanus van Schoorstraten, impt., contra Jean Jonolijn, meester kleermaker in den Hage, gecondemeerde.
ARA, Hoge Raad
nr. 991, fol. 119, 03-10-1676
Procureur Adriaen van Sterrevelt: 2 saecken Petronella Kenens, weduwe van wijlen Hermanus van Schoorstraten, impt., in cas relieff d'appel, contra Rutgert van Hattem, ged., ten verbale bij onderlinge accoort affgedaen.
ARA, Hoge Raad
nr. 991, fol. 119, 29-10-1676
De stukken van dit proces gerestitueerd.
ARA, Collectie Panthaleon van Eck
nr. 42, 19-01-1572
Ick Steven van Eck Dericks aldt omtrent seesz und tseeventich jaeren, doe kondt und certificier voer die gerechte waerheit ter instantie und versueck van Roeloff van Eck, als dat eenen genaempt Gerrit van Eck z(aliger) wonende tot Hien, geweesener heijmraet in Nederbetuwen, sijn vader Wolter van Eck Loeffs, und den vurgn. Roeloff van Ecks alder vader, genampt Derick van Eck, twyer broeder kynderen geweest zijn van vader en moeder. End dat Derick van Eck, Roeloff van Ecks alde vader van den alsten broeder gecoemen is, oeck genampt Derick van Eck. Waer durch den dickgemelten Derick van Eck Dericks, den erffthijns erffelick nahe dode syns vaders ontfanghen heeft, und hem aengeerft is, van alden hercoemen. Welcken thijns nahe dootelick affganck z(aliger) Derick van Eck geerft und gevallen is op Derick van Eck, Roeloff van Ecks vader. End nahe affganck z(aliger) Derick van Eck is den vurgn. erffthijns gesuccediert opt Roeloff van Eck vursz., die Roeloff van Eck alnoch heeft. In oirkonde der waerheit dat all soe is woe vursz. steet, soe geloeff ick yder tijt tot gesijnnen van Roeloff van Eck vursz. dit mijt my(nen) eedt te bevestighen, waert van noode mach weesen. Oirkondt myn eyghen handt hier onder op spatium gesadt. End heb om meerder vestenisse willen gebeeden Gerfaes van Hattem dit myt mij te willen beteykenen als Secretarius Con. Matt. tot Eck und Maurick. Actum den neghenthienden dach January Anno duysent vijff hondert twee end tseventich. Steven van Eck Dyrcs, G. v. Hattem.
ARA, Collectie Panthaleon van Eck
nr. 43, 26-03-1569
Tuijgen Johan van Hattem alt omtrent 76 jaeren ende Aelbert van Hattem alt ongeferlich 70 jaeren bij hore manne waerheyt, dat Derick van Eck Roloffs van Ecks vader, ende Steven van Eck, Herman van Ecks vader, twee gebrueders geweest sijn, ende dat die selve bynnen van die Van Eck fuyrende een waepy ende een hellempt, allet weeten houre vyff sijnnen, ende dat sij getuygen sulcx dickwiels oeck oer vader hebben horen seggen, unnd Roloff van Eck sijns vaders thijns boert als erffgenam sijns z(aliger) vaders Derixs van Eck als geweest hebbende den alsten broder van Steven van Eck vursz ende dat alle tijt honne vorvalderen die Van Eck vursz genoempt sijn geweest ende dat Roloff van Ecks ende Herman van Ecks beste vader ghenoempt is geweest Derick van Eck, sonder arglist. Unnd obg (= bovengenoemde) getuigen willen dit alls sij daer toe myt recht gefordert worden bij eede affirmieren soe recht sije tot gesijnnen van Roloff van Eck ende Herman van Eck geneven. Des tot eenen oirkunde hebben obg getuigen horen naem hier onder gesath in bijweestens als getuichsluijden Joest Spruyt ende Jan Hoeff opten 26en Martii anno 1569 - dat selve van hier besyden aen geschreven staet, is geschiet in horer bijwestens der getuigen ende getuichsluyden vursz. Johan van Hattem, Aelbert van Hattem, Joest Spruyt, Johan Hueff.
Wij Scholtus Burgemeesteren ende Schepenen der Stadt Wijck bij Duijrsteden certificieren bij desen voor de rechte wairheit, dat op huden dato deses voor ons int gerechte gecompareert ende verschenen zijn geweest Gosen van Setten inwoonder tot Wijck oudt omtrent 65 jaren ende Johan van Hatthum, wonende tot Wijell inde Betuwe oudt omtrent 55 jaen beijde mit een gerechtsbode gedaecht ende den voorn. Johan van Hatthum mede gearrestiert zijnde ter instantie van den Erentfesten Aelbert van Eck, als specialicken gemachticht van oick den Erentfesten Didrick van Eck zijnen neeff, om der wairheit tuijchenisse tho geven ten verzoucke ende behouff des voorn. Didrick van Eck, ijtzunder wonachtich tho Arnhem. Ende hebben beijden voor benoemden getugen tsamenlicken ende elcx van hemluijden bijzunder bij solemnelen Eedt (elcx van hemluijden apart mit opgerichte gestaeffde vingeren naer behoren affgenomen) getuijcht ende verclaert warachtich ende hemluijden zeer well kennelijck tho weesen, alzo dat Roloff van Eck zal. (in zijn leven gewoont hebbende tho Maurick in Nederbetuwe) ende zal. Adriaen van Eck (vader van de bovengenante Didrick van Eck) geweest zijn twee rechte echte wettelijcke gebroeders, daer bij vougende zij declaranten voor redenen van wetenschap, eerst d'voornoemde Gosen van Setten, als dat zijn ouders ende die ouders van den voornoemden Adriaen van Eck als nabuijren neffens elcanderen tot Maurick gewoont ende altijts huijs gehalden hebben, dat oick hij deposant mitte voorgemelten Adriaen van Eck van zijn jonckheijt op ter schole gegaen ende tot Maurick mitten zelffden geconverseert heeft, ende Johan van Hatthum voornoemt tweede getuge, seijde voor redenen van wetenschap, dat hij die beijde bovengenoemden gebroeders zeer wel gekant heeft, hebbende oick zijn eijgen vader ende moeder menichmael ende alle tijts horen seggen, dattet twee broeders zijn geweest, ende noijt anders, ofte contrarie gehoort ende en heeft van ijemanden. Ende alzoe men schuldich is in allen rechtverdige zaecken contschap der wairheijt tho geven, inzunderheit daer toe versocht zijnde, van tgundt voorschreven staet voor ons mit waerheit getuijcht ende verclaert is, hebben wij teenen oirconde desen doen confirmieren mit Stadts secreet seghel ad causas dairop gedruckt neffens onzen secreth signature opden naestlesten Novembvris anno 1593 stilo veterei. J. Deman 16593. Secrt.
ARA, Collectie Panthaleon van Eck
nr. 57, 28-03-1569
Ick Adriaen van Maurick oudt omtrent een en tsestich certificire mitsz desen dattet waerachtich is dat wael eertijts geschiet is datter tafelreden gevielen ende datter gesproken wordt van die Van Eck. Ende dat hij dier tijt Jan van Hattem den ouden heeft hoeren seggen dat Aernt van Eck ende Steven van Eck tot woenachtich plegen te woenen. Oeck etlicke Van Eck tot Hijen woenachtich waren. Ende Dirck van Eck tot Maurick te weten Roelof van Ecks vader dat zij voersz. al van een kloft ende afcoempts waeren. Ende dat hij vermoijde dat Dirck van Eck voersz. van den oudsten gecomen was naedemael dat hij die thijnsen tot Eck inboerden die Roelof van Eck noch gebruijct. Dit voersz. wijl ick Adriaen van Maurick voersegd altijt mit mijn eedt bestevigen als sulcx van node is. T'orkonde van desen heb ick Adriaen vs. dit mit mijnen naem onderteijkent den acht end twijntichsten dach Martii anno 1569.
ARA, Collectie Panthaleon van Eck
nr. 58, 04-07-1570
Ick Wilhem van Hattem Dericksz doe kondt und certificier voer die gerechte waerheit mijts desen, als dat waerachtich is, dat ick in verleeden tijden den alden Johan van Hattem mijn gewesener ohem dickwaell und meer als eens heb hoeren seggen, dat Derick van Eck den alden, Roeloff van Ecks alde vader, und zaliger Cornelis van Eck voeraldere, van eenen bloede und hercoemsten waeren. Oirkondt mijn eijgen handt und naem hier onder op spatium gesadt. Actum den vierden dach Julij anno duijsent vijff hondert tseeventich. Wyllem van Hattem Dyrckss.
ARA, Collectie Panthaleon van Eck
nr., 15-12-1627
Aeltgen Dirck van Ecksdr, wonende te Utrecht, verkoopt aan haar neef Sander van Grootvelt te Maurik en Maria van Eck, zijn vrouw, en aan Willem van Grootvelt de thiendhoff in het kerspel Maurik welke haar toekwam uit de boedel van wijlen Willem Joriphaesz van Hattem.
ARA, Raad van State Jnr. 589 IV
06-06-1623
Daniel van Hattem, kapitein, en Herman van Hoeclum, luitenant, ondertekenen en zegelen een dispositie en getuigenverklaring door een aantal militairen voor hen afgelegd op 06-06-1623 te Emmerik ten behoeve van gouverneur en kolonel Utenhove. N.B. Daniel van Hattem voert als helmteken twee droogscheerdersscharen met de punten naar beneden als omgekeerde keper gerangschikt.
ARA, Staten Generaal, "Liassen lopende"
nr. 4940, 15-03-1622
Extract uit de notulen van appoinctementen van de Staten van Holland en West-Friesland.
Lectum 17-03-1622.
Op verzoek van Isabella van Hattem, vrouw van Sijmon Lucae, is geappostilleerd de Staten van Holland en West-Friesland hebbende suppliante geaccordeerd en toegestaan dat zij voor de tijd van 6 maanden, eens per maand en niet meer, zal mogen komen bij haar man, gelastende de kastelein van het huis van Loevestein er op toe te zien dat er bij de suppliante of iemand anders geen instrumenten in het voornoemde huis worden gebracht, waardoor de voorsz. haar man zou kunnen losbreken. Bijlage: Ongedateerd.
Geeft in aller ootmoedicheijt te kennen Isabella van Hattem, huijsvr. van Sijmon Lucae, geweesde dienaer des goddelycken woorts in Gelderlant, hoe dat d'selve hare man nu over de vijff maenden geleden, naer voorgaende sententie van den Hove van Hollant, gevanckelijck gebracht ende gestelt is op t'huijs te Loevesteijn, sonder dat sij suppliante (die ondertusschen seer sieckelijkck gegaen ende van kinde verloff is) tot noch toe eenich acces bij den selven haren man heeft genoten; mitswelcken ende alsoo zij suppliante harer tegenwoordich metter woon tot Gorcum ter neder gestelt heeft, ende dat zij in dese hare grote swaricheijt ten hoochsten is verlangende om met hare cleijne kindertgens bij haren man te mogen comen, t welck toe den commandeur ofte luijtenant van t'voorsz. huijs te Loevesteijn schijnt swaricheijt te maecken haer suppliante sonder voorgaende consent van uwe Ho: Mog: t'admitteren. Soo verstout ende bidt zij seer ootmoedelijck, ten eijnde uwer Ho: Mo: gelieffe zij, haer suppliante fauvrabelijck to vergunnen dat se met hare kindertgens eens ofte tweemael ter weecke bij haren gevangen man geadmitteert werde ende acces moge genieten, gelijck int regard van andere diergelijcke gevangens gepermitteert geweest is, ende noch tegenwoordich int regard van Hogerbeets aldaer mede gevangen, meerder gepermitteert wiert. T'welck doende etc. Isabella van Hattem.
Etstoel
Lottingsprotocol Deel 14
fol. 159, 22-11-1649
Jor. Joannes van Hattem als volmachtiger van de erfgenamen van wijlen Jor. Potere (=Godschalk van Pottere) inzake een roggepacht.
Hof van Friesland, Civilie Sententien WW
nr. 15, 12-06-1638
Jacob Jacobs Roch inqte, medebewindhebber van de Oost-Indische compagnie, als voorstander van zijn kinderen bij zal. Anna Claes Kan, mede-erfgenaam van Dieuke Fredericxsdr, weduwe van zal. Mr. Jan Holthuis, haar bestemoeder, crediteur van zal. juffr. Ath van Roorda (d.i. een tante van Jacomina Roorda), in leven vrouw van Tadingh van Adelen, en Dr. Joannes Nijsten ... voor Adriaan van Druiten, als man en voogd van juffr. Machteld van Roorda (d.i. een zuster van Jacomina) en last hebbend evenals procuratie van juffr. Jacomina van Roorda, vrouw van de heer Burggraaf Welderen, domicilium citandi (d.i. Leeuwarden) ...
Hof van Friesland, Civilie Sententien WW
nr. 21, 02-02-1637
Juffr. Jacomina van Roorda, in qual. inqte., contra Joannes Martyni Sibada, gedaagde. Gezien bij den Hove van Friesland 't pluidooie voor den zelven hove gemoveerd tussen Dr. Tiberius Thoma, dragend volmacht van juffr. Jacomina van Roorda, voor haar en als erfgename van haar zuster, gesterkt met haar tegenwoordige man Bernhard van Welderen, burggraaf te Nijmegen ... ter eenre, op en tegen Dr. Honorius Rouckema ... voor Joannes Martini Sibada, voor hem en als man en voogd van zijn vrouw ... ter andere zijde ...
Stamboek van de Friese Adel
deel 1, pag. 313, 17-04-1612
Jacomina van Roorda, dochter van Johan van Roorda en Machteld Gerrits van Loo, tr. (1) 17-4-1612 Daniel van Hattem, kapitein, tr. (2) Bernhard van Welderen, gest. vóór Ao 1654
Stamboek van de Friese Adel
deel 2, pag. 210, 02-02-1637
Johan van Roorda,
J.U.D. en assessor van het kamergericht te Spiers,
is mede balling geweest. Bernhard van Welderen,
blijkens sententiën van het Hof van Friesland d.d. 02-02-1637 en 12-06-1638 wordt hij genoemd als burggraaf van Nijmegen.
Hij was ook Raad extra-ordinaris van Gelderland.
Staten van Friesland, Archief van het Mindergetal, Commissie en Instructieboek nr. M 11B
fol. 220, 10-03-1612
Wilhelm Ludwig, graaf tot Nassau ... stadhouder en kapitein generaal in Vriesland, Groninger Ommelanden en Drenthe, mitsgaders Gedeputeerde Staten in Friesland doen weten dat wij - als gevolg van de dood van zal. Maximiliaen, baanderheer van Cruyningen, kapitein over een compagnie duitse soldaten ressorterende onder het regiment van de welgeboren heer Graaf Ernst Casimir van Nassau gezien de nominatie bij de heer Casimir van Nassau gepasseerd, de Edele en Erentfeste en manhafte Daniel van Hattem, luitenant van de voorsz. compagnie, geordonneerd, gecommitteerd en besteld hebben tot kapitein over deze compagnie als een ander, bekwaam, kloekmoedig en ervaren kapitein.
Leeuwarden, DTB
17-04-1612
Daniel van Hattem, capitein onder het regiment van zijn genade graaf ... en juffr. Jacomina van Roorda hebben hun eerste gebod gehad op 29-03-1612, hun tweede op 05-04-1612, hun derde op 12-04-1612; zijn bevestigd op 17-04-1612.
Sloten, DTB
28-01-1614
Ondertrouw Sloten van een soldaat onder kapitein Daniel van Hattem.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
Inventaris, deel 1, pag. 292, 00-00-1622
00-00-1622 tot 00-00-1635 Aernt van Hattem, rentmeester van de Burense goederen van de graaf van Culemborg.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
Inventaris, deel 1, pag. 316, 00-00-1661
00-00-1661 tot 00-00-1674. Hubert van Wijck rentmeester van de Culemborgse goederen in de Neder-Betuwe.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 152 (R. 1878), 17-05-1468
Aernt van Eck, Willem van Hattem en Roloff Jansz stellen zich borg bij Gherardt, heer tot Culenborch etc., dat Willem van Hattem, die gevangen genomen was tesamen met de ambtman Henrick van Rossum, en die op hun verzoek voor 14 dagen was vrijgelaten, op de bepaalde tijd zal terugkeren.
N.B. Met zwaar beschadigde zegels van de eerste en derde oorkonders; het zegel van de tweede oorkonder is verloren.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 176 (R. 2176), 31-10-1475
Gherart, heer tot Culenborch etc., Herman van Leeuwen, Oliphier Uten Weerde en Wilhem van Hattem erkennen schuldig te zijn aan Wychart ten Have 95 rijnse g. en 71/2 st.
N.B. In dorso staat een aantekening over de aflossing. De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nrs. 1787 fol. 93v (R. 2521), 5482, 5974, 07-03-1492
Jaspar, heer tot Culemborg, vernieuwt de door zijn voorvaderen aan de kerk van Maurik gedane schenkingen en geeft het huis c.a., vermeld in de brief van dezelfde datum, aan die kerk tot een pastorie.
N.B. Met geschonden zegels van de oorkonder en van Willem van Hattem (dat de einden van de "schaar" vertoont). Het zegel van Arndt van Rijsenborch, priester te Maurik, is verloren.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 1788 fol. 19 (R. 2785), 14-08-1503
Dirck van Hattem en zijn vrouw Hubert van Maurick Heijnricxdr erkennen verkocht te hebben aan Jaspar, heer tot Culenborch, 3 morgen land onder Eck op Homoit.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nrs. 1788 fol. 20 (R. 2602), 5476 bijl. 02, 31-05-1496
St. Peternellendag (31-05-)1496. Sweder van Culenborch, bastaard, richter te Eck en Maurik, namens de heer van Culenborch etc., oorkondt dat Willem van Hattem, rentmeester van genoemde heer, beslag laat leggen op de goederen van Dirck Gerytsz c.s. onder Eck en Maurik.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nrs. 1788 fol. 52v (R. 2444), 5472, 07-11-1488
St. Willibrordsdag (07-11-)1488. Wij Wilhem van Hatthem ende Hadewich, echte huijsvrou Wilhemsz voirsz., den selve Wilhem mijne voirsz. man gecoore tot mijn momber, doen condt en bekennen verkocht te hebben aan Jasper van Culenborch 3 akkers land in de buurtschap Wiel.
N.B. Het zegel van de oorkonder is verloren. Het geschonden zegel van de oorkondster is als volgt: (1) het randschrift is onleesbaar door beschadiging (2) het schildhoofd is voorzien van ruiten (3) het schild bevat 5 lelies/fleurs de lys.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nrs. 1788 fol. 53 (R. 2423), 5472, 08-01-1488
Wouter van Eck en Dirck van Riin erkennen verkocht te hebben aan Wilhem van Hattem 3 akkers land onder Wiel.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nrs. 1788 fol. 53v (R. 2520), 5482, 07-03-1492
Heer Aerndt van Rijsenborch, pastoor te Maurik, erkent verkocht te hebben aan Jaspar, heer tot Culemborg etc. een huis c.a. te Maurik naast het kerkhof. Present: Willem van Hattem en Dirck Hermansz als kerkmeesters.
N.B. De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nrs. 1788 fol. 59, 6097, fol. 12v (R. 2170), 31-07-1477
Roloff van Hattem geeft aan Geraerdt, heer van Culenborch, het losrecht van een door Geraert in vaste erfkoop aan hem verkochte akker te Maurik op de Parrijck, groot 11/2 morgen.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 1788 fol. 67v (R. 2691), nr. 5891, 05-06-1500
Johan van Hattem en zijn vrouw Boelle Aelberts erkennen verkocht te hebben aan Jaspar, heer van Culenborch, 5 morgen land in de Maurickerweerd. (R. 2691)
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 1788 fol. 142v (R. 2577), 01-11-1494
Dirck Gerritsen en zijn borgen erkennen gehuurd te hebben van Willem van Hattem, rentmeester van Jaspar, heer tot Culenborch etc. de wind- en rosmolen te Maurik.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 1788, nr. 5891, fol. 67v, 05-06-1500
Johan van Hattem en zijn vrouw Boelle Aelberts erkennen verkocht te hebben aan Jaspar, heer van Culenborch, 5 morgen land in de Maurickerweerd. (R. 2691)
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 3624, 01-06-1631
01-06-1631 t.m. 26-12-1633. Diverse verklaringen dat schulden aan aert van Hattem als rentmeester van Culemborg zijn voldaan.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4452, 00-00-1637.
Lijst van sijner Gen. goederen en thienden in den ampte Neder-Betuwe wesende vrije allodiale goederen van Buren
(a) 1 hofstedeken gelegen op Mourick groot omtrent 1 hont lants dat gebruijckt Willem van Hattem.
(b) Een parceel lants gelegen op Mourick genpt. die Nieuwe Weijde groot omtrent 7 mergen lants die Jan van Wijck en Willem van Hattem gebruijcken.
(e), 17-07-1648 Verkoop aan Johan Noest en sijnen erven van 2 ackeren boulants in de Huijsmaten onder de kerspel van Maurick, ten Z. en W. Willem van Hattem. 17-07-1648 Verkoop van seecker acker boulants in de Huijsmaten onder den kerspel van Maurick aan Willem van Hattem en sijne erven.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4452, fol., 00-00-1637
Lijst van sijner Gen. goederen en thienden in den ampte Neder-Betuwe wesende vrije allodiale goederen van Buren (a) 1 hofstedeken gelegen op Mourick groot omtrent 1 hont lants dat gebruijckt Willem van Hattem. (b) Een parceel lants gelegen op Mourick genpt. die Nieuwe Weijde groot omtrent 7 mergen lants die Jan van Wijck en Willem van Hattem gebruijcken. (e) 17-07-1648. Verkoop aan Johan Noest en sijnen erven van 2 ackeren boulants in de Huijsmaten onder de kerspel van Maurick, ten Z. en W. Willem van Hattem.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4506, 26-11-1566
Rekening over de periode Ao 1564 tot 1566, gepresenteerd door Willem van Hattem. Ontvangen van: (1) Reijner Aertsz voor de halftocht op 12 morgen land in de Wijnckel, die Jan Woltersz en voorsz. Wijllem van Hattem in halftocht gebruiken. (2) Roelof Janss, als erfgenaam van zijn vader Jan Woltersz, voor 12 morgen land in de Winckel te Maurik, dat Wijllem van Hattem in halftocht gebruikt.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4777, fol. 134, 135, 16-04-1554
Vermeld wordt een leengoed (in de Winckel) belast met 150 Ph. g. sprekend op Willem van Hattem en Jan Wouterss.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4777, fol. 135, 23-03-1576
Maximiliaen van der Lauwijck wordt beleend met 3 morgen lant in de Wijnckel, belendend de erfgenamen van Henrick van Hattem.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4777, fol. 135v en 136, 23-03-1576
Geschil tussen Zweder van Culemborch en Maximiliaen van der Lauwijck, en Willem van Hattem namens Haesken, weduwe Herman van Eck, over omtrent 11/2 morgen land genaamd de Pijpen te Maurik, belendend de weduwe van Henrick van Hattem.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4777, fol. 156, 29-08-1565
Willem van Hattem Aelbertsz duer willige opdracht van Aelbert van Hattem Janssz zijns vaders ontfangen de helft van thien mergen lantz gelegen tot Maurick in de huijsmaeten, boven naest gelant Aelbert van Hattem voors. ende beneden Henrick Roeloffs, streckende van de meente aenden huijsmaetenschen grave te houden te Zutphenschen rechten te verhergewaden mit een ponde goetz geltz, beheltelijck aen voorn. Aelbert van Hattem hier aen zijn lijftocht en de helft die voorn. Willem van Hattem hier van den behoorlijcken eedt aen handen van den Stadtholder Melchior van Culemborch Hubertssz gedan, hier is nochtans den Heren ende een yederen zijns rechts voorbehouden. Actum tot Culemborch in presentie van mannen van Leen Johan van Hattem ende Coenraedt Zurmondt de XXIXen Augusti XVC LXV.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4777, fol. 156, 14-03-1577
Wij Floris grave van Culemborch, vrij Here in Pallant van ... ende van den weerdt, Here van den Lede van Lijenden van W... under ... doen condt alle den genen die onsen tegenwoordige brieff ... sien of horen lesen dat voor onsen Lieven ende getrouwe Ne... Henrick van Abcoude van Merthen here van ... Stadtholder van de lenen onses Leenhoefs Culemborch ende voor mannen van Leen nae benoempt in eijg... personen gecompareert ende erschenen is Willem van Hattem Ael... ende heeft uit onsen consent Octroy en believen gelijftocht Je... Gesse ter Borch zijn echte huijsvr. in die rechte helfte van ... thien mergen lantz gelegen tho Maurik in den huijsmaten daer boven naest gelandt zijn Aelbert van Hattems erven ende benede Henrick Roeloffs streckende van de meijnte aen den huijsmaetschen grave off wie dat nu ter tijt daer rontzom mit recht naest gelandt mach zijn, om die selve te hebben ende die vruchten daer van comende rechtsgewijse te genieten en te gebruijcken, haer naturlijcke leven lanck gedurende de tot aller welke rechte, sonder betersch. off behijndernisse van yemanden. Met sulcken conditien nochtanss dat in geval zij de voorn. Willem Aelberts van Hattem hueren voorn. man overleefden, dat zij in sulcken gevall schuldich en gehouden sal zijn des voors. Willem van Hattem Aelbertss huers voorn. mans rechten en naesten Leenvolger opten welcke alsdan t voorn. Leengoet nae rechten solde comen, succederen of vallen soe vuel penningen te verschieten daer mede hij t voors. leen aen ons sal mogen comen verheffen ende ontfangen. Ende dat binnen den naesten vermaende naden overlijde van de voorn. Willem van Hattem en na dat zij in t gebruijck van t voors. Leengoet gecomen sal sijn op verbuernisse van haerder voors. tochten, in desen nochtans was en een yederen sijns goeden rechten voorbehouden, alle dinck sonder argelist. Daer dit geschiede zijn bij aen en over geweest onze mannen van Leen Cornelis van Merthen Derkssenss en Cornelis Thonisss des t oerconde hebben wij desen brief met onsen voorn. Stadtholders zegel enz.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4777, fol. 156v, 20-09-1580
Wij Floris enz. Henrick Bentinck, stadholder van de leenen enz., in eijgener persoonen gecompareert is die Erentfeste Willem van Hattem Aelbertsz ende heeft inder besten ende bestendichste formen, wijse en manieren hij van rechts wegen solde kunnen off moegen doen met zijner vragen wille ende mit consent, will en octroij van onsen voorn. Stadholder in stadt onser Jouffr. Henrica van Hattem zijn suster hueren erven en nacomelingen gebraeck huers uuijt die helft van thiem mergen lants gelegen tot Maurik inden huijsmaeten boven naest gelandt Aelbert van Hattems erven ende beneden Henrick Roeloffssz, streckende van de Meijnte aen den huijsmaetschen graven off wie nu tertijt dan rontrom met recht naest gelandt mach zijn en hij van ons de leenhoudende is bekendt en geconstitueert bekende en constitueerde mits desen, een Jairlixe rente van drie en dertich gulden jairlicx tot XX stuvers brabants den gulden gereeckent, te verschijnen op St. Peters dach ad cathedram off veerthien dagen daer nae onbegrepen, daer van nu petri naestcomende als man scrijven sal XVC een ende tachtentich die eerste rente van omcoemen en verschijnen sal en soe voorts van Jare tot Jare. Geschieden deze betalinge alsoe Jairlicx niet op tijt en termijne voirs. soo mach men t selve uuijtpanden uuijt die voors. helft van den voors. thien mergen Leengoets voorn., schaer ende schoeff daerop besetten ende voorts daerop mit recht procederen gelijck men in Nederbetuwe gewoonlick is te proceduren, ende vrije renthen uuijtpanden, niettege nstaende dat t selve lant leengoets en daerop voer onzen leenhore sonder gedaen behoiren te werden van welcke preminentien wij ter bede van de voirn. Willem van Hattum gerenunchieert hebben en renenchieeren mits uren hebbende geconsenteerd gelijck wij oir consenteren mits desen dat dei proceduren in cas van wanbetalinge op t selve leengoet sollen mogen gedaen werden in manieren boven breeder schaelt voorbehouden nochtans dat soe verre t voirs. leengoet ter cause van wanbetalinge opgewonnen voorde dat die gheene die t selve alsoe opgewonnen hadde schuldich ende gehouden sal zijn binnen den naesten ses maenden nae sulcke opwinninge te coemen, voer onsen stadtholder en de Leenmannen in der tijt t voirs. leengoet versuecken, ontfangen en die hergewaden en andere gerechticheden van olts daer toe staende te betalen op verbuerte van t selve Leengoet en dat bij gebreck van dien t selve leengoet tot onser tafelen toegeslagen en tot onsen behoeff geappliceert zal werden. Hier inne nochtans den voorn. Willem van Hattem Aelbertss zijnen erven en nacomelingen voerbehouden dat zij die voors. jaerlicx rente van 33 carolus guldens ten allen tijden alst hem gelieft op een van die termijnen voorschr. sollen moegen afflossen en afleggen mit eens der somma van sestehalff hondert gelijcker carolus gulden mit allen den alsdan verschenen en noch onbetaelde termijnen van renten, in desen nochtns ons en een yederen zijns goeden rechten voorbehouden. Alle dinck sonder argelist. Daer dit geschieden zijn bij een ende over geweest onze mannen van leen Mr. Lubrecht Meerhoutz en Thoniss Antoniss Wellantz. Des t oirconde hebben wij desen brieff mit onse segel van de leenen doen besegelen in den jaere ons heeren 1580, desen 20en dach des maents septembris.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4777, fol. 158, 10-09-1539
Wij Floris Grave van Cuylenborch enz. Henrick Bentinck stadtholder van den leenen enz. in eijgener persoone erschenen is Willem van Hattem aeltertssz ende heeft met onsen consent Octroy ende believen gelijftocht Jouffr. Cornelia van Schuijlenborch henricxdr zijn echte huijsvrou in de rechte helfte van tien mergen Lantz gelegen tot Maurick in de huijsmaten, daer boven naest gelant zijn Aelbert van Hattems erven ende beneden Henrick Roeloffs, streckende van de meijnte aen den huijsmaetschen grave off wie enz. Om die selve te hebben ende die vruchten daer van ... tochtsgewijse te genieten ende gebruijcken huer naturlicke Leven lanck geduijrende tot allen tochten Rechten sonder beletsel of behindernisse van yemanden, Mit sulcken conditien nochtans dat ingeval zij sulcken geval schul... ende gehalden sal zijn des voors. Willem van Hattems huers voorn... mans Rechten ende naesten Leenvolger opten welcken het voors. Leengoet alsdan nae Recht solde comen, succederen of vallen, soe veel penn. te verschieten dair mede hij t voirs. leen aen ons sal comen verheffen ende ontfangen, ende dat binnen de naeste ses maenden nae den overlijden van de voorn. Dirck (dit is doorgestreept en er boven geschreven met dezelfde hand "Willem") van Hattem, ende nae dat zij int gebruijck van de voors. Leengoederen gecomen sal zijn, op verbintenisse van den voirs. tochten, in desen nochtans ons ende eenen yeder zijns goeden Rechten voorbehouden, sonder argelist. Mannen van leen: Cornelis alartss ende Gerrit Verudt.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4777, fol. 202, 04-03-1614
Op den 4en Martij 1614 heeft Willem van hattem versocht brieven van octroy om te moogen disponeren over t leen soo hij van sijnr. gen. te leen is houdende. Ende is hem hetselve geaccordeert uuijtwijsende die brieven hem daerover verleent alshier volcht: Wij Floris enz. dat wij op versouck van Willem van hattem denselven door den Edelen onser Stadthouder (Jr Arent van Bronckhorst) geoctroyeert ende geconsenteert hebben Octroyen en consenten mits desen omme bij form van Testamente ofte andere uuijterl. wille te moogen disponeren naar zijne eijgen welgevallen over die helfte van thijen mergen Lants gelegen tot Maurijck in de huijsmaeten volgens de Lesten Leenbrieve den voors. Willem van hattem geaccordeert boven naest gelant Lubbert Sass en beneden Roeloff van der Eeme eertijts ende nu Albert van Hattem boven en hendrick Roelofsen beneden streckende van de meijnt totten huijsmaten Graeve t sij dat die selve maecke geschiede voor onsen Stadthouder voorn. ende mannen van Leen, ofte voor Notaris ende getuijgen. Wetten en gerechten toe als zijnen Raedt gedragen sal dewelcke maecke wij hiermede volcomentlijck approberen. Mits dat den ghene toe het voors. leen in vougen als vooren gemaeckt mochte wesen, sich binnen 3 jaers nae t overlijden van den suppliant bij ons ofte onsen Stadhouder sal verthoonen ende daer mede naer behooren doen verlijen huldt, eedt en manschap te presteren mits betaelende de gerechticheijten en t heergewaet daertoe staende. Mannen van leen: Jan Meerholtz en Joost Corneliss.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4777, fol. 202, 20-08-1623
Wij Floris enz. vermits overlijden van Willem van Hattem verlijt en beleent hebben Jouffrouw Margareta van Pasquellijne, des voors. Willem van Hattems naergelaetene weduwe met de helft van thien mergen Landts enz. ende dat in qualité als tochterse. Zij heeft den eedt gedaen. Mannen van leen Joest Corneliss van Diemen en Willem Suyrmondt.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4777, fol. 255v, 10-07-1629
Wij Floris enz. in crachte van het recht van verwin ende verscheijden actien ende transporten verkregen bij Johan van Vinzelaer volgens de brieven daer van zijnde voor onsen stadthouder en mannen van leen opde 8 Maij lestleden gepasseert ende in onse leenregister geregistreert den voorn. Johan Vinzelaer verlijt ende beleent hebben met de helfte van thien mergen lants tot Maurick in de Huijsmaeten naestgelant Albert van Hattem Janssen enz.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4782, fol. 240, 13-10-1664
(Maurijck) De helfte van thien mergen in de Huijsmaeten, boven Albert van Hattem Janssen, beneden Hendrick Roeloffsen, streckende van de Meente aen de Huijsmaetsen grave. Te houden ten Zutphensen rechten te verhergewaden met een ponde goedts gelts. Verlijt ten behoeve van Dirkje Jans den 13 Oct. 1664. Verlije ten behoeve van Aeltgen Vintzelaer 1666. Verlijebrieff ten behoeve van de Heere Pierre Durfort d'Artiges 1666. Verlije ten behoeve van Willem van Grootvelt 1668 enz. (nog 7 beleningen tot 1785).
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4786, Eck, 07-03-1691
Wij Johan van Hattem ende Geertruijd Heuf, e.l., versoecken hiermede te approberen sodanige huwelijkse voorwaerde als tusschen gemelte echteluijden op 26-06-1675 is gesloten.
Copia, 26-06-1675. Tot vermeerderinge van t menschelijk geslagt ende tot stichtinge van meerdere vrindschappen isser een wettelijk en onverbrekelijk houwelijk opgericht tusschen Jan van Hattem, weduwenaer van Antonetta van Hattem za., ende Geertruijd Heuff, jonge dochter. Den bruijdegom brengt tot subsidie dese houwelijks bij alle sodanige goederen als hij van sijne overlede vader za. geerft ende met sijne 2 onmundige kinderen afgedeijlt heeft volgens maefggescaheijd van 22-06-1675. Daertegens brengt de voorn. bruijd tot onderstand dese huwelijks bij alle sodanige goederen als volgens maeggescheijd voor haer vaderlijk versterf haer is toegedeijlt. Bij den bruijdegom ende bruijd ende aenwesende vrinden elks onderteijkent tot Avesaet op 26-06-1675. Ondertekent: Johan van Hattem, Geertruijd Heuf, Margrieta van der Lingen, Elisabet van Vincele weduwe van Dirck van Hattem saliger, G. van der Lingen, P. Geurtsen, A. le Grand de la Rousse, S. van der Lingen.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4791 Klapper op de namen der Culemborgse leenmannen, fol. 143, 00-00-1661
Gertruijt Heuff 1661. Avesaet. Woont to Bueren, is de dochter van Gijsbert Heuff.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4791 Klapper op de namen der Culemborgse leenmannen, fol. 279, 00-00-1644
Margriet van der Lingen 1644. Avesaet. Woont tot Buren ende is de weduwe van Gijsbert Heuff Gerritsen. Bij opdracht hiermede verlijt Gertruijdt Heuff (1661)
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4816, 02-04-1667
Jacob ... burger te Utrecht, als speciale gemachtigde van Sebilla van Hattem, weduwe en boedelhoudster van Dirck Johan Hermansz, Arnoldus van Hattem, Johan Suermondt en Francina van Hattem, e.l., Maria van Hattem, Christina van Hattem weduwe Grootvelt, en Hadewich van Hattem, vermogen speciale procuratie van Floris de Lile, richter en stadhouder van Leede, Lienden ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4816, 00-00-1650
Het wordt Arndt van Hattem toegestaan zijn oude vader Dirck Johan Hermansz in diens ambt van rentmeester van de graaf van Culemborg in Neder-Betuwe bij te staan en na diens overlijden op te volgen.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4828, 27-01-1550
Cornelis Egberts als gevolmachtigde rentmeester van wegen Jor. Ffrederick Schelert van Oppendorph, heer tot Gortsungnich, Schin en Gesteren, ter presentie van nagenoemde leenmannen gepresentiert ende geapent tot Kesteren voir oir horst ende die wert dair affgedaen, Jan van Plees ende Dijrick van Wtwijck, alsulck ontwaringe als mijn heer de stadthalder van de leenhoeve van Culenborch ontwaert heeft, alle den gheene die hem achter rechten ende toeseggen vermecken, aen eenre bouwinghe geleghen tot Inghen die mijne Jonckheren voirgt. van den leenhoove van Culenborch voirss. te leen haldende is ende Walraven van Hattem nu ter tijt van mijne voirges. Joncherrn in pacht en gebruick heeft.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4828 - Extracten van Signaat van Kesteren, 00-00-1549
Arnt van Rumelaer wijst dat Walraven van Hattem die bijnnen jaersche pacht ... betaelen sal aen handen ... Pleess und Dierick van V... erffegenamen van za. ... Beatrix weduwe va ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4828 - Extracten van Signaat van Kesteren, 05-05-1550
Dierick van ... dat Walraven van Ha[ttem] ... die bynnen jaersche pachtpennijngen betaelen sall aen handen Jan van ... van Wtwijck, als erffgenaem ... zelige jonckfrauwe weduwe Beatrix van Oppendorp.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 4828 - Extracten van Signaat van Kesteren, 27-04-1551
Matthijs van Beynhem wijst dat Walraven van Hattem die bynnen jaersche pachtpennijngen betaelen sall aen handen Jan van Plees und Dierick van Wtwijck, als erffgenaem van zeliger Jonckfrauwe weduwe Beatrix van Oppendorp. Ondertekend: Herberen Wouters, secry in Nederbetuwe. ... ontbreekt als gevolg van beschadiging!
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5061, 00-00-1622
00-00-1622/00-00-1623. Rekening van Aernt van Hattem, rentmeester van de Culemborgse goederen in het land van Buren.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5061, fol. 2, 00-00-1622
Michaelis 1622. Verschenen thijnssen: Dirick Goertss van Jan van Hattem uit 2 hont land genaamd de Coninck.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5061, fol. 2v, 00-00-1622
Michaelis 1622. Verschenen thijnssen: Nog de voorsz. uit 4 hont land gelegen teijnden de Coninck.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5360 (R 925), 00-00-1582
00-00-1582 t.m. 00-00-1587. Stukken betreffende het geding van graaf Floris I tegen Dirck van Hattem Aelbertsz, rentmeester van de heer van Culenborch, wegens afrekening van het beheer van de Burense goederen.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5360 (R 925), 00-00-1586
00-00-1586/00-00-1587. Alart de Goijer als rentmeester van de Burense goederen contra Dirck van Hattem Aelbertsz. "Stukken betreffende het rechtsgeding tussen Dirck van Hattem en Alart de Goijer als rentmeester, waarvan de eerste zich beklaagt zonder reden en onwettig door de graaf uit zijn rentambt gezet en enige tijd gevangen gehouden te zijn".
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5363, 16-11-1639
Stukken betreffende de liquidatie met rentmeester Arndt van Hattem.
(1) Arndt van Hattem wordt als rentmeester vermeld in stuken van 16-11-1639 en 24-02-1640.
(2) Brief aan de graaf van Culemborg: Geeft te kennen Aerndt van Hattem, gewezen rentmeester van de domeinen van het graafschap Culemborg in het land van Buren, dat hij suppliantop 12-06-1634 op zijn krediet ten behoeve van de graaf Anthonis van Hattem, koopman te Amsterdam, op renten tegen de penning 16 gelicht had de som van 8000 g., die de graaf van Arndt van Hattem ook heeft ontvangen. ...
(3) 12-06-1635. Verklaring van de graaf van Culemborg dat hij het bedrag van 8000 g. op 12-06-1636 zal restitueren.
(4) 25-09-1644. In een instructie belooft de graaf van Culemborg het geld (8000 g.) binnen een half jaar te zullen terug betalen.
(5) 16-05-1646. Wij raden van het vorstendom Gelre en het graafschap Zutphen verklaren dat Anthonis van Hattem verzocht heeft om Arnt van Hattem aan hem het bedrag van 8000 g. terug te betalen. ...
(6) Aan het Hof van Gelderland: Anthonis van Hattem en Arndt van Hattem, ten achter zijnde ter zake van de (te late) terugbetaling van 8000 g., zal Arndt van Hattem worden belast ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5471 (RS 117), 10-10-1519
Sinte Vichtorisdach mit sijnen ghesellen martirium (10-10-)1519. Airnt Uten Weerde en zijn vrouw Hadewich erkennen de rente, vermeld in de brief van 22-7-1433 (regest nr. 950), waar deze doorgestoken is, aan Jan van Hattem en zijn erven in erfkoop verkocht te hebben.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5490, 28-12-1630
28-12-1630, 18-09-1631, 09-01-1632. Brieven van C. van Werckhoven aan zijn cousijn Dirck Johan Hermanss tot Wiel.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5490, 15-02-1632
Aan Maria van Hattem. Seer lieve meuije. ... neeff Van Werckhoven ... Dick Jan Hermanss.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5490, 00-00-1633
Ongedateerd (ca. 00-00-1633). Aan Dirck Jan Hermensz tot Wiel in Beutou. Gunstige neef Dirck Jan Hermenssen. Ick en con niet nae laten te wesen ... en hij sal Cornelis van Werckhoven ... of in Den Hage in sijn plaats sal setten. ... Uw moeij Maria van Hattem.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5490, 19-07-1633
Utrecht, 19-07-1633. Seer beminde neef Dirrick Jansz [Hermansz], Ick hebbe niet connen na laten w te schriven, hoe dat Ick 2 dagen geleden bij seker parsoon was op Staten camer, daer Ick bij te doen hadde, welcke parsoon Ick seker houde van w saken weet, soo ist datter van ... Sijt van mij ende mijn vrouv van herten seer gegroet nevens nicht Van Hattem ende de kinders sonder te vergeten w moeder. Gillis van Hattum.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5490, 00-00-1634
Ongedateerd (ca. 00-00-1634). Aan Crijstijna van Hattem tot Wiel in de Betou. L. suster. Ick en can niet nae laten te weten in wat suaecsichheit van huer sijn van wegen Dirck Jansz wijff gaen en begerron op hem dat hij Gerrobolus en Corneliss van Werckhoven ... Uw suster Mara van Hattem.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5490, 19-07-1635
Seer beminde neef Dirck Jansz (Hermansz) ... U dienstwillige neef Gillis van Hattum.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5617, 25-06-1551
Ick Anthoenis van Hattem kenne ontfangen te hebben van Jan van Cuijck Henricksz, rentmeester ... Ondertekend: Tonis van Hattem Gerritsz.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5622 t.m. 5629, 00-00-1560
Martini 1560 tot martini 1569. Oliffier Uittenweerd, peinder te Maurik.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5626, fol. 21, 00-00-1564
1564/1565. Gerrit, naegelaetene weduwe z. Reijer Wijlhemsz, heeft gepacht de twedeelen, en Wijlhem van Hattem Dijrcksz dat dardendeell van een halven weerdt die wijlen Reijer Wijlhemsz hijer bevoerensz in huijre gehadt heeft.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5626, fol. 44, 00-00-1564
1564/1565. Uitgaven: Noch Wijlhem van Hattem, secretarius tot Eck en Maurick, bet. van een certifficatie te scrive van de getuijgenisse die Cornelis Roeloffs tot Maurick aen de bancken deede aengaend trecht tegen Gerrit van Hattem.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5631, 07-01-1560
Wij Zeger van Achteveld en Joest van Essevelt, als buermeesters tot Eck, bekennen ontvangen te hebben ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5635, 20-02-1574
20-02-1574, 27-02-1574 en 16-03-1574. Ick, Cornelis Aertsz als rentmeester van de goederen van de graaf van Culemborg in de Neder-Betuwe, beken ontvangen te hebben ... (Ondertekend) Cornelis Aertsz, Dirck van Hattem.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5635, 08-12-1577
Beken ick, Dirck van Hattem Jansz, ontvangen te hebben ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5637, fol. 45 ev, 00-00-1643
00-00-1643/00-00-1644 t.m. 00-12-1654. Henrick van Hattem, weerd in Casteel Antwerpen te Tiel, betaald voor vertering te zijnen huize.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5644, fol. 38v, 00-00-1579
Martini 1579 tot Martini 1580. Betaelt Wouter van Hattem gecommitteerde maender der voorscr. penningen in den dorpe van Mauric. Quitantie van Wouter van Hattem Buermeester tot Mauryck overgelevert.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5644, fol. 41 en 41v, 00-00-1579
Martini 1579 tot Martini 1580. Betaelt Wouter van Hattem voor verteerde costen tzijnen huyse gevallen.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5720 e.v., 00-00-1627
00-00-1627/00-00-1628 tot 00-00-1661/00-00-1662. Dirck Johan Hermanss, rentmeester van de Culemborgse goederen in de Neder-Betuwe.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5750, 00-00-1661
Specificatie van de ontvangsten en uitgaven door Reijnerus van Hattem na het overlijden van zijn vader Dirck Johan Hermansz, in leven rentmeester van de graaf van Culemborg.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5795, fol. 42v, 00-00-1671
00-00-1671/00-00-1672. Betaald aan de erfgenamen van Dirk Johan Hermansz en Sibilla van Hattem voor leverantie van rijs.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-0000
Rekening van Marten ten Hove van de erfgenamen van Gertruijt van Hattem, in leven getrouwd met Huijbert van Wijck.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-0000.
Restanten en schulden uitgetrokken van zal. rentmeester Huijbert van Wijck:
(1) De erfgenamen van juffr. Sibilla van Hattem, genaamd Jan van Schevickhoven en Jochem Berger tot Amersfoort 1500 g.
(2) Joachim Berger wegens de bollen etc. 120 g.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 01-05-1661
Pachtboek van renten: 01-05-1661. Reijnier van Hattem, geauthoriseert door de graaf van Culemborg, heeft verhuurd ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-1666
Pachtboek. (1) Willem van Hattem of de weduwe Modeus voor erfpacht te Maurik. (2) Hadewich van Hattem voor erfpachten te Eck en Maurik
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-1667
Pachtboek. (1) Arnoldus van Hattem voor erfpacht te Eck. (2) Hadewich van Hattem voor erfpachten te Eck en Maurik
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-1668
Pachtboek. Johan van Hattem uit een hofstad in de Oude Weijde ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, fol. 21, 00-00-1668
Pachtboek. Johan van Hattem tot Eck, pachter van Maurik, borgen Willem van Hattem en Johan van Schevichhoven ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-1668
Pachtboek. De weduwe Dirck Johan Hermansz, rentmeester.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-1669
Pachtboek. Elisabeth van Hattem.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-1670
Pachtboek.
(1) Johan van Hattem uit een hofstad in de Oude Weijde ...
(2) De weduwe Dirck Johan Hermansz, rentmeester.
(3) Jan Suermondt wegens erfpacht voor de kinderen van Dirk Johan Hermansz.
Schade geleden in 1672 en 1673 door de invasie van de Fransen:
(1) Heeft Willem van Hattem zal. en de weduwe van Dirck van Hattem in pacht gehad 21/2 mergen weiland te Maurik in de Meelsche Camp.
(2) Joachim Wolffsen op de Boel gepacht door ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-1679
Projektrekening. Betaald door Peter Geurtsz van de Weteringh ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-1685
Projektrekening. Ontvangen pacht van Joachim Berger, gend. Wolfsen Berger van 1672 en 1673
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 00-00-1679
(1) Ontvangen van Goossen van Westrhenen ... (2) Ontvangen van Johan van Hattem en Willem van Roijen ... (3) Johan van Hattem c.s. ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5811, 13-02-1683
Ontvangen van Johan van Hattem en Wouter van Hattem ter vereffening van hun schulden ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5898, 28-03-1555
Akkoord betreffende een geschil tussen Elisabeth van Culemborg c.s. en Johan van Hattem, Johan van Leeuwen, Gerrijt van Hattem en Hendrik de Kemp inzake de Homoetse tijns te Maurik.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5914 fol. 1 (R. S 58), 22-09-1509
Sinte Petersdach ad Cathedram 22-09-1509. Johan, heer tho Pallant etc. bekenne in eenen erffcoop vercoft te hebben aen Johan van Hattem en sijnen erven een uiterwaard in Maurickerweert, alsmede een rente van 3 g. 's jaars uit Zegher Aelbertsz goed.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5914 fol. 2 (R. S 59), 22-02-1509
Johan van Hattem geeft aan Johan, heer tho Pallant etc. het losrecht van een uiterwaard en een rente, hem verkocht bij de brief van gelijke datum.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5915, 16-01-1533
Cornelis van Eck, volmechtich rentmeijster des Edelen Joncker Eradt vrijheere tot Pallant bad om eijnen peijndert om hem mede te peijnden tallen rechten tot behoeff zijns Jonckere vurss. aen erff und guet als Henrick Verweij liggende heeft in den kerspel van Maurick. Des gaaf ick hem Gerit van Hattem, mijne geswore peijndert.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5916, 27-02-1654
Dirck Johan Hermanssen, rentmeester van de leenen van Culenborch, heeft verthoont acte van borchtochte ende hypothecae van 05-01-1654 bij hem ende Sibilla van Hattem, zijne huijsvrouwe, mitsgaders Aernt van Hattem, haerlieder soon, als borgen gepasseert.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5916, 00-00-0000
Dirck Johan Hermanss, rentmeester, ende Sibilla van Hattem, e.l., bekennen vercoft te hebben ten behoeve van Joffr. Catharina van Kasteren, weduwe van Sr. Dirck van Cattenborch, en harer erffgenamen een obligatie ter somma van 2615 g. 40 st. op 01-11-1629 onderteijckent.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5924, 16-12-1661
Reijnier van Hattem te Maurick ...
N.B. Voorzien van zijn wapen.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5949 (R. 2792), 10-03-1504
Jan van Hattem, tijnsmeester van de heer van Culenborch etc., geeft een hofstad c.a. onder Aelst, groot 11/2 morgen, na opdracht door Gerrit die Kemp Beynemsz en zijn vrouw Oed aan Jan Block, priester, t.b.v. de St. Evangelistenvicarie in de kerk te Lienden.
N.B. Het zegel van de oorkonder is zwaar beschadigd, waardoor het wapen niet herkenbaar is.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 5952, 06-09-1539
Wij, vrijeer tot Pallant, Erardt, en meester Jan Goch, kanunnik tot Oudemunster ... nomineren als een bekwaam persoon Jan van Hattem Bartheltsz van Hattem zoon, kerk van het gesticht van Utrecht tot de vicarie van Oudemunster, als vicaris van het St. Nicolaas altaar in de kerk te Lienden.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 6073, 00-00-1584
00-00-1584/00-00-1585. Afrekening met Dirck van Hattem Jansz, rentmeester.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 6073, 28-01-1578
(1) de onmundige kinderen van Jerephaes van Hattem.
(2) Adriaen van Hattem Bartelsen.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 6159, fol., 15-01-1557
Andries Adriaens bekent dat hij Wyllem van Hattem Dyrckss vercoft hefft tot behoef Dyrck van der Lauwick 700 willigenlatten, elcke voor 13 st. brab. en een deuyt. Wyllem van Hattem bekent dat hij de latten met een waegen Dyrck van der Lauwick geseyndt heeft naar Huessen (denkelijk staat er Huessden=Opheusden).
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 6167, fol. 9v, 00-00-1574
00-00-1574 t.m. 00-00-1577. Rekeningen van Dirck van Hattem Aelberts, rentmeester, voor ontvangst van goederen in de Betuwe. (1) Dirck van Hattem binnen Utrecht (2) dezelfde Dirck van Hattem binnen Bommel (3) Johan van Hattem Thonis binnen Bommel (4) Adriaen van Hattem binnen Utrecht.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 6167, fol. 13v, 00-00-1574
00-00-1574 t.m. 00-00-1577. Rekeningen van Dirck van Hattem Aelberts, rentmeester, voor ontvangst van goederen in de Betuwe. Ontvangen van Gerijt van Hattem binnen Huesen/Huizen voor tienden.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 6168 t.m. 6171, 00-00-1577
00-00-1577 t.m. 00-00-1581. Rekeningen van de rentmeester Dirck van Hattem Jansz, rentmeester van de graaf van Culemborg van goederen op de Veluwe (met name in het gericht Ede). De rekening nr. 6171 is overgebracht naar de rekenkamer van Culemborg bij Dirck van Hattem Janssen op 19-07-1582.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 6329, 22-03-1583
Correspondentie van Dirck van Hattem met de graaf van Culemborg.
22-03-1583.
... in verband met de smaad die hem aangedaan wordt door velen, overmits het afzetten uit zijn officie ... 12-03-1588, 18-04-1588, 04-1588, 31-07-1588, 15-11-1588, 28-06-1591 en 24-06-1592.
28-06-1595.
... verzoekt de graaf dat zijn broer (d.i. Willem) diens dochter mag volgen ... want Willem van Achtevelt en mijn broeders kinderen die met mijn dochter gehandeld hebben ... 05-02-1596.
08-02-1596.
... deelt mede dat zijn zoon een tiend gemint heeft met groot verlies en dat de rentmeester Jan Hermanssen hem en zijn borgen gepijnt heeft ...
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 6511 (R. 2097), 11-08-1475
Gherart, heer tot Culenborch etc. benoemt Pieter de Man tot zijn tollenaar van de Moirschen tol te Tyel en erkent hem schuldig te zijn een rente van 7 g. per jaar. Borg is o.m. Willem van Hattem. N.B. De zegels zijn verloren.
Archief van de Heren en Graven van Culemborg
nr. 6529, 00-00-1489
Overzicht van "alsulck uitgeven en cost als ic Willem van Hattem gedaen heb opt huys tot Amerongen van wegen mijne lieve joncfrou Cuwijne van Culenborch ende Zweder de basth."
Charterverzameling
nr. 1799, 14-01-1590
Reversaal van Olivier van Hattem voor het consent tot belasting van 2 morgen land, genaamd de Kleine Elsweert, in de Marsche met 100 daler.
Charterverzameling
nr. 2733, 00-00-1562
Onze lieve vrouwe avond nativitatis 1562. Wij Zeger van Achtevelt en juffr. Beeth van Hattem, echte huisvrouw Zegers voornoemd ... bekennen verkocht te hebben aan Goerdt van Achteveld, onze neef en zijn erven de rechte helft van de alinge raethiend groff en smaelen, gelegen in het ambt Heerde, hen aangekomen door overlijden van Gijsbert van Achtevelt, de voorsz. Zeger van Achteveldt's vader. Getuigen: Johan van Hattem en Joest van Essevelt.
Charterverzameling
nr. 1435, 10-07-1594
Jaspar van Hattem, deurwaarder van het Hof van Gelderland, maakt een reversaal namens Evert van Doorn voor het consent tot belasting van diens leengoederen te Beest met 300 g.
Charterverzameling
nr. 1492, 22-09-1593
Reversaal van Jaspar van Hattem namens Marijken Albertsdr van Leeuwen voor het consent tot belasting van haar leengoed te Renoij met een jaarrente van 251/2 g.
Charterverzameling
nr., 25-11-1598
Alexander van Grootvelt, maarschalk van Eemland en scholtis tot Heusden, en jouffr. Mechtelt van Schadijck, zijn vrouw, transporteren 2 morgen land in het kerspel van Lienden te Meerten en Aelst aan Jor. Walraven van Hattem en jouffr. Elizabeth Ruijssen, zijn vrouw.
Charterverzameling
nr. 1546, 02-01-1599
Walraven van Hattem verklaart dat hij zijn aangekochte leengoed, een huis en hofstad met 5 morgen land genaamd de 's-Grevenhoeve te Lienden in de maalschap van Meerten en aalst mag belasten met 900 g. ten behove van de verkoper Alexander van Grootvelt. Getuige: Jaspar van Hattem.
Charterverzameling
Regest, 20-02-1596
Gerrit Noest Adriaensz en zijn vrouw Janna Jan Hesselsdr verkopen 41/2 morgen land te Ingen aan Geurt van Hattem en diens vrouw Dirck van Wijck.
Charterverzameling
Regest, 01-07-1610
Vasterick Aerntsz en zijn vrouw Meijnsken Petersdr, mede namens de voorkinderen van Vasterick en zijn vrouw Neell van Hattem, verkopen onder meer een huis te Ingen aan hun broeder en zuster Goossen van Lienden Hermansz en Gerritgen Diericxdr, e.l.
Collectie Nijhoff
H.S. 407, p. 7, 00-00-1555
Ritterbouck oder aenteyckenisse der bannerheeren, ritterschap und edelluyden des Furstendoms Gelre und Graefschap Zutphen (Ao 1555): Johan van Leeuwen van Welij.
Diverse aanwinsten (anno 1940)
nr. 33, 02-05-1609
Jan van Hatem Walravens, mede als momber voor Hugo van Hattem, Peter van Hattem en Josina van Hattem, zijn broeders en zusters, verkoopt in vaste erfkoop enige rentebrieven aan Reijer van Hattem en Francisca van Wijck, e.l.
Familie-archief van de Bergh van Lunenburgh
nr. 64, 00-00-1627
Ick Aeltje Dirck van Ecksdr, laatst weduwe van zal. Jan Cornelisz (en eerder weduwe van Christoffel van Rijssen), wonende te Utrecht, met handen van Claes Verduyn, notaris te Utrecht, transporteer aan mijn neef Sander van Grootvelt te Maurik en Maria van Eck, zijn vrouw, en aan Willem van Grootvelt, zijn broer, als recht hebbend van het testament van Willem van Hattem Joriphaesz ...
Familie-archief van de Bergh van Lunenburgh
nr. 64, 04-01-1653
04-01-1653 (oude stijl). Sander van Grootvelt en Metge Gijsberts, e.l., doen kond verkocht en gecedeerd te hebben aan Willem van Grootfelt en Cornelia van Schadijck, e.l., de helft van 11 hont land waarvan de kopers de andere helft bezitten in het kerspel Maurik gend. de Tiendhof, die aan hen is getransporteerd door Aeltje Dircks van Eckdr, laatst weduwe van zal. Jan Corneliss op 15 dec. 1627, wonende te Utrecht. N.B. Getuigen waren Goswijn van Grootvelt en Willem van Hattem als geërfden in de Neder-Betuwe.
Familie-archief van de Bergh van Lunenburgh
nr. 66, 00-00-1650
Ick Hajo van Mauderick heb verkocht voor mijzelf 1/3 deel en 2/3 deel voor mijn zusters Juliana [van Mauderick] en Johanna Margaretha [van Mauderick] aan Willem van Grootvelt en Cornelia van Schadick een akker bouwland gend. de Bootske. N.B. Als getuige ondertekend en gezegeld door Willem van Hattem, geërfde gerichtsman.
Familie-archief Hoff
nr. 36 (regest 61), 08-03-1643
Diederick van de Sande, burgemeester van Arnhem, gemachtigde van Hermanna Geerlichs, weduwe van Abraham de Man, erkent verkocht te hebben namens haar aan Henrick van Eck, burgemeester van Arnhem, en zijn vrouw Roelandina van Hattem een goed c.a. in het ambt Ede in de buurschap van Manen.
Familie-archief Hoff
nr. 40 (regest 53), 24-08-1640
Geertruijt Everwijn, weduwe van Gisbert van Brienen, burgemeester van Arnhem, erkent verkocht te hebben aan Henrick van Eck, burgemeester van Arnhem, en zijn vrouw Roelandina van Hattem 1/3 van het Raethsgoet te Manen.
Familie-archief Hoff
nr. 40 (regest 62), 28-03-1650
Abraham Tulleken, burgemeester van Arnhem, en zijn vrouw Gerardina Everwijn verkopen aan Henrick van Eck, burgemeester van Arnhem, en zijn vrouw Roelandina van Hattem hun aandeel in het Raetsgoet in de buurschap Manen.
Familie-archief Hoff
nr. 40 (regest 63), 28-03-1650
Abraham Tulleken, burgemeester van Arnhem, en zijn vrouw Gerardina Everwijn verkopen aan Henrick van Eck, burgemeester van Arnhem, en zijn vrouw Roelandina van Hattem 1/3 van het Raetsgoet te Manen, waarvan het andere 2/3 deel hun reeds toebehoort.
Familie-archief Hoff
nr. 44 (regest 65), 19-04-1651
Gijsbert Dircks en zijn vrouw Grietgen Gerrits, alsmede Dirck Janssen en zijn vrouw Geertgen Dircks dragen over aan Henrick van Eck, burgemeester van Arnhem, en zijn vrouw Roelandina van Hattem 2/3 deel en aan Gisbert van Eck, hun zoon, 1/3 deel van 1 morgen land in de Rietcamp en de Horst in de buurschap Manen in ruil voor 1 morgen land de Schuttencamp, behorende tot het Ratsgoeth in dezelfde buurschap.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 358, 30-05-1667
Willem van Hattem Dircksz, wonende te Maurik, koopt van Pieter de Peyster een huis met boomgaard in het kerspel Ingen, die dit te (weggesleten) van Anthonetta [van Hattem], Elisabeth [van Hattem] en Geurtje van Hattem, gezusters.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 358, 03-01-1698
Elisabeth van Hattem en haar man Joachim Berger verkopen land te Ingen met een huisinge, waarvan de wederhelft toebehoort aan Cornelis Rijnberck en Cornelia van Hattem, e.l., aan Arnold van Eck.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 359 (regest nr. 60), 09-12-1579
Albert Verwey en Cornelia van Hattem, zijn vrouw, erkennen mede namens de onmondige kinderen van Goert Herberensz, [t.w.] Herberen [Goertsz] en Mariken [Goerts], te hebben verkocht aan Reyer van Hattem Jansz en Frans van Wijck, zijn vrouw, de helft van een huis en beterschap, de kinderen aangekomen van hun grootmoeder [zal.] Roeloff, weduwe Art van Hattem, die de andere helft aan de koper en zijn vrouw had nagelaten, gelegen onder Ingen, op grond van de vicarie van Cairll van Arnhem. N.B. Met zegels van de verkopers en het merk van de vrouw.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 360 (regest nr. 38), 06-04-1544
Gherit Janssen en Bart, zijn vrouw, Bart Janss en Gryet, zijn vrouw, Jan Roeleffs en Gryet, zijnnvrouw, Gherit Vyde en Met, zijn vrouw, erkennen verkocht te hebben aan Arndt van Hattem een kwart in 6 morgen land genaamd Paracker te Ingen, een kwart van 8 morgen dye Nyeacker te Eck en een kwart in ca. 6 morgen uiterwaarden te Eck. N.B. Met zegels van de (8) verkopers en de borgen Cornelis van Wijck en Hubert van Wijck.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 360 (regest nr. 38), 10-04-1629
Rutger van Wijck en diens vrouw Grietgen Everts verkopen aan Johan van Hattem Aertsz 1 morgen land op de Parrick te Ingen. N.B. Met overdrachtsbrief van 1554.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 362 (regest nr. 107), 22-11-1623
Anna gerritsdr, weduwe van Dirck Roeliffs, met haar zoon Roeloff Dircksz als momber, Gerrit Dircksz, Adriaen Jerephaesz namens zijn vrouw Marie Auckens en als stiefvader van haar voorkind bij Dirck Dircksz, allen erfgenamen van Dirck Roeloffsz, erkennen te hebben verkocht aan Johan van Hattem ca. 11 hont land, het Hoeykemken te Ingen. Ondertekend door de verkopers en Vasterick Aerdtsz en Tonis verhuit als getuigen. Onder een gelijktijdig uittreksel of concept staat de volgende (ongedateerde) tekst: Jan van Hattem Dircksz, getrouwd aan de dochter van Geurt van Hattem, is tegenwoordig bezitter van dit goed.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 364 (regest nr. 110), 09-04-1626
Johan Aerdtsz en Aelbertgen Jansdr, zijn vrouw, resp. als moeder en stiefvader van Dirck [van Hattem] en Johan van Hattem en Cornelis van Hattem erkennen voor 180 g. te hebben verkocht aan Johan van Hattem Aerdtsz ca. 5 hont bouwland te Eck. N.B. Op papier ondertekend door de verkopers en Vasterick Aerdtsz en Tonis Verhuit als getuigen.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 365 (regest nr. 31), 22-02-1533
Dirck Jan Arntzdr, weduwe Dirksz van Hattem, erkent met haar voogd Dircks van Merten te hebben verkocht aan haar zoon Arnt van Hattem de helft van 2 morgen die Groete Kamp onder Eck, en stelt als borgen Walraven van Hattem en Dirck Roeloffsz. N.B. Met losse zegels van de verkoopster (3 vogels 2,1), haar momber en beide borgen (het laatste 3 rozen 2,1, geschonden).
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 365 (regest nr. 39), 02-01-1552
Henrick van Eck, hoeff und tynsheer, oorkondt onder mede bezegeling van Gijsbert Roelofsz en Jan Woltersz, als tijnsgenoten, dat Aelbert Geurtsz en Flueis, zijn vrouw, hebben verkocht aan Roeloff, weduwe Aernts van Hattum, 2 morgen tijnsplichtig land te Eck in de Grote Kemp. N.B. De zegels van de tijnsheer en tijnsgenoten ontbreken.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 367 (regest nr. 67), 03-06-1585
Derick Otten als inzetter en Derick van Hattem Jansz als verkoper van ca. 21/2 morgen uiterwaard genaamd Jan Dirksz weerdje te Ingen bepalen transportcondities, o.a. betaling van 520 g.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 367 (regest nr. 69), 05-05-1586
Dirck van Hattem erkent verkocht te hebben aan Reijer van Hattem een uiterwaardje te Ingen, groot ca. 21/2 morgen, genaamd Jan Dircx weerdje.
N.B. Met zegels van de verkoper en borgen Willem van Achtevelt en Adriaen van Hattem te Maurik. Dirck van Hattem voert de droogscheerdersschaar schuinrechts geplaatst en als helmteken 2 droogscheerdersscharen als omgekeerde keper gerangschikt met de punten naar boven. Adriaen van Hattem voert hetzelfde wapen, echter zonder helmteken.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 370 (regest nr. 105), 02-02-1622
Stadhouder, kanselier en raden van Gelderland bevestigen de toewijzing door Christina van Hattem, weduwe Aerndt van Hattem, als collatrice van de St. Jans vicarie te Eck, vermits afstand van Derk van Ewick op Gerrit Petersz, zoon van Peter Gerrits, scholier te Tiel.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 370 (regest nr. 112), 18-05-1627
Stadhouder, kanselier en raden van Gelderland bevestigen de toewijzing doo Christina van Hattem, weduwe Arndt van Hattem, als collatrice van de St. Jans vicarie te Eck, vermits afstand van Gerrit Petersz van Ommeren op Arndt Dircksz, zoon van de rentmeester van de graaf van Culemborg, scholier te Tiel.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 370 (regest nr. 112), 18-05-1627
Christina van Hattem, weduwe zal. Arndt van Hattem, collatrice van de St. Jans vicarie te Eck, heeft geconferereerd op Arndt Dircksz, zoon van de rentmeester van de graaf van Culemborg, tegenwoordig te Tiel op school gaande ...
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 370 (regest nr. 112), 27-11-1635
Christina van Hattem, weduwe van zal. Arndt van Hattem, collatrice van de St. Johans vicarie te Eck, geeft te kennen vermits de laatste vicaris Arndt Dircksz, zoon van de rentmeester van de graaf van Culemborg Dirck Jan Hermansen, zijn studie had verlaten, dezelfde vicarie wederom geconferereerd had op Reiner Dircksz, mede een zoon van de rentmeester, tegenwoordig te Amersfoort op school gaande ...
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 370 (regest nr. 112), 05-10-1652
05-10-1652 en 20-10-1652. Hendrick van Eck, burgemeester van Arnhem, en Dirck Johan Hermansz, rentmeester, nom. uxorum, erfgenamen van wijlen Christina van Hattem, als collatoren van de vicarie van St. Jan te Eck ...
N.B. Met zegel van Dirck Johan Hermansz Wapen: wassenaar. Helmteken: wassenaar tussen vlucht.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 370 (regest nr. 112), 05-09-1662
Hendrick van Eck, burgemeester van Arnhem, collator van de St. Jans vicarie te Eck, geeft aan Arnoldus van Hattem, zoon van Aert van Hattem, de jaarlijkse inkomsten, vruchten, baten en profiten van dien voor 2/3 deel tot subsidie van zijn studie.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 371 (regest nr. 56), 15-11-1575
Heer Clais Vijgh, ridder en ambtman in de Neder-Betuwe, oorkondt onder mede bezegeling van Willem Foyert en Jan Hubertsz als gerichtsluiden, dat Gerit Jansz Schipper, als schuldeiser voor 400 daalders uit de goederen van Jan van Hattem Aertsz en Elis, zijn vrouw, te Eck en Wiel nagelaten, deze goederen heeft verkocht aan Willem Jacobsz.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 372 (regest nr. 68), 08-12-1585
Herberen Goertsz en Cornelia, zijn vrouw, erkennen verkocht te hebben aan Reijer van Hattem Jansz en Frans van Wijck Jelisdr, diens vrouw, een losrente van 12 car. g. per jaar, losbaar voor 200 g., gevestigd op Johan van Hattem Artsz en nader beschreven in de (thans ontbrekende) oorkonde van 01-04-1561 waaraan deze bevestigd is geweest. N.B. Met zegels der verkopers.
Familie-archief van Lidth de Jeude
nr. 374 (regest nr. 90), 09-11-1611
Buurmeesters en naburen van Ingen erkennen aan Reijner van Hattem en de weduwe Arent van Hattem het recht van die cavelonge der dorpsdijk te hebben gegund. Ondertekend door onder meer Jan van Hattem en Dirk van Ewijck.
Familie-archief van Rhemen: Genealogie van Hattem
fol. 174v, 29-09-1371
Reijnaldus 3, Hertoch van Gelre heeft geprocreert bij ... bastert Johan van Hattem, also genoemt omdat sijn vader hem 29-09-1371 gegeven heeft erflijck en euwichlijck de stadt, sloth, iurisdictie en gebiedt van Hattem met aencleven van dien. Eod. heeft vrou Mechtelt van Gelre, Hert. van Cleve, hem overgegeven enige goederen en erven in de Nederbetuwe gelegen, wegen 3000 qts. als to Ingen, Huesden, Eck en Mauderick. Ao 1421 heeft hij dese goederen wedrom getransporteert op Frederick van Huesen.
Familie-archief van Rhemen: Genealogie van Hattem
nr. I, 436, Arnhem, 23-05-1609
Supplicatie ten overstaan van Jasper van Hattem.
Familie-archief van Rhemen: Genealogie van Hattem
nr. II, 3026, 22-04-1586
Deurwaerder J. van Hattem.
Familie-archief van Rhemen: Genealogie van Hattem
nr. II, 3027, 19-05-1586
Deurwaerder J. van Hattem.
Gelderse Leenkamer
nr. 32, fol. 72, 16-08-1662
Herman Vuijterweerde, scholtus te Maurick, bekent 4000 g. tegen 5% schuldig te zijn aan Johan van Hattem en geeft als onderpand zijn leengoed huis en hofstad met 7 morgen land genaamd De Santwech in het kerspel Maurick.
Gelderse Leenkamer
01-05-1664
Volmachten. Godert van der Meeren en Henrick Gillis Middelcoop, leenmannen van het vorstendom Gelre en het graafschap Zutphen ... verklaren dat gecompareerd is Johan van Hattem te Wijk bij Duurstede, die verklaart te cederen aan de heer Cornelis van Velthuijsen, ontvanger van het huisgeld van de provincie Utrecht, een renteplecht en brief van 4000 g. ... op huijsinge en hofstad en 7 morgen land genaamd De Santwech in het kerspel Maurik. Deze brief was door het leenhof verleend op 16-08-1662 ten laste van Harmen VVttenweert. Ondertekend: Johan van Hattem. Zegel: een schaar schuinrechts geplaatst met de punten omhoog en als helmteken twee als omgekeerde keper ger. droogscharen met de punten omlaag.
Gelderse Leenkamer
Volmachten, 28-06-1698
Hendrick van Hattem, schepen in Deijll ende scholtus tot Wadenoijen, leenman van 't Furstendom Gelre ende Graefschap Zutphen, getuigt dat ...
Gelderse Rekenkamer
nr. 5078, fol. 5, 21-12-1595
21-12-1595/20-12-1598. Breuken Elst. Willem van Hattem Wolterss eenen Joest van Dijck gewondt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5078, fol. 5, 21-12-1595
21-12-1595/20-12-1598. Breuken Elst. Willem van Hattem Wolterss eenen Rutger van Randtwijck gewondt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5078, fol. 9v, 21-12-1595
21-12-1595/20-12-1598. Breuken Elst. Wolter van Hattem wegens Dirick Wessels geweesen in een onrechte pandtkering.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5080, fol. 7, 21-12-1601
21-12-1601/20-12-1604. Breuken Elst. Gerit van Hattem eenen Aelbert Aelbertss gewondt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5080, fol. 9, 21-12-1601
21-12-1601/20-12-1604. Breuken Andelst. Jacob van Hattem eenen Cornelis Seben gewondt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5081, fol. 4v, 21-12-1604
21-12-1604/20-12-1606. Breuken Elst. Gerit Stevenss, die styffsohn van Wolter van Hattem, een Dirick Henrickss gebloetreist (=bloedende wond) datt die selvige daeraen ter sielen gekommen; den delinquent vurfluchtich und in desen ampt nyet geerfft noch geguedt und in Maes und Waell gestorven is. In margine: Gerrit Stevenss in Maes und Wael gewoondt, wair gestorven.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5082, fol. 4v, 21-12-1606
21-12-1606/20-12-1608. Breuken Elst. Die amptman heeft op die overgesonden swaricheden gerescribeert dat alsoe Gerrit Stevenss noch ongehilikt und een lossgeselle was, hij aldaer kranck geworden und gestorven is. Daerom men daervan nyet wijders heefft kunnen vernemen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5082, fol. 14, 21-12-1606
21-12-1606/20-12-1608. Breuken Elst. Wolter van Hattem tegens Claess van Dortmundt als renthmr. der kijnderen van Franchois van Cranenfeldt in onrechte pandtkering. In de marge: In de jaeren 1607 en 1608 (zijn) geen parthien meer in de gerichte van Elst en Bemmel.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5084, fol. 20v en 021, 21-12-1610
21-12-1610/20-12-1614. (Heteren) Thoenis Rijcken eenen Geritt van Hattem gewondt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5084, fol. 20v en 021, 21-12-1610
21-12-1610/20-12-1614. Peter Wolters Rutgerss sohn een Geritt van Hattem gewondt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5086, 00-00-1600
00-00-1600/00-00-1603 (Valburch) Jacop van Hattem een vechtbreuk.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5086, 00-11-1603
(Elst) Gerit van Hattem, een jonckgesel, heeft Albert Albertsen gewondt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5086, 00-00-1604
(Elst) Gerit Stevenss, die styffsoen van Wolter van Hattem, heeft eenen Derck Henricksen van Elden gestoken waeraen hij is gestorven.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5087, 22-12-1596
22-12-1596/22-12-1597. Willem van Hattem Wolterssoen hefft Joest van Dijck met een halffspys in sijn arm gesteken.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5087, 22-12-1597
22-12-1597/22-12-1598. Willem van Hattem Wolters hefft Rutger van Randwick tot Elst op sijn hoefft gewondt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5089, fol. 21, 22-08-1624
Hendrick Wijnen ende Louw van de Waeter hebben malkanderen met vuysten geslaegen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5089, fol. 23, 14-06-1625
Hendrick Wijnen ende Johan Cornelisz de Vuyl hebben malkanderen niet keurbaer gewondt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5094, 05-06-1658
Breuken Elst. Gijsbert van Essenvelt heeft Jan de Relijker met een stock geslagen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5094, 19-05-1660
Breuken Elst. Essenvelt ende Hendrick Guertssen hebben malcanderen geslagen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5140, 00-00-1756
Arien van Hattum heeft een tuyn in 1755 zonder permissie op de gemeente geset.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5162, 10-04-1778
Gevisiteerd een kind van Derk van Hattum, ca. 3 jaar, onder een vallende deur te Herveld verongelukt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5173, 16-02-1789
Heft Derk van Hattum ten huize van Johannes Dodeman te Herveld ruzie gemaakt met de zoon Bernardus Dodeman en gevogten.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5180, 12-09-1543
12-09-1543/31-12-1544. Dinsdag post Michaelis: Gerrit van Hattem betaalt dijkbreuk.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5180, 12-09-1543
12-09-1543/31-12-1544. Alart Goissens beboet dat hij boven voll verwin van Thonis van Hattem in zijn guet bleef zitten.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5180, 12-09-1543
12-09-1543/31-12-1544. Walraven van Hattem boete wegens toespreecken van den amptman.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5183, 01-01-1547
01-01-1547/01-01-1548. Adriaen van Hattem deed onrechte pandkering tegens Arnt Bosmeijster.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5183, 01-01-1547
01-01-1547/01-01-1548. Claes van Hattem beging nederslach te Zandwijk aan Oth Lamberts.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5187, 01-01-1551
01-01-1551/01-01-1552. Barth van Hattem Henrickss beboet omdat hij boven voll verwin und verboth in zijn guederen bleeff sitten.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5187, 01-01-1551
01-01-1551/01-01-1552. Tiel en Zandwijk: Aeriaen van Hattem voor onrechten aenfanck dair hij aff beclaecht was, bij sententie geweesen, gebroickt te hebben.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5188, 01-01-1551
01-01-1551/01-01-1553. Gerit Maess van dat hij Walraven van Hattem op ten wech verwachten und hem tijden to slaen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5188, 01-01-1551
01-01-1551/01-01-1553. Walraven van Hattem beboet wegens onrechte clachten en 3 onrechte pandkeringen, vermitsz ordell und vondenis gewesen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5190, fol. 55v, 00-00-1654
Adriaen van Hattem deed onrechte pandkering.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5191, fol. 51, 00-00-1555
Dijkbreuken: Thonis [van Hattem] en Dyrck van Hattem.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5191, fol. 51, 00-00-1555
Dijkbreuken: Walraven [van Hattum] en jerephaes van Hattum.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5192, fol. 68, 00-00-1556
Henryck van Hattum vecht tegen Gerrijt van Wijck.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5192, fol. 68, 00-00-1556
Jan van Hattum Aerntss vecht.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5193, fol. 71v, 00-00-1557
Heijnrick van Hattum vecht.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5193, fol. 71v, 00-00-1557
Jan van Hattum Aryaenss 3 vechtbreuken.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5195, fol. 99, 00-00-1559
Gerit van Hattem boete volgens een clacht van Rembout Jacobss nae vermogen en bekenttenisse van Gerit van Hattem Geritss.
In margine: Bij een attestatie van Geerit van Hattem Geeritss daer hij attesteert dat nae wetenscap sijner vijf sinnen dese compositie Ao 1559 gemaect is op 80 daeler. Attestatie in date 15-10-1570.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5196, fol. 115v, 00-00-1560
Chrijstoffel van Elderen en Derijck Vonck gecomponeert van een peen, daer zalyger Walraven van Hattem in gevallen was.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5198, fol. 135, 00-00-1562
Jan van Hattum Aerntss vecht.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5199, fol. 146, 00-00-1563
Henrijck van Hattem deed onrechte pandkering.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5201, fol. 39, 00-00-1565
Gherit van Hattem van wegen sijnre moeder wegens onrechte pandkering.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5203, fol. 65v, 00-00-1567
Ao 1567 t.m. 1570. Dijrck van Hattem Aelberts tot Maurick (voor) sijnen guederen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5204, fol. 81, 00-00-1567
Ao 1567 t.m. 1570. Dijrck van Hattem Aelberts tot Maurick (voor) sijnen guedere.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5205, fol. 95v, 00-00-1567
Ao 1567 t.m. 1570. Dijrck van Hattem Aelberts tot Maurick (voor) sijnen guedere.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5206, fol. 112v, 00-00-1567
Ao 1567 t.m. 1570. Dijrck van Hattem Aelberts tot Maurick (voor) sijnen guedere.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5204, fol. 79v, 00-00-1568
Adriaen van Hattem beging een ongeluck aen Goessen Denijs fol. 79v - 37 g.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5204, fol. 79v, 00-00-1568
Johan van Hattem - den weijen: vechtbreuken.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5205, fol. 94v, 00-00-1569
Johan van Hattem wegens onrechte pandkering.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5207, 19-06-1560
Johan van Hattem geeft als getuige een verklaring af inzake een nederslach die z. Jacop Hackfoirt, man van Johanna van Grootvelt in den gerichte van Lijnden begaen had aen Rick die Kemp.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5207, 12-07-1560
Christoffell van Elderen als man en momber zijner huisvr. en Derick Vonck als momber van zr. Walraven van Hattems kijnderen verdragen zich met den amptman over eener peenen van 50 roesenobelen daer z. Walraven van Hattem over Johan van Oerdt geclaecht hadde.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5207 , 14-04-1561
Oliffier Vuijtten Weerdt, Gherit Udo Janss ende Ariaen van Hattem Gheritsz certifficieren dat sij daer toe gebeden zijn dat sij mit Jaspar Janss handdadige gegaen zijn bij den amptman van Nederbetouwen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5207, 19-11-1568
Arien van Hattem Janss tot Maurick heeft mijtten amptman geswoent van een nederslach die hij mijsdaen heeft aen Goessen Deijs - 40 daler.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5207, 25-05-1569
Ott Janss van Eck und sijn moder Claes Claesdr hebben mitten amptman geswoent van wegen Marten Janss van Eck, haer soen und sijn broder, van een nederslach aen sijn broder z. Derick van Eck van 25 daelr. Voor dese pennongen sijn borch geworden Gerit Vastericx geheiten Gerrit Holl und Gerrit van Hattem Bartensz tot Inghen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5209, 21-05-15..
Woensdach 21-05-15.. Gerrit van Hattem gecomponirt van dijckbroicken.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5211, fol. 21, 01-04-1597
Joost van Hattem en Hendrick Alardtss een onrechte pandtkeeringhe tegn die weduwe van Sweder van Culenborch.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5211, fol. 44v, 00-00-1597
Des avonts tot Ingen ten huyse van Dirck Verhuedt die commandeur verpleeght nae alder gewoonten.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5212, fol. 4, 26-02-1599
Aelbert die Kemp in onrechte pandtkeronge gewesen contra Pons van der Eem.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5212, fol. 4, 26-02-1599
Ernst van Merten und Aelbert die Kemp, buurmeesteren van Mauryck,in onrechte pandtkeronghe gewesen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5212, fol. 16v, 00-00-1598
Des avonts tot Ingen ten huyse van Dirck Verhuedt die commandeur verpleeght nae alder gewoonten.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5212, fol. 17v, 00-00-1598
Des avonts tot Ingen ten huyse van Dirck Verhuedt die commandeur verpleeght nae alder gewoonten.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5212, fol. 18v, 00-00-1598
Des avonts tot Ingen ten huyse van Dirck Verhuedt die commandeur verpleeght nae alder gewoonten.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5214, fol. 9v, 10-06-1600
Des avonts tot Ingen ten huyse van Dirck Verhuedt die commandeur verpleeght nae alder gewoonten.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5215, fol. 8, 21-11-1601
Tuyn en spyckschouwe: Frederick van Hattem van die Bemmelen - 21/2 roeij.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5216, fol. 4v, 28-02-1603
Walraven van Hattem onrechte pandkering contra Cornelis Versteech.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5216, fol. 6v, 05-10-1602
Dijkschouw tot Verresen (=Verhusen ten N. van Lienden): Arndt van Hattem - 6 roijen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5217, fol. 8, 21-11-1603
Tuin en spijckschouw: Frerick van Hattem van die bemmelen wegen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5217, fol. 9, 00-00-1603
Dijken: Arndt van Hattem - 6 roijen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5218, fol. 6, 00-00-1604
Dijken: Frerick van Hattem - 2 roijen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5219, fol. 3, 01-01-1606
01-01-1606/31-03-1606 (Criminele breuken). Zijn in den sterffhuijs van den scholtis Berndt van Eck za. (in octobri 1606 overleden sijnde) geen aenteijckenongh bevonden.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5220, fol. 14, 00-00-1606
Dijken: Frerick van Hattem - 4 roijen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5225, fol. 8, 06-10-1618
Maurik: Arndt van Hattum een notenboom en 3 willigen niet opgesnoijt.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5225, fol. 8v, 00-00-1618
Aert van Hattum op een peppelenboom niet gesnoeid.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5225, fol. 8v, 00-00-1618
Hattum Joosten op 2 willigen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5225, fol. 9, 00-00-1618
Lijnden: Aert van Hattum - 2 roijen landt dijcx.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5226, fol. 4v, 28-04-1619
Johan van Hattum, Peter Roeloffsen en Jan Janss: vechtbreuken tot Ommeren begaen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5226, 06-10-1619
Dijkbreuken Rijndijk, Lienden: Reijer van Hattum.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5226, 00-00-1619
Dijkbreuken: Arndt van Hattum.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5227, fol. 11, 30-10-1620
Willem Wolterss, als borch voor Adriaen Janss op ten Bulck, tegens Gerat Vasterijck, volm. van Johan van Hattem, in onrechte pandtkeronge.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5227, fol. 14v, 00-00-1620
Dijkbreuken Ingen: Dirck van Hattum een peppelboom.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5230, fol. 10, 30-11-1623
Dijkbreuken Opperden (Hien): Frederick van Hattum.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5230, fol. 10v, 00-00-1623
Dijkbreuken Opperden: Frederick van Hattum.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5231, fol. 7, 19-10-1624
Maurik: Dirck van Hattum Bartens - 13 roijen.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5231, fol. 8, 00-00-1624
Dijkbreuken Hien: Dirck van Hattum.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5232, fol. 11v, 11-10-1625
Dijkbreuken Rijswijk: Dirck van Hattum Bartenss.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5232, fol. 12, 11-10-1625
Dijkbreuken Wiell: Aert van Hattum.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5234, 00-00-1631
Dijkbreuken: Alard van Hattum - 2 roeden op Hien.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5234, 00-00-1631
Dijkbreuken: Dirck van Hattum - 4 voet dijk op Hien.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5234, 00-00-1631
Dijkbreuken: Dirck van Hattum - 3 voet dijk op Dodeweert.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5234, 00-00-1631
Tuijn en spijckschouw Hien: Alard van Hattum - 1 roed.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5234, 00-00-1631
Tuijn en spijckschouw Dodeweert: Bart van Hattum - 6 roeden.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5235, 01-04-1641
01-04-1641/31-03-1642. Dijkbreuken Dodeweert: Bart van Hattum.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5236, 24-10-1644
Tuijn en spijckschouw Hien: Alard van Hattum.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5236, 24-10-1644
Tuijn en spijckschouw Dodeweert: Bart van Hattum.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5237, 15-07-1634
Dijkbreuken Rijswijk: Fier van Hattem.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5237, 15-07-1634
Dijkbreuken Ochten: Alert van Hattem.
Gelderse Rekenkamer
nr. 5244, 24-07-1686
24-07-1686/06-08-1696. Ontfangen van Henrica [van Hattem] en Cornelia van Hattem wegens quade pandkering tegen Adriaen van Wijck volgens sententie d.d 08-06-1693 - 8.8.0.
Gelderse Rekenkamer
nr. 7132, fol. 7v, 05-05-1572
Rekening van Jan van Cuijck Henricxs van wegen zijn zoon wijlen Mr. Anthoenis van Cijck. Jonffr. Zwevelt van Hattem heeft ontfangen bij overlijden haers vaders Johan van Hattem de halfscheijdinge van 4 hont lants gelegen in Maurickerweert mit alsulcken rijsweert ende zanden als daer van toebehoren.
Gelderse Rekenkamer
nr. 7132, fol. 8v, 01-06-1572
Adriaen van Hattem heeft ontfangen bij opdracht van Johan van Hattem, zijnen vader, de helft van 7 mergen lantz gelegen tot Maurick.
Gelderse Rekenkamer
nr. 7141, fol. 24v, 00-00-1570
Annotatie van de onroerende goederen en renten toebehoort hebbende perticulieren gecondempneerden ende geproclameerde persoonen ter cause van den voerleden troublen binnen Culenborgh in cracht van zekere beslotene missive van zijnder Extie in dato 24-12-1568). Dirck van Hattem Jansz heeft gehadt een thiende gelegen op Nederprijs, anders genaemt Wolfslant, in de graefschap van Culenborch gelegen, genaemt Hattems thiende, welcken thiende te leen gehouden wordt van den huijse en graefschap van Culenborch, welcken voirss. thiende de voorn. Dirck van Hattem vercregen heeft bij transport van Jonffr. Joost van Maurick, zijn moeder, echte huijsvrouw van Jan van Hattem en tselve geschiet te zijn 24-05-1551.
Hof van Gelderland
nr. 1285, 00-00-0000
Verbaal van door de landvoogdes aangewezen commissarissen uit Utrecht en Gelderland in een zaak tussen de procureur-generaal van Utrecht en de schout van Rhenen, enerzijds, en Walraven van Hattem c.s. te Lienden, gecondemneerden, (die als ingezetenen van de Marche aldaar mede een veer hadden aangelegd), in een geschil over een te Veerhuizen gehouden bijveer binnen de grenzen van het aan de Karthuizers bij Utrecht toebehorende veer voor Rhenen, anderzijds.
30-06-1551.
Op verzoek van de prior van het convent van de Carthusers buiten Utrecht, tegen Walraven van Hattem, wonende in de betuwe, ten behoeve van Jan van Ham, wonende in de Mars ...
07-09-1551.
Antwoord van Walraven van Hattem vanwege Jan Alertsz van Ham contra Jan du Roy, scholtis te Rhenen.
05-12-1551.
Jan de Roy, schout te Rhenen, contra Walraven van Hattem aangaande Jan Alartss alis Ham.
10-01-1552.
Aan Maria, koningin van Hongarije en Bohemen: Wij hebben uw brief van 19 der naastvoorl. maand geschreven met supplicatien overgegeven bij Walraven van Hattem, pachter van de veerstad te Verhuijsen opt passagie van de Rijn voor de stad Rhenen. U en Walraven zijn van mening dat de gehele stroom van de Rijn aan beide zijden Gelders is, hetgeen de Raad te Utrecht noch die te Rhenen niet zullen bekennen.
02-07-1554.
Geeft ootmoedelick te kennen Walraven van Hattem ... Crimineel proces.
00-00-1610.
Sententie tussen Henrick van Beijnum en Wolter Roelofsz van Hattem.
Hof van Gelderland
nr. 6292, fol. 67, 09-10-1604
Procuratie van Bernt van Eck, scholt tot Echtelt, en Anna van Hattem, e.l.
Hof van Gelderland
Civiel proces nr. 5979 nr. 26, 22-03-1583
Joffrou Gerardina van Ameronghen, weduwe van henrick van Maurick, contra de gemeijnen nabueren en kerspelsluijden van Maurijck betreffende "sustinerende van adel toe sijn". Uit het dossier blijkt dat Henrick van Maurick Henrickss gehilickt is geweest aen Swaen van hattem, een huesmansdochter tot Maurick. De volgende stamreeks wordt gegeven.
Henrick, Ao 1422
Reijer Henrick, Ao1462 tr. Swaen van Hattem
Adriaen, Ao 1517 tr. Sweer bastaarddr van Culemborg
Adriaen, gest. Ao 1578 tr. Marten Wijnendr
Henrick, gest. Ao 1580 tr. Gerardina van Ameronghen
Adriaen, op 22-03-1583 jonck levende
Hof van Gelderland
Civiel proces nr. 6006, 09-10-1663
Sententie inzake Sr. Peter Bor, ontfanger tot Emmerick, als vader en momber van sijn onmundige kinderen bij juffr. Deliana van Hattem verweckt, en anderen, aenl., contra Berent Cock, scholtus tot Soelen q.q., verw.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1549 nr. 15, 00-00-1549
Evert Schoffer contra Adolf van Ruijtenborch betr. het leengoed de Rumelaer onder Maurik. 29-06-1538. Antonis van Coveleus, richter van wegen des keij. Mt., Dierick van Broeckhuijsen ende Claes Matheusz, schepenen tot Wijck te Duerstede, certificeren dat op datu van desen voor ons quamen int gerecht Gerett van Hattem en Duess Wtten Weerde, goede geloeffelicke mannen, om getuijch der waerheijt te geven.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1552 nr. 33, 00-00-1552
Adriaen van Lienden en Dierick de Bruijn, schepenen te Rhenen, contra Walraven van Hattem.
00-00-0000.
Brief aan het Hof van Utrecht door Adriaen van Lynden en Dirck de Bruijn, schepenen te Rhenen. Walraven van Hattem heeft betogen gehouden en dat ter cause dat deselve Walraven metterdaad hem geintromitterd heeft tegen bevelen van het Hof van Utrecht en in kleinmachtigheid van deselve, te occuperen het veer den Carthusers buijten utrecht competerende en diens aangaande tussen deselve Carthusers ter eenre en des voorseijde Walravens adherenten noch questie is in welke zaak voor het gerecht van Rhenen vermogens vonnis daarvan zijnde ...
30-06-1551.
Extract van de kleine rol. De schout van wegen de keijz. maj. comen Tonis Alaertsz als borch voor Jan Alartsz, gedaagde, welke laatste een borg moet stellen, en Walraven van Hattem, die zich borge stelt en die terecht moet staan.
24-03-1552.
De zaak tussen de schout van Rhenen en Walraven van Hattem, intervenierende voor Jan van Ham, hangt nog steeds. (Jan Alaertsz van Ham was pachter van Walraven van Hattem).
16-05-1552.
Hereberen Woutersz, als aanleijder van de amptman, spreekt aan Adriaen van Lyenden en Dirck de Bruijn tot Rhenen dat zij in het verleden als schepenen te Rhenen to gericht geseten en helpen wijsen hebben over zaken die onder gericht van der Marsche gefallen en uitgericht behoorden te worden, en niet te Rhenen, aangaande Walraven van Hattem niettegenstaande dat Walraven zijn bank begeerde te genieten daar hij elk aangebracht hebben so goed als 50 goud gulden.
15-07-1552.
Adriaen van Lyenden en Dirck de Bruijn, schepenen van Rhenen, beklagen zich dat die procederen bij Walraven van Hattem in het ampt van Neder-Betuwe wordt gevoerd.
07-08-1552.
Claes Vijgh verklaart de stukken betreffende dit proces in goede orde ontvangen te hebben.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1552 nr. 43, 00-00-1552
De prins van Oranje contra de naburen van Ingen betreffende tienden onder Ingen.
00-00-1552.
De prince van Oraengien ende zijne voirsaten graven van Buren behoren toe sekere bloecken thienden in den kerspel tot Ingen in Nederbetuwe gelegen, daer aff zij in vredelicke possessie geweest zijn over die 100 jaren ende langer dan memorie van menschen gedencken mach ten aensien van een ijegelicken ende sonder ijemants contradictie ende hoewel niemant die thiende van hem gecoft hebben te doen eenich letsel in den voirss. possessie, heeft nochtans onlancx belieft gehadt Dirrick van Meerten, Barth van Hattem, Jan Alaert, Maes Roeloffss, Gerit Vasterick, Barth Hendrickss, Jan van Wijck ende ennighe andere inwoenders des dorps van Ingen met voirgaende collusie den suppliant grotelicken te turberen.
09-08-1552.
Dirck van Merten, Barth van Hattem, Gerit van Merten, Jan Alartss, Maes Roeloffss, Gerit Vastereick, Barth Henricksz, Jan van Wijck und andere nabueren tot Ingen ...
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1559 nr. 25, 00-00-1559
De heer Van Schin c.s. contra Johan van Plees en Dirck van Vuitwijck.
08-06-1554.
Gerapporteerd (dat) Claes Vijgh, amptman in Neder-Betuwe, Johan van Plees, Derick van Vuijtwijck en Walraven van Hattem bescheiden hadde achtervolgende ...
00-00-1559.
Verklaren de heer Van Schinn en Johan van Oert hoe de heer Van Schinnen tegens Johan van Plees en Dieric van Vuijtwijck en Johan van Oert tegens Walraven van Hattem processen en rechtsforderingen, respectivelicken gehadt hebbende inzake leengoederen in de Neder-Betuwe van den huijse van Culenborch te leene geholden ...
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1564 nr. 5, 16-03-1564
Heer Adriaen van Hattem, kapelaan en deservitor van een der 4 pastoriëen te Elst, wegens scandaleus en ketters prediken.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1571 nr. 9, 00-00-1571
Henrick van Noort, nom. ux., contra Gerrit van Remundt, nom. ux., betreffende de nalatenschap van Marcelis Keldermans.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1574 nr. 1, 28-01-1572
Henrick Roeloffsz, buermr., Willem van Hattem Dircksz, Derick Janss Doijs en Gerrijt Rede Jansz als volmachtigen des kerspels und der gemeine nabueren tot Maurick contra Roeloff van Eck Dircksz inzake riddermatigheid.
Bijl. A. Extract des Signaets tot Maurick:
06-06-1570.
Door aenleggen und versueck van Herman Verbrugh Stevensz und Derick Jan Hermansz als buermeisters des dorps Maurick hebben Adriaen van Maurick, alt omtrent 62 jaer, Jan van Hattem, aldt omtrent 72 jaer, Albert van Hattem, aldt omtrent 72 jaer, hebben samenlick getuijcht en geswoeren dat Derick van Eck, tho weten Roloff van Eck und Willem van Ecke vader geweest is oetwerelt voer riddermatich man gehalden is.
(Copia ondertekend door) D. v. Hattem Wz.
Bijl. B. Extract des signaets tot Maurick:
27-03-1570.
Door aenleggen und versueck van Herman Verbrugh Stevensz und Derick Jan Hermansz als van weeghen und buermeisters in der tijt des dorps tot Maurick hebben ... Gerrit van Hattem Gerritsz, aldt omtrent 63 jaeren, verklaren dat Derick van Eck Dericksz und Roeloff van Eck und Wilhem van Ecke vader geweest is, altijt myt die gemeijne nabueren van Maurick gesedt is geweest gegeven.
(Copia ondertekend door) D. v. Hattem Wz.
Bijl. C fol. 1, 09-09-1573.
Sweeder Vuijttenweerdt, scholt en richter tot Eck en Maurick, verklaart dat voor hem verschenen is Gerrit van Hattem Gerritsz, aldt omtrent 65 jaren, om te getuigen dat Gerrit van Hattem den alden, zijn zalige vader, in sijne leven langhe herbergh gehouden heeft in den dorpe van Maurick und oeck lange scholtis is geweest ... Present als getuigen: Willem van Hattem Dircksz ... D. van Hattem Willemsz.
Bijl. C fol. 3, 09-09-1573.
09-09-1573.
... Aelbert van Hattem, aldt omtrent 74 jaren ...
Copia, 19-01-1572.
Ick Steven van Eck Dericksz, aldt omtrent 76 jaeren, certificier ... en was onderteijkent Steven van Eck Dircksz, G. van Hattem.
Extract uit de memorien der kerk te Maurik:
St. Andriesdach in de wynter. Een verklaring inzake Derick van Eck wordt voor accoord getekend door Gerphaes van Hattem.
31-12-1571.
Verklaring door Aelbert van Eck, ondertekend door D. van Hattem Willemsz.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1574 nr. 19, 18-10-1574
Wij Henrick van Hattem Henricxz den olden, nu wonende in het kerspel Kesteren en voorheen in het kerspel Lienden, verklaren dat hij ten tijde van Hertog Karel met Hillebrant Vonck en Pilchrim Vonck, die toen te Lienden woonden, altijd de klokkenslag placht te volgen zoals de andere naburen en huisluiden deden en dat hij met hen binnen Lochem gelegerd is geweest. Ook verklaart hij dat naar zijn weten in de laatste 45 of 46 jaar niemand anders uit het kerspel Lienden (in de ridderschap) beschreven is dan Cornelis van Braeckell.
20-10-1574.
Jelis van Wijck, Johan van Ewick, Johan van Berch, Adriaen Holl, Wouter Adriaenss, Gerfaes van Grootfelt, Johan van Wijck Thonisz, Willem Hermanss en Henrick van Hattem den jongen verklaren onder meer dat de Vonckelingen door hen niet als edellieden gekend of beschouwd worden, maar dat zij ze houden voor huisluiden, zoals zij zelf zijn.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1584 nr. 16, 00-00-1584
Johan van Wijck c.s. contra de naburen van Rijswijk inzake riddermatigheid.
Bijl. D, 00-00-1516 dinsdag nae Sinte Mathijs des heiligen apostel.
Wij Hermen van Lewen, Hermen van Lewen Jans, Dirck Denijs Aelberts ende Johan van Hattem doen kondt ... dat ... wij als maeghen ende vrunden aen beide zijden een mindelijck ... erffmaechghescheit gededinck ende ghemaict hebben tusschen Jutta Aelbertsdr, nagelaten weduwe van zeligen Hermen van Lewen Ottensz den Ouden, Geriphaes van Leewen, Aelbert van Leewen ende Joncfrou Lijsbeth van Lewen, horen kinderen, van alle alzulcke erffnisse ende versterff.
Dit dossier bevat een groot aantal afschriften gemerkt als volgt:
Deze copie gecollationiert sijnde die originale besegelde missive. Is daermede befonden t accorderen bij mij onderschreven i absentie des griffiers in sijne plaets geauctoriseert sijnde. (Ondertekend) J(aspar) van Hattem.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1595 nr. 13, 00-00-1595
De dijckgraeff, heemraeden ende gemeen geerffden der heerlickheijt van de Marsche, contra den heeren amptman van Neder-Betuwe Diederick Vijgh betreffende de arrestatie van huisluiden.
Ca. 00-00-1594. Alsulcke personen die in die Marsche geerft zijn: ... Walraven [van Hattem] ende Jan van Hattem 6 mergen. ...
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1597 nr. 4, 00-00-1597
Emerentia van Rhijn, weduwe van Balthsar van Weese, contra ...
17-03-1584.
Oordeel tussen Balthasar van Weese en Dirck van Hattem Aelbertsz als wettige momber van zijn onmondige zoon bij zijn vrouw zaliger Geertruijt van Weese geprocreëerd.
28-05-1587.
Verkoopakte van een huis met boomgaard door Dirck van Hattem, vader en voogd van zijn zoon Olivier, aan zijn zwager Balthasar van Wees.
28-05-1588.
Olivier van Hattem approbeert bovenstaande verkooptransaktie.
24-04-1597.
Dirck van Hattem, als vader en voogd van Olivier van Hattem, die de Kleine Elsweert bezat ...
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1597 nr. 8, 00-00-1597
Proces tegen Carolus Gallus.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1610 nr. 6, 00-00-1610
Arnt van Silvolden c.s. contra J. van Eck c.s. betreffende het weghalen van weit en hout.
19-08-1607.
Johan van Oerdt, richter van Beusichem en Soelmont, Cornelis Adriaens en Anthonis Tonisz, schepenen van Beusichem en Soelmont, verklaren dat Jan Guddensz als man en voogd van Anna Floris en Mechtelt Florisdr, nagelaten wedue van Cornelis Thonis Verkerck, als mede-erfgenamen van Mr. Johan van Hattem, advocaat der rechten licentiaeth, haeren neef za., gerechtelijcke possessie genomen hebben van alle die goederen bij haeren voorsz. neeff za. achtergelaten in den gerechte van Beusichem ende Soelmont. Voorts verklaren zij dat Gherit Florisz tot Beusichem za. heeft nagelaten 3 kinderen mijt namen Anthonis Gheritsz, Floris Gheritsz ende Alijt Gheritsdr ende heeft Thonis Gheritsz voern. achtergelaten 2 dochteren te weten die huijsfrouwe van Thomas Aelbertsz ende van Aert van Zilvolden mijt namen Anna [Thonis] en Marij Thonis gesusteren ende Floris Gheritsz voern. heeft van gelijcken achtergelaten 2 dochteren mijt namen Mechtelt Floris, naegelaten weduwe van Cornelis Thonisz Verkerck en Anna Floris des voerss. Jan Guddensz huisfrouwe en Alijt Gheritsdr heeft achtergelaten eene soen te weten Mr. Johan van Hattem ende dese voerss. vrouwe persoenen mijtten anderen rechte broederen en suster kijnderen sijn.
23-04-1608.
Arndt van Silvolden en Thomas Aelberts voor hun selven ende als mannen van ore respective huijsfrouwen Marie [Thonisz] ende Anna Thonisz sampt. Jan Guddensz als man van Anne Floris en Mechtelt Floris, weduwe Cornelis Verkerck, erffegenamen van zal. Mr. Johan van Hattem, clegers, tegen Jan van Eck Cornelisz, Jan van Hattem Walravens, Jan Vonck Dirricksen ende Cornelis van Wijck, beclaechden. Mr. Johan van Hattem is 16-08-1607 sonder geboorte overleden en begraven.
22-08-1607.
Johan van Hattem bezat seeckere hoffsteden ende landerien tot Ingen.
30-07-1608.
Antwoort, ingedient door Johan Vonck ende Johan van Eck, den Ed. Hove van Gelderlant overgegeven vuijt den name ende vanwegen Johan van Eck, Jan van Hattem Walravens en Johan Vonck Dircxz ende Cornelis van Wijck soe sij genootdruckt worden t procederen, beclaechden alhier, op en tegen Arndt van Sijlvolden ende Thomas Aelberts voor hun selven ende als mannen ende mombers van heure respective huisfrauwen Maria [Thonisdr] en Anna Thonisdr, samptt. Jan Guddensz als man en voocht van Anna Floris ende Mechtelt Floris weduwe van Cornelis Verkerck in qualite soe sij ageeren in desen. Seggen die beclaechden excipienten a bonafide te bekennen die clegers inqualite soe sij procederen tsijn susterlingen van den voornoemden za. Mr. Johan van Hattem van moeders sijde van een halve suster heergecomen. Seggen die beclaechden excipienten sijn naeste susterlingen en neven mede-erffgenamen van den selven Van Hattem van vaders sijde volgens vermogens certificatie onder. Als in den ersten van za. Otto van Buijren gewesene echteman van Agniese van Hattem gewesene suster van Anthonis van Hattem vader za. Mr. Johans van Hattem voorss. Ten anderen van za. Dirck Aertsz, rentmeester tot Bueren, en gewesene echteman van Johanna van Hattem oock susteren van den voorgemelten Anthonis van Hattem vader za. Johans van Hattem voornt.
Ten derden van za. Walraven van Hattem vader van den voorss. Jan van Hattem Walravens, mede beclaechde ende excipient alhier. Voorschreven Otto van Bueren en joffrauw Agniese van Hattem, echteluijden, sonder echte lijff en erven nae t laten gestorven en overleeden zijn en hun nalatenschap o.a. aan za. Mr. Johan van Hattem heeft nagelaten. Voorseijde Dirck Aertsz, rentmeester, en Johanna van Hattem, e.l., sonder achte lijffs erven afflijvich geworden sijnde hare goederen en nalatenschappen aen een sijde van wegen voorss. Johanna van Hattem gesuccedeert en gecomen zijn mede op den voorgemelten Mr. Jan van Hattem. Johanna van Hattem is binnen Tiel gestorven. 24-11-1609. Request door de Raden aan Johan Vonck, Johan van Eck en Johan van Hattem, sampt. ende besonders in verband met een verzoek door Arnt van Silvolden.
Bijlage E. Inventaris van brieven in bezit van Johan van Hattem. Een rentebrief spreekende op Thonis van Hattem 3 g. uit een camp lants gelegen in Ingenervelt, verschijnt St. Petersdach ad Cathedram.
Huwelijks voorwaarden van Aert van Eck gedateerd 00-00-1489.
Brief van jof. Janne van Hattem gedateerd 00-00-1575.
Bijlage F. 05-03-1608.
Henrick Foijert, schout en richter te Lienden, verklaart ... Jan Vonck als volmechtich van 't samentlicke erffgen. van za. Mr. Johan van Hattem Thoeniss van zijns vaders zijde ...
Bijlage G. 10-05-1608.
Schepenen van Zandwijk verklaren dat Johan Vonck (van Lienden), Goossen Toenisz, Cornelis van Wijck, Dirck Verhuijt, Gerrit van Grootfelt als man ende momber zijnder huijsfrouw, Johan van Eck ende Joost Aerts als mannen ende mombaren haerder huijsfrouwen, voor haerv selven ende mede haer sterckmaeckende voor haer met broederen, susteren, neven ende nichten, haer als rechte erfgenamen van Jan van Hattem Toenisz za. in cas van de goederen van zijnde za. vader Thoenis van Hattem haeren L. oom hergecommen, in possessie ingenomen hebben (goederen) bij za. Jan van Hattem naegelaten ende Jan van Hattem Toenisz za. haeren L. neef affter gelaten.
Bijlage O. 06-03-1608.
Johan Vonck, Dirrick Verhuijten (ondertekend Verhuith) en Goossen van Wijck Ariaens verklaren op verzoek van Gerrit van Grootfelt, volmachtich van mede die t'sementlicke erffgenamen van za. Johan van Hattem Toenisz, van sijne za. vaders sij, dat sij gesaemender handt geweest en vergadert sijn geweest, ongeveerlich 16-12-1607, ten huijse van Aert Spoor, int Vergulden Hooft binnen Cuijlenburch. Aldaer Anna Gerrits, gewesener meegcht van za. Jan van Hattem Toenis voors. die welcke ... hebben hooren ... vercondigen too weten dat Aernt van Silvolden cum suis, nae het affsterven van Jan van Hattem voorsz., seeckere kofferens mit schriften gevisiteert hadde en ... seeckere geschriften ende sommige brieven daer van verbrandt.
Bijlage R. 30-09-1607.
Interrogatorium ingestelt durch Johan van Hattem Walravens als mede-erffgen. van za. Johan van Hattem Tonisz vuijt cracht seeckere huwelicxe voorwaerde desen E. gerechte van Culeborch geexhibeert op die persoon van Anneken Gerrijts, gewesene dienstmaeght van voirgen. Johan van Hattem Toenisz om die to seggen haer rechte conde der waerheijt. Erfgenamen van Johan van Hattems moeders zijde zijn Arnt van Silvolden, Thomas Aelbertss met hun vrouwen, de vrouw van Johan Godden en de weduwe van Cornelis Toenisz genaemt Schram.
Bijlage T. 26-09-1607.
Johan Vonck Dirricksz und Dirrick Verhuedt voor haer selven, ende mede in name van wegen der semptel., sich pretenderende, erffgenamen van Johan van Hattem Toeniss za. hen van sijns vaders wegen aangeerft ...
30-03-1610.
Sententie inzake de eijsch van Arndt van Silvolden cum socijs, clegers, contra Jan van Eck Cornelisz cum suis, beclaechde.
Bijlage.
Johan Vonck Dircksen, Goossen van Wijck Adriaenss, Johan van Eck en Gerit van Grootfelt, voor hem selven, en mede vuijt den name ende van weegen die mede erffgenamen van za. Johan van Hattem Thonissen van vaders weegen, en sijn naelaetenschap van sijne vaders weegen gesuccedeert op die voorgen. suppltt. en hunne consoorten, weesende neeff susterlingen en dat in cracht seeckere huwelicxvoorwaerde tusschen Anthonis van Hattem Johans vader, en Joffrouwe Alit sijn echte huijsvrouwe, des voorgen. Johans vader en moeder opgericht, daer inne die goederen van beijde zijt conthoralen verbonden, tot aen die yrste en tweede graet, gelick den gelijcke huwelicxvoorwaerde tusschen den voorgen. Anthonis van Hattem thwe gesusteren waeren opgericht, daer in Johan van Hattem Toniss in gelijcke was mede erffgenaem geweest in cracht der selver gelijck dat tweemael is notorium, en hebben die voorgen. suppltt. nae doode van voorgen. Johan van Hattem sich aenstondt in die possessie gegeven ... dat Arndt van Silvolden en Thomas Aelbertssen, mannen en mombaren haerer respective huisvrouwen erffgenamen van moeders weegen, die sich oock daer nae hebben willen aenmatigen gerechticht to sijn, in die goederen van vaders sijde wie well verbonden. (zie origineel blz. 14)
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1621 nr. 22, 08-01-1589
Extract des Signaets van Kesteren. Diederick Viegh, amptman in Nederbetuwe, in bijwesen van ... Walraven van Hattem ... als ridderschappen en gerichtslieden ...
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1632 nr. 34, 30-06-1637
Inventaris ingedient door Matthis Crijartsz, der rechten licentiaet en burgemeester tot Ruremunde, als vader van zijn onm. kinder, gedaagde en excipient, op en tegen Christina van Hattem, impetrante en geexcipieerde. Impetrante pretenddert met excipts. kinderen bij Maria van Lewen voor 't 1/3 tot dij stamgoederen van Reijner van Lewen nagelaten, herkommende van zijn vaders zijde, berechtigd te zijn. Hij heeft ten opzichte van gerichtspersonen possessie genomen, ock met des afgestorvenen Reijner van Lewen moders suster Elisabeth Renckens, voor den Hooftgericht van Ruremunde geprocedeert, maar sij, Elisabeth heeft goetwillich gedesisteert, hoewel sij aan den afgestorvenen Reiner van Lewen een helen grade naerder was als excipienten kinderen. Men moet niet zozeer op graden letten dan wel op de linie ende stock, waarvan de goederen zijn hergekommen. Daarom zijn ten opsien van dij goederen van Dirck van Lewen en Antonia van Hattem hergekommen, derselver eheluijde dochter kinderen daerinne met volle exclusie van voorsz. Elisabeth verbleven. 't Is alzoo dat dij geexcipieerde Christina van Hattem ende des excipienten schoonmoder Antonia van Hattem sijn geweest gesusters. Van beide susters is een nieuwe linie gekomen. Noch Christina van Hattem noch hare descendenten hebben recht op goederen van Antonia en omgekeerd.
28-09-1637.
Inventaris ingedient door Christina van Hattem, weduwe van Arnt van Hattem, tegen Mathijs Craijaert als vader van zijnkinderen bij z. Maria van Leeuwen. Der impetrante neve Reijnier van Leeuwen tot Luijck is zonder kinderen overleden. In zijn testament is de impetrante voorbij gegaen en van de nalatenschap aller sijner goederen uuijtgeslooten. Maer nae reformatie van der Overquartiers rechten kan van de patrimoniale en stamgoederen geen testament gemaeckt worden als sijnde geaffecteert aan de sijde, linie en stam, daervan die hergecoomen sijn. De grootvader van voorsz. Reijnier was Dirck van Leeuwen, getrouwd aen des impten suster Antonia van Hattem, bij wie hij verweckte Mathijs, des gemelten Reijniers vader, en Maria, des gedaagden gewesene huijsvrouwe. Zo is dus impetrante olde moeije van de laest overleden Reijnier van Leeuwen en in gelijcke grade met des gedaagden 2 kinderen, bij Maria van Leeuwen za. geprocreert. Impte is consequentelijck voor 1/3 gerechtigt tot de stamgoederen van Reinier van Leeuwen van sijn vaders zijde, besonderlijck tot die goederen soo van impt. vader Jan van Hattem sijn hergecoomen, doordien bij de houlijck voorwaerden van voorsz. Dirck van Leeuwen en Antonia van Hattem retour van goederen bedongen was. De meeste goederen van za. Reijnier van Leeuwen lagen in Krieckenbeeck en Kessel, waar het Keulse recht geldt.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1634 nr. 27, 24-05-1634
Derrick van Hattem, burger van Tiel, uit naam van zijn zoon, contra C. Thonissen van Steenwijck of diens zoon, betreffende de St. Nicolai vicarie te Geldermalsen, waar Dirck van Hattem zijn zoon wil laten studeren in de plaats van de zoon van Van Steenwijck.
Bijlagen:
Ongedateerd (vóór 07-09-1633). Dirck van Hattem, burger te Tiel, geeft te kennen dat in de kerk van Geldermalsen gefundeerd is zekere vicarie ter ere van St. Nicolaas. Zijn zoon Dirck, ca. 11 jaar oud, te Tiel op school gaande, verzoekt hij aldaar toe te laten.
Gymnasii Thylani praefectus Thylae Eid. Januari 1634. Theodorus ab Hattem, infina legionis in exercitu nostro miles eam hactemus, impuerili hic ceromate industriam probavit, eamque egregia indolis spem prabuit, ut aliquandi non exiguam messen polliceri videatum quo nomine ipsum omnibus macenatibus ac audiorum patronis, de meliori (quod aiunt) nota, commendare non vereor.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1636 nr. 20, 00-00-1636
A. van Druijten namens de erfgenamen van D(aniel) van Hattem contra D. van der Hoevelick, momber van de kinderen van zal. M.A. Barfelt, betreffende de verkoop van het huis De Leeuwenborch onder Voorst.
Bijlagen:
Inventaris terzake van de momber van de onmondige kinderen van zal. Mathijs Arnolt van Barfelt, contra Jor. Adriaen van Druten, voor hemzelf en als gemachtigde van de erfgenamen van zal. Daniel van Hattem, impetrant.
Antonis van Uttenhaeve, in leven kolonel en gouverneur van Emmerik, en (Joh)anna van Berffelt, echtelieden, verkochten op 18-05-1625 en 23-07-1625 aan Daniel van Hattem en juffr. Jacomina van Rhoorda een huis en havezate De Leeuwenborch met landerijen gen'd Die Nieuwenhove, in het ambt Voorst, kerspel Wilp, in de buurschap Hummede, evenals de grafstede in de kerk te Wilp.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1647 nr. 52, 00-00-1647
Proces van Antonis van Hattem, impetrant, contra Arndt van Hattem, gedaagde, betreffende 8000 g. die de gedaagde - volgens vermogensobligatie van 12-06-1634 - aan de impetrant ten achter is. Uitspraak: Arndt van Hattem moet betalen.
Bijlage. 12-06-1634.
Bekenne ick onderss. (Aernt van Hattem) deuchtelick schuldig te wesen mijn neeff Anthonis van Hattem ofte sijnen erven d'somme van 8000 keys. g. ad 20 st. 't stuck, mijn op huijden aen gereede penn. aengetelt en bij mijn aen sijn Genade van Culenborg op intrest verstreckt, welcke vurss. 8000 g. ick beloove over een jaer naer date deses met den interes tegens den penn. xvi aen den vurss. Hattem te restituieren onder 't verbandt van mijn persoon en goederen, d'selve onderwerpende tot dien eijnde alle Heeren, Hoven, Rechteren en Gerechten, renuntierende van alle excepten en in sonderheijt non numerale pecunisse, ten oorconde deses bij mij onderteeckent.
N.B. De overige documenten hebben betrekking op de gang van het proces, bijvoorbeeld:
17-07-1647.
Uitspraak:
Gedaechde wordt gecondemneert te betalen met de interesse en de kosten van dese procedure (zie ook Hof van Gelderland nr. 4888 nr. 27).
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1651 nr. 7, 08-02-1651
Reinier van Hattem was een bastaardzoon van Reinier van Hattem (op zijn beurt een zoon van Dirk Johan Hermanz) en Sibijlla Weidner. Deze laatste werd gedoopt te Duisburg op 24-03-1627 (Salvator kerk), als dochter van Johannes Leonard Weidner (rector der Latijnse school te Duisburg (1623-1636), voordien idem te Eberfeld, Montjoie, en nadien te Nijmegen, Maastricht en van het Churf. Gymnasium te Heidelberg) en Anna Maria Zinckgräff. Sijbilla was eerst gouvernante bij de predikant Coets en later bij de familie Van Hattem te Eck en Wiel, waar de zoon haar benaderde. Sijbilla werd zwanger, de Van Hattems weigerden een huwelijk en het kind werd te Huissen geboren. Reijnier ontvluchtte het ouderlijk huis en ging met Sijbilla naar Arnhem naar haar neef. Deze laatste was een zoon van Sijbilla's vaders broer Georg of Jurrien Weid(e)ner, die als soldaat onder de garde van graaf Ernst van Nassau naar Holland was gekomen, in 1614 burger van Arnhem werd, aldaar trouwde en zich als bakker daar vestigde in de Koningsstraat. Vandaar reisden Sijbilla en Reijnier door naar Terborg, waar hij op order van zijn vader - hij was nog minderjarig - werd opgepakt. Een proces volgde in 1651. NB. In het lijvige dossier bevinden zich minnebrieven etc.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1652 nr. 36, 00-00-1635
Proces van Arnold van den Berg, gemachtigde van zijn moeije Judith Verbeeck, weduwe van Hendrick Foyart, contra Aert van Hattem.
Bijlagen
15-11-1635.
Arnt van Hattem, wonende te Culemborg, rentmeester van de graaf van Culemborg, bekent 2500 car. g. schuldig te zijn aan juffr. Judith Verbeeck, weduwe van Henrick Foyaert, zijn nicht, wonende te Utrecht. Ondertekend: Arnt van Hattem en C. Verduijn, notaris.
Lienden 31-01-1650
Een soortgelijke schuldbekentenis, waarbij o.a. Floris de Lille getuige is.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1667 nr. 21, 00-00-1667
Gerard van Hattem, impt, contra Goossen van Wijck, ged., betreffende een schuldvordering.
30-03-1667.
D'impetrant is per reste aen de gedaechde noch ten achteren 59 g. 129 st. ter goeder reeckenonghe hercoemende van 21/2 margen gecoffte weijt gelegen onder Inghen op Klinckenberg genaemt het Gijpenhout (volgens een schuldbekentenis van 07-12-1666).
Bijlage:
Ingen 16-07-1665.
Mons. Gerard van Hattem is van meijninge aen de meest biedende te vercopen parceelen coorngewasch op Ingen bestaende in weijt ende boonen.
Ingen 16-07-1665.
Dirck van Hattem heeft ingeset omtrent 8 hondt boonen genaemt den Elsacker voor 36 g.
30-03-1667.
Sententie.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1667 nr. 56, 00-00-1667
Maria Willemsen, weduwe van Claes Benier, impetrant, contra de momber van de kinderen van Hendrick Jelissen van Lienden betreffende de uitweg Hoge Weide te Aalst onder Lienden. Op 20-01-1663 kochten Hendrick Jelisz van Lienden en Aeltgen Aelberts, e.l., van Claes Benier en Maria Willemsen, e.l., met hun zoon Willem Benier de Hoochweg in Aelsterveld in de buurschap Aelst in de Neder-Betuwe.
(14) De impetrant verklaart "te weten dat doen haer bestevader zall. Johan van Wijck doot was, haar vader zall. Henrick van Hattem doen de bouwinge genoemt de Schaepsteech halff aenvongh om te bouwen. Inventaris van Maria Willemsen, weduwe Claes Benier, impt.
Bijlage
(C) 13-05-1610.
... is op verzoek van Willem Suirmudt verschenen Jaspar van Hattem, oud ongeveer 63 jaar, een man van goede naam en faam, die verklaarde dat zijn vrouw het vierde deel van 5 morgen land, genaamd de Hoochweij, in het kerspel Lienden gehad heeft.
(D) 24-04-1610. Elijsabeth Jans, oud ongeveer 71 jaar, verklaart ten behoeve van Willem Suijrmont dat toen haar bestevader za. Johan van Wijck dood was, haar vader za. Henrick van Hattem toen de bouwing genaamd de Schaepsteeg, gelegen in de heerlijkheid Lienden in het kerspel Aelst, half aanving om te bouwen.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1672 nr. 1, 00-00-1672
Gerhardt van Hattem, impt., contra Gijsbert van Esveldt, ged., betreffende een schuldvordering.
25-01-1672.
Impetrant heeft op 13-07-1670 aen de gedaechde de somme van 1600 g. verstreckt.
27-01-1672.
Sententie.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1679 nr. 31, 00-00-1679
Gerard Schul contra Gerrit van Hattem qq betreffende een schuldvordering.
17-02-1679.
Gerard Schul, schepen der stadt Tiel, nomine uxoris juffr. Agneta van Oijen, Henrick van Oijen en Caspar van Riemsdijck als erfgenamen van sal. Herbert Arnolt van Oijen en David Hollingerus, rentmeester van de graeff van Brederode, in qualite als volmachtiger van d'erffgenamen van wijlen Elisabeth van Cattenburgh, in leven huijsfrouw van Corneis van Oijen, geven een autorisatie contra Gerrit van Hattem als borge en vooral als principael voor sijn moeder Johanna van Wijck, weduwe, te belasten (met) 648 g.
Impetranten hebben vercoft op 11-12-1676 aen des gedaechdes moeder Johanna van Wijck, weduwe van sal. Dirck van Hattem, 2 mergen weijlant sijnde de wederhelfte van seecker parceel de Rietcamp ende 1/2 hont weijlant in den gerichte van Deijl in de Drumptse Maet voor de somme van 648 g., te betalen in 3 termijnen. (Derick van Hattem heeft - als borge - voor sijn moeder Johanna va Wick, weduwe van sal. Derck van Hattem, de slagh becomen).
07-06-1679.
Sententie.
Hof van Gelderland
Civiel proces Ao 1717 nr. 13, 00-00-1716
Peter Janssen contra Dr. servaes van Cuijlenborg.
Getuigenissen van:
27-01-1716.
H. van Hattem, scholtus en secretaris van Wadenoijen en Drumpt.
05-02-1716.
Cornelis van Hattem, schepen der Hoge Gerighsbank van Deijl.
N.B. Beiden voeren in hun wapen 3 sterren als gewone, kleine 5-puntige sterren met als helmteken een roofvogel van slanke gedaante met de vleugels zijwaarts.
Leenregister van Soelen en Aldenburg
nr. 6, 1e folier, fol. 2, 13-01-1587
Anthonis van Doirnick wordt beleend met land te Zoelen, westw. Dirrick van Hattems weduwe van Welij erffgenamen.
Leenregister van Soelen en Aldenburg
nr. 6, 2e folier, fol. 42v, 05-12-1630
Joff. Maria van Hattem, weduwe za. Jor. Abraham van Hattem, wordt beleend met 4 hont land in Maurik met een hofstad.
Munnickhuijsen en Mariendaal nr. 338
03-09-1624
Resolutiën. Verpacht aan de broeder van Aert van Hattem, Jan van Hattem, 48 morgen tot Lijnden voor 6 jaren.
N.B. Dit werd herhaald in 1629, 1634, 1641 en 1644.
Munnickhuijsen en Mariendaal nr. 338
21-03-1629
Resolutiën. Aert van Hattem pacht een stukje land tot Lijnden, dat zijn broer Jan had.
Munnickhuijsen en Mariendaal nr. 338
00-00-1644
Resolutiën. Aert van Hattem doet het bovenstaande land over aan Derck Tonissen.
Neder-Betuwe Rekeningen van de Amptman
nr. 5140, 00-00-1756
(1756) Arien van Hattem heeft sijn Tuijn in 1755 zonder permissie op de gemeente geset.
Neder-Betuwe Rekeningen van de Amptman
nr. 5162, 10-04-1778
(1777/1778) Gevisiteerd een kind van Derk van Hattum, circa 3 jr, onder een vallende deur te Herveld verongelukt.
Neder-Betuwe Rekeningen van de Amptman
nr. 5173, 16-02-1784
(1788/1789) heeft Derk van Hattum ten huize van Johannes Doeleman te Herveld ruzie gemaakt met de zoon Bernardus Doeleman en gevogten.
Neder-Betuwe
nr. 203, fol. 28v, 05-06-1638
Jasper Uitenweerde draagt een transportbrief over aan Huijbert van Wijck en Benigna van Grootveld, e.l.
Neder-Betuwe
nr. 223, fol. 115, 28-02-1656
Jan Stevenss en Catharina Geurts, e.l., transporteren een huis etc. op de Korte Hoeff aan Hubert van Wijck en Benigna van Grootfelt.
Neder-Betuwe
nr. 223, fol. 115, 09-02-1668
Hubert van Wijck geeft bovengenoemd huis aan zijn dochter Maria [van Wijck].
Civiel proces, nr. 126.13, 00-00-1674
De erfgenamen van Huijbert van Wijck betreffende pachten.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 58.1, 00-00-1582
Buren. Dirck van Hattem Albertsz contra de graaf van Culemborg. Aanspraeck oft eijsch doen maecken en den Ed. gerichte van Bueren overgegeven (op 15-10-1582) vuyten naem en van wegen Dirck van Hattem Albertsz, eijscher, in cas van arreste en pandinge op en jegens Aellert de Goyer wonende tot Culemborg als rentmeester van de genadigen heere Grave tot Culemborch en over guederen gelegen in den lande van Bueren, verweerder. De graaf heeft zonder enige vorm van justitie op 13-08-1581 de eiser gearresteerd en gevankelijk gedetineerd zonder recht, reden of oorzaak. Het gaat om ontvangsten door de eiser als rentmeester van de graaf, waarover de graaf bewijs en reliqua wilde hebben. Hij casseerde ook de commissie van het rentmeesterschap, die Van Hattem 8 maanden had gevoerd. Van Hattem is 6 weken gevangen geweest tot zondag 24-9-1581. De eiser wil 2000 g.; het verhaal van zijn gevangenschap is door het hele land gegaan; hij is nog ongetrouwd en nu van eer benomen. Hij had het huis in Buren opgebroken, want er was afgesproken dat hij in Culemborg zou gaan wonen. Al zijn gereed goed heeft hij naar Maurik gebracht en land dat hij in Erichem gepacht had heeft hij moeten overzetten aan Gerrit Cooll. Ook zijn koren is bedorven.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 60, 18-08-1663
Aernhem, 18-08-1663.
Aert van Hattem mijn neef heeft mij laeten weeten dat Ved. (d.i. Joachim Foijart, landtschrijver van Neder Betuewe) hebt laeten afcondigen, dat een ijgelick die aen den boedel van Aellert van Wijck tot Raveswaeij ten achteren is, hem sal hebben bekent te maecken. ...
Getekend: J. van Eck.
Deductie op de goederen van Arnold van Hattem onder Ingen: 10-06-1662, Cornelis de Cock van Delwijnen en Cornelis Vijgh van den heere amptman gecommitteert om te erkennen over de coopspenn. geprocedeert van seker tijent genoempt den Broecktijent in Ingenervelt tusschen den heer Johan de Leeuw, borgmr. tot Bommel, en Joachim Foijert lantscr. in Nederbetuwe, in qualite als curateur van den boedel (of nalatenschap van zal.) Aerndt van Hattem questiens ...
03-07-1657.
Op huijden heeft vercoft Aernt van Hattem aen Willem [van Essevelt] ende Joost van Essevelt die oock in coop aennemen den thient Ingense velt.
22-07-1657.
Joost van Essevelt ontvangen (door Aerndt van Hattem) ...
06-07-1658.
Op huijden heeft Aernt van Hattem verpacht ofte verkoft den tient en ... voor 83 g. 10 st. welcke somme ick Aernt van Hattem mits desen bekenne ontfangen te hebben.
20-07-1659.
(Ik) Aernt van Hattem herb vercoft aan Henrick Petersz, minen neeff, alsulcken tient ...
10-07-1660.
Op huijden (heb ik Aernt van Hattem) wederom vercoft den selven tient voort jaer 60 aen Aernoldus van Hattem, mijnen neef, en Bardt van Grootvelt voor 150 g.
31-05-1662.
Verklaren wij Aernold van Hattem en Barth van Grootvelt dat wij in den jaere 1660 gepacht ofte gekocht hebben van zalr. Arndt van Hattem, in leven gewesene rentmeester van sijn Gen. den Grave van Culemborgh, het gewasch van den thient in Ingenervelt. Specificatie van tgene Willem Rijcksz, timmerman tot Ingen, te goede heeft van Sr. Aernoldus van Hattem, in sijn leven wonende tot Wiel op Mourick wegens verdient arbeijtsloon en gelevert hout ende spijckers:
15-05-1681.
Afgerekent met Sr. Aertnoldus van Hattem van alle tgene wij tot dato desen met een wtstaende hadde. Comt de somme van 29-7-8.
26-05-1683.
Een nieuw eijcken doot kist gemaeckt voor zalr. Aertnoldus van Hattem 16-0-0. Specificatie van tgene Aernoldus van Hattem zal. verteert heeft ten huijse van Gerrit Huijbertsz van bergh in den jaere 1681, 1682 en 1683: 1683 bij voorss. Van Hattem verteert: 15-04 ... 15-05 ... 24 dito ... 10-05. Bij de vrienden en nabueren van voorss. Van Hattem verteert en aen oncostengevallen ten huijse van gemelte Van Bergh over de begraeffenisse van genoemde Van Hattem.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 126.17, 00-00-1676
Dr. Cornelis Wijnants van Resandt, med. doctor ende schepen der stadt Tiel, contra Johan Suermondt, verw., betreffende een lening van 4000 g. die verweerder cum uxore Francina van Hattem op 27-01-1672 gesloten heeft met als onderpand huijs, hoffstadt en landt gelegen onder den kerspel Mauderick.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 126.22, 00-00-1677
De erfgenamen van Huijbert van Wijck, in leven rentmeester van de graaf van Culemborg, en Geertruijd van Hattem, gewesene e.l., contra Marten van Hooven, gemachtigde van de graaf van Culemborg.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 126.23, 00-00-1677
De erfgenamen van Huijbert van Wijck, in leven rentmeester van de graaf van Culemborg, contra Aert Gevertsz, betreffende de pacht van de Hoogveltsen tiendt op Kesteren op 18-07-1667 gepacht door Aert Gevertsz.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 127.3, 00-00-1680
Johan van Deelen contra Francina Dirksdr, weduwe van Johan Suijrmondt.
Neder-Betuwe
nr. 126.14, 00-00-1675
Civiel proces, Ao 1675. Dom. Theodorus van Wijck, theologia candidatus, actionem cessam hebbend van zijn moeder Anneken Geurts, wed. van Henrick van Wijck, tegen Wouter van Hattum. Het betreft de helft van 2 morgen haver en weydts van land int Maurickse veldt "de Dopmaet", dat verweerder in 1672 gekocht heeft, waervan Jelis Huyberts de andere helft kocht, elk 70 g. 2-4-1675. Anneken Geurts, weduwe van Henrick van Wijck, bekent aan haar zoon Theodorus van Wijck, proponent in de Godtheijt, de actie gecedeertb te hebben. 12-11-1675. Attestatie van Geurt Jansen de Kock en Johan van Grootvelt, dat Wouter van Hattem, woonachtig in den Kerspel Maurick, dit in 1672 gekocht heeft.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 126.19, 00-00-1676
Joachim Wolffsz contra Aerdt van Wijck, verw., betreffende een schuld van de verweerder van op 30-10-1675 gehaelde bieren.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 126.21, 00-00-1677
Aanspraak van Thomas Berch Eijk, volmachtiger van Sr. Gillis Ardinois, coopman tot Amsterdam, contra Dirck van Hattem betreffende de levering van eenige honderden aan coopmanschappen, waarvan nog 228 g. te betalen valt. Hij heeft besaet gedaen op 15-11-1676.
00-00-1677.
Aenspraeck van Thomas Berch Eijk, volmachtiger van Sr. Gillis Ardinois, coopman tot Amsterdam, tegen Garhard van Hattem, onder Ingen, betreffende eenige duijsenden coopmanschappen die aenlegger aen verwerder heeft gelevert van 1662 t.m. 1668, waarvan nog schuldig 373 g. 14 st. Hij heeft besating gedaan op 15-11-1676. De verweerder deed ontsating.
(A) 01/07-05-1677.
Lijst van geleverde goederen, zoals Brasilisch hout, gemalen kieppel, gemalen potloot, een baal root hout, geel oker, spaens goren, witte wijnsteen en manden lijm.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 127.12, 00-00-1681
Ao 1681. Peter Fredericksen en Cornelis Adriaensen Buddingh contra Neeltje van Hattem, weduwe van Jan Tonisz van Ingen.
21-03-1681.
Aenspraeck van Peter Fredricksen en Cornelis Adriaensen Buddingh, geweesene buermeesteren van Hien en Doodeweert over den jaere 1674 over die onraetscedulle der kerspelen Hien ende Doodeweert over den jaere 1674 op die mergentael omgeslagen, de waringhe van dien bij wijlen Johan Tonissen van Ingen, die na 16-05-1676 is overleden, is aengenomen. Neeltje van Hattem, woonende te Dodeweert, wilde niet betalen.
21-03-1681.
Peter Fredrickx en Cornelis Adriaensen Buddingh, geweesene buermeesteren der kerspelen Hien en Doodeweert over den jaere 1674 aen wijlen Johan Thonissen van Ingen bestaeijt hebbende te manen sodane somme van 458 g. 7 st. 8 p., alles uijt die onraetscedulle met de oock hooghed. welgeb. heere Johan de Cock van Oppijnen ter allen rechten gedaen besatonghe aen sodane gereede en ongereede goederen soo bij opgemelte Jan Thonissen van Ingen zal. ende desselfs huijsvrou Neeltien van Hattem beseten sijn geweest ende alnu noch bij deselve weduwe en boedelhoudersche gepossideert worden.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 128.6, 00-00-1682
Ds. Petrus van Westrhenen contra Assuera van Bemmel, douagiere Van Varick, en Johanna van Bemmel.
Neder-Betuwe
Civiel proces, nr. 132.12, 00-00-1697
Ao 1697. Elisabeth van Vincelaer, weduwe Dirck van Hattem c.s., contra Hendrina van Hattem c.s. Adriaen van Wijck, procureur, peindt aan de gerede goederen van Cornelia [van Hattem] en Hendrina van Hattem, kinderen en erfgenamen van Zal. Jan van Hattem, gelegen te Eck, voor 63 g 11 st van salaris en verschot, in 1690 en 1691 verdient in des overledenen saecken tegen Willem van Royen. De insinuatie geschiedde aan de 2 zusters op 13 Apr. 1693. Zij deden pantkering op 20 Apr. 1693 en worden geciteerd om 23 Mei voor het Gericht van Kesteren te komen. In de specificatie van Adriaen van Wijck: Jan van Hattum als oom en bloetmomber over de onm. kinderen van zijn broeder Gerrit van Hattem, tegen Willem van Rooyen als getrout hebbende Neltje Gerrits, tot aflossing van 400 g, in het goet der kinderen gevestigd ten behoeve van Salemon van Dinter, o.a. visiteren van het magescheid. tusschen Neltje Gerrits en de momberen van haar kinderen. Verweerders hebben laten verluyden dat den aenlegger maer den verwin soude hebben gemaeckt voor haere Grootmoeder Elisabet van Vincelaer en voor haeren vader Zal. Jan van Hattem, Elisabets zoon, en dat hij geheel voldaen was.
13-04-1693.
Insinuatie aan de twee zusters.
20-04-1693.
Zij doen pantkering.
23-05-1693.
Zij worden geciteerd op deze datum voor het gericht van Kesteren te verschijnen.
Specificatie van Adriaen van Wijck:
Copie: 1690.
Jan van Hattum als oom en momboir over de onmondige kinderen van zijn broeder Gerrit van Hattum, aenlegger, contra Willem van Rooyen als getrouwt hebbende Neeltje Gerrits, doet besaet aan goet van Willem van Rooyen en Neeltje Gerrits in Meerten om aflossing of ontslaning van onderpanden van een capitael van 400 g, die Gerrit van Hattum en Neeltje schuldig bekent hebben aan Salemon van Dinter, met de rente, en gevestigd in 3 mn bouwl. en 2 ht bogaert tot Maurick op de Slaegh, welke landen volgens magescheid van 19 Dec. 1674 aan de kinderen van Gerrit van Hattum zijn toegedeelt en waarbij de boedelschulden voor Neeltjes rekening bleven. En dat vervolgens de vestenisbrief van 24 Sep. 1669 gecassseert aan hem Jan van Hattum worde getoont. In het dossier is nog een briefje, waarin Van Wijck erkent betaald te zijn met 35 g van de wed. van Dirck van Hattem en 26 g van haar zoon Jan van Hattem. Verweerders hadden laten verluijden dat den aenlegger maer den verwin soude hebben gemaeckt voor haere grootmoeder Elisabet van Vincelaer en voor haren vader zal. Jan van hattem, Elizsabets zoon, en dat zij geheel voldaen was. 1690.
Copie: Elisabeth van Vinceler, wed. van Dirck van Hattum, als erfgen. van haar overleden soon Willem van Hattum, die borge was voor sijn oock overleden broeder Gerrit van Hattum en Neeltje Gerritse, gewesene E.L., als cessie van actie hebbende van den heere Jacob van Dinter, oud borgermeester der stadt Utrecht, als momboir van de nagelaten kinderen van Salemon van Dinter, heeft cum tutore haeren Soon Jan van Hattum besaet gedaen aan de gerede en ongerede goederen in de buurschap Meerten van Willem van Royen van sigh selven en als getrouwt hebbende den voors. Neeltje Gerrits, voor 161 g 7 st 8 p als de voors. Elisabet van Vincelaer qq op 8 Jan. 1690 door dewangh rechtens aen Jacob van Dinter qq voor den voors. Willem van Rooyen en Neeltje Gerrits heeft betaelt wegens onbetaelde rente van een capitael van 400 g, het laetste jaer verschenen 1688 en nog 25 g voor gerichtskosten. De borghtocht door Zal. Gerrit van Hattum en Neeltje Gerrits, doemaels E.L., was van 24 Oct. 1689. Adriaen van Wijck werd volmachtig gemaakt op 4 Oct. 1690 voor t gericht van Rhenen. De amptman bekent dat Johan van Hattum qq heeft bekomen verwin op 21/2 mn boomg. en bouwl. "Loyen hoffstat" in Meerten, item in 2 mn weylant int Meertervelt, item in huis en hofstat en boomg. in Meerten en 3 mn boulant op den Aelster Richterwegh, toebehoorende Willem van Royen en Neeltien van Gulick, e.l., waarvan Hattum de actuele possessie genomen heeft volgens segelen en brieven.
23 Jan. 1691.
ln het antwoort van Cornelia [van Hattem] en Hendrina van Hattem contra Van Wijck bestrijden zij de specifatie.
Neder-Betuwe
nr. 140.5, 00-00-1710
Ao 1710. Neeltje van Hattem, weduwe Jan Tonissen van Ingen, contra Bart van Hattem of zijn intervenient Jacob Ponssen. De pretense intervenient of verweerder is in 1700 ten huize van aenleggerse gekomen om haar fruijtgewasch te kopen, ter somme van 147 g. Door Jacob Ponssen en zijn vader is 77 g. betaald.
(a) Ao 1700. De rekening van de verkoop met handtekening van Neeltgen van Hattem.
(b) Ao 1706. A. van Ingen getuigt over de verkoop der appelen.
(c) Cornelia Jansen van Ingen getuigt dat Jacob Ponssen appelen bij haar moeder gekocht heeft.
(d) 06-10-1706. Bart van Hattem stelt zich borg voor Jacob Ponssen. De weduwe van Jan Tonissen van Ingen woont te Dodeweert.
(e) 11-10-1706. Besaet door de weduwe van Jan Tonissen aan Bart van Hattem's goederen in Hien en Dodewaard. Actum voor gerichtsluiden Willem Vervloet en Aelbert van Hattem.
Over-Betuwe
Civiel proces, nr. 146.4, 00-00-1664
Tonis van Eijmeren, als een mede-erfgenaem van wijlen zijn oom Hendrick Wijnen, contra Gertien van Hattem, weduwe van Hendrik Wijnen, mitsgaders Jacob Wijnen, betreffende een aanspraak op klederen, cleijnodien en peerdt van Hendrik Wijnen.
Predikanten in Gelderland
00-00-1560
C. Gallus de Haan, te Elst; gewezen Rooms priester, vertrokken naar Deventer Ao 1560.
Predikanten in Gelderland
00-00-1609
S.L. Bijsterus, in 1609 in dienst te Eck en Wiel, vertrokken naar Ingen in 1612, alwaar beroepen, afgezet in 1619 wegens remonstrantse gezindheid en gevangen gezet in Loevesteijn.
Rentmeesters der voormalige Nassause domeinen in Gelderland
nr. 149, fol. 13, 17-07-1648
Wij Frederick Grave van Waldecq Piermont en Cuijlenburgh, vercoopen mits desen aen Johan Noest ende zijnen erven seeckere 2 ackeren boulands gelegen in de Huijsmaten onder den kerspel van Maurick, zuijtwaerts Willem van Hattem.
Schatting van de lande van Gelre anno 1369
00-00-1369
Ingen:
pag. 197, 317 Jan(s) kyndere van Hattem 8 lb.
pag. 198, 317 Jan(s) wyf van Hattem 8 lb.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 363, fol. 4, 00-00-1584
Rekeningen 1584-1586. Reyner van Hattem, pachter van de Marriendaelsche bouwing tot Lynden, is van pacht, verschenen Martini 1583 en Petri 1584 schuldig gebleven 93-15-6.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 363, fol. 14, 16-02-1583
Rekeningen 1584-1586. Bouwhoff, gelegen toe Lynden, 48 mergen, bij Reyner van Hattem gebruickt; op 16 Feb. 1583 aen Gerrit Janss voor 6 jaer, die weer overliet aen Reyner van Hattem.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 363, fol. 21v, 00-00-1584
Rekeningen 1584-1586. Reyner van Hattem, pachter van de marryendaelsche bouwinge tot Lynden, hefft aen Jan van Wijck toe thin betaelt 8 st tot behoeff der abdijen van Ste pouwelss Tutrecht 1584. Op de kant: Op de quitancie staat ook nog betaelt aen thyns aen de graeff van Culenborch 14 st.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 363, fol. 32v, 00-00-1584
Rekeningen 1584-1586. Reyner van Hattem, pachter van een marriendaelsche bouwinge tot Lynden heeft betaelt aen Lodewijck van Braeckel 19 g 5 st (opden gulden 1 stuver) nae die 2 mael 100.000 g tot behoeff der Lantschaps schulden.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 363, fol. 33, 00-00-1584
Rekeningen 1584-1586. Hij betaelt ook mantelicke contributie 16 g 10 st in 1584.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 498, fol. 3v, Verpondingsregister Lienden, 00-00-1649
Aert van Hattem sijn hofstat, opbrengst 325.-.-.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 498, fol. 40, Verpondingsregister Lienden, 00-00-1649
Jan van Hattum sijn hoffstede, buijtendijcx daer hij woont. 43-4-9.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 498, fol. 24v, Verpondingsregister Lienden, 00-00-1649
Gillis van Hattum competeert 7 mergen geestimeert op 17.10.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 14, Verpondingsregister Lienden, 00-00-1649
Aert van Hattem zijn huijs ende hoff gelegen op den Brinck.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 36v, Verpondingsregister Lienden, 00-00-1649
Dirck van Hattem.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 42, Verpondingsregister Lienden, 00-00-1649
Dirck van Hattem.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 45, Verpondingsregister Lienden, 00-00-1649
Geurt van Hattem.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 47, Verpondingsregister Lienden, 00-00-1649
Aert van Hattem.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 98, Verpondingsregister Lienden, 00-00-1649
Jan van Hattem met de sevenste polder genaemt de Uytterweerden buijtendijck.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 14v, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
Geurt van Hattem 6 mergen bouwland gelegen op de Maurikerweerd.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 32v, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
Pontiaen van Hattem verpacht aen Pauck Henricks een camer met les en gres van 2 hont boomgaerts vermogens verclaringe voor 8.0.0.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 33, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
Pontiaen van Hattem noch verpacht aen Jan Gerrits gres ende les van 2 hont boomgaerts daeruyt.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 33, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
Pontiaen van Hattem 6 perceelen gelegen op de Corte Hoeff, in de Oude Weyde, in de Overwyckermaet, in de Nederwyckermaet en in de Wielsche Campen.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 44, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
Bernt van Hattem huijs en hoff met les en gres van 8 hont boomgaerts.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 47, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
Reijer Oliphiers huijs ende hoff met les ende gres van 2 honts boomgaerts te Maurik verpacht aen Cornelis van Hattem.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 47v, 48, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
Willem van Hattem huis, bouwinge met les en gres van 1 hont boomgaard.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 48, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
(1) Willem van Hattem noch de vruchten van voorsz. boomgaard. (2) Willem van Hattem noch denselve 4 mergen zestehalf hont bouwland gelegen in de Oude Weijde. (3) Hendrik Wijnen verpacht aan Willem van Hattem 8 hont bouwland in de Oude Weijde.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 48v, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
(1) Willem van Hattem 5 mergen 1 hont weiland in de Nieuslach. (2) De heeren van Tiel verpacht aan Willem van Hattem c.s. ten halven mergen bouwland op de Slaech.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 97, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
Steven Verburgh verpacht een huijs ende hof gelegen in de Me(ij)nten, pachter Claes van Hattem.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 146, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
(1) Willem de Haes verpacht aen Willem van Hattem 4 mergen geleghen in de Huijsmaten. (2) Dirck van Hattem huijs ende hoff met brouwerije ende gres. (3) Dirck van Hattem meerdere percelen.
Staten Kwartier Veluwe
nr. 501, fol. 160v, Verpondingsregister Maurik, 00-00-1649
Claes van Hattem een huisje met hooffken, waartoe behoort 31/2 mede dijks en 10 st. erffpacht, waer 't selve meer beswaert als 't weert is.
Verslag RA Gelderland anno 1924
pag. 65, nr. 13, 00-00-1575
Eigendomsbewijzen van Gerrit Jansz van de nagelaten goederen van Jan van Hattem Arntsz en diens vrouw Elis gelegen in het kerspel Eck buurschap Wiel (2 charters)
De Vicarien in Gelderland (H. Wijnaends van Resandt)
00-00-1612
Eck. Vicarie van St. Johannes Baptista, in de kerk te Eck, eertijds staande ter collatie van de Van Arnhems, heren van Kernheim, de collatie werd kort na 1612 door Carel van Arnhem tot Kernheim getransporteerd aan de moeder van Johan Hattem, van wie ze op haar zoon was gekomen; er behoorden tot de vicarie 8 morgen en 3 morgen en een hofstede te Ingen en een te Eck gelegen; in 1603 gegeven aan Sicamber van Arnhem, op 29-1-1612 aan Johan van Hattem Arntsz, op 27-4-1616 door de collator Johan van Hattem aan Derck van Ewijck, te Rhenen ter schole gaande, op 2-2-1622 door Christina van Hattem, weduwe Arnt van Hattem, na afstand door Derck van Ewijck aan Gerrit Peters te Ommeren, zoon van Peter Gherrits, op 18-5-1627 aan Arnt Dircks, te Tiel ter schole gaande, zoon van de rentmeester van de graaf van Culemborg, op 27-11-1635 aan Reijner Dircks.
De Vicarien in Gelderland (H. Wijnaends van Resandt)
10-12-1615
Geldermalsen. St. Nicolaasvicarie in de kerk te Geldermalsen ter collatie van Van Steenhuijs. Op 10-12-1615 door Cornelis van Steenhuijs geconfereerd aan zijn zoon Thonis van Steenhuijs. Op 1-7-1634 aan Dirck van Hattem overgedragen
De Vicarien in Gelderland (H. Wijnaends van Resandt)
00-00-1571
Heerde. O.L. Vrouwe vicarie of officie, inkomsten in 1571 ca. 60 g., collators Ao 1571 Johan Kockert, Theodorus Jacobs en Goswin ten Starte; vicaris Ao 1571 heer Johannes van Hattem.
VROA deel 47
nr. 14, 00-00-1644
Eigendomsbewijs voor Henrick van Eck en zijn vrouw Roelandina van hattem van 2 morgen land in het kerspel Eck aan de bandijk, afkomstig van de erfgenamen van Willem Janszoon te Vianen.
Arnhem, Commanderij van St. Jan
nr. 280, R. 280, 00-00-1519
Johan van Hattem verklaart in erfpacht ontvangen te hebben van heer Willem Quinon, commandeur te Arnhem, 3 morgen land in de Brey, in het kerspel Inghen in de Nederbetue, voor 3 gouden rijnsche guldens per jaar.
In dorso: Original erfpachtsbrieff over 3 tot 4 of 31/2 mergen lants tot Inghen die Breye genoomt, die de erfgenaemen Achtevelt Vonck hebben onder gehadt, enz. Hic annotatum 19-05-1721. Is niet met consent van den ridderorden van St. Jan uitgedaen.
Arnhem, Commanderij van St. Jan
nr. 320, R. 483, 00-00-1522
Ommeren Ao 1522. Broeder Willem van Hattem, van de Orde van St. Jan, verklaart verpacht te hebben aan Rutger van Groetvelt een stuk land in het kerspel Ommeren, in die Aldeweij, groot 31/2 morgen, toebehorende aan het Convent te Arnhem.
Arnhem, Commanderij van St. Jan
nr. 355, 19-01-1588
Verslag van Ernst Joosten, rentmeester van de goederen van het St. Joris Clooster te Wageningen en Rhenen. Item van Renen een bode gestuurd naar Lienden aan Reijner van Hattem, wiens moeder jaarlijks 3 goud gulden aan rente betaalt. Het antwoord blijkt uit bijgaande brief. 20-01-1588. Ik heb uw brief van Januari (1588) ontvangen met het verzoek naar Rhenen te komen om namens mijn moeder betaling te doen ... (Ondertekend) Reijer van Hattem.
Arnhem, DTB
11-02-1582
Caspar van Hattem Thoeniszoon tr. Pauline Pauli, Poul Janssensdr.
Arnhem, Kapittel van St. Walburg
nr. 38, R. 109, 01-05-1547
Henrick van Hattem en Hillegont Jansdr, zijn vrouw, verklaren verkocht te hebben aan heer Jaspar van Delen een rente van 6 car. g. 's jaars, gaande uit een stuk land, genaamd die Loeten, in het kerspel Lienden.
Arnhem, Kapittel van St. Walburg
nr. 85, R. 112, 31-03-1550
Gerrit van Loen en Christyna Kathers, e.l., verklaren van Wilhem van Hattem en zijn vrouw Willemke ontvangen te hebben 100 goudguldens, waarvoor een rente gevestigd wordt op hun goed, genaamd de Lange Weijde te Velp, onder verband van hun goed Den Hof ten Bongart.
Arnhem Schepensignaat
nr. 412, fol. 148, 05-06-1605
Andriess Willemssen Sprongh, mede als gevolmachtigde van Judith Anthoniss van Lennips, zijn vrouw, vertoont Jaspar van Hattem, deurwaarder van het Hof van Gelderland, en Paulusge Paulsdr, zijn vrouw, een jaarlijkse rente van 9 car. g. staande op huis en hofstad in de Beckerstraat.
Arnhem Schepensignaat
nr. 412, fol. 215, 16-10-1606
Atris ter Linden, weduwe van zal. Herman Wijntgis, en de overige erfgenamen van Herman Wijntgis, verklaren van Jaspar van Hattem, deurwaarder van het Hof van Gelderland, en van Pouweltgen Jans, zijn vrouw, de somma van 200 daalders van 30 stuivers 't stuck ontvangen te hebben.
Arnhem Schepensignaat
nr. 412, fol. 337, 10-03-1608
Arnt van Silvolden, als man en momber van zijn vrouw Maria Toniss, een mede-erfgenaam van zal. Mr. Johan van Hattem, const. zijn neef Henrick Jans om zijnentwegen zijn aandeel te ontvangen in de erfenis en de goederen door voornoemde Van Hattem in de Neder-Betuwe nagelaten en voorts in het graafschap Buren en Culemborg.
Arnhem Schepensignaat
nr. 412, fol. 342, 18-04-1608
Arnt van Silvolden en Maria Thomas, zijn vrouw, const. Henrick Jansz, hun neef, om van harentwegen opdracht te doen om verkochte landerijen in het gericht van Beusichem en Sirmonde (=Soelmond?), alsmde in het graafschap Culemborg, aanbestorven door dode van zal. Mr. Johan van Hattem, hun neef, waarschap te geven.
Arnhem Schepensignaat
nr. 413, fol. 205v, 14-02-1612
Pauweltgen Jans, weduwe Jaspers van Hattem, leent een som geld.
Arnhem Schepensignaat
nr. 418, fol. 211, 29-10-1638
Antonis van Tricht en Jenneke van Doornenburg, e.l., Jacob Marcus voor sich selffs en als vader en momber van sijn onmundige kinderen Lambert [Marcus] en Marike Marcus, ehelick geprocreert bij Claeske van Tricht zal., Gerrit van Munster en Hermke van Tricht, e.l., de voorsz. Antonis van Tricht en Gerrit van Munster voor haer selven en mede als oomen en mombers van Jenneke van Gijsselberch, onmundige nagelaten dochter van zal. Jenneke van Tricht, ehelick verweckt bij Jacob van Gijsselberch, te samen kinderen en erffgenamen van zal. Melchior Claessen van Tricht, transporteren aen gerrit van de Velde en Wolterke Jansz 5 huijseren en erffenissen gelegen in dde Costers stege.
Arnhem Schepensignaat
nr. 513, fol. 237v, 12-09-1661
Reijner van Hattem als volmachtiger van zijn moeder Sijbilla van Hattem, blijkens procuratie van 16-03-1661 voor het gerecht van Amerongen gegeven, machtigt Dor. Anthonis Foijert in omnibus ad lites.
Arnhem Sint-Nicolai Broederschap
R. 309, 18-10-1544
Gerrit van Holt en Evert Vermaet, huismeesters van de broederschap, verklaren van Wijlhelm van Hattem en Willemcke, zijn vrouw, te hebben ontvangen een bedrag van 200 goudgulden, in ruil waarvoor genoemde echtelieden van de Broederschap een lijfrente zullen genieten van 17 rijnse guldens per jaar, gaande uit Sinter Claes weerdt, gelegen tegenover Rosande.
Arnhem Stadsrekeningen van Arnhem (W. Jappe Alberts)
p. 153, 00-00-1388
Tussen primo arca Valentini en primo feria post Pauli Betera 1388/9. (a) heren Johan van Hattem 2 quarten 9 s. 4 d. (b) die Maria Magdalene, meister Peter, Willem Steenbergen, et heren Johan van Hattem, heren Thomaes 9 quarten 2 lb. en 8 s.
Avezaath
nr. 211, fol. 41, 13-08-1667
Magescheid tussen Wendelina van Isendoorn's erfgenamen, Gerard [van Hattem], Henrick [van Hattem] en Willem [van Hattem], soons van Dr. Johan van Hattem, hebben haere aengedeijlde portien, t.w. enig hooijmat te Capel Avesaeth, verbonden tot laste van ...
Avezaath
nr. 211, fol. 57v, 29-09-1674
Op Dr. Johan van Hattems kinderen en erfgenamen gedaan actien en crediten is lesatinge gedaan door Joffr. Anna Wijnandts van Resand.
Avezaath
nr. 211, fol. 68v, 24-02-1680
Op Wendelina van Isendoorn's, weduwe Maren, nae gelaeten goederen is noch lesatinge gedaen in verband met een rechtsvordering geconstitueerd 05-12-1652 tegen de erfgenamen van Dr. Johan van Hattem.
Oud-archief Culemborg
nrs. 1678 en 1679, 00-00-1627
00-00-1627/00-00-1628 tot 00-00-1628/00-001629. Aernt van Hattem, huismeester van het St. Elisabeth gasthuis te Culemborg.
N.B. In 1625/1626 en 1626/1627 vervulde Thonis Janz Cremer deze functie. Vanaf 1639/1640 was Otto Sluijskens de huismeester.
Heerlijkheid Eck en Wiel
nr. 1, 28-12-1652
Elisabeth Gerrits van Zijdervelt, met haar gekoren voogd Roedolph van Eck, koopt een in verwin bezeten hofstede en landerijen in de kerspels Maurik en Eck, omtrent het buurschap Wiel. Dit gebeurt op conditien en voorwaarden waarnaar Floris de Lile met consent van de amptman van de Neder-betuwe de koop had ingezet.
Hattem
Civiel proces, nr. 54.21, 15-01-1601
Johan van Hattem contra Jutte Gerritsdr, weduwe van Johan van Betsken.
Hattem
Civiel proces, nr. 54.22, 18-02-1602
Hester van Essevelt, weduwe Willem van Hattem, contra Aleid Mom(men), weduwe Luijckensz, haar nicht.
Hattem
Civiel proces, nr. 55.5, 00-00-1610
Hadewich van Esvelt, tesamen met haar kinderen, als erfgenamen van Willem van Hattem, contra Hendrik Ketel.
Bijlagen
Overeenkomst d.d. 22-01-1568 tussen Henrick Ketel met zijn vrouw Elsabe van Esvelt en Willem van Hattem met zijn vrouw Hadewich van Esvelt.
Huwelijkse voorwaarden d.d. 23-01-1565 tussen Willem van Hattem, zoon van Johan van Hattem en Jodoca van Maurik, en Hadewich van Essevelt, dochter van Evert van Essevelt en Alijdt ten Bosch. Huwelijksmannen zijn onder meer Albert van Hattem en Henrick van Maurik; getuigen zijn onder meer Albert van Hattem, Johan van Hattem, Jerephaes van Hattem en Zeger van Achteveld.
Hattem
Civiel proces, nr. 55.9, 11-12-1610
11-12-1610, 28-01-1611 en 25-05-1615. Hester van Esfelt contra Johan van Esfelt c.s. 28-11-1611. ... Hester van Essevelt met haar zoon Johan van Hattem ...
Bijlage, 00-00-1576.
Overeenkomst tussen Willem van Hattem en Pelgrim van Essevelt.
Hattem
Civiel proces, nr. 56.11, 03-04-1620
03-04-1620 en 18-09-1620. Johan van Hattem contra Lamberta van Lennep, weduwe Appeltorns.
Hattem
Civiel proces, nr. 59.4, 00-00-1633
Jor. Johan van Hattem contra Jor. Gerrit van Wijck.
Hattem
Civiel proces, nr. 62.5, 21-04-1645
21-04-1645 en 15-07-1645. Egbert ten Holte contra Jan van Keppel.
Hattem
Civiel proces, nr. 68.2, 09-06-1664
09-06-1664, 04-07-1664, 12-05-1665. Johan van Hattem contra Jan Abrahamsz.
Hattem
Civiel proces, nr. 73.7, 00-00-1685
00-00-1685/00-00-1686. Adriaen Sloet tot Kerssenbergh contra de borgen van het erfhuis van Jannetje Aelberts. Bijl. A, 06-12-1655. Schuldbekentenis door Hermen Albers aan Johan van Hattem.
Hattem
Civiel proces, nr. 140, fol. 3, 13-12-1619
Joffer Hester van Esfelt, weduwe van zal. Willem van Hattem, met Aelbert de Greve haar gekoren momber, transporteert aan Aeltgen van Wijck een akker gesaijs, groot ongeveer 5 schepel, in het kerspel van Hattem.
Hattem
Civiel proces, nr. 140, fol. 3, 13-12-1619
Joffer Hester van Esfelt, weduwe van zal. Willem van Hattem, met Albert de Greve haar gekoren momber, maakt een testamentaire dispositie ten behoeve van haar zoon Jor. Dirck van Wijck en Swane van Hattem, e.l.
Hattem
Civiel proces, nr. 140, fol. 6, 16-09-1622
Agnes Rengers, vrouw van de E. Jan van Hattem, ziek zijnde, maakt een testamentaire dispositie.
Loenen
Protocol nr. 3, fol. 3, 13-07-1807
De kinderen van Hermanus Timmer en Johanna van Beem, onder wie Arien Timmer en Hendrika van Hattum, verkopen 4 mn bouwland onder Loenen en 21/2 mn bouwland onder Ewijk (d.i. Slijk Ewijk).
Loenen
Protocol nr. 3, fol. 9, 14-08-1807
Zij maken een magescheid.
Nijmegen, Ned. Hervormde gemeente
nr. 558 (Stevenskerk), fol. 4, 31-01-1639
Ontfanck vant luijgelt: een kint van Jor. Hattem, veendrich.
Nijmegen, Ned. Hervormde gemeente
nr. 558 (Stevenskerk), fol. 14, 05-02-1639
Ontfanck van graften te openen: een kint van Jor. Hattem, vaendrich.
Nijmegen, Ned. Hervormde gemeente
nr. 559 (Stevenskerk), 13-12-1640
Ontfanck vant luijgelt: een kint van Peter van Hattem.
Rijswijk
nr. 219, fol. 14v, 15-01-1660
Jacob Cornelis Bremaet en Margareta van Leuwen, e.l., promt. Gerrit van Hattum Claes 400 g.
Rijswijk
nr. 219, fol. 15, 04-02-1660
Johan Suermondt en Francina Dircx, e.l., verbinden hun goederen.
Rijswijk
nr. 219, fol. 19v, 25-10-1660
Wijnand van Ossenbergh en Catharina van Hattum, e.l., en Jan Joosten en Grietjen Suermondt, e.l., transporteren aan Ariken Henricx, weduwe van Gerard van Heteren, een huis enz. 2 mn.
Rijswijk
nr. 219, fol. 29v, 02-11-1663
Johan Suermondt en Francina Dircx, e.l., lenen van de heer Johan van Deelen, capitein, op diverse stukken land; een stuk is beleend door Pontiaen van Hattum en een ander door Willem van Hattum.
Rijswijk
nr. 219, fol. 31v, 00-06-1664
Johan Suermondt en Francina Dircx, e.l., promt. Henrick van der Lingen 800 g. op 161/2 hont weiland, 3 mn. op Maurik en 21/2 mn op Maurik.
Rijswijk
nr. 219, fol. 39, 21-06-1666
Cornelis Cornelissen Cuyper en Anna van Hattum, e.l., promt. Herman Henrickss Smith 300 g. uit 11/2 mn weylandts: N. debiteuren zelf.
Rijswijk
nr. 219, fol. 170, 20-03-1727
Diverse Van Brienenss te Rhenen verkopen aan den Righter D.G. van Dam en Hendrina van Hattum, e.l., 5 mn weycamp in de Bremaet.
Rijswijk
nr. 219, fol. 175, 20-03-1727
Diverse van Brienens te Rhenen verkopen aan den Righter D.G. van Dam en Hendrina van Hattum, e.l., 5 mn weycamp in de Bremaet
Rijswijk
nr. 219, fol. 196, 09-01-1736
Wessel van Heusden en Hester Dirkx Rademakers, e.l., Claas van Hattum als bloedtmomber van de nagelaten kinderen van Herman Wesselen van Heusden en Kuijnera van Hattum, en als procuratie hebbende van Gerit [van Heusden] en Barte van Heusden, vercopen aan Hemandus Wesselen van Heusden en Geertje Leenderts, e.l., de helft van 3 mn boomg. en bouwl. met een huis; 8 hd ervan is een leen van Cuylenburgh.
Tiel, Burgerboek
nr. 140, fol. 13v, 00-05-1629
Dirck van Hattem, gewoond hebbende op de Latensteijnsche bouwinge (=onder Echteld).
Tiel, Burgerboek
nr. 140, fol. 33, 22-08-1640
Bart van Hattem, getrout met de weduwe van Crijn Thoniss, is burger geworden.
Tiel, Burgerboek
nr. 141, fol. 2, 16-05-1649
Johan van Hattem, medicine doctor, om seeckere consideratie de borgerschap vereerdt.
Tiel, Burgerboek
nr. 141, 27-09-1654
Henrick van Hattem met zijn kinderen, grootborger.
Tiel, Burgerboek
nr. 141, fol. 17, 08-01-1667
Dirck van Hattem ende sijnen soon oock genaemt Dirck van Hattem.
Tiel, Classis Tiel
nr. 1, fol. 194, 02-05-1636
02/03-05-1636. Jan Noest als ouderling van Maurik aanwezig op de vergadering te Tiel.
Tiel, Classis Tiel
nr. 2, fol. 19, 16-09-1644
16 en 17-09-1644. Johannes van Hattem, medicine doctor, ouderlingh tot Thiel.
Tiel, Classis Tiel
nr. 2, fol. 27, 13-04-1646
13 t.m. 15-04-1646. Van Hattem, doct. med., ouderlinck tot Tijel.
Tiel, Classis Tiel
nr. 2, fol. 93, 03-05-1652
03-05-1652 tot 05-05-1652. Aert van Hattem, ouderling te Eck.
Tiel, Classis Tiel
nr. 2, fol. 103, 24-04-1653
24-04-1653 t.m. 26-04-1653. Willem van Hattem ouderling tot Maurik.
Tiel, Classis Tiel
nr. 2, fol. 113, 10-04-1654
10-04-1654 en 11-04-1654. Willem van Hattem ouderling tot Maurik.
Tiel, Classis Tiel
nr. 2, fol. 156, 25-04-1664
25/26-04-1664. E. Arnoldus van Hattem, ouderlinck tot Eck.
Tiel, Classis Tiel
nr. 2, fol. 166v, 26-04-1658
26 en 27-04-1658. Peter Geurtsz ouderling tot Maurick.
Tiel, Classis Tiel
nr. 2, fol. 175, 30-04-1666
30-04-1666 en 02-05-1666. Willem van Hattem ouderlingh tot Mauderijck.
Tiel, Classis Tiel
nr. 2, fol. 182, 18-04-1659
18-04-1659 tot 20-04-1659. Hubert van Wijck ouderling tot Maurik.
Tiel, Classis Tiel
nr. 3, fol. 51, 11-09-1671
11/12-09-1671. Aert van Liesfelt, ouderling tot Tiel.
Tiel, Diversen
00-00-1638
00-00-1638 tot 00-00-1662. Hendrik van Hattem als weerd in Antwerpen
Tiel, Diversen
16-01-1640
Johan van Hattem stads medicus te Tiel.
Tiel, Diversen
19-12-1640
Aert Rutgersz van Liesvelt, gewesene clercq, van den secretaris de borgerschap vereerd.
Tiel, Diversen
21-12-1640
Johan van Hattem's tractement werd met ingang van 01-01-1641 verhoogd van 150 g. tot 200 g.
Tiel, Diversen
09-02-1642
Johan van Hattem wordt jaarlijks 25 g. toegeleid.
Tiel, Diversen
00-00-1645
Aert Rutgersz van Liesvelt, diaken.
Tiel, Diversen
00-00-1649
Bart van Hattem - pachter van de stadszeepaccijns.
Tiel, Diversen
06-12-1651/00-00-1653
Bart van Hattem - deken van het Cramers- of St. Nicolaesgilde.
Tiel, Diversen
07-01-1652 tot 02-01-1665
Aert Rutgersz van Liesvelt, provisor.
Tiel, Diversen
00-00-1653
Anthoni van Hattem pacht de visafslag.
Tiel, Diversen
23-01-1654
Johan van Hattem krijgt een korting van 25 g.
Tiel, Diversen
02-01-1657 tot 02-01-1665
Aert Rutgersz van Liesvelt, weesmeester.
Tiel, Diversen
02-01-1667 tot 02-01-1671
Aert Rutgersz van Liesvelt, gasthuismeester.
Tiel, Diversen
00-00-1670
Aert Rutgersz van Liesvelt, ouderling.
Tiel, Diversen
00-00-1672
Hendrik van Hattem woont weer in de wijk Waterstraat/Voorstad.
Tiel, Diversen
00-00-1675 tot 00-00-1678
Aert Rutgersz van Liesvelt woonde met zijn vrouw en 3, resp. 2 dochters in de Gasthuijsstraet te Tiel.
Tiel, Diversen
02-02-1676
Dirck van Hattem, brouwer, levert bier in 1648 en 1649 (stadsrekening).
Tiel, Diversen
22-09-1688
Overluid Aert Rutgersz van Liesvelt, begraven te Eck.
Tiel, Diversen
06-05-1702
Overluid Anthoni van Hattem
Tiel, Diversen
00-00-1703
Catharina van Hattem wint t' halve snijdersgild, "nyet te doen als oude klere te verkoopen en bedden te maecken".
Tiel, Diversen
00-00-1704/5
Catharina van Hattem: uitvaart betaald door het schippers- en koornkopersgild.
Tiel, Gildeboek van het Cramers- of St. Nicolaesgilde
nr. 1796, fol. 5v, 00-00-1636
Dirck van Hattem.
Tiel, Gildeboek van het Cramers- of St. Nicolaesgilde
nr. 1796, fol. 21v, 02-11-1656
Anthonij van Hattem.
Tiel, Gildeboek van het Cramers- of St. Nicolaesgilde
nr. 1796, fol. 29, 00-00-1639
Baert van Hattem.
Tiel, Gildeboek van het Cramers- of St. Nicolaesgilde
nr. 1796, fol., 00-00-1658
08-01/10-07-1658. Henrick van Hattem met zijn kinderen, grootborger.
Tiel, Gildeboek van het Cramers- of St. Nicolaesgilde
nr. 1796, fol. 32v, 19-12-1666
Dirck van Hattem.
Tiel, Gildeboek van het Heilige Cruijs of Kleermakers- en Droogscheerdersgilde
nr. 1805, fol. 7, 13-01-1658
Anthoni van Hattem, het halve geld "dat hij niet mach doen als tick te naeijen en bedden verstellen".
Tiel, Gildeboek van het Heilige Cruijs of Kleermakers- en Droogscheerdersgilde
nr. 1805, fol. 122, 00-00-1658
Anthonij van Hattem niet te maken als bedden.
Tiel, Gildeboek van schippers en koornkopers
nr. 1792, fol. 26, 01-01-1641
Bardt van Hattem, koornkoper.
Tiel, Gildeboek van schippers en koornkopers
nr. 1792, fol. 27, 12-09-1643
Henrick van Hattem, weerd in Antwerpen, koornkooper.
Tiel, Gildeboek van schippers en koornkopers
nr. 1792, fol. 53v, 00-00-1675
22-05/08-10-1675. Betaelt de doot schult van Bart van Hattem.
Tiel, Gildeboek van schippers en koornkopers
nr. 1792, fol. 57v, 30-04-1676
Dirck van Hattem, koornkoper.
Tiel, Kerkarchief
(Ned. Leeuw 1... kol. 304), 27-12-1700
1 poos (overluiden) over de weduwe van Bart van Hattem.
Tiel, Kohier hoofdschatting
nr. 547, 00-00-1650
Henrick van Hattem, zijn vrouw en een meid.
Tiel, Kohier hoofdschatting
nr. 547, 00-00-1653
Dirk van Hattem, zijn vrouw, 2 zoons en een meid.
Tiel, Kohier hoofdschatting
nr. 547, 08-10-1653
Dor. Johan van Hattem.
Tiel, Kohier hoofdschatting
nr. 547, 00-00-1653
Vrouw Van Maeren, 4 kinderen van Dor. Van Hattem.
Tiel, Kohier hoofdschatting
nr. 547, 00-00-1653
Bart van Hattem, zijn zoon en een meid.
Tiel, Kohier hoofdschatting
nr. 547, 00-00-1653
Dirk van Hattem, zijn vrouw, 2 zoons en een meid.
Tiel, Kohier van het hoofd- of zoutgeld
nr. 548/9, 00-00-1675
Hendrick van Hattem en zijn vrouw.
Tiel, Kohier van het hoofd- of zoutgeld
nr. 548/9, 00-00-1675
Dirck van Hattem, brouwer, met zijn moeder.
Tiel, Kohier van het hoofd- of zoutgeld
nr. 548/9, 00-00-1675
Antoni van Hattem.
Tiel, Kohier van het hoofd- of zoutgeld
nr. 548/9, 00-00-1675
De weduwe van Barth van Hattem.
Tiel, Kohier van het hoofd- of zoutgeld
nr. 548/9, 00-00-1675
Dirck van Hattem, brouwer, met zijn moeder.
Tiel, Kohier van het hoofd- of zoutgeld
nr. 548/9, 00-00-1678
De weduwe Van Hattem.
Tiel, Kohier van het hoofd- of zoutgeld
nr. 548/9, 00-00-1678
Antoni van Hattem en zijn dochter.
Tiel, Kohier van het hoofd- of zoutgeld
nr. 548/9, 00-00-1678
Dirck van Hattem, met vrouw en dochter.
Tiel, Kohier over huijsen, personen, meubelen etc.
nr. 604, 00-00-1674
Antoni van Hattem, beddemaker.
Tiel, Kohier over huijsen, personen, meubelen etc.
nr. 604, 00-00-1678
Henrick van Hattems huis in de Waterstraat; de weduwe voor de meubelen.
Tiel, Kohier over huijsen, personen, meubelen etc.
nr. 604, 00-00-1678
Doctor Johan van Hattem's huijs (gehaald door Cornelis Breunis).
Tiel, Kohier over huijsen, personen, meubelen etc.
nr. 604, 00-00-1678
Dirck van Hattem, van zijn persoon en meubilair.
Tiel, Kohier over huijsen, personen, meubelen etc.
nr. 604, 00-00-1678
De weduwe Hattems huijs met de kamer, persoon en meubelen (betaald door Maria [van Hattem], dochter van de heer Gerard van Hattem).
Tiel, Kohier over huijsen, personen, meubelen etc.
nr. 604, 00-00-1678
De weduwe Hattems huijs met de kamer, persoon en meubelen (betaald door Maria [van Hattem], dochter van de heer Gerard van Hattem).
Tiel, Kohier van verponding
nr. 569, 00-00-1650
Henrick van Hattem, in Antwerpen, Weerstraet o.z.
Tiel, Kohier van verponding
nr. 569, 00-00-1650
Dirck van Hattem in eigen huis in de Voorstadt (en mede in het gericht van Sandwijck)
Tiel, Kohier van verponding
nr. 569, 00-00-1650
Doctor Hattem, med. dor., zijn huis Hoogeind.
Tiel, Kohier van verponding
nr. 569, 00-00-1650
Bart van Hattem huurt een huis in de Weerstraat o.z. van Crijn de leijndrayer.
Tiel en Zandwijk, Magistraatresoluties
nr. 3, fol. 6, 23-04-1656
Doctor Johan van Hattem, ordinaris medicus deeser stadt, geaccordeert en toegestaen om sich voor 2 jaren te mogen transporteren naer de stadt Aerdenburch ende aldaer sijn bedieninge als doctor ende medicinen te mogen doen, doch sal zijn Ed. vrijstaen omme de voorss. 2 jaren weder alhier te mogen coomen ende sal van dien dagh dat hij wederom coomt sijn tractement voortgaen ende sal in sijn absentie sijn tractement cesseren.
Tiel en Zandwijk, Magistraatresoluties
nr. 3, fol. 42, 08-03-1661
Op versoeck van Johan Wijnans van Resant ende Pelgrom Vogelsanck wegen het begraven van Dr. Hattem is bij de heeren magistraet verstaen dat zij ... sullen mogen begraven sonder haer den boedel te ...isseeren.
Tiel en Zandwijk, Magistraatresoluties
nr. 6, 12-03-1679
Op requeste van Gerardt van Hattem en Peter van Westrhenen qq (wordt gevraagd aan) de magistraet te assisteren over de verdeijlinge van de nalatenschap hares moeders Joanna van Wijck.
Tiel en Zandwijk, Magistraatresoluties
nr. 6, 02-02-1676
Op het gepresenteerde request van Dirck van Hattem, brouwer, (wordt toegestaan) dat de heer schepen Vulder tot oppermomboir van wegen sijn overleden huijsvrouw (wordt aangesteld) mits dat de supplt. aan welgemelte schepen Vulder openingh des boedels sal hebben te doen en daer beneffens aen sijn Ed. ter hant stellen behoorlijcke staet ende inventaris.
Tiel en Zandwijk, Magistraatresoluties
nr. 6, 12-03-1679
Op requeste van Gerardt van Hattem en Peter van Westrhenen q.q.(wordt gevraagd aan) de magistraet te assisteren over de verdeijlinge van de nalatenschap hares moeders Joanna van Wijck.
Tiel en Zandwijk, Magistraatresoluties
nr. 133, 00-01-1654
Request van gemeensluiden, waaruit blijkt dat Johan van Hattem toen de herbergen bezocht, daar zijn boeken verpand waren.
Tiel, Naamlijst der burgers van Tiel
nr. 601, 00-00-1672
Dirck van Hattem, de weduwe Van Hattem ...
Tiel, Naamlijst der burgers van Tiel
nr. 601, 00-00-1672
Bart van Hattem.
Tiel, Naamlijst der burgers van Tiel
nr. 601, 00-00-1672
Dirck van Hattem.
Tiel, Register der buurspraken en borgerschappen
nr. 91, 00-00-1538
Burgerschap der stad Tiel verleend aan Wilhem van Hattem.
Tiel, nr. 57
fol. 7, 00-00-1584
2e helft Ao 1584. Tusschen dinghtaell Hector Moijesoen, clager, und Alexander die Jonghe, verwr., van seker wijngelt, wijsen die schepenen van Tiell dat parthien in fruntschappen sullen verdragen.
Tiel, nr. 57
fol. 7, 00-00-1584
2e helft Ao 1584. Wijsen die schepenen van Tiel tusschen dijnghtaell Hector Moijesoen als volmechtiger sijner huijsfrouwen moder, aenclager, Govert Remboltsz als bodelhalder van Derisken Posten z., sijn gewesene huijsfr., verwr., is eijschende finale rekentschap van die administratie des bodels.
Tiel, nr. 57
fol. 11v, 01-02-1585
Otto van de Kerckhoff, volm. van Hector Moyesoen, heeft sijn duplijk ingebracht tegen Jan Hubertsz.
Tiel, nr. 57
fol. 17v, 29-04-1585
Tusschen dijngtaell Aelbert Dominicq, clager, und Jerephaes Alertsz, verwr., wijsen schepenen ten gunste van clager.
Tiel, nr. 57
fol. 18, 29-04-1585
Govert Remboltsz heeft sijn duplick ingebracht tegen Hector Moijesoen.
Tiel, nr. 57
fol. 20v, 00-00-1585
Tusschen dingtaell Jan Hubertsz, cleger, und Hector Moijesoen, verwr., wijsen schepenen.
Tiel, nr. 58
fol. 1, 10-09-1585
In het proces van Hubert van Sauwenbalch tegens Aelbert Dominicus erkennen die schepenen dat Aelbert Dominicus die guet sall leggen off schoijen onder sijn drup het waeter na die straet wt te leijden.
Tiel, nr. 58
fol. 1v, 29-09-1585
In het proces tusschen Hector Moijesoen, cleger, ende Guert Remboltsz, verwr., is bij schepenen wtgesproken dat den voorss. cleger achtervolgende sijn vercreegen vonnisse van 28-11-1584 sall moegen richten ende voortvaeren van den boedell rekenonge bij Guert voorss. gedaen.
Tiel, nr. 58
fol. 3, 14-10-1585
Tusschen dingtaell Hector Moijesoen, cleger, ende Guert Remboltsz, verwr., wijsen die schepenen dat die verweerder den cleger sall betaelen inhaldt der aenspraeck, mitz soo wes die verweerder mit geloeffelicke quitantie bewijsen can in den jaer 1584 aen onraedt des voorss. comparanten betaelt heeft.
Tiel, nr. 58
fol. 5, 25-11-1585
Harman Corneliss, volmechtich Neesken Goert Herberensdr, spreeckt aen Stijn van Lauwijck, weduwe Balth. van Langenvelt voor 22 kar. g.
Tiel, nr. 58
fol. 10v, 13-01-1586
Otto van den Kerckhoff, volm. van Hector Moijesoen, spreeckt aen heer Lubbert Schilman voor 24 kar. g.
Tiel, nr. 58
fol. 12, 27-01-1586
Joachim Jerephaes ende Aelbert Dominicq, als boot(?)meijsteren in der tijdt, spreecken aen ...
Tiel, nr. 58
fol. 14, 29-01-1586
Heer Lubbert Schildtman heeft sijn antwoordt ingebracht tegens Hector Moijesoen.
Tiel, nr. 58
fol. 14, 29-01-1586
Hector Moijesoen op Gerarda van Leuwen Hermansdr, weduwe.
Tiel, nr. 58
fol. 14v, 29-01-1586
Hector Moijesoen heeft sijn replijck ingebracht tegen heer Lubbert Schildman.
Tiel, nr. 58
fol. 16, 29-01-1586
Heer Lubbert Schildtman heeft sijn duplijck ingebracht tegen Hector Moijesoen.
Tiel, nr. 58
fol. 17v, 17-02-1586
Otto van den Kerckhoff heeft sijn bewijsstucken als volmacht. Hector Moijesoen ingeleijt tegens die weduwe za. Claes Holl met hoeren kinderen.
Tiel, nr. 58
fol. 20, 24-03-1586
Tuschen dingtaell Hector Moijesoen, cleger, ende heer Lubbert Schildtman, verwr., wijsen schepenen dat heer Lubbert Schildtman oock beede binnen 14 dagen dat Hector Moijesoen te vreeden is geweest met Jan van Rijn belangende die coop.
Tiel, nr. 58
fol. 21, 21-04-1586
Hector Moijensoen, als rentmeester sijns genedigen heere graeven tot Bueren, als oock van sijn selffs 2 replijcken ingeleijt tegens Gerarda, weduwe za. Claes Holl cum suis.
Tiel, nr. 58
fol. 24, 30-06-1586
Hector Moijesoen heeft overgeleijt sijn antwoordt tegen Guert Rembolts.
Tiel, nr. 58
fol. 24, 30-06-1586
Harman Corneliss, volmacht. Gerarda Harmansdr, weduwe za. Claes Holl sampt oere kinderen, heeft sijn duplijcken ingeleijt tegens Hector Moijesoen.
Tiel, nr. 58
fol. 26, 14-07-1586
Hector Moijesoen, als rentmeester sijns genedigen heere, heeft sijn straff ingebracht tegens Gerarda, weduwe za. Claes Holl met hoeren kinderen.
Tiel, nr. 58
fol. 26, 14-07-1586
Guert Rembolts heeft in schrijfft overleijt tegens Hector Moijesoen sijn replijck.
Tiel, nr. 58
fol. 26v, 28-07-1586
Hector Moijesoen heeft sijn duplijck ingebracht tegen Guert Rembolts.
Tiel, nr. 58
fol. 27, 28-07-1586
Oordeel tusschen Hector Moijesoen, als rentmeester sijns genedigen heere, tegens weduwe za. Claes Holl, mitz dat Harman Corneliss sijn contra straff binnen 8 dagen sall inbrengen op versteck.
Tiel, nr. 58
fol. 29, 22-09-1586
Guert Rembolts heeft sijn straff ingebracht contra Hector Moison. Ott van den Kerckhoff, volmacht. Hector Moison, in schrift begeert.
Tiel, nr. 58
fol. 32, 10-11-1586
Ott van den Kerckhoff, volm. Hector Moison, heeft sijn contrastraff ingebracht contra Evert Remmits, und begeert des een ordell.
Tiel, nr. 58
fol. 40, 21-04-1587
Tuschen dinghtaell Hector Moison, aencleger, en die erffgen. van z. Claes Holl, verw., belangen die 2 verscheiden aenspraken, wiesen die schepenen dat opgem. partien binnen 14 dagen met mallekanderen bij onpartidige vrunden een vruntlicken dagh sullen halden.
Tiel, nr. 58
fol. 42v, 11-02-1588
Johan Huberss supra Hector Moison voor 19 g. van lantpacht.
Tiel, nr. 58
fol. 42v, 11-02-1588
Johan Huberss spreeckt aen Hector Moison over 3 jaren verschott ende dijckgelt van 14 hondt lantz gelegen int gericht van Sandtwijck op die Oij, die Hector in pacht heeft.
Tiel, nr. 58
fol. 43, 11-02-1588
Johan Huberss spreeckt aen Hector Moison ende zeght dat hij zijn landt op die Oij gelegen, Hector vurss. van den cleger gepacht 6 iaer lanck.
Tiel, nr. 58
fol. 44v, 11-02-1588
Hector Moison zall ten naeste zijn 3 antworde inbrengen contra Johan Huberss.
Tiel, nr. 58
fol. 45, 11-02-1588
Tuschen dinghtaell Evert Remmitz, cleger, und Hector Moison, verwr., wiesen die schepenen den cleger in zijnen eisch niet ontfanckelick.
Tiel, nr. 58
fol. 61v, 16-11-1587
Peter Aelbers, volm. (Margarita) weduwe Trip, supra die weduwe z. Goessen van Ingen.
Tiel, nr. 58
fol. 70v, 18-01-1588
Henrick van Wijck, volmechtig zijns zusters Johanna [van Wijck], weduwe z. Goessen van Ingen ...
Tiel, nr. 58
fol. 141, 20-05-1591
Dirrick van Hattem constituit Jacop Henricxz van Bilant.
Tiel, nr. 58
fol. 180, 01-11-1593
Rodolph van Ommeren claecht over z. Hector Moison und insonderheit over die overhensige pennongen den voern. Hector noch sal mogen competeren van z. heer Van Varick off Gijsbert Splijnterss ter goder rekeningh vermogens zijn rekenboeck.
Tiel, nr. 58
fol. 180, 15-11-1593
Jan Coenen, volm. Rodolph van Ommeren, heeft zijn 2e clacht gedaen op die erffgenamen van z. Hector Moison.
Tiel, nr. 58
fol. 185v, 26-01-1594
Op t voerordell van z. Hector Moison z. volmechtiger ende Jan [van Isendoren] en Willem van Isendoren wiezen die schepenen dat het proces volkomentlicken geformeert is.
Tiel, nr. 58
fol. 215v, 07-02-1596
Jan Maessen supra Dirrick van Hattem om een contschap der waerheit.
Tiel, nr. 58
fol. 217, 07-02-1596
Dirrick van Hattem antwordt op aenspraeck van Jan Maess en seght dat hij persisterende bij den selven contschap hij dient halven op t versueck van Hubert Gerritsz eens gegeven, seggende daer mede te zullen volstaen ende begeert een voerordell.
Tiel, nr. 58
fol. 218, 07-02-1596
Voerordell tusschen Jan Maess, cleger, ende Dirrick van Hattem dat Hattem vurss. met zijn gegevenen contschap volstaen zall.
Tiel, nr. 58
fol. 230, 16-12-1596
Henrick Janss und Dirrick van Hattem, vleisshouwers, supra Mr. Willem van Wanroijen als man ende momber zijnre huijsfrouw wezende een coopvrouw voer betalonge van 27-10 van slachgelt.
Tiel, nr. 59
fol. 4v, 22-01-1597
Wizen die schepenen van Tiell tuschen Dirrick van Hattem en Henrick janss, vleysshouweren, clegeren, und Willem van Wanroijen, verw., dat den verweerder gehalden zall wesen die 27 g. hool. vermogens den aenspraken, affslach datter bewijsselick op betaelt is, die clegeren toe betalen.
Tiel, nr. 59
fol. 102, 13-12-1602
Dirricxken Roloffs, weduwe Dirrick van Hattem, const. Henrick van Heuvel.
Tiel, nr. 59
fol. 116, 24-11-1603
Jan Coenen, volm. der heren burgemeesteren der stadt Thiel, spreeckt aen Jan Dirricxsz, man ende momber Dirricxken Roloffs, zijn huijsfr., voer 4 peert betalonge.
Tiel, nr. 59
fol. 137v, 29-11-1604
Henrick Willemsz als pechter vant slachtonge van die bestiale bijnnen Tiel supra Dirricxken Roloffs, die huijsfr. van Jan Dirricxsz, om een contschap der waerheit.
Tiel, nr. 59
fol. 211, 22-05-1609
Ds. Johannes Vredens, dienaer des godtlicken woordts alhier, const. Jasper van Hattem, doorweerder des hoves van Gelderlant, omme alle zijne constituants zaecken te verrichten.
Tiel, nr. 60
fol. 61v, 21-03-1616
Lenart Lenartsz van der Eijck spreekt aen Dirricxken Ruloffss, huijsfr. van Jan Dirckss Stuecker om getuijghenisse der waerheijt te geven.
Tiel, nr. 60
fol. 109, 03-09-1618
Willem Tijnagel, mede erffgenaem zijns za. vaders Anthonis Tijnagel, spreeckt aen Johan Dircksz Stuecker voor hem selven ende mede als man ende momber zijnder huijsfrouw Dirricksken Roeloffsdr voor 53 g. 10 st. vermogens eenen Tijelschen schepen shultbrieff.
Tiel, nr. 60
fol. 122v, 23-01-1619
Jor. Joost van Bueren spreeckt aen Johan Dirckss ende Dirricksken Roelofs, e.l., voor betalonghe van 63 g. 7 st. vermogens obligatie.
Tiel, nr. 60
fol. 123, 23-01-1619
Jan Dirckss andtwoordt op aenspraeck van Jor. Joost van Bueren.
Tiel, nr. 60
fol. 125, 04-02-1619
Jor. Diederick van Brakel, capiteijn, spreeckt aen Lijsbet van Hattem, dienstmaecht van juffr. Anna Vijgh.
Tiel, nr. 61
fol. 239, 25-11-1630
De heer scholtis deser stede nomine officy spreeckt aen Claes van Amerongen.
Tiel, nr. 61
fol. 239, 25-11-1630
De heeren burgemeesteren deser stadt spreken aen Claes van Amerongen.
Tiel, nr. 61
fol. 239v, 27-11-1630
Claes van Amerongen antwoort op de respective aenspraken van de heeren scholtis ende borgemeesteren deser stadt.
Tiel, nr. 61
fol. 242v, 27-11-1630
In het proces van de heeren scholtis en borgemeesteren deser stadt, aenl., ende Nicolaes van Amerongen, verw., ordonneert t'gerigte den verweerder met de aenleggeren binnen 14 dagen te accorderen.
Tiel, nr. 61
fol. 256, 10-11-1631
Dirck van Hattem ende Jan de Hartich q.q. spreken aen Cornelis de Roij.
Tiel, nr. 62
fol. 9v, 26-04-1632
Dirck van Hattem in zijne qualiteit spreeckt aen Jan van Dam in zijn qualite.
Tiel, nr. 62
fol. 10v, 24-05-1632
Jan van Dam antwoort tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 62
fol. 10v, 24-05-1632
Dirck van Hattem wacht Henrick Janss om te antwoorden.
Tiel, nr. 62
fol. 11, 24-05-1632
Dirck van Hattem heeft volgens zijn bedongen wacht vervolch geeijscht op Henrick Janss Smith.
Tiel, nr. 62
fol. 11v, 07-06-1632
Gesien de processe tusschen Dirck van Hattem als t recht van transport hebbende van Peter Janss, eijsscher, ende Jan van Dam, in qualite hij is geroepen, verw., condemneren schepenen den verweerderaen den aenlegger betaelen sodanige penningen als noch wegens t overgeleverde accoort onbetaelt zijn.
Tiel, nr. 62
fol. 107, 11-01-1638
Peter Stevenss spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 62
fol. 108, 27-01-1638
Dirck van Hattem antwoort tegen Peter Stevenss.
Tiel, nr. 62
fol. 108v, 27-01-1638
Op aenspraeck ende interrogatoria van Peter Stevenss, eijsscher, ende t antwoort van Dirck van Hattem, verw., verclaren schepenen dat verweerder met zijne voormaels bij eede gegevene dispositie sal mogen volstaen en mitsdien den aenlegger in zijnen eijs hier te zijn ontfanckelick.
Tiel, nr. 62
fol. 109v, 08-03-1638
De kinderenen erffgenamen van Jacob van Doornick wachten Dirck van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 62
fol. 174, 17-03-1642
Dirck van Hattem spreeckt aen Jan Janss Wanders.
Tiel, nr. 62
fol. 174v, 31-03-1642
Jan Wanders de Jonge antwoort tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 62
fol. 175, 14-04-1642
Dirck van Hattem repliceert tegen Jan Janss Wanders de Jonge.
Tiel, nr. 62
fol. 175, 28-04-1642
Jan Janss Wanders de Jonge antwoort tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 62
fol. 178v, 22-09-1642
de heren schepenen deser stadt spreken aen Henrick van Hattem, weerdt in Antwerpen, voor de breuke van 50 goltg. van dat hij sich onderstaen heeft buijten consent van de magistraet in der stadt muer een gat te breken, tselve eenige dagen te laten open leggen ende daerinne volgens een raemt te stellen ende boven verboth aen hem gedaen tselve raemt daerinne open te houden sonder t gat off openinge toe te metselen.
Tiel, nr. 62
fol. 179, 06-10-1642
De heeren borgemeesteren wachten Henrick van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 62
fol. 179v, 06-10-1642
De heeren borgemeesteren hebben vervolch geeijscht op Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 62
fol. 234v, 05-02-1646
Dirck van Hattem spreeckt aen Aert Geritss backer.
Tiel, nr. 62
fol. 235, 02-03-1646
Dirck van Hattem wacht Aert Geritss backer om te antwoorden.
Tiel, nr. 62
fol. 235, 02-03-1646
Dirck van Hattem heeft vervolch geeijscht op Aert Geritss backer.
Tiel, nr. 63
fol. 3, 29-01-1648
In saecke tusschen Cornelis van der Lingen, outborgermeester deser stadt, als vader ende momber zijner kinderen Geurt [van der Lingen] en Henrick van der Lingen, Dirck van Cattenborch, Dirck van Hattem nomine uxore ende Dirck de Rover nomine uxore cum suis erffgenamen van za. Elisabeth van Cattenborch, aenl., ende Cornelis van Oijen, weduwenaer ende boedelhalder van Elisabeth van Cattenborch voornt., verw., condemneert t gericht de verweerder aen de aenleggers te doen hebben visie van de originele houwelixe voorwaerde tusschen hen en Elisabeth van Cattenborch, zijne affgestorven huijsvrouw, condemnerende hem daerenboven aen henluijden te leveren staet ende inventaris van alle goederen, actien, crediten en schulden op dato van de voorss. Elisabeths overlijden.
Tiel, nr. 63
fol. 3, 29-01-1648
Cornelis van Oijen van niet te hebben de houwelixe voorwaerde van de sententie den eedt gepresenteert.
Tiel, nr. 63
fol. 8, 15-06-1648
Henrick van Hattem spreeckt aen Johanna Stevens van Teeffelen, weduwe Aelbert Frombach.
Tiel, nr. 63
fol. 8v, 29-06-1648
Johanna Stevens van Teeffelen antwoort tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 10, 13-07-1648
Henrick van Hattem repliceert tegen Johanna Stevens.
Tiel, nr. 63
fol. 10v, 07-09-1648
De weduwe van Aelbert Frambach dupliceert tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 11v, 05-10-1648
Henrick van Hattem tripliceert tegen de weduwe van Aelbert Frambach.
Tiel, nr. 63
fol. 11v, 15-10-1648
De weduwe van Aelbert Frambach quadrupliceert tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 12, 17-11-1648
Op gedane richtinge van Cornelis van der Lingen, outborgermeester deser stadt, als vader ende momber zijner kinderen Geerit [van der Lingen] en Henrick van der Lingen, Dirck van Cattenborch, Dirck van Hattem nomine uxore ende Dirck de Rover nomine uxore cum suis erffgenamen van Elisabeth van Cattenborch, geopposeerdens, ende de versochte verclaringe deses gerichts, sententie van 29-01-1648 van Cornelis van Oijen, gewesene weduwenaer ende alsnoch boedelhalder van Elisabeth van Cattenborch voornt., opposanten, verblijven schepenen bij de woorden van den voorige gewijsde.
Tiel, nr. 63
fol. 13, 30-11-1648
Dirck Dircksz van Kooten ende Dirck van Hattem spreecken aen Jacob Servaes de Raet.
Tiel, nr. 63
fol. 13, 02-12-1648
Jacob Servaes de Raet excipeert tegen Dirck Dircksz van Kooten ende Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 13v, 02-12-1648
In saecke tusschen Henrick van Hattem, aenl., ende Johanna Steevens van Teeffelen, weduwe Aelbert Frombach, verw., ordonneren schepenen partijen ten overstaen van schepenen nevens elcx een onpartijdige man binnen 14 dagen in der vruntschap te vergelijcken.
Tiel, nr. 63
fol. 14v, 28-12-1648
Dirck Dircksz van Kooten ende Dirck van Hattem antwoorden op de exceptie van Jacob Servaes de Raet.
Tiel, nr. 63
fol. 17, 01-02-1649
Roeloff Noot spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 17v, 15-02-1649
Jacob Servaes de Raet dupliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 18, 01-03-1649
Roeloff Noot wacht Henrick van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 63
fol. 18, 01-03-1649
Roeloff Noot eijst vervolch op Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 19v, 29-03-1649
Gesien de procedure van aenspraeck etc. van Dirck Dircksz van Kooten ende Dirck van Hattem, aenl., ende Jacob Servaes de Raet, verw., condemneren schepenen den verweerder de geeijste somme te betaelen.
Tiel, nr. 63
fol. 21v, 06-06-1649
Anna Gielen cum tutore constituit Bart van Hattem, haren echten man om van harentwegen uijt te voeren soodanige actie als zij tegen Jacob Servaes de Raet uijtstaende hebben.
Tiel, nr. 63
fol. 22v, 07-06-1649
Henrick van Hattem spreeckt aen Abraham Tijnagel.
Tiel, nr. 63
fol. 30, 24-01-1650
Evert Henrickss van Heesvelt spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 31, 09-02-1650
Henrick van Hattem antwoort tegen Evert Henrickss van Heesvelt.
Tiel, nr. 63
fol. 32b, 21-03-1650
Saecke van Evert Henrickss tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 33av, 02-05-1650
In den processe van Evert Henrickss van Heesvelt, aenl., ende Henrick van Hatte, verw., condemneren schepenen veweerder (mits verclarende het accoort alsoo geschiet te sijn) de geeijste somme te betaelen.
Tiel, nr. 63
fol. 33bv, 20-06-1650
Dirck van Hattem spreeckt aen Cornelis Gijsbertss.
Tiel, nr. 63
fol. 41, 23-01-1651
Huijbert Cormneliss de Haen als pachter van de wijnen ende bieraccijs slants ende stadt wegen spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 41v, 13-02-1651
Antoni van Leeuwen spreeckt aen Johan van Hattem, medicus doctor.
Tiel, nr. 63
fol. 42, 20-02-1651
Doctor Hattem spreeckt aen Dr. Noest.
Tiel, nr. 63
fol. 42v, 06-03-1651
Dr. Eck spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 42v, 20-03-1651
Huijbert Corneliss de Haen q.q. spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 43v, 03-04-1651
Dr. Noest antwoort tegen Dr. Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 44v, 01-05-1651
Johan van Hattem, medicinae doctor, repliceert tegen Dr. Noest.
Tiel, nr. 63
fol. 44v, 01-05-1651
Dr. Hattem antwoort tegen Antoni van Leeuwen.
Tiel, nr. 63
fol. 46, 15-05-1651
Antonij van Leeuwen repliceert tegen Dr. Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 46, 15-05-1651
Dr. Noest dupliceert tegen Dr. Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 46, 15-05-1651
Hendrick van Hattem dupliceert tegen Huijbert Corneliss de Haen.
Tiel, nr. 63
fol. 48v, 18-09-1651
Oordeel in saecke van Anna Michiels tegen Geurt Steck.
Tiel, nr. 63
fol. 49v, 02-10-1651
In saecke tusschen Huijbert Corneliss de Haen als pachter van wijn ende bieraccijs van slants wegen, aenl., ende Henrick van Hattem, verw. ordonneren schepenen den verweerder met de aenlegger binnen 8 dagen te accorderen.
Tiel, nr. 63
fol. 50v, 30-10-1651
Antoni van Leeuwen tripliceert tegen Dr. Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 53v, 25-12-1651
Dirck van Hattem spreeckt aen Steven Corneliss van Horssen.
Tiel, nr. 63
fol. 55, 08-01-1652
Dirck van Hattem wacht Steven Corneliss van Horssen om te antwoorden.
Tiel, nr. 63
fol. 60, 03-06-1652
Johan Tijssen als pachter van 's lants wegen ende Huijbert Corneliss de Haen als pachter van beijde accijsen van stadts wegen, renuntierende van soodanige instantie als de voorn. aenleggeren voor desen hebben gedaen met presentatie van bancksuijveringe, spreecken aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 61, 17-06-1652
Dirck van Hattem antwoort tegen Jan Tijssen ene Huijbert Corneliss de Haen qq.
Tiel, nr. 63
fol. 61, 17-06-1652
Jan Goossenss van der Boom spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 62v, 15-07-1652
Jan Tijssen ende Huijbert Corneliss de Haen repliceren tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 62v, 15-07-1652
Henrick van Hattem antwoort tegen Jan Goossenss van der Boom.
Tiel, nr. 63
fol 64v, 04-11-1652
Jan Minicus spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 65v, 25-11-1652
Dirck van Hattem dupliceert tegen Jan Tijssen ende Huijbert Corneliss de Haen q.q.
Tiel, nr. 63
fol. 66v, 27-11-1652
In den processe tusschen Johan Goossenss van der Boom, aenl., ende Henrick van Hattem, verw., ordonneren schepenen met den aenlegger binnen 14 dagen te liquideren ende wat bevnden wort bij slot van reeckeninge den aenlegger aen te comen te betaelen.
Tiel, nr. 63
fol. 68, 27-11-1652
Jan Minicus tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 69, 30-12-1652
Johan Tijssen, pachter van 's lants wegen, ende Huijbert Corneliss de Haen, pachter van beijde accijsen van stadts wegen, renuntierende van soodanige instantie als de voorn. aenleggeren voor desen hebben gedaen met presentatie van bancksuijveringe, contra Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 71v, 03-02-1653
Jan Tijssen ende Huijbert de Haen tripliceren tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 71v, 03-02-1653
Huijbert de Hartoch spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 72, 05-02-1653
Dirck van Hattem qudrupliceert tegen Huijbert de Haen ende Jan Tijssen in hare qualite.
Tiel, nr. 63
fol. 72, 05-02-1653
Den ontfanger Eck q.q contra Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 74, 24-03-1653
Dirck van Hattem antwoort tegen Johan de Raet.
Tiel, nr. 63
fol. 75, 07-04-1653
Jan de Raet repliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 75, 05-05-1653
Jan de Raet repliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 75v, 19-05-1653
Dirck Dircksz van Cooten spreeckt aen Gerit Sanderss ende Bart van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 76, 02-06-1653
Bart van Hattem ende Gerit Sanderss van Tuijll antwoorden tegen Dirck Dircksz van Cooten.
Tiel, nr. 63
fol. 78, 14-07-1653
Oordeel in saecke van Jan de Raet tegen Herman Sanderss ende Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 78v, 14-07-1653
In den processe tusschen Jan Tijssen als pachter van de bieraccijs van s lants wegen ende Huijbert Corneliss de Haen als pachter van de bieraccijs van stadts wegen, aenl., ende Dirck van Hattem, verw., condemneren schepenen den verweerder aen den aenleggeren betalen de breucken volgens des Quartiers ende Stadts ordonnantien.
Tiel, nr. 63
fol. 80, 07-10-1653
Jacob Deijs van Voorn spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 80, 20-10-1653
Henrick van Hattem antwoort tegen Jacob Deijs.
Tiel, nr. 63
fol. 80, 20-10-1653
Dr. Hattem spreeckt aen Gerit Wanders.
Tiel, nr. 63
fol. 82, 03-11-1653
Dr. Hattem wacht Gerit Wanders om te antwoorden.
Tiel, nr. 63
fol. 82, 03-11-1653
Dr. Hattem heeft vervolg geeijst tegen Gerit Wanders.
Tiel, nr. 63
fol. 82v, 11-11-1653
Op versochte interpretatie van dese gerichtssententie van 14-07-1653 van Dirck van Hattem, requirant, ende Johan Tijssen als pachter van s'lants wegen ende Huijbert Corneliss de Haen als pachter van stadts wegen, gerequireerden, verstaet t gericht dat den requirant aen den gerequireerden sal hebben te betaelen de somme van 497 g. 10 st.
Tiel, nr. 63
fol. 84v, 16-11-1653
Oordeel in den processe van Jan de Raet tegen (Dirck van) Hattem en Hermen Sandersz.
Tiel, nr. 63
fol. 90v, 12-01-1654
Gesien hebbende de declaratie van costen van Jan Tijssen als pachter van de bieren van s'lants wegen, triumphant, ende daer op gedaene diminutie van Dirck van Hattem, gecondemneerde, hebben schepenen deselve tot meerder somme geextendeert ter somme van 48 g. 17 st. 12 p. waervan de gecondemneerde ingevolge sententie van 14-07-1653 de helfte moet te lasten.
Tiel, nr. 63
fol. 90v, 12-01-1654
Gesien hebbende de declaratie van costen van Huijbert Corneliss de Haen als pachter van stadts wegen, triumphant, ende daer op gedaene diminutie van Dirck van Hattem, gecondemneerde, hebben schepenen deselve tot meerder somme geextendeert ter somme van 28 g. 19 st. 10 p. waervan de gecondemneerde ingevolge sententie van 14-07-1653 de helfte moet te lasten.
Tiel, nr. 63
fol. 97, 11-05-1654
In de twee distincte processen van Johan de Raet in sijne qualite, eens, ende Dirck van Hattem ende Herman Sanderss, anderdeels, ordonneert t gericht partijen ten overstaen van schepenen mitsgaders de gasthuijsmeesteren binnen 8 dagen te accorderen.
Tiel, nr. 63
fol. 97, 22-06-1654
Dirck van Hattem dupliceert tegen Jan de Raet.
Tiel, nr. 63
fol. 101, 06-11-1654
Johan Minicus heeft geconsigneert ten behoeve van de naeste crediteuren ... Hiervan gelicht bij Dirck van Hattem 9.18.-.
Tiel, nr. 63
fol. 101, 02-11-1654
Peter Gudden q.q spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 102, 16-11-1654
Henrick van Hattem antwoort tegen Peter Gudden.
Tiel, nr. 63
fol. 102v, 16-11-1654
Dirck van Hattem heeft gelicht met de geconsigneerde penningen van Jan Minicus op 06-11 gedaen de somme van 9 g. 18 st. voor t lichten van dien sijne goederen verbindende.
Tiel, nr. 63
fol. 102v, 30-11-1654
Jan Wijnantss van Resant als rentmeester van 't gericht van Santwijck spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 104v, 02-12-1654
Den rentmeester Jan Wijnantss van Resant heeft vervolch geeijst tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 109v, 29-03-1655
Hendrick van Hattem antwoort tegen Peter Gesteren.
Tiel, nr. 63
fol. 110, 12-04-1655
Den scholtis nevens Den Haen ende Gesteren repliceren tegen Hendrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 111v, 28-06-1655
Hendrick van Hattem dupliceert tegen Peter van Gesteren ende Huijbert de Haen nevens den scholtis.
Tiel, nr. 63
fol. 111v, 28-06-1655
Hendrick van Hattem antwoort tegen Willem van Haesvelt.
Tiel, nr. 63
fol. 113v, 01-11-1655
Oordeel in saecke van Den Haen tegen Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 114, 01-11-1655
Oordeel in saecke van Willem van Haesvelt tegen Hendrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 114v, 14-11-1655
De dijckmeesteren ende buermeesteren wegen de geerffde van t Tielse velt doen haer eerste clacht tegens Hendrick van Eck, borgermeester tot Arnhem, ende insonderheijt op soodanige tient als in een gedeelte van t Tielse velt is hebbende.
Tiel, nr. 63
fol. 114v, 14-11-1655
Geexamineert den processe tusschen Willem van Haesvelt, aenl., ende Hendrick van Hattem, verw., condemneren schepenen den verweerder aen denaenlegger de geeijste somme van penningen te btaelen. In margine: Op 23-01-1657 heeft Hattem volgens sijn hant overgegeven voor schepenen dat dese sententie niet en sall bejaren mnoch bedagen.
Tiel, nr. 63
fol. 115, 19-11-1655
Jan Minicus heeft geconsigneert de somme van 220 g. 7 st. tot betaelinge van de lesten termijn van t bij hem gecofte huijs van de Ploegh in de Voorstadt bij decreet vercoft onder expres bedingh dat de voorss. penningen niet sullen worden gelicht tenzij behoorlijcke borge voor alle namaeninge van dien worde gestelt.
Tiel, nr. 63
fol. 115, 19-11-1655
Dirck van Hattem heeft gelicht de voorss. penningen ende voor alle namaeninge van dien alle sijne goederen binnen Tijel en Santwijck verbonden.
Tiel, nr. 63
fol. 115v, 29-11-1655
De dijckmeesteren ende buermeesteren wegen de geerffde van t Tielse velt doen haer tweede clacht tegen den borgermeester Hendrick van Eck tot Arnhem.
Tiel, nr. 63
fol. 117, 01-12-1655
In saecke van Peter van Gestern, Huijbert de Haen nevens den heere scholtis nomine oficii, aenl., ende Hendrick van Hattem, verw., ordonneren schepen den verweerder met den aenleggeren binnen 14 dagen te accorderen.
Tiel, nr. 63
fol. 118, 14-12-1655
De dijckmeesteren ende buermeesteren wegen de geerffde van t Tielse velt doen haer derde clacht tegen Hendrick van Eck, borgermeester tot Arnhem.
Tiel, nr. 63
fol. 121v, 30-01-1656
Peter Corneliss spreeckt aen Hendrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 123, 30-01-1656
Peter Corneliss eijscht vervolch tegen Hendrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 126, 08-05-1656
Dirck van Hattem spreeckt aen Dirck de Roover.
Tiel, nr. 63
fol. 126v, 21-05-1656
Jan Toniss q.q spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 127, 06-06-1656
Henrick van Hattem antwoort tegen Jan Toniss.
Tiel, nr. 63
fol. 127, 06-06-1656
Goossen Barten spreeckt aen Jan van Hattem, medicine doctor.
Tiel, nr. 63
fol. 127v, 19-06-1656
Dr. Hattem antwoort tegen Goossen Barten.
Tiel, nr. 63
fol. 128v, 03-07-1656
In saecke van Peter van Gesteren ende Huijbert de Haen in haeren quliteijten, aenl., ende Hendrick van Hattem, verw., ordonneert t gericht den verweerder nochmaels binnen 4 dagen ten overstaen van schepenen te accorderen.
Tiel, nr. 63
fol. 129v, 17-07-1656
In den processe van Jan Tonissen van wees in sijn qualite, aenl., ende Hendrick van Hattem, verw., condemneren schepenen den verweerder aen den aenlegger in sijne qualite de geeijste somme van penningen te betaelen.
Tiel, nr. 63
fol. 129v, 17-07-1656
In den processe van Goossen Barten, aenl., ende Johan van Hattem, medicine doctor, verw., verclaren schepenen de goederen van den voorss. Hattem ende desselffs huijsvrouwe za. met de costen van rechten executabel.
Tiel, nr. 63
fol. 130v, 23-08-1656
Gesien de declaratie van costen van Peter van Gesteren ende Huijbert Corneliss de Haen als pachteren van de wijnen va s'lants en stadts wegen, nevens den heere scholtis nomine officii, triumphanten, ende Henderick van Hattem, gecondemneerde, hebben schepenen deselve tot meerder somme geextendeert van 24 g. 6 st.
Tiel, nr. 63
fol. 131, 18-09-1656
Jan Toniss Storm spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 132, 16-10-1656
Jan Storm wacht Henrick van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 63
fol. 133, 06-11-1656
Hendrick van Hattem const. Gerit van Boeckhout, procureur tot s'Hartogenbosch, om alle sijne saecken binnen Den Bosch als elders in der vrientschap ofte met rechte uijt te vorderen penningen te ontfangen.
Tiel, nr. 63
fol. 142, 10-01-1657
Gesien de declaratie van costen van Jan Toniss van Wees, triumphant, ende Hendrick van Hattem, gecondemneerde, hebben schepenen deselve tot meerder somme geextendeert van 22 g. 14 st.
Tiel, nr. 63
fol. 143, 05-03-1657
Dirck van Hattem spreeckt aen Jan van Balgoijen.
Tiel, nr. 63
fol. 143v, 10-03-1657
Jan van Balgoijen antwoort tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 145, 28-05-1657
Dirck van Hattem repiceert tegen Jan van Balgoijen.
Tiel, nr. 63
fol. 146, 11-06-1657
Dirck van Hattem wacht Jan van Balgoijen om te antwoorden.
Tiel, nr. 63
fol. 149, 01-10-1657
Jan van Balgoijen quadrupliceert tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 150v, 12-11-1657
Oordeel in saecke Van Hattem tegen Balgoijen.
Tiel, nr. 63
fol. 150v, 26-11-1657
Hendrick van Hattem spreeckt aen Peter van Gesterenen De Haen.
Tiel, nr. 63
fol. 150v, 26-11-1657
Rijck Versteegh q.q. spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 63
fol. 151, 28-11-1657
In saecke tusschen Dirck van Hattem, aenl., ende Johan van Balgoijen, verw., condemneren schepenen den aenlegger de geeijste somme van penningen te betaelen.
Tiel, nr. 63
fol. 152v, 28-11-1657
Henrick van Hattem heeft sich quijt gedongen tegen Peter van Gesteren en De Haen.
Tiel, nr. 63
fol. 152v, 28-11-1657
Bart van Hattem en Jan Toniss van Wees tegen Rijck Versteegh.
Tiel, nr. 63
fol. 152v, 24-12-1657
Huijbert de Haen antwoort tegen Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 1, 07-01-1658
Henrick van Hattem repliceert tegen Huijbert Corneliss de Haen ende Peter van Gesteren.
Tiel, nr. 64
fol. 1, 07-01-1658
Gesien de declaratie van costen van Dirck van Hattem, triumphant, ende Johan van Balgoijen, gecondemneerde hebben schepenen selve geextendeert ter somme van 68 g. 4 st.
Tiel, nr. 64
fol. 2, 04-02-1658
Bart van Hattem ende Jan Toniss spreecken aen Rijck Versteegh.
Tiel, nr. 64
fol. 2, 04-02-1658
Rijck Versteegh spreeckt aen Bart van Hattem ende Jan Toniss.
Tiel, nr. 64
fol. 2v, 06-02-1658
Bart van Hattem ende Jan Toniss antwoorden tegen Rijck Versteegh.
Tiel, nr. 64
fol. 2v, 06-02-1658
Rijck Versteegh antwoort tegen Bart van Hattem ende Jan Toniss.
Tiel, nr. 64
fol. 3v, 06-02-1658
In de twee distincte processen van Bart van Hattem ende Jan Toniss tegen Rijck Versteegh ordonneert t gericht partijen ten overstaen van schepenen binnen 14 dagen te accorderen.
Tiel, nr. 64
fol. 5, 18-03-1658
Henrick van Hattem repliceert tegen Den Haen en Gesteren.
Tiel, nr. 64
fol. 7, 27-05-1658
Huijbert den Haen ende Peter van Gesteren dupliceren tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 8, 10-06-1658
Gesien de twee distincte processen van Rijck Versteegh ende Bart van Hattem cum socio, t gericht condemneert de voorss. Bart van Hattem aen Rijck Versteegh, ingevolge de liquidatie op 17-02-1658 ten overstaen van schepenen gehouden, te betaelen de somme van 27 g. 4 st. 8 p.
Tiel, nr. 64
fol. 10, 11-08-1658
Gesien hebbende de declaratie van costen van Rijck Versteegh, triumphant, ende Bart van Hattem cum suis, gecondemneerden, hebben schepenen tot meerder somme geextendeert bij desen ter somme van 20 g. waervan de gecondemneerdens de helfte moeten betaelen.
Tiel, nr. 64
fol. 11, 07-10-1658
De heeren scholtis ende borgermeesteren deser stadt nomine offitij spreecken aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 11, 02-10-1658
Bart van Hattem antwoort tegen de heeren scholtis ende borgermeesteren.
Tiel, nr. 64
fol. 12, 11-11-1658
Bart van Hattem antwoort tegen den scholtis ende borgermeesteren.
Tiel, nr. 64
fol. 12, 11-11-1658
De bovenstaenden hebben vervolch geeijst.
Tiel, nr. 64
fol. 12, 25-11-1658
Den scholtis ende borgermeesteren repliceren tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 13v, 23-12-1658
De heeren scholtis ende borgermeesteren wachten Bart van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 64
fol. 16, 04-01-1659
Henrick van Hattem const. Gerradt Keijser, procureur tot Swol, om alle sijnen saecken tot Swol als elders waer te nemen.
Tiel, nr. 64
fol. 16v, 13-01-1659
Op mondelingh voordragen van Huijbert Corneliss de Haen als pachter van den wijnaccijs van slants wegen, requirant, ende daer op gedane bericht van Henrick van Hattem, gerequireerde, ordonneren schepenen gerequireerde aen den requirant den impost van 2 gecheeffden te betaelen mitsgaders wat hij int jaer meer bewijsselick geconsumeert heeft.
Tiel, nr. 64
fol. 16v, 27-01-1659
Jan Tijssen en Huijbert de Haen q.q. spreecken aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 18, 08-02-1659
Gesien hebbende de declaratie van costen van de heeren scholtis ende borgermeesteren deser stadt, aenl., ende Bart van Hattem, verwr., hebben schepenen deselve tot meerder somme geextendeert ter somme van van 33 g. 19 st.
Tiel, nr. 64
fol. 19, 24-03-1659
Henrick van Hattem spreeckt aen Aelbert de Kemp.
Tiel, nr. 64
fol. 20v, 05-05-1659
Cornelia van Tiel spreeckt aen Henrick van Hattem, jongman.
Tiel, nr. 64
fol. 21, 18-05-1659
De weduwe Domselaer wacht Henrick van Hattem, jongman, om te antwoorden.
Tiel, nr. 64
fol. 22, 16-06-1659
De weduwe van Aert van Meteren spreeckt aen Henrick van Hattem, jongman.
Tiel, nr. 64
fol. 23, 30-06-1659
De weduwe van Aert van Meteren wacht Henrick van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 64
fol. 33, 15-03-1660
Dirck van Hattem spreeckt aen Peter Rootbeen.
Tiel, nr. 64
fol. 34, 26-04-1660
Geerit Wijnants van Resant spreeckt aen Johan van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 34, 26-04-1660
De heeren scholtis ende borgermeesteren spreecken aen Johan van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 34, 10-05-1660
Michiel Crijnen spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 34, 10-05-1660
Jan van Hattem antwoort tegens Gerit Wijnants van Resant.
Tiel, nr. 64
fol. 34, 10-05-1660
Denselven tegen den scholtis ende borgermeesteren.
Tiel, nr. 64
fol. 34v, 24-05-1660
Bart van Hattem antwoort tegen Michiel Crijnen.
Tiel, nr. 64
fol. 35, 07-06-1660
Michiel Crijnen repliceert tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 35, 07-06-1660
Johan van Hattem repliceert tegen Geerit Wijnants van Resant.
Tiel, nr. 64
fol. 35, 07-06-1660
Denselven spreeckt aen Herberen van Oijen ende Jan Corneliss om condschap der waerheijt.
Tiel, nr. 64
fol. 35, 11-06-1660
Jan Corneliss antwoort tegen Jan van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 35, 11-06-1660
Geerit Wijnants van Resant dupliceert tegen Jan van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 35, 11-06-1660
Jan van Hattem wacht Herberen van Oijen om te antwoorden.
Tiel, nr. 64
fol. 36, 20-09-1660
Bart van Hattem dupliceert tegen Michiel Crijnen.
Tiel, nr. 64
fol. 36, 20-09-1660
De heeren scholtis ende borgermeesteren tripliceren tegen Jan van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 37, 18-10-1660
Johan van Hattem quadrupliceert tegen den scholtis ende borgermeesteren.
Tiel, nr. 64
fol. 37, 18-10-1660
Michiel Crijnen tripliceert tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 37v, 01-11-1660
Bart van Hattem quadrupliceert tegen Michiel Crijnen.
Tiel, nr. 64
fol. 38v, 29-11-1660
Oordeel in saecke van de scholtis tegen Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 38v, 29-11-1660
Oordeel in seacke van Michiel Crijnen tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 38v, 01-12-1660
Oordeel in saecke van Henrick van Hattem tegen Gesteren en Den Haen.
Tiel, nr. 64
fol. 39, 01-12-1660
Geexamineert den processe van Michiel Quirijnen, aenl. ende Bart van Hattem, verwr., iniungeren schepenen den aenlegger met solemnelen eede te verclaren den coep in den processe gemelt alsoo geschiet te zijn, t welck gedaen sijnde, condemneren schepenen den verweerder aen den aenlegger de geeijste somme te betaelen. 11-12-1661. Invavit coram scrib. de Manet Riemsdijck.
Tiel, nr. 64
fol. 39v, 01-12-1660
In den proceduren van Henrick van Hattem, aenl., ende Peter van Gesteren ende Hijbert Corneliss de Haen, verws., ordonneert t gericht partijen ten overstaen van 2 goede mannen binnen 14 dagen te accorderen ende wat bevonde wort den eenen off anderen aen te comen te betaelen.
Tiel, nr. 64
fol. 42, 07-01-1661
Bart van Hattem const. Aert Schut om alle zijne saecken soo hier als elders uijt te vorderen penningen te ontfangen.
Tiel, nr. 64
fol. 46v, 08-03-1661
Op gedane richtinge van deses gerichtssententie van Michiel Quirijnen, geopposeerde, ende Bart van Hattem, opposant, verclaren schepenen welgericht ende qualick geopposeert te zijn, den opposant in de costen condemnerende.
Tiel, nr. 64
fol. 48, 02-05-1661
Bart van Hattem spreeckt aen Aert Michiels.
Tiel, nr. 64
fol 63, 20-03-1662
Jan Reijerss q.q. spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 65v, 05-05-1662
Dirck van Hattem heeft ontsatinge gedaen tegen sodanich arrest als Dirck van Altena q.q. op sodanige penningen of schepenschultbrieff tot laste van Jacob Peeterss van der Maet voor desen heeft gearresteert daer voor sijne goedern verbindende.
Tiel, nr. 64
fol. 68, 10-07-1662
In den processe van den heere scholtis ende borgermeesteren, aenls. ende Johan van Hattem, verw., ordonneert t gerecht den verweerder met de heeren aenleggeren binnen een maent te accorderen.
Tiel, nr. 64
fol. 69, 18-09-1662
Dirck van Hattem spreeckt aen Philips Gijsbertss slootmaecker.
Tiel, nr. 64
fol. 69v, 02-10-1662
Dirck van Hattem wacht Philips Gijsbertss om te antwoorden.
Tiel, nr. 64
fol. 69v, 30-10-1662
Bart van Hattem spreeckt aen Michiel Quirijnen.
Tiel, nr. 64
fol. 75v, 14-02-1663
Jan Woutersz q.q. spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 76v, 14-02-1663
In de procedeuren van den heere scholtis ende borgermeesteren ende Johan van Hattem ordonneert 't gericht partijen elcx in te leggen 5 ricxdaelders tot consultatiegelt om sich daer mede te beleren.
Tiel, nr. 64
fol. 77v, 12-03-1663
Henrick van Hattem spreeckt aen Cornelis de Man.
Tiel, nr. 64
fol. 77v, 12-03-1663
Henrick van Hattem antwoort tegen Jan Woutersz.
Tiel, nr. 64
fol. 78, 26-03-1663
Cornelis de Man antwoort tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 78v, 09-04-1663
Henrick van Hattem antwort d'exceptie van Cornelis de Man.
Tiel, nr. 64
fol. 79, 07-05-1663
Henrick van Hattem wacht Cornelis de Man om te repliceren exceptioneel off binnen 24 uren condschap te geven peremptoir.
Tiel, nr. 64
fol. 79, 07-05-1663
Goet gevonden om Tomas Janss, Dirck van Hattem en Dirck van Altena aen te seggen om haer inlegsgelt in te leggen.
Tiel, nr. 64
fol. 79a, 18-06-1663
Jan Wouterss q.q. repliceert tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 79bv, 01-10-1663
Henrick van Hattem spreeckt aen Alert de Cruijff.
Tiel, nr. 64
fol. 79c, 15-10-1663
Henrick van Hattem duplieert tegen Jan Wouterss.
Tiel, nr. 64
fol. 82v, 23-06-1664
Bart van Hattem spreeckt aen Michiel Crijnen.
Tiel, nr. 64
fol. 83, 07-07-1664
Michiel Crijnen antwoort tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 84, 22-09-1664
Michiel Crijnen spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 85, 05-10-1664
Bart van Hattem replicert tegen Michiel Quirijnen.
Tiel, nr. 64
fol. 86, 24-11-1664
Jan Storm q.q. spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 86v, 26-11-1664
Henrick van Hattem antwoort tegen Jan Storm.
Tiel, nr. 64
fol. 86v, 26-11-1664
In de proceduren van Jan Storm q.q. en Henrick van Hattem ordonneren schepenen partijen ten overstaen van elcx een goet man binnen 14 dagen te accorderen.
Tiel, nr. 64
fol. 89, 05-01-1665
Michiel Crijnen repliceert tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 89, 05-01-1665
Michiel Crijnen dupliceert tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 94v, 16-03-1665
Abraham Tijnagel spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 94v, 30-03-1665
Bart van Hattem antwoort tegen Abraham Tijnagel omme binnen 8 dagen peremptoir te antwoorden.
Tiel, nr. 64
fol. 94v, 16-03-1665
Bart van Hattem dupliceert tegen Michiel Crijnen.
Tiel, nr. 64
fol. 95, 13-04-1665
De kinderen en erfgenamen van Goossen Barten spreecken aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 95v, 27-04-1665
De weduwe van Dirck van Hattem spreeckt aen Aert Geeritss Stout.
Tiel, nr. 64
fol. 99v, 21-09-1665
Bart van Hattem antwoort tegen Abraham Tijnagel.
Tiel, nr. 64
fol. 100, 05-10-1665
Doctor Altena spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 100, 05-10-1665
Michiel Quirijnen tripliceert tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 100v, 19-10-1665
Abraham Tijnagel antwoort op de exceptie van Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 102, 16-11-1665
Bart van Hattem repliceert tegen Abraham Tijnagel.
Tiel, nr. 64
fol. 106v, 08-02-1666
De weduwe van Dirck van Hattem spreeckt aen de weduwe van de borgermeester Lingen.
Tiel, nr. 64
fol. 106v, 08-02-1666
De weduwe van Dirck van Hattem spreeckt aen Pilps Gijsbertss.
Tiel, nr. 64
fol. 107, 10-02-1666
Antoni van Hattem spreeckt aen de weduwe Van Marsbach.
Tiel, nr. 64
fol. 107v, 10-02-1666
De weduwe Van Marsbach antwoort tegen Antoni van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 108v, 08-03-1666
Bart van Hattem ... tegen Tijnagel.
Tiel, nr. 64
fol. 109, 05-04-1666
Abraham Tijnagel dupliceert tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 110, 03-05-1666
De weduwe van de borgermeester Van der Lingen antwoort tegen de weduwe Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 110v, 07-05-1666
Willem van Oijen spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 111v, 12-07-1666
Bart van Hattem quadrupliceert tegen Michiel Quirijnen.
Tiel, nr. 64
fol. 112v, 12-07-1666
In de proceduren van Abraham Tijnagel in zijns qualiteijt, aenl., ende Bart van Hattem, soo hij ageert, verw., ordonneert t gericht den verweerder binnen 14 dagen ten overstaen van de heren borgermeesteren en schepenen den aenlegger liquideren ende te accorderen.
Tiel, nr. 64
fol. 115v, 01-12-1666
Borgermeester Bouwens spreeckt aen de momberen van de kinderen van Dr. Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 115v, 01-12-1666
De provisoren van de ambachscamer spreecken aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 119a, 02-02-1667
Den borgermeester Vijgh spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 120, 14-03-1667
Hillegonda van Westreenen spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 120v, 11-04-1667
De provisoren spreecken aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 123, 04-07-1667
Antoni van Hattem spreeckt aen Jan van Ham om conschap der waerheijt.
Tiel, nr. 64
fol. 126v, 28-11-1667
De momberen van Claes Verweij spreecken aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 128, 30-11-1667
De momberen van de kinderen van Claes Verweij spreecken aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 136v, 18-10-1668
Dirck Michielss spreeckt aen Dirck van Hattem en sijn moeder.
Tiel, nr. 64
fol. 146, 07-10-1669
Bart van Hattem spreeckt aen Roeloff Otten.
Tiel, nr. 64
fol. 146a, 04-11-1669
Bart van Hattem wacht Roeloff Otten om te antwoorden.
Tiel, nr. 64
fol. 151v, 24-03-1670
Cornelis van Oijen spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 151v, 07-04-1670
Bart van Hattem antwoort tegen Cornelis van Oijen.
Tiel, nr. 64
fol. 152, 11-04-1670
Bart van Hattem antwoort tegen Cornelis van Oijen.
Tiel, nr. 64
fol. 152v, 19-05-1670
Cornelis van Oijen wacht Bart van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 64
fol. 153v, 30-06-1670
De weduwe van Jan Tijssen ende Johannes den Boer q.q. spreecken aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 153v, 30-06-1670
Denselven spreecken aen de voorn. Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 154, 14-07-1670
Bart van Hattem antwoort tegen de weduwe van Jan Tijssen ende Johannes den Boer q.q.
Tiel, nr. 64
fol. 155v, 06-10-1670
De weduwe ende momberen van de kinderen van Jan Tijssen repliceren tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 155v, 06-10-1670
Dr. Henrick Blancken speeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 155v, 20-10-1670
Bart van Hattem dupliceert in twee distincte processen tegen de weduwe van Jan Tijssen ende de momberen van de kinderen.
Tiel, nr. 64
fol. 156, 20-10-1670
Dr. Henrick Blancken wacht Bart van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 64
fol. 157, 24-11-1670
De weduwe van Henrick Wijnans van Resant spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 158v, 22-12-1670
Bart van Hattem duplicert tegen de voorn. weduwe en kinderen van Jan Tijssen.
Tiel, nr. 64
fol. 158v, 18-02-1671
Den selven repliceert tegen de voorn. weduwe en kinderen.
Tiel, nr. 64
fol. 158v, 22-12-1670
D erffgenamen van de borgermeester Willem van Oijen spreecken aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 160, 05-01-1671
Bart van Hattem antwoort tegen de kinderen van Willem van Oijen.
Tiel, nr. 64
fol. 161, 02-02-1671
Bart van Hattem spreeckt aen Antonis Quirijnse van Bueren ende de weduwe van Michiel Quirijnse van Bueren.
Tiel, nr. 64
fol. 161v, 16-02-1671
Hermen van Leeuwen, borger hopman, spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 161v, 18-02-1671
Dirck van Hattem antwoort tegen Hermen van Leeuwen, apoteecker.
Tiel, nr. 64
fol. 162, 18-02-1671
Verleesen den proceduren van Toentien Claes, weduwe van Jan Tijssen, en Jan Boer als momber van de kinderen van voorn. Jan Tijssen, aenls., ende Bart van Hattem, verw., condemneren schepenen den verweerder in zijn qualiteijt de geeijste somme te betaelen.
Tiel, nr. 64
fol. 164, 13-04-1671
De kinderen van de borgermeester Willem van Oijen repliceren tegen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 64
fol. 164, 13-04-1671
Bart van Hattem moet binnen 8 dagen peremptoir repliceren exceptioneel tegen de weduwe en de kinderen van Jan Tijssen za.
Tiel, nr. 64
fol. 168, 19-10-1671
Den heeren richter nomine offitij spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 4, 02-05-1672
Bart van Hattem spreeckt aen de weduwe van Henrick Wijnans van Resant.
Tiel, nr. 65
fol. 4, 02-05-1672
De weduwe van Henrick Wijnans van Resant spreeckt aen Bart van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 4v, 16-05-1672
Bart van Hattem antwoort tegen de weduwe van Henrick Wijnans van Resant.
Tiel, nr. 65
fol. 13v, 09-11-1673
Vulder erschijnt sich tegen Antoni van Hattem om vrij ende quijt te sijn wegens leste vonnis van de aenspraeck van Jor. Steven van de Steenhuijs q.q.
Tiel, nr. 65
fol. 15, 11-01-1674
Aert Wijnans van Resant spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 20, 17-09-1674
Peter Bissier spreeckt aen Henrick van Hattem ende Reijer Jansz.
Tiel, nr. 65
fol. 20v, 02-10-1674
Peeter Bissier wacht Antoni van Hattem ende Reijer Jansz om te antwoorden.
Tiel, nr. 65
fol. 26v, 11-03-1675
Den heer van Echtelt spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 27, 25-03-1675
Den heer van Echtelt wacht Dirck van Hattem om te antwoorden. Gecasseert 07-03-1676.
Tiel, nr. 65
fol. 27v, 06-05-1675
Den Paus spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 28v, 17-06-1675
Den Paus wacht Dirck van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 65
fol. 30, 16-09-1675
Hermen Lambertsz ende Adriaen Udo, dootbidderen, spreecken aen Antoni van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 31, 30-09-1675
Antoni van Hattem levert over reqte. in plaets van antwoort tegen Hermen Lambertsz ende Arien Udo.
Tiel, nr. 65
fol. 31v, 28-10-1675
Rutger de Vries, naer voorgaende renunciatie van voorige instantie ende presentatie van refusie van costen en tot dien eijnde ... ende clausule ... spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 32, 11-11-1675
De weduwe Randieck spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 32, 11-11-1675
Rutger de Vries wacht Dirck van Hattem om te antwoorden.
Tiel, nr. 65
fol. 34v, 27-11-1675
De weduwe Rantdick heeft vervolch geeijst tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 37v, 20-01-1676
Den outborgermeester De Vries spreeckt aen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 38v, 23-01-1676
Henrick Roijer eijst vervolch tegen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 38v, 23-01-1676
Borgermeester De Vries eijst vervolch tegen Henrick van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 38v, 02-02-1677
De weduwe van Henrick van Hattem heeft overgegeven dat dese ... brieff niet sal ...
Tiel, nr. 65
fol. 43, 07-06-1676
Cornelis Willemsz van de Graeff q.q. spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 44, 06-07-1676
Dirck van Hattem antwoort tegen Cornelis van de Graeff.
Tiel, nr. 65
fol. 49, 00-12-1676
Verlesen den processe van Cornelis Willemsz van de Graeff in sijne qualite, aenl., ende Dirck van Hattem, verw., condemneren schepenen den verweerder aen de aenlegger de geeijste somme van penningen te betaelen met de costen van rechten.
Tiel, nr. 65
fol. 54v, 04-10-1677
Henrick Jerephaesen spreeckt aen Dirck van Hattem, brouwer.
Tiel, nr. 65
fol. 57v, 01-12-1677
De weduwe van de rentmeester Quirijn van Bueren spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 57v, 01-12-1677
Vervolch van de weduwe Quirijn van Bueren tegen Dirck van Hattem nomine uxoris.
Tiel, nr. 65
fol. 66, 05-09-1678
Andreas Reveels spreeckt aen Dirck van Hattem nomine uxoris.
Tiel, nr. 65
fol. 67v, 31-10-1678
De weduwe en boedelhouster van zal. den secretaris Schull spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 68, 14-11-1678
Op requeste van Cornelis Breunis te kennen gevende dat hij suppliant de huijsinge van de kinderen van Dor. Hattem zal. aen het Hoogheijnt binnen dese stadt bij opveijlinge wegens de verpondinghe gekoght hadde ...
Tiel, nr. 65
fol. 68v, 30-11-1678
Den heer Joachim Foijert, lantscriver, spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 69v, 30-11-1678
Den heere lantscriver Joachim Foijert eijscht vervolgh tegens Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 71v, 15-02-1679
Andreas Reveels, deurwaerder, wacht Dirck van Hattem, brouwer.
Tiel, nr. 65
fol. 78, 27-11-1679
Hendrick Driessen, metselaer, spreeckt aen Dirck van Hattem.
Tiel, nr. 65
fol. 82, 07-02-1680
Gesien de procedure tusschen den heere Bernardt Cock, majoor, als volmaghtigher van de vrouwe Douagere Van der Eese, aenl., ende de kinderen en erfgenamen van Johanna van Wijck, weduwe van Dirck van Hattem, excipienten, t geright ordonneert d excipienten in de saecke ten principalen te antwoorden.
Tiel, nr. 65
fol. 87v, 27-09-1680
Naer mondelingh verhoor van Dirck van Hattem, requirant, over de afdeijlinghe van desselfs moeders naerlatenschap, ende sijnen broeder Gerith van Hattem over het voors. poinct, gerequireerde, geconsidereert dat den gerequireerde sigh komt te beroepen op de praesentie van sijne suster Elisabeth van Hattem als darde ende mede erfgenaem van de voors. naerlatenschap, wort bij de heeren righter en commissarissen verstaen dat den requirant de voors. sijne suster binnen den tijt van 10 dagen tot die te doene afdeijlingh behoorlick sal hebben te versoecken een schriftelijcke acte dat deselve met sijne voors. suster daer over is geaccordeert, sullende alsdaen daerinne wijders naer reghtens behooren worden gedisponeert.
Tiel, nr. 65
fol. 88, 07-10-1680
De heeren righter en commissarissen uijt mondelingh rapport verstaen hebbende dat hij niet tegenstaende iterative gedane summatie aen sijne suster Elisabeth van Hattem niet konde maghtigh worden een schriftelicke acte van het accoort dat sijlieden over de nalatenschap van haere moeder zal. hadden ingegaen ende dat voorn. Hattem sijne suster voor als nogh niet hadde konnen disponeren omme die gerequireerde afdeijlinghe bij te woonen. Is derhalven aen voorn. Hattem noghmaels 14 dagen peremptoir uijtstel gegeven omme sijne suster tot die voorn. afdeijlingh hetzij in der minne als anders te summeren.
Tiel, nr. 65
fol. 90, 25-11-1680
Gecommitteert ten overstaen van den heere righter tot het afdeijlen en scheijden van de naergelatene goederen van Johanna van Wijck, weduwe van Dirck van Hattem zal., ende de kinderen en erfgenamen van de voors. weduwe aen de heeren gecommitteerden komen over te leggen verscheijde illiquide actien waer toe de voorn. heeren bevinden niet gequalificeert te zijn, hebben derhalve de voorn. erfgenamen aengeraden de versoghte scheijdinghe in staet te laten totter tijt en wijlen haere wedersijts bijgebraghte praetensien bestaende in liquidatien ende onderlinghe verreeckeninghen bij haer selven ofte door intercessie van dardens, die sullen sijn vereffent en beijgeleijt, t welck parthijen aengenomen hebben te doen. Inmiddels en bij provisie wort Dirck van Hattem als aenlegger geordonneert de jura te verschieten.
Tiel, nr. 65
fol. 92v, 29-01-1681
Op requeste van Sr. Gerard van Hattem versoeckende dat de brouwerije van sijn broeder dien hij bij decreet gepaght heeft wederom voor den tijt van 3 jaren moghte worden ontfangen ende opnieus verpaght. Wort den suppliant sijn versoeck in desen toegestaen mits dat die te doene verpaghtinghe observatis observandis sal geschieden ten overstaen van den heeren righter en gecommitteerde schepenen.
Tiel, nr. 65
fol. 102v, 08-12-1681
Op requeste van Dirck van Hattem tegens desselfs broeder Gerith van Hattem sij dese gestelt in handen van parthijen omme hier op binnen 14 dagen van beright te dienen ofte sal daerinne naerder worden gedisponeert.
Tiel, nr. 65
fol. 118, 22-02-1683
Op requeste van den borgermeester Lambert van Eck versoeckende noghmaels dat sijne gepraesenteerde acte van appel tegens de sententie tusschen hem ende Gerith van Hattem ofte desselfs weduwe en erfgenamen magh worden aengenomen. Sij dese gestelt in handen van de weduwe en erfgenamen van sal. Gerith van Hattem omme hier op binnen 2 dagen ter secretarije over te geven de begrotinghe van schaden en costen, soo deselve oordelen boven de brantschappenningen wegens executie daer over gedaen uijt craght van dien gementioneerde sententie aen haer gejudiceert te sijn omme als dan daer over erkent ende vervolgelick op desen requeste gedisponeert te worden als in conformite van de ordennantie op d appellen sal bevonden worden te behooren.
Tiel, nr. 65
fol. 121, 28-06-1683
Schepenen sijn versoght en gecommitteert omme als commissarissen in saecke tusschen Dirck van Hattem ende de weduwe en erfgenamen van Gerart van Hattem de overgeblevenen differenten soo doenlick te accorderen.
Tiel, nr. 74
18-02-1671
Aanspraak van Hermen van Leeuwen, borger hopman (ende apotheecker), contra Dirck van Hattem betreffende de somme van 27 g. 5 st. wegens medicamenten voor sijn huijsvrouw gelevert op 19-06, 13-07, 17-08, 07-09 en 26-09-1670.
Tiel, nr. 74
13-04-1671
Aenspraeck van de kijnderen en erffgen. van Wilhelm van Oijen, in leven borgermr. in Santwijck, contra Barth van Hattem wegens achterstallige huur over de jaren 1666 t.m. 1670 van een huijsinge staende in de Weerstraet binnen Tiel, die Barth van Hattem vanaf Passcha 1660 heeft gehuurt van haer vader zal. ende oom Cornelis van Oijen, sigh mede sterck maeckende voor haeren swaeger Jacob van Wttenhove.
Tiel, nr. 74
15-02-1679
Aanspraak van Andreas Reveels, roijdrager der stadt Thijel, contra Diederick van Hattem, brouwer ter selver plaetse nomine uxoris ende meede erffgenaem van zal. Herberen Gerritss van Westrenen vanwege een obligatie die Andreas Reveels nevens Herberen Gerritss van Westrenen op speciael versoeck van Harmen Sanders, doenmaels getrouwt aen Barbara Theunis op 15-03-1655 ten behoeve van Johan Stevenss van Soelen hebben schuldch bekent. Verzoek om verweerder q.q. te condemneren ende den aenlegger pro sua portione costen schadeloos te houden.
Tiel, nr. 74
29-11-1679
Aenspraeck van Henrick Driessen, metselaer, aenl., contra Dirck van Hattem, brouwer, verw., betreffende arbeijtsloon ende leverantie van materiaelen, soo in des verweerders huijs als aen de behuijsinge van de Echteltsen Camp gedaen over de periode 28-03 tot 03-10-1678, ten achteren sijnde.
Tiel, nr. 78
05-10-1685
Aanspraak van Aernt van Liesvelt, hopman, aenl., contra Johan Aertss (Brandt), verw., betreffende de somme van 34 g., sijnde de helfte bij hem verschult over coep op 04-06-1685 van een veth beest.
Tiel, nr. 104
fol. 132, 15-11-1591
Henrick Joesten, Jochem Alartss, gewesene buijrmeesteren tot Ingen, Jan van Hattem Vreem, Dirck Otten, Frans Roeloffss en Goessen van Lienden antwoorden tegen Gijsbert van Essevelt, Dirck Verhuijt en Antonis Splinters, herbergiers.
Tiel, nr. 104
fol. 179, 22-05-1592
De volm. van Henrick Joesten, Johan Alardtss, Jan van Hattem Vrehem, Derick Otten, Frans Roloffss en Goessen van Lijnden, verws., wachten Derick Verhueit, Gijsbert van Essevelt, en Anthonis Splinter.
Tiel, nr. 135
fol. 19v, 09-09-1553
09-09-(1553?). Adriaen van Hattem supra Gerit Deijs.
Tiel, nr. 135
fol. 20, 09-09-1553
09-09-(1553?). Gerit Deijs sall in t gericht liggen en hij Adriaen van Hattem schuldich kent.
Tiel, nr. 135
los fol., 09-09-1553
09-09-(1553?). Gerit Hack supra Adriaen van Hattem.
Tiel, nr. 135
fol. 66v, 21-07-1554
Griet van den Kerckhoff gaff Ariaen van Hattem een willige sijn, daer voer geloefft Gerit die Becker.
Tiel, nr. 135
fol. 67, 01-09-1554
Griet van den Kerckhoff gaff Ariaen van Hattem een willige noetsijn.
Tiel, nr. 136
fol. 24, 22-11-1567
Claes van Veenen hefft gedupliceert contra Hubt. van Wijck. Hubt. van Wijck heeft duplijck in schrift gebracht.
Tiel, nr. 136
fol. 24v, 13-12-1567
Tussen dijngtaell Hubt. van Wijck, aenl., unnd Clais van Veenen, verw., (ordonneren) schepenen dat Clais van Veenen aen voorss. Hubt. van Wijck op sall leggen en betalen.
Tiel, nr. 137
fol. 22v, 12-12-1579
Belending in de Hoochstraet: Hector Meijsen.
Tiel, nr. 137
fol. 36, 12-05-1571
Goessen van Ingen, volmechtich Hubt. van Wijck ...
Tiel, nr. 137
fol. 39, 07-06-1571
Tusschen dingtaell Gijsbert van den Geijn en Hubt. van Wijck ...
Tiel, nr. 137
fol. 50, 22-03-1572
Die ... tusschen Henrick van Hattem ende d'erffgenaemen van z. Ba... ...ss juridice suspensio ... op saterdach nae paesdach proximo ende Daniell van Goir hefft geloefft voer hem selve ende die andere erffgenaemen van Ba... vurss. ...
Tiel, nr. 137
fol. 81, 27-03-1574
Peter Pleunis Petersz als rentmeester van wegen Jan van Barlaymont: Roleff van Hattem 149 g. 4 st. van 2 jaer lant pachten.
Tiel, nr. 137
fol. 88, 17-07-1574
Die schepenen hebben erkent dat Henrick van Hattem bij genochsame borchstelling doen betaelen sal Joffer Van Deelen die penningen staende bij de aenspraecken (door Anthonis van Dornick, volm. van Joffer Van Deelen, op Henrick van Hattem gedaan).
Tiel, nr. 137
fol. 93, 09-09-1574
Johanna van Hattem const. Anthon ...
Tiel, nr. 137
fol. 93, 09-09-1574
Johanna van Hattem is borch geworden Gisbert Spange.
Tiel, nr. 137
fol. 93, 09-09-1574
Johanna van Hattem promt. in scriptis. Anthonis van Dornick, volmechtich van Johanna van Hattem, hefft die aenspraeck in schrifft.
Tiel, nr. 137
fol. 222v, 12-12-1579
Belendend in de Hoochstraet: Hector Meijsen.
Tiel, nr. 137
fol. 306, 08-07-1584
Henrick ... ontsatongh ... contra Joest van Hattem.
Tiel, nr. 138
fol. 1, 02-10-1585
... Hector Moijesoen ... Opm. De rest van de akte is onleesbaar door vochtaantasting en beschadiging.
Tiel, nr. 138
fol. 16, 05-03-1586
Tusschen dingtaell Hector Moijesoen, aenl., ende Peter Aelbertss, volmacht. gewest hebbende van zal. Reijer Corneliss ende nu volmacht. die huijsfrouwe Reijers voorz., wijsen schepenen van Tijell dat beijde partijen binnen 10 daegen eenen fruntelicken dach halden sullen.
Tiel, nr. 138
fol. 21, 05-05-1586
Bart van Hattem spreeckt aen Willem Goossens, molenaer, voor 14 keij. ter goeder reeckenonge.
Tiel, nr. 139
fol. 6, 00-10-1554
Is burger geworden ... Aelbertss kustor San(twijck).
Tiel, nr. 139
fol. 16, 04-02-1587
Peter van Hattem const. Harmen Corneliss sub stilo communi cum ratificationem.
Tiel, nr. 139
fol. 34v, 11-10-1588
Hector Moison constituit Henrick Wijnantsz (van Rosant) ende Maes Gerritsz.
Tiel, nr. 139
fol. 40, 14-11-1588
Hattem Joesten heeft hem ontseth tegens Neelken Jans. Bouwen Peters burch die geloeft heeft trecht too verwachten. Te doen op 18-11.
Tiel, nr. 139
fol. 70v, 11-01-1589
Henrick Wijnantsz als volm. Hector Moison heeft hem quit gedongen tegens Loeff Willemsz.
Tiel, nr. 139
fol. 75, 06-04-1589
Scabini und mede geërfden in Nederbetuwe doen kondt und tuijgen openbaerlick dat wij tot requisitie van Maria Voncken, weduwe z. Dirrick Lijster, als een mede erffgename van z. Johanna van Hattem, met hoer gegaen zijn bij Lubbert van Bommel und hebben hem affgeheist rekeninge ende betalinge van alsodane pensionen oder renten als den voorn. Bemmel jaerlicx van een kamp lantz gelegen op Avensaeth, geheiten den Wijnkelcamp, z. Johanna van Hattem tot gelden plach und nu op Maria Voncken vurss. verstorven ... bij Cornelis verhuet tot Ingen als volm. van Maria Voncken vurss. ...
Tiel, nr. 139
fol. 80, 14-06-1589
Ott van den Kerckhoff, volm. Hector Moison, heeft geloeft ende overgegeven dat hij zijn antwordt tegens Scherpenzeell over 14 dagen overleveren zal bij versteck der zaecken.
Tiel, nr. 139
fol. 81, 20-06-1589
Ott van den Kerckhoff, volmechtigh Hector Moison, antwordt op aenspraeck van Johan van Scherpenzeell.
Tiel, nr. 139
fol. 81v, 28-06-1589
Hector Moison antwordt op aenspraeck van J. Johan van Scherpenzeell.
Tiel, nr. 139
fol. 82, 28-06-1589
Tusschen dinghtaell J. Johan van Scherpenzeell, cleger, ende Hector Moison, verwr., wieszen die schepenen van Tiell dat den verweerder de pachtpennongen vermogens den aenspraeck nae luidt den pachtcedul bijnnen die tijt van 14 dagen zall betaelen, mitz soe den verweerder vurss. middeler tijt bewijselick bewiesen kan op die pachtonge verschoten te hebben.
Tiel, nr. 139
fol. 111v, 14-09-1590
Dirrick Verhuet tot Ingen heeft hem ontset tegens Sander die Jongh.
Tiel, nr. 139
fol. 117, 12-11-1590
Hubert van Wijck heeft hem ontseth tegens die heren burgemeesteren der stat Tiell.
Tiel, nr. 139
fol. 123, 14-01-1591
Hubert van Wijck, als volm. die weduwe Vonck ...
Tiel, nr. 139
fol. 139, 14-06-1591
Dirrick van Darthuijsen heeft hem ontseth tegens Hector Moison.
Tiel, nr. 139
fol. 140, 19-06-1591
Dirrick van Darthuijsen den Jonge wacht Hector Moison ende heeft hem volgens quitgedongen.
Tiel, nr. 139
fol. 141, 02-07-1591
Dirrick van Darthuijsen heeft hem ontseth tegens Jan van Maesacker, man ende momber zijnre huijsfr. Dirrick van Hattem burch, die gelooft heeft rechten genoech te doen.
Tiel, nr. 139
fol. 141, 02-07-1591
Dirrick van Darthuijsen promt. Dirrick van Hattem eenere indemm. de promissione.
Tiel, nr. 139
fol. 141v, 05-07-1591
Schepenen tuigen dat voor ons komen is Hector Moison und heeft geconstitueert Joffer Catharina van Hattem van Rinesteijn, zijn huijsfrouw, Mathijs Jacobsz ende Peter Goertss.
Dit overzicht is gemaakt door:
Catherine R. van Hattum te Bergen NH
Terug naar begin
Informatie: j.lammers@multiweb.nl